{"id":578444,"date":"2026-04-16T16:06:05","date_gmt":"2026-04-16T14:06:05","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/"},"modified":"2026-04-16T16:06:05","modified_gmt":"2026-04-16T14:06:05","slug":"eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.)"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Vrouw veroordeeld voor twee diefstallen door middel van braak en inklimming en een brandstichting tot een gevangenisstraf van 248 dagen waarvan 150 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren.<\/p>\n<p>RECHTBANK GELDERLAND<\/p>\n<p>Team strafrecht<\/p>\n<p>Zittingsplaats Arnhem<\/p>\n<p>Parketnummers: 05\/112854-25; 05-080910-25 (gev. ttz.)<\/p>\n<p>Datum uitspraak : 18 september 2025<\/p>\n<p>Tegenspraak<\/p>\n<p>vonnis van de meervoudige kamer<\/p>\n<p>in de zaak van<\/p>\n<p>de officier van justitie<\/p>\n<p>tegen<\/p>\n<p>[verdachte] ,<\/p>\n<p>geboren op [geboortedag] 2002 in [geboorteplaats] ,<\/p>\n<p>ingeschreven op [adres] ,<\/p>\n<p>wonende aan [woonplaats] .<\/p>\n<p>Raadsman O.E. Usman, advocaat in Arnhem.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.<\/p>\n<h3>1De inhoud van de tenlastelegging<\/h3>\n<p>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:<\/p>\n<p>Ten aanzien van parketnummer 05\/112854-25:<\/p>\n<p>1.<\/p>\n<p>zij op of omstreeks 29 januari 2025 te Otterlo (gemeente Ede), althans in Nederland,<\/p>\n<p>in een woning en\/of op een besloten erf waarop een woning stond, te weten op of aan [adres] , alwaar verdachte zich buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond, een spijkerbroek en\/of een blouse en\/of een riem, althans een of meer kledingstukken, in elk geval enig goed, dat\/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en\/of dat\/die weg te nemen kledingstukken onder haar bereik heeft gebracht door middel van braak en\/of verbreking en\/of inklimming;<\/p>\n<p>(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf\/sub 3 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf\/sub 5 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 2 Wetboek van Strafrecht)<\/p>\n<p>2.<\/p>\n<p>zij op of omstreeks 6 november 2024 te Otterlo (gemeente Ede), althans in Nederland,<\/p>\n<p>in een woning en\/of op een besloten erf waarop een woning stond, te weten op of aan [adres] , alwaar verdachte zich buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond, een tas en\/of een of meer kledingstukken, in elk geval enig goed, dat\/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte toebehoorde<\/p>\n<p>heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,<\/p>\n<p>terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en\/of dat\/die weg te nemen tas en\/of kledingstukken onder haar bereik heeft gebracht door middel van braak en\/of<\/p>\n<p>verbreking en\/of inklimming;<\/p>\n<p>(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf\/sub 3 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf\/sub 5 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 2 Wetboek van Strafrecht)<\/p>\n<p>Ten aanzien van parketnummer 05-080910-25:<\/p>\n<p>zij op of omstreeks 14 maart 2025 te Dieren, althans in Nederland, opzettelijk<\/p>\n<p>brand heeft gesticht, door in de berging\/schuur van de woning aan [adres] , open vuur, te weten een brandende aansteker, in aanraking te brengen met een tas, althans een of meer goederen die zich in die berging\/schuur bevonden, althans met een brandbare stof,<\/p>\n<p>terwijl daarvan<\/p>\n<p>&#8212; gemeen gevaar voor goederen, te weten die berging\/schuur en\/of alle goederen in die<\/p>\n<p>berging\/schuur en\/of een of meer andere ruimten van die woning en\/of een of meer omliggende<\/p>\n<p>panden en\/of woningen en\/of<\/p>\n<p>&#8212; levensgevaar en\/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een of meer anderen, te weten voor (haar, verdachtes, moeder) [aangever 2] en\/of [aangever 3] en\/of een of meer andere bewoners van en\/of aanwezigen in en\/of rondom die woning,<\/p>\n<p>te duchten was;<\/p>\n<p>(art 157 ahf\/sub 1 Wetboek van Strafrecht, art 157 ahf\/sub 2 Wetboek van Strafrecht)<\/p>\n<h3>2Overwegingen ten aanzien van het bewijs<\/h3>\n<p>Ten aanzien van parketnummer 05-112854-25<\/p>\n<p>Feit 1<\/p>\n<p>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.<\/p>\n<p>Bewijsmiddelen:<\/p>\n<p>&#8212; het proces-verbaal van aangifte van [aangever 1] , p. 5-6;<\/p>\n<p>&#8212; het proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 29 januari 2025, p. 24;<\/p>\n<p>&#8212; de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 9 september 2025.<\/p>\n<p>Feit 2<\/p>\n<p>De feiten<\/p>\n<p>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.<\/p>\n<p>Op 6 november 2024 is een tas weggenomen uit een woning aan [adres] . Deze tas behoorde toe aan [aangever 1] . Degene die de tas heeft weggenomen uit de woning heeft zich de toegang tot de woning verschaft door een ruit te vernielen.<\/p>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gesteld dat op grond van de bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 2 tenlastegelegde.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken. Volgens de raadsman bevat het dossier geen enkel bewijsmiddel waaruit volgt dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een inbraak op 6 november 2024.<\/p>\n<p>Beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>Aangeefster [aangever 1] heeft verklaard dat er twee keer eerder is ingebroken in haar vakantiewoning aan [adres] . De eerste keer was op 6 november 2024. Bij beide keren was er een ruit vernield. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat zij in november 2024 ook een keer in deze vakantiewoning heeft ingebroken door met een ijzeren schep een raampje in te tikken. Bij de politie heeft verdachte verder verklaard dat ze daarna met haar hand door het raam kon om het raam open te maken en dat ze toen naar binnen kon, waarna zij een rugtas en kleding had gevonden. De rechtbank acht op grond van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen het onder feit 2 tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.<\/p>\n<p>Ten aanzien van parketnummer 05-080910-25<\/p>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gesteld dat op grond van de bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken en hiervoor primair aangevoerd dat de opzet op het gevaar voor personen en goederen niet bewezen kan worden verklaard. Verdachte heeft nimmer het oogmerk gehad om mensen of goederen in gevaar te brengen. Zij heeft alleen maar brand gesticht om het brandalarm af te laten gaan, zodat zij haar moeder kon spreken. Ook van voorwaardelijk opzet is geen sprake. Verdachte heeft de aanmerkelijke kans dat er personen of goederen in gevaar zouden kunnen worden gebracht namelijk niet aanvaard. Gelet op haar beperkte geestelijke vermogens heeft zij elk inzicht in de draagwijdte en de mogelijke gevolgen van haar handelen niet kunnen overzien en kan dus ook niet worden gezegd dat zij de aanmerkelijke kans heeft aanvaard.<\/p>\n<p>Subsidiair heeft de raadsman partiele vrijspraak bepleit, omdat niet kan worden bewezen dat er levensgevaar voor personen is ontstaan dan wel dat zwaar lichamelijk letsel te duchten was.<\/p>\n<p>Beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>Bewijsoverwegingen<\/p>\n<p>Verdachte heeft verklaard dat zij op 14 maart 2025 in de schuur van de woning aan [adres] brand heeft gesticht. Zij verklaarde dat zij een aansteker aan deed, dat zij die tegen een tas hield en dat deze tas daarna in brand vloog. Deze tas lag in een schuur, die aan de woning van [adres] vastzit. Haar moeder, [aangever 2] , was op dat moment boven en er was iemand beneden. Nadat verdachte brand had gesticht is ze weggelopen. Toen ze later terugkwam om te kijken, zag ze de vlammen best hoog staan. Ze zag toen iemand uit het raam kijken en is toen weggerend.<\/p>\n<p>Verbalisanten hebben in een proces-verbaal forensisch brandonderzoek beschreven dat in het politieregistratiesysteem stond dat er op vrijdagavond 14 maart 2025 om 22:38 uur bij de politie een melding binnenkwam van een brand in een pand. De brand had gewoed in het achterste gedeelte van het pand waar een inpandige berging is gesitueerd. Bij onderzoek op het adres van de brand, de woning aan [adres] , troffen verbalisanten een deels verbrande stofzuiger aan. Ze omschreven dat door de brand verschillende goederen schade hebben opgelopen. Daarnaast verklaarden zij dat er in de nabijheid van de brandhaard een relatief grote hoeveelheid brandstof stond, waaronder een fles van twintig liter kachelbrandstof en twintig literflessen lampenolie. Samen met de overige aanwezige goederen in de berging hadden deze ervoor kunnen zorgen dat de brand zich verder had kunnen ontwikkelen en uitbreiden. Verbalisanten verklaren dat het te duchten gevaar voor goederen zichtbaar aanwezig was. Door de brand hebben verschillende goederen schade opgelopen. Uit het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten blijkt verder dat de brandweer de verbalisanten had verteld dat er op het moment van de brand nog vijf personen aanwezig waren die bij een ontwikkelende brand in de val hadden gezeten.<\/p>\n<p>De rechtbank stelt vast dat uit de hierboven genoemde bewijsmiddelen volgt dat meerdere goederen zijn verbrand en dat meerdere personen in het pand aanwezig waren ten tijde van de brand. Daarnaast stonden direct naast de brandhaard goederen en brandstoffen die de brand hadden kunnen doen versnellen en verder doen ontwikkelen. Tenslotte vond de brand plaats op een voor de nachtrust bestemde tijd.<\/p>\n<p>De rechtbank acht op grond van de hierboven genoemde bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk brand heeft gesticht en dat hiervan gemeen gevaar voor goederen en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel en levensgevaar voor [aangever 2] en een of meer andere bewoners te duchten was.<\/p>\n<p>Artikel 157 van het Wetboek van Strafrecht vereist geen opzet op gevaar voor goederen of personen<\/p>\n<p>De verdediging heeft het verweer gevoerd dat verdachte geen opzet had op het gevaar voor goederen of personen. Dit verweer wordt verworpen.<\/p>\n<p>In artikel 157 van het Wetboek van Strafrecht is onder meer strafbaar gesteld het opzettelijk brandstichten indien daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor een ander te duchten is. Dit gevaar moet ten tijde van de brandstichting naar algemene ervaringsregels voorzienbaar zijn geweest. Uit de hiervoor aangehaalde bewijsmiddelen en overwegingen blijkt dat de omstandigheden (het late tijdstip, locatie van een inpandige berging van een woning en de aanwezigheid van personen en (brandbare) zaken) hier zo waren dat die voorzienbaarheid hier zonder meer aanwezig was. Dat verdachte zelf dat gevaar wellicht niet heeft voorzien en\/of daarop geen opzet had, is niet van belang (vergelijk HR 17-02-2009, ECLI:NL:HR:2009:BG1653).<\/p>\n<p>De conclusie is dat het onder parketnummer 05-080910-25 tenlastegelegde bewezen is.<\/p>\n<h3>3De bewezenverklaring<\/h3>\n<p>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder parketnummer 05\/112854-25, feiten 1 en 2, en het onder parketnummer 05-080910-25 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:<\/p>\n<p>Ten aanzien van parketnummer 05\/112854-25:<\/p>\n<p>1.<\/p>\n<p>zij op of omstreeks 29 januari 2025 te Otterlo (gemeente Ede), althans in Nederland,<\/p>\n<p>in een woning en\/of op een besloten erf waarop een woning stond, te weten op of aan [adres] , alwaar verdachte zich buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond, een spijkerbroek en\/of een blouse en\/of een riem, althans een of meer kledingstukken, in elk geval enig goed, dat\/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en\/of dat\/die weg te nemen kledingstukken onder haar bereik heeft gebracht door middel van braak en\/of verbreking en\/of inklimming;<\/p>\n<p>2.<\/p>\n<p>zij op of omstreeks 6 november 2024 te Otterlo (gemeente Ede), althans in Nederland,<\/p>\n<p>in een woning en\/of op een besloten erf waarop een woning stond, te weten op of aan [adres] , alwaar verdachte zich buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond, een tas en\/of een of meer kledingstukken, in elk geval enig goed, dat\/die geheel of ten dele aan [aangever 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte toebehoorde<\/p>\n<p>heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,<\/p>\n<p>terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en\/of dat\/die weg te nemen tas en\/of kledingstukken onder haar bereik heeft gebracht door middel van braak en\/of<\/p>\n<p>verbreking en\/of inklimming;<\/p>\n<p>Ten aanzien van parketnummer 05-080910-25:<\/p>\n<p>zij op of omstreeks 14 maart 2025 te Dieren, althans in Nederland, opzettelijk<\/p>\n<p>brand heeft gesticht, door in de berging\/schuur van de woning aan [adres] , open vuur, te weten een brandende aansteker, in aanraking te brengen met een tas, althans een of meer goederen die zich in die berging\/schuur bevonden, althans met een brandbare stof,<\/p>\n<p>terwijl daarvan<\/p>\n<p>&#8212; gemeen gevaar voor goederen, te weten die berging\/schuur en\/of alle goederen in die<\/p>\n<p>berging\/schuur en\/of een of meer andere ruimten van die woning en\/of een of meer omliggende<\/p>\n<p>panden en\/of woningen en\/of<\/p>\n<p>&#8212; levensgevaar en\/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een of meer anderen, te weten voor (haar, verdachtes, moeder) [aangever 2] en\/of [aangever 3] en\/of een of meer andere bewoners van en\/of aanwezigen in en\/of rondom die woning,<\/p>\n<p>te duchten was;<\/p>\n<p>Dit levert de meerdaadse samenloop op van de twee respectievelijk in artikel 157, aanhef en onder 1\u00b0 en artikel 157, aanhef en onder 2\u00b0, van het Wetboek van Strafrecht omschreven misdrijven (HR 22 september 1987 ECLI:NL:HR:1987:AC9971)<\/p>\n<p>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en\/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.<\/p>\n<p>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.<\/p>\n<p>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.<\/p>\n<h3>4De kwalificatie van het bewezenverklaarde<\/h3>\n<p>Het bewezenverklaarde levert op:<\/p>\n<p>Parketnummer 05\/112854-25 feit 1:<\/p>\n<p>\u2018diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming\u2019<\/p>\n<p>Parketnummer 05\/112854-25 feit 2:<\/p>\n<p>\u2018diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming\u2019<\/p>\n<p>Parketnummer 05-080910-25:<\/p>\n<p>\u2018opzettelijk brandstichten terwijl daarvan levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen te duchten is\u2019<\/p>\n<p>en<\/p>\n<p>\u2018opzettelijk brandstichten terwijl daarvan gemeen gevaar voor te duchten is\u2019<\/p>\n<h3>5De strafbaarheid van de feiten<\/h3>\n<p>De feiten zijn strafbaar.<\/p>\n<h3>6De strafbaarheid van de verdachte<\/h3>\n<p>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.<\/p>\n<h3>7De overwegingen ten aanzien van straf en\/of maatregel<\/h3>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft toepassing van het adolescentenstrafrecht gevorderd en gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 248 dagen, waarvan 150 dagen voorwaardelijk met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft gezeten. Het onvoorwaardelijk strafdeel is daarmee gelijk aan de tijd dat verdachte in voorarrest heeft gezeten. De officier van justitie heeft voorts gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot het verrichten van de door de reclassering geadviseerde leerstraf Tactplus. De officier van justitie heeft bij het bepalen van de hoogte van de straf rekening gehouden met de verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsman heeft eveneens toepassing van het adolescentenstrafrecht verzocht, en heeft verzocht verdachte sterk verminderd toerekeningsvatbaar te achten. De raadsman heeft verzocht de straf te beperken tot een gevangenisstraf voor de duur van de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft gezeten. De raadsman verzoekt af te zien van het opleggen van de leerstraf Tactplus, omdat dit praktisch gezien lastig wordt, gelet op de instelling waarin verdachte verblijft.<\/p>\n<p>De beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.<\/p>\n<p>Verdachte heeft brand gesticht in een woning, waar onder andere haar moeder op dat moment aanwezig was. Ze heeft een tas, die in de berging van de woning lag en die dichtbij brandbare stoffen lag, in de brand gestoken. Ze heeft daarmee enorme risico\u2019s genomen. Ondanks dat verdachte schrok van de hoge vlammen en ondanks dat ze iemand achter het raam zag ten tijde van de brand, is verdachte weggelopen. De brand is bovendien in de avonduren gesticht, een tijdstip waarop de meeste mensen thuis zijn en (gaan) slapen. Verdachte heeft met haar handelen gevaar veroorzaakt voor haar moeder en alle andere personen die zich ten tijde van de brand in hetzelfde pand bevonden en voor het pand en de zich daarin bevindende goederen. Brandstichting is een bijzonder ernstig feit dat vanwege het gevaarzettende karakter daarvan gevoelens van angst en onveiligheid veroorzaakt. Dat de schade beperkt is gebleven is een gelukkige omstandigheid, maar deze is niet te danken aan het handelen van de verdachte.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft acht geslagen op het strafblad van verdachte waaruit volgt dat verdachte niet eerder voor een soortgelijk delict is veroordeeld.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft voorts acht geslagen op het reclasseringsrapport van 2 september 2025 en het voorgeleidingsconsult van het NIFP van 18 maart 2025. Uit deze rapporten volgt dat bij verdachte mogelijk sprake is van het foetaal alcohol syndroom en dat er aanwijzingen zijn voor cognitieve beperkingen. Hoewel de reclassering adviseert de verdachte te berechten volgens het adolescentenstrafrecht, ziet de rechtbank hiervan af, gelet op de overwegingen uit het rapport van het NIFP. In dit rapport staat dat plaatsing in een justiti\u00eble jeugdinrichting (JJI) is overwogen, maar dat dan aan een FOBA-plaatsing moeten worden gedacht en dat betrokkene hier vermoedelijk het enige meisje tussen jonge jongens zou zijn (waar een hoger risico op agressie en incidenten aanwezig is). In een reguliere JJI is ook een sterke dynamiek die mogelijk destabiliserend werkt bij betrokkene. Op een Penitentiair Psychiatrisch Centrum (PPC) kunnen de juiste handvaten worden geboden en past het klimaat beter bij de kwetsbaarheid van betrokkene. Dit wordt bevestigd in het rapport van de reclassering van 21 mei 2025, waarin staat dat verdachte toen (juist) in het PPC op haar plek was.<\/p>\n<p>De rechtbank overweegt dat verdachte een deels voorwaardelijke vrijheidsstraf wordt opgelegd en dat in het geval de tenuitvoerlegging daarvan aan de orde zou komen de situatie zich (opnieuw) kan voordoen dat opname op een PPC de voorkeur heeft boven een reguliere JJI. De rechtbank zal daarom geen adolescentenstrafrecht toepassen.<\/p>\n<p>Gelet op het gevaarzettende karakter van de brandstichting acht de rechtbank in beginsel een gevangenisstraf van lange duur op zijn plaats. De rechtbank houdt echter in strafverminderende zin rekening met de beperkingen van verdachte, zoals beschreven in het reclasseringsrapport en het voorgeleidingsconsult van het NIFP. De rechtbank acht verdachte verminderd toerekeningsvatbaar voor het bewezen verklaarde. Ook weegt de rechtbank mee dat verdachte op dit moment in het kader van een rechterlijke machtiging in een gesloten setting zit, waar zij de benodigde zorg en toezicht lijkt te krijgen. De rechtbank wil met de strafoplegging vooral bereiken dat de verdachte niet meer in herhaling valt, zodat het accent op zorg en begeleiding zal liggen. Alles overwegende acht de rechtbank de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf passend en geboden, waarbij het onvoorwaardelijke strafdeel gelijk is aan het voorarrest en verdachte thans niet terug hoeft naar de gevangenis.<\/p>\n<p>De rechtbank zal aan de verdachte een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 248 dagen, waarvan 150 dagen voorwaardelijk met aftrek van het voorarrest en een proeftijd van drie jaren. Door, naast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf, een deels voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, wil de rechtbank enerzijds de ernst van het door de verdachte gepleegde strafbare feit tot uitdrukking brengen, en anderzijds verdachte ervan weerhouden om zich opnieuw schuldig te maken aan een strafbaar feit. Aan het voorwaardelijke gedeelte van de straf verbindt de rechtbank, zoals voorgesteld door de reclassering, alleen de algemene voorwaarde. De proeftijd van 3 jaren acht de rechtbank noodzakelijk om de verdachte voor een langere periode te monitoren en zo het recidiverisico zo veel mogelijk te beperken.<\/p>\n<p>De rechtbank zal aan verdachte naast de deels voorwaardelijke gevangenisstraf niet ook nog de door de officier van justitie gevorderde leerstraf opleggen, nu de rechtbank over onvoldoende informatie beschikt over deze leerstraf en op welke wijze deze in het kader van de rechterlijke machtiging moet worden ingepast. De rechtbank acht bovendien de toegevoegde waarde van deze leerstraf, naast het reeds bestaande kader van de rechterlijke machtiging waarin verdachte al zit, onvoldoende onderbouwd.<\/p>\n<h3>8De toegepaste wettelijke bepalingen<\/h3>\n<p>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 57, 157, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.<\/p>\n<h3>9De beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart bewezen dat verdachte het onder parketnummer 05\/112854-25 feiten 1 en 2 en onder parketnummer 05-080910-25 tenlastegelegde, zoals vermeld onder \u2018De bewezenverklaring\u2019, heeft begaan;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;<\/p>\n<p>\uf0b7 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder \u2018De kwalificatie van het bewezenverklaarde\u2019;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;<\/p>\n<p>\uf0b7 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 248 (tweehonderd achtenveertig) dagen;<\/p>\n<p>\uf0b7 bepaalt dat van deze gevangenisstraf 150 (honderdvijftig) dagen niet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren schuldig heeft maakt aan een strafbaar feit;<\/p>\n<p>\uf0b7 beveelt dat de tijd, door verdachte v\u00f3\u00f3r de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;<\/p>\n<p>\uf0b7 heft op het \u2013 geschorste \u2013 bevel tot voorlopige hechtenis.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen door mr. T.P.P.E. van Groeningen (voorzitter), mr. M.W.R. Koch en mr. Y. Rikken, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.F.A. Vrede, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 04 september 2025.<\/p>\n<p>De griffier en de oudste rechter zijn buiten staat dit vonnis te ondertekenen.<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 1] van de politie Eenheid Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025044313, gesloten op 26 februari 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina\u2019s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van aangifte, p. 5-6; verklaring verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 4 september 2025.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van aangifte, p. 6.<\/li>\n<li>Verklaring verdachte, afgelegd ter terechtzitting d.d. 4 september 2025.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 22-23.<\/li>\n<li>Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 2] van de politie Eenheid Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025117471, gesloten op 17 maart 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina\u2019s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.<\/li>\n<li>Verklaring verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 4 september 2025.<\/li>\n<li>Proces-verbaal forensisch brandonderzoek woning ( [adres] ), p. 74-76.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van bevindingen, p. 59<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11928\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Vrouw veroordeeld voor twee diefstallen door middel van braak en inklimming en een brandstichting tot een gevangenisstraf van 248 dagen waarvan 150 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren.<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7864],"kji_chamber":[],"kji_year":[8463],"kji_subject":[7632],"kji_keyword":[8089,7867,7866,7675,7899],"kji_language":[7671],"class_list":["post-578444","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-gelderland","kji_year-8463","kji_subject-penal","kji_keyword-dagen","kji_keyword-gelderland","kji_keyword-rbgel","kji_keyword-rechtbank","kji_keyword-vrouw","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.4 (Yoast SEO v27.4) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.) - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.)\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Vrouw veroordeeld voor twee diefstallen door middel van braak en inklimming en een brandstichting tot een gevangenisstraf van 248 dagen waarvan 150 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"18 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \\\/ 05\\\/112854-25; 05\\\/080910-25 (gev. ttz.) - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-16T14:06:05+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \\\/ 05\\\/112854-25; 05\\\/080910-25 (gev. ttz.)\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.) - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.)","og_description":"Vrouw veroordeeld voor twee diefstallen door middel van braak en inklimming en een brandstichting tot een gevangenisstraf van 248 dagen waarvan 150 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren.","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"18 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/","name":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.) - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-16T14:06:05+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511928-rechtbank-gelderland-18-09-2025-05-112854-25-05-080910-25-gev-ttz\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11928 Rechtbank Gelderland , 18-09-2025 \/ 05\/112854-25; 05\/080910-25 (gev. ttz.)"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/578444","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=578444"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=578444"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=578444"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=578444"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=578444"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=578444"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=578444"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=578444"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}