{"id":1218181,"date":"2026-06-29T22:50:47","date_gmt":"2026-06-29T20:50:47","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/"},"modified":"2026-06-29T22:50:47","modified_gmt":"2026-06-29T20:50:47","slug":"eclibervsce2025arr-262-017","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/","title":{"rendered":"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak<\/p>\n<p>    <!-- continue here with main block (division \"content\") --><\/p>\n<p>            <!-- Commandes de navigation page d\u00e9tail--> <\/p>\n<p>                  Print deze pagina<br \/>\n          &nbsp; <\/p>\n<p>          Afdrukformaat          <\/p>\n<p>            S<br \/>\n            M<br \/>\n            L<br \/>\n            XL<\/p>\n<p>          &nbsp; <\/p>\n<p>                  Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht<br \/>\n          &nbsp; <\/p>\n<p>                  Sluit Tab          <\/p>\n<p>        <!-- Fin commandes de navigation page d\u00e9tail --><\/p>\n<p>        &nbsp;<br \/>\nRaad van State  <\/p>\n<p>            Vonnis\/arrest van 17 januari 2025            <\/p>\n<p>ECLI nr:<\/p>\n<p>ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017<\/p>\n<p>Rolnummer:<\/p>\n<p>A. 241311\/IX-10425<\/p>\n<p>Zaak:<\/p>\n<p>Arrest 262017 &#8211; Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving &#8211; 17\/01\/2025<\/p>\n<p>Rechtsgebied:<\/p>\n<p>\n Bestuursrecht<\/p>\n<p>Invoerdatum:<\/p>\n<p>2025-01-20<\/p>\n<p>Raadplegingen:<\/p>\n<p>69 &#8211; laatst gezien 2026-05-23 10:52<\/p>\n<p>            Fiche            <\/p>\n<p> Arrest nr 262.017 van 17 januari 2025 Onderwijs en cultuur &#8211; Examenbetwistingen<br \/>\n        en weigeringen tot inschrijving Beslissing :  Verwerping Depersonalisatie\n    <\/p>\n<p>Thesaurus CAS:<\/p>\n<p>RAAD VAN STATE\n<\/p>\n<p>UTU-thesaurus:<\/p>\n<p>PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT &#8211; RAAD VAN STATE &#8211; Arresten (Raad van State)\n <\/p>\n<p>            Tekst van de beslissing            <\/p>\n<p>\n       RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK<br \/>\n       IXe KAMER<br \/>\n       nr. 262.017 van 17 januari 2025<br \/>\n       in de zaak A. 241.311\/IX-10.425<br \/>\n       In zake: XXXX<br \/>\n       bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom Peeters kantoor houdend te 2600 Antwerpen Borsbeeksebrug 36 bus 9<br \/>\n       bij wie woonplaats wordt gekozen<br \/>\n       tegen:<br \/>\n       de VRIJE UNIVERSITEIT BRUSSEL<br \/>\n       bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Kristof Caluwaert en Mauro Gisgand kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 99<br \/>\n       bij wie woonplaats wordt gekozen<br \/>\n       &#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8211;<br \/>\n       I. Voorwerp van het cassatieberoep<br \/>\n       1. Het cassatieberoep, ingesteld op 23 februari 2024, strekt tot de nietigverklaring van arrest nr. 2324-0151 van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen van 24 januari 2024.<br \/>\n       II. Verloop van de rechtspleging<br \/>\n       2. Bij beschikking nr. 15.838 van 23 april 2024 is het cassatieberoep, uitgezonderd het eerste middel, toelaatbaar verklaard.<br \/>\n       De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.<br \/>\n       IX-10.425-1\/11<br \/>\n       Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld.<br \/>\n       De verzoekende partij heeft een \u201claatste memorie met verzoek verderzetting procedure\u201d ingediend.<br \/>\n       De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 december 2024.<br \/>\n       Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht.<br \/>\n       Advocaat Anton Rombaut, die loco advocaat Tom Peeters verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Mauro Gisgand, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.<br \/>\n       Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.<br \/>\n       Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, geco\u00f6rdineerd op 12 januari 1973.<br \/>\n       III. Feiten<br \/>\n       3. De feiten, zoals die blijken uit het arrest van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen, kunnen als volgt worden samengevat.<br \/>\n       Verzoeker is in het academiejaar 2022-2023 ingeschreven in de doctoraatsopleiding bij de faculteit Letteren en Wijsbegeerte.<br \/>\n       IX-10.425-2\/11<br \/>\n       Op 17 augustus 2023 adviseert de facultaire doctoraatscommissie negatief over het doctoraat van verzoeker.<br \/>\n       De onderzoeksraad beslist op 6 september 2023 \u201c[om] het advies van de Facultaire commissie voor Doctoraatsopvolging inzake voortgang van Doctorandi, academiejaar 2022-2023 (2e zittijd) goed te keuren\u201d.<br \/>\n       Verzoeker stelt op 15 september 2023 een intern beroep in bij de interne beroepscommissie van de onderwijsinstelling. Die beroepscommissie verklaart het beroep niet ontvankelijk \u201cwegens gebrek aan verzending per aangetekende brief binnen de voormelde vervaltermijn van zeven kalenderdagen\u201d.<br \/>\n       Verzoeker stelt op 10 oktober 2023 bij de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen een beroep in tegen de voormelde beslissing van de beroepscommissie.<br \/>\n       Bij arrest nr. 2324-0151 van 24 januari 2024 verklaart de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen het beroep onontvankelijk. De Raad stelt ambtshalve vast dat verzoeker zijn intern beroep niet heeft gericht tegen de beslissing van de onderzoeksraad van 6 september 2023 maar beperkt heeft tot het advies van de commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging van 17 augustus 2023, wat geen in rechte aanvechtbare studievoortgangsbeslissing is. De Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen besluit dat de interne beroepsinstantie het voorwerp van het intern beroep van verzoeker ten onrechte gekwalificeerd heeft als een studievoortgangsbeslissing, zodat de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen niet bevoegd is om van het geschil kennis te nemen.<br \/>\n       IV. Regelmatigheid van de rechtspleging<br \/>\n       IX-10.425-3\/11<br \/>\n       4. In de memorie van wederantwoord stelt verzoeker zijn eerste middel te handhaven.<br \/>\n       Dat middel is evenwel kennelijk onontvankelijk verklaard in de toelaatbaarheidsprocedure. De Raad van State heeft met die beslissing zijn rechtsmacht om uitspraak te doen over het eerste middel uitgeput.<br \/>\n       5. Het cassatieprocedurebesluit voorziet niet in de mogelijkheid om na de kennisgeving van het auditoraatsverslag nog een schriftelijke repliek in te dienen. Wanneer de auditeur concludeert dat het cassatieberoep moet worden verworpen, kan de verzoekende partij luidens artikel 18 van het cassatieprocedurebesluit vragen dat de procedure wordt voortgezet, bij gebrek waaraan de afstand van het geding kan worden uitgesproken. De \u201claatste memorie met verzoek verderzetting procedure\u201d van verzoeker wordt slechts als procedurestuk aanvaard in zoverre hierin de vraag wordt gesteld om de procedure voort te zetten. In zoverre het stuk een schriftelijke voorbereiding vormt van de mondelinge uiteenzetting op de terechtzitting, wordt het beschouwd als een loutere inlichting.<br \/>\n       V. Ontvankelijkheid van het beroep<br \/>\n       Exceptie<br \/>\n       6. De verwerende partij stelt in haar memorie van antwoord dat de opgeworpen ambtshalve exceptie in het bestreden arrest slechts \u00e9\u00e9n van de diverse gronden is die onvermijdelijk de onontvankelijkheid van het beroep van verzoeker voor de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen tot gevolg heeft. Zo wijst zij er bijvoorbeeld op dat verzoeker zijn intern beroep niet op regelmatige (ontvankelijke) wijze heeft uitgeput. De gronden voor onontvankelijkheid van het beroep kunnen door verzoeker niet worden rechtgezet zodat, zelfs als huidig beroep zou (kunnen) leiden tot de vernietiging van het bestreden arrest, de Raad niets anders kan dan het beroep van verzoeker op \u00e9\u00e9n<br \/>\n       IX-10.425-4\/11<br \/>\n       van de andere gronden opnieuw onontvankelijk te verklaren. In die zin heeft verzoeker geen belang bij de huidige procedure.<br \/>\n       IX-10.425-5\/11<br \/>\n       Beoordeling<br \/>\n       7. Het staat niet aan de Raad van State om vooruit te lopen op de beoordelingsbevoegdheid van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen over de ontvankelijkheid van het beroep. De Raad van State stelt vast dat die rechter alleszins in het nu bestreden arrest het beroep om de redenen door de verwerende partij als voorbeeld aangehaald, niet onontvankelijk heeft bevonden.<br \/>\n       De exceptie faalt.<br \/>\n       VI. Onderzoek van het tweede middel<br \/>\n       Uiteenzetting van het middel<br \/>\n       8. In het tweede middel voert verzoeker de schending aan \u201cvan de motiveringsplicht uit artikel 149 van de Grondwet wegens tegenstrijdigheden\u201d.<br \/>\n       Volgens verzoeker blaast de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen in het bestreden arrest warm en koud tegelijk over de vraag wat het voorwerp was van het intern beroep.<br \/>\n       Allereerst stelt de Raad dat het niet ter discussie staat dat een beslissing die een doctoraatsstudent de verdere inschrijving weigert omwille van een gebrekkige voortgang in het doctoraatsonderzoek een studievoortgangsbeslissing is. Hij verduidelijkt dat de commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging een advies verstrekt en dat het de beslissing van de onderzoeksraad is die een studievoortgangsbeslissing uitmaakt. Vervolgens stelt de Raad dat de onderzoeksraad in casu beslist heeft het negatief advies van de commissie te bevestigen, maar dat de formulering \u201congelukkig is\u201d. In tegenstelling hiermee gaat de Raad op pagina 7 van zijn arrest voort met de vaststelling dat verzoeker in zijn e-mail van 15 september 2023 nergens verwijst<br \/>\n       IX-10.425-6\/11<br \/>\n       naar de beslissing van de onderzoeksraad van 6 september 2023 en enkel verwijst naar het advies van de commissie. Deze passage doet in tegenstelling met de voorgaande passage vermoeden dat de Raad van oordeel is dat verzoeker inderdaad tegen de verkeerde beslissing beroep zou hebben ingesteld. Op pagina 8 verwijst de Raad echter opnieuw naar het ongelukkig woordgebruik van de verwerende partij.<br \/>\n       Bijgevolg geeft de Raad in het bestreden arrest op verschillende punten aan dat bepaalde elementen ongelukkig geformuleerd zijn, waarmee wordt gewezen op het feit dat er verwarring is over de begrippen advies en beslissing en over het onderscheid tussen de facultaire commissie en de onderzoeksraad, maar niettemin beslist hij dat het intern beroep niet is gericht tegen de beslissing van de onderzoeksraad. Volgens verzoeker is het op deze manier onmogelijk te begrijpen waarom de motivering in haar geheel leidt tot de onontvankelijkheid, nu verschillende elementen uit de motivering juist doen vermoeden dat de exceptie niet gegrond is.<br \/>\n       Dit is des te meer het geval nu de conclusie van de Raad is dat verzoeker zijn intern beroep verkeerdelijk zou hebben gericht tegen het advies van de facultaire commissie, maar verzoeker zelfs helemaal niet beschikte over dit advies op het moment dat hij zijn intern beroep instelde. Verzoeker was dus materieel in de onmogelijkheid om een beroep in te stellen tegen dit advies.<br \/>\n       Gelet op deze verwarring die gezaaid werd door de verwerende partij en die ook erkend wordt door de Raad in het bestreden arrest, laat de motivering van het bestreden arrest niet toe om het uiteindelijke oordeel van de Raad te begrijpen, er is sprake van manifeste tegenstrijdigheden in de motivering waardoor de motiveringsplicht uit artikel 149 van de Grondwet geschonden wordt.<br \/>\n       9. In de memorie van wederantwoord merkt verzoeker op dat zijn intentie duidelijk was om een beroep in te stellen tegen de beslissing waarbij hem<br \/>\n       IX-10.425-7\/11<br \/>\n       een weigering tot herinschrijving wordt opgelegd. Omdat de verwerende partij in de mededeling van 13 september 2023 eerst verwijst naar een advies en vervolgens zelf het woord advies in de mond neemt, doet zij tegenover verzoeker uitschijnen dat hij een advies moet aanvechten.<br \/>\n       Ten overvloede wijst verzoeker er ook nog op dat de verwerende partij zelf duidelijk niet twijfelde over het voorwerp van het intern beroep nu er wordt verwezen naar \u201chet beroep tegen de beslissing van de Onderzoeksraad van 6 september 2023\u201d.<br \/>\n       Tot slot herhaalt verzoeker dat het feit dat hij niet eens beschikte over het advies van de doctoraatscommissie des te meer aantoont dat het steeds zijn intentie was om beroep aan te tekenen tegen de beslissing van 13<br \/>\n       (lees: 6) september 2023.<br \/>\n       Beoordeling<br \/>\n       10. De door artikel 149 van de Grondwet aan de rechter opgelegde verplichting om zijn rechterlijke uitspraak te motiveren heeft het karakter van een vormvereiste met beperkte draagwijdte. Een uitspraak is gemotiveerd wanneer de rechter duidelijk en ondubbelzinnig de redengeving uiteenzet \u2013 al ware die redengeving verkeerd of onwettig \u2013 die hem ertoe brengt de beslissing te nemen.<br \/>\n       Bij de beoordeling of artikel 149 van de Grondwet is nageleefd is bijgevolg niet de vraag aan de orde of in de beslissing een verkeerde beoordeling van de feitelijke gegevens is uitgedrukt. Wanneer de motivering een verkeerde gevolgtrekking in rechte maakt, kan dit een schending van de wet uitmaken, maar is er nog geen sprake van een motiveringsgebrek. Het gaat er dan ook niet om of de motivering omstandig of juist is. Alleen een gemis aan motivering \u2013 of daarmee gelijkgestelde gevallen, zoals tegenstrijdigheid in de motieven \u2013 maakt een schending uit van artikel 149 van de Grondwet.<br \/>\n       IX-10.425-8\/11<br \/>\n       11. In het bestreden arrest wordt, met verwijzing naar artikel 17<br \/>\n       van het centraal reglement voor de toekenning van de academische graad van doctor, de procedure om de voortgang van het doctoraatsonderzoek te evalueren in herinnering gebracht. Hierbij wordt gepreciseerd dat bij de faculteit Letteren en Wijsbegeerte de commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging optreedt als commissie voor de Doctoraatsopvolging en dat deze commissie een advies formuleert over de herinschrijving van de doctoraatsstudent. Voorts wordt toegelicht dat dit advies wordt bezorgd aan de onderzoeksraad die vervolgens beslist over de toelating tot herinschrijving, wat een studievoortgangsbeslissing is in de zin van artikel I.3, 69\u00b0, f, van de Codex Hoger Onderwijs.<br \/>\n       Volgens het bestreden arrest heeft de commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging op 17 augustus 2023 negatief geadviseerd over het doctoraat van verzoeker en heeft de onderzoeksraad vervolgens beslist om dit advies van de facultaire doctoraatscommissie goed te keuren, beslissing die op 6<br \/>\n       september 2023 is genomen en op 8 september 2023 werd ondertekend. De Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen is van oordeel dat deze beslissing van de onderzoeksraad de studievoortgangsbeslissing over de toelating tot herinschrijving van verzoeker is.<br \/>\n       Vervolgens zet de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen uiteen dat verzoeker met een e-mail van 15<br \/>\n       september 2023 zijn intern beroep indiende bij de onderwijsinstelling. De Raad overweegt dat \u201c[n]och in de onderwerpregel van deze e-mail, noch in de omschrijving van het voorwerp, noch verder in het intern beroepsschrift [\u2026]<br \/>\n       verzoekende partij de beslissing van de Onderzoeksraad van 6 september 2023<br \/>\n       [vermeldt]\u201d en dat verzoeker \u201cenkel [verwijst] naar het advies van de Commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging van 17 augustus 2023\u201d. De Raad overweegt:<br \/>\n       \u201cNochtans is artikel 17, \u00a7 4 CR (met facultaire aanvullingen) duidelijk.<br \/>\n       Het is de Onderzoeksraad die beslist over de toelating tot herinschrijving en niet de Commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging. De procedure om de voortgang van het doctoraatsonderzoek te evalueren wordt bovendien ook toegelicht in de e-mail van 13 september 2023, die de<br \/>\n       IX-10.425-9\/11<br \/>\n       beslissing van de Onderzoeksraad over de herinschrijving van het doctoraat als onderwerp heeft, en waarmee aan verzoekende partij wordt meegedeeld dat ze niet mag herinschrijven in de doctoraatsopleiding.\u201d<br \/>\n       Hij besluit dat \u201cverzoekende partij haar intern beroep niet heeft gericht tegen de beslissing van de Onderzoeksraad van 6 september 2023<br \/>\n       waarmee haar herinschrijving in de doctoraatsopleiding werd geweigerd\u201d en dat zij \u201chet voorwerp van haar intern beroep [heeft] beperkt tot het advies van de Commissie Onderzoek en Doctoraatsopvolging van 17 augustus 2023, wat geen in rechte aanvechtbare studievoortgangsbeslissing is\u201d.<br \/>\n       12. Hiermee geeft het bestreden arrest duidelijk en zonder enige tegenstrijdigheid de redenen te kennen waarom het beroep van verzoeker niet ontvankelijk is.<br \/>\n       13. Dat in het bestreden arrest wordt overwogen dat de verwerende partij in haar e-mail van 13 september 2023 de woorden \u2018advies\u2019 en \u2018beslissing\u2019 \u201cmogelijk beter niet door elkaar\u201d gebruikte, houdt niet in dat het bestreden arrest op zich tegenstrijdig is.<br \/>\n       14. De bewering van verzoeker dat hij niet in de mogelijkheid was om intern beroep in te stellen tegen het advies van de facultaire commissie wegens gebrek aan dit advies is vreemd aan de ingeroepen schending van de jurisdictionele motiveringsplicht. Overigens noopt verzoeker de Raad van State op deze wijze tot een nieuw onderzoek van de zaak, waartoe de Raad van State als administratieve cassatierechter niet bevoegd is.<br \/>\n       Ook het betoog van verzoeker dat het steeds zijn intentie was om de beslissing aan te vechten die hem een herinschrijving ontzegt, dat het de verwerende partij is die voor verwarring zorgde en zijn zienswijze dat de exceptie ongegrond is, houden geen verband met de jurisdictionele motiveringsplicht.<br \/>\n       15. Een schending van de jurisdictionele motiveringsplicht is niet aangetoond.<br \/>\n       IX-10.425-10\/11<br \/>\n       Het tweede middel is ongegrond.<br \/>\n       BESLISSING<br \/>\n       1. De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.<br \/>\n       2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24<br \/>\n       euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.<br \/>\n       3. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt.<br \/>\n       Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zeventien januari tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit:<br \/>\n       Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Wouter Pas, staatsraad, Jurgen Neuts, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier.<br \/>\n       De griffier De voorzitter<br \/>\n       Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren<br \/>\n       IX-10.425-11\/11<\/p>\n<p>PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017\n       <\/p>\n<p>        <!-- Commandes de navigation page d\u00e9tail--> <\/p>\n<p>                  Print deze pagina<br \/>\n          &nbsp; <\/p>\n<p>          Afdrukformaat          <\/p>\n<p>            S<br \/>\n            M<br \/>\n            L<br \/>\n            XL<\/p>\n<p>          &nbsp; <\/p>\n<p>                  Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht<br \/>\n          &nbsp; <\/p>\n<p>                  Sluit Tab          <\/p>\n<p>        <!-- Fin commandes de navigation page d\u00e9tail --><\/p>\n<p><!-- Action LOG \nfunction JUPORTARecordLogViewDecision  $iubel_id        : 281000\n                                       $action_type     : VIEW\n                                      &amp;$action_startmt  : 1779990809.0484\n                                      &amp;$action_duration : 58\n                                      &amp;$addressipremote : 103.115.10.116\n                                      &amp;$latitude        : null\n                                      &amp;$longitude       : null\n                                      &amp;$accuracy        : null\n                                      &amp;$altitude        : null\n                                      &amp;$langue_view     : NL\n--><br \/>\n<!-- Action_duration 58 millisec --><br \/>\n      <!-- end of main block (division \"content\") --><\/p>\n<p>    <!-- end of division \"page_main\" --><\/p>\n<p>              &#9993; info-JUPORTAL@just.fgov.be<\/p>\n<p>              &copy;&nbsp; 2017-2026&nbsp;ICT Dienst &#8211; FOD Justitie<\/p>\n<p>  <!-- end of division \"conteneur\" --><\/p>\n<p>  <!-- Balloon system info --><\/p>\n<p>\n          Powered by PHP 8.5.0\n      <\/p>\n<p>\n          Server Software Apache\/2.4.66\n      <\/p>\n<p>\n          == Fluctuat nec mergitur ==\n      <\/p>\n<p>  <!-- Balloon system info --><br \/>\n          <!-- BalloonObjectPrepa Start --><br \/>\n          <!-- BalloonObjectPrepa End --><\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"https:\/\/juportal.be\/content\/ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017\/NL\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>JUPORTAL. L avertissement officiel du portail precise qu il n existe pas de droit d auteur sur les arrets et jugements.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis\/arrest van 17 januari 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 Rolnummer: A. 241311\/IX-10425 Zaak: Arrest 262017 &#8211; Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving &#8211; 17\/01\/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-01-20 Raadplegingen: 69 &#8211; laatst gezien 2026-05-23 10:52 Fiche Arrest nr 262.017 van 17&#8230;<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":[],"kji_country":[7731],"kji_court":[159739],"kji_chamber":[],"kji_year":[],"kji_subject":[7612],"kji_keyword":[8018,7992,8327,7673,8602],"kji_language":[7671],"class_list":["post-1218181","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-belgique","kji_court-eclibervsce2025arr-262-017","kji_subject-fiscal","kji_keyword-arrest","kji_keyword-beroep","kji_keyword-beslissing","kji_keyword-heeft","kji_keyword-verzoeker","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.9 (Yoast SEO v27.9) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"en_US\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis\/arrest van 17 januari 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 Rolnummer: A. 241311\/IX-10425 Zaak: Arrest 262017 - Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving - 17\/01\/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-01-20 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-05-23 10:52 Fiche Arrest nr 262.017 van 17...\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Est. reading time\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"12 minutes\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/jurisprudences\\\/eclibervsce2025arr-262-017\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/jurisprudences\\\/eclibervsce2025arr-262-017\\\/\",\"name\":\"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-06-29T20:50:47+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/jurisprudences\\\/eclibervsce2025arr-262-017\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"en-US\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/jurisprudences\\\/eclibervsce2025arr-262-017\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/jurisprudences\\\/eclibervsce2025arr-262-017\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/criminal-law-attorneys-in-paris-counsel-and-strategic-defense\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"en-US\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"en-US\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/05\\\/Logo-Kohen-1000.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/05\\\/Logo-Kohen-1000.webp\",\"width\":1000,\"height\":1000,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/en\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/","og_locale":"en_US","og_type":"article","og_title":"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017","og_description":"JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis\/arrest van 17 januari 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 Rolnummer: A. 241311\/IX-10425 Zaak: Arrest 262017 - Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving - 17\/01\/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-01-20 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-05-23 10:52 Fiche Arrest nr 262.017 van 17...","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Est. reading time":"12 minutes"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/","name":"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/#website"},"datePublished":"2026-06-29T20:50:47+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/#breadcrumb"},"inLanguage":"en-US","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/eclibervsce2025arr-262-017\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/criminal-law-attorneys-in-paris-counsel-and-strategic-defense\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.017"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"en-US"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"en-US","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Logo-Kohen-1000.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/05\/Logo-Kohen-1000.webp","width":1000,"height":1000,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/1218181","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=1218181"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=1218181"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=1218181"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=1218181"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=1218181"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=1218181"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=1218181"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/en\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=1218181"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}