{"id":592211,"date":"2026-04-18T05:29:23","date_gmt":"2026-04-18T03:29:23","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/"},"modified":"2026-04-18T05:29:23","modified_gmt":"2026-04-18T03:29:23","slug":"eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Eiser is aangeslagen voor (niet uitgekeerde) stamrechtuitkering. Het is niet mogelijk om met terugwerkende kracht te herstellen door een door Holding BV uitgekeerde managementvergoeding te vervangen door een stamrechtuitkering van Pensioen BV. Navorderingsaanslagen IB\/PVV zijn terecht opgelegd. Beroepen ongegrond.<\/p>\n<h3>Rechtbank DEN HAAG<\/h3>\n<p>Team belastingrecht<\/p>\n<p>zaaknummers: SGR 24\/3622 en SGR 24\/3623<\/p>\n<h3>uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 juni 2025 in de zaken tussen<\/h3>\n<h3>[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser<\/h3>\n<p>en<\/p>\n<h3>de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.<\/h3>\n<h3>Procesverloop<\/h3>\n<p>Verweerder heeft aan eiser voor de jaren 2018 en 2019 navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB\/PVV) opgelegd. Daarbij is belastingrente in rekening gebracht.<\/p>\n<p>Verweerder heeft bij uitspraken op bezwaar van 6 maart 2024 de navorderingsaanslagen gehandhaafd.<\/p>\n<p>Eiser heeft daartegen beroep ingesteld. De rechtbank heeft het beroep dat betrekking heeft op de navorderingsaanslag voor het jaar 2018 geregistreerd onder zaaknummer SGR 24\/3622 en het beroep dat betrekking heeft op de navorderingsaanslag voor het jaar 2019 onder zaaknummer SGR 24\/3623.<\/p>\n<p>Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.<\/p>\n<p>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 8 mei 2025.<\/p>\n<p>Eiser is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. N. Dijkhuis.<\/p>\n<h3>Overwegingen<\/h3>\n<p>Feiten<\/p>\n<p>1. Eiser is geboren op [geboortedatum] 1951. Hij ontvangt vanaf 1 januari 2017 een AOW-uitkering.<\/p>\n<p>2. Eiser is enig aandeelhouder en bestuurder van de vennootschappen [bedrijfsnaam 1] B.V. ( Holding BV) en [bedrijfsnaam 2] B.V. ( Pensioen BV) Hij heeft in 1997 bij Pensioen BV een stamrecht ondergebracht.<\/p>\n<p>3. Gedurende 2018 en 2019 heeft eiser werkzaamheden verricht voor Holding BV.<\/p>\n<p>4. Eiser heeft voor de jaren 2018 en 2019 aangifte IB\/PVV gedaan naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van respectievelijk \u20ac 66.765 en \u20ac 64.284. Tot het aangegeven inkomen uit werk en woning behoren looninkomsten afkomstig van Holding BV (de managementvergoeding). Er is geen inkomen uit Pensioen BV aangegeven.<\/p>\n<p>5. De aanslagen IB\/PVV voor de jaren 2018 en 2019 zijn opgelegd conform de ingediende aangiften.<\/p>\n<p>6. Verweerder is er bij e-mail van 4 januari 2022 door de inspecteur vennootschapsbelasting van op de hoogte gesteld dat het bij Pensioen BV ondergebrachte stamrecht in 2017 in had moeten gaan. In een e-mail van 8 december 2021 van de inspecteur vennootschapsbelasting aan eiser is, voor zover hier van belang, het volgende opgenomen:<\/p>\n<p>\u201c(\u2026) in uw geval hadden de lijfrenteuitkeringen uiterlijk in het jaar van de AOW leeftijd in moeten gaan, 2017 dus. De uitkeringen zijn niet ingegaan, er is daardoor niet voldaan aan de voorwaarden van het (toenmalige) artikel 11 Wet LB. Op grond van artikel 19b LB leidt het niet voldoen aan de voorwaarden tot heffing ineens over de volledige waarde van de aanspraken en tot heffing van 20% revisierente over datzelfde bedrag. In dit geval leidt dat tot een navordering IB 2017 over de waarde van de voorziening per 31-12-2017 \u20ac 414.778 en revisierente \u20ac 82.955.<\/p>\n<p>Om u tegemoet te komen, hebben wij voorgesteld om een en ander te herstellen naar de situatie zoals die had moeten zijn. Er is geen enkele wettelijke bepaling op grond waarvan wij dit moeten doen. Wij hebben echter vanwege de omstandigheden van dit geval aangegeven, bereid te zijn om van die aanslag af te zien, mits een en ander hersteld wordt naar de situatie zoals die had moeten zijn. Indien u niet aan dit herstel wil meewerken, kunnen wij niet anders dan de navordering 2017 met revisierente opleggen. Zoals we ook al tijdens de bespreking zeiden: het is het \u00e9\u00e9n of het ander. Meer opties zijn er niet.<\/p>\n<p>U komt nu met een tegenvoorstel. Echter, zoals hiervoor aangegeven, er is geen ruimte voor tegenvoorstellen. Het is ofwel heffen over alles in 2017 ofwel herstellen naar de juiste situatie.<\/p>\n<p>(\u2026)<\/p>\n<p>De opties zijn dan:<\/p>\n<p>1) navordering IB 2017 over \u20ac 414.778 en \u20ac 82.955 revisierente<\/p>\n<p>2) herstel: navorderen IB 2017 en latere jaren naar een levenslange uitkering van \u20ac 22.894 en een navordering VPB 2017 ivm vrijval \u20ac 107.525.<\/p>\n<p>(\u2026)\u201d<\/p>\n<p>7. Eiser heeft ermee ingestemd dat de bovengenoemde optie 2 wordt gekozen, maar verschilt van inzicht over de invulling van het herstel. Per e-mail van 4 januari 2022 schrijft de inspecteur vennootschapsbelasting aan eiser:<\/p>\n<p>\u201cU geeft aan akkoord te gaan met de herstelstappen. U schrijft daarnaast: \u201cOm een en ander in balans te laten, tenslotte wordt er geen extra geld uitgekeerd aan priv\u00e9, hebben we als oplossing gevonden dat het managementfee voor 2018-2019 en 2020 wordt verlaagd met \u20ac 22.894. (\u2026) Hierdoor verandert, behalve de vrijval in [ Pensioen BV] in 2017, bij [ Holding BV] en in de IB relatief weinig. Vanaf 2021 zal wel direct vanuit [ Pensioen BV] de uitkering betaald worden aan Priv\u00e9.\u201d. Hieruit maak ik op dat u nog steeds niet begrijpt dat u de [ Pensioen BV] apart moet zien van de Holding . De pensioen BV heeft niets te maken met uw beloning voor uw werkzaamheden voor de Holding en de Holding heeft niet te maken met uw recht op pensioen . U kunt niet de ene uitkering uitwisselen voor de andere uitkering. (\u2026)<\/p>\n<p>8. Bij brief van 14 januari 2022 heeft verweerder eiser ge\u00efnformeerd over zijn voornemen om voor de jaren 2018 en 2019 navorderingsaanslagen IB\/PVV op te leggen. Voor beide jaren wordt een correctie lijfrente-uitkering van \u20ac 22.894 aangekondigd.<\/p>\n<p>9. De navorderingsaanslag IB\/PVV voor het jaar 2018 is opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van \u20ac 90.360. De daarbij in rekening gebrachte belastingrente bedraagt \u20ac 1.181.<\/p>\n<p>10. De navorderingsaanslag IB\/PVV voor het jaar 2019 is opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van \u20ac 87.178. De daarbij in rekening gebrachte belastingrente bedraagt \u20ac 658.<\/p>\n<p>Geschil<\/p>\n<p>11. In geschil is of de navorderingsaanslagen terecht zijn opgelegd.<\/p>\n<p>12. Eiser stelt dat de navorderingsaanslagen ten onrechte zijn opgelegd. De overeengekomen regeling waarbij vanaf 2017 jaarlijks een stamrechtuitkering van \u20ac 22.894 in aanmerking wordt genomen, hoeft volgens eiser niet te resulteren in verhoging van het belastbaar inkomen uit werk en woning over 2018 en 2019. Eiser stelt dat het herstel eruit kan bestaan dat een deel van de door hem in die jaren ontvangen managementvergoeding van Holding BV wordt vervangen door de stamrechtuitkering van \u20ac 22.984. Dit kan worden bewerkstelligd doordat eiser \u20ac 22.894 per jaar als teveel ontvangen managementvergoeding terugbetaalt aan Holding BV, Holding BV dit bedrag vervolgens aan Pensioen BV leent en Pensioen BV het bedrag als stamrechtuitkering uitkeert aan eiser.<\/p>\n<p>13. Verweerder stelt dat navorderingsaanslagen terecht zijn opgelegd.<\/p>\n<p>Beoordeling van het geschil<\/p>\n<p>14. Naar het oordeel van de rechtbank is de door eiser voorgestane herstelmethode niet mogelijk. Het voorstel van eiser vindt geen steun in de feiten noch in de wet. Eiser wil met terugwerkende kracht de in 2018 en 2019 van Holding BV ontvangen managementvergoeding verlagen. Daar bestaat echter geen aanleiding voor; dat die managementvergoeding te hoog was, volgt uit niets. De door eiser van Holding BV ontvangen managementvergoeding staat los van de stamrechtuitkering die hij van Pensioen BV had moeten ontvangen. Het voorstel van eiser miskent dat sprake is van verschillende vennootschappen en verschillende titels van betaling of vordering. Rechten en plichten van verschillende rechtspersonen kunnen niet willekeurig worden uitgewisseld. Verweerder heeft in correspondentie aan eiser v\u00f3\u00f3r de oplegging van de navorderingsaanslagen al meermaals uitgelegd dat de keuze voor optie 2 niet zonder navordering inkomstenbelasting kan. Het alternatief was een heffing ineens over de hele stamrechtaanspraak in 2017, waar eiser uitdrukkelijk niet voor heeft gekozen. De stelling van eiser dat er geen dekking is voor de stamrechtuitkeringen over 2018 en 2019, wat verweerder betwist, doet voor de juistheid van de navorderingsaanslagen niet ter zake. De navorderingsaanslagen zijn terecht opgelegd.<\/p>\n<p>15. Tegen de in rekening gebrachte belastingrente zijn geen afzonderlijke gronden ingediend. Dat in strijd met enige regel van geschreven of ongeschreven recht rente in rekening is gebracht, is gesteld noch gebleken.<\/p>\n<p>16. Voor zover eiser stelt dat hij de navorderingsaanslagen niet kan betalen overweegt de rechtbank dat invordering de bevoegdheid is van de ontvanger van de belastingdienst en niet van de inspecteur. Voor een betalingsregeling dienst eiser zich dan ook tot de ontvanger te wenden.<\/p>\n<p>17. Gelet op wat hiervoor is overwogen dient het beroep ongegrond te worden verklaard.<\/p>\n<p>Proceskosten<\/p>\n<p>18. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.<\/p>\n<h3>Beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.<\/p>\n<p>Deze uitspraak is gedaan door mr. S.E. Postema, rechter, in aanwezigheid van mr. T. Blauw, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 juni 2025.<\/p>\n<p>griffier rechter<\/p>\n<p>Afschrift verzonden aan partijen op:<\/p>\n<h3>Rechtsmiddel<\/h3>\n<p>Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag (team belastingrecht).<\/p>\n<p>Dat kan digitaal via <a href=\"http:\/\/www.rechtspraak.nl\" rel=\"nofollow\">http:\/\/www.rechtspraak.nl<\/a>, daar klikt u op \u201cFormulieren en inloggen\u201d. Hoger beroep instellen kan ook door verzending van een brief aan het gerechtshof Den Haag (belastingkamer), Postbus 20302, 2500 EH Den Haag.<\/p>\n<p>Bij het instellen van het hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:<\/p>\n<p>1 &#8212; bij het hogerberoepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;<\/p>\n<p>2 &#8212; het hogerberoepschrift is, indien het op papier wordt ingediend, ondertekend.<\/p>\n<p>Verder vermeldt u ten minste het volgende:<\/p>\n<p>a. de naam en het adres van de indiener;<\/p>\n<p>b. de datum van verzending;<\/p>\n<p>c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;<\/p>\n<p>d. de redenen waarom u het niet eens bent met de uitspraak (de gronden van het hoger beroep).<\/p>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:10858\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Eiser is aangeslagen voor (niet uitgekeerde) stamrechtuitkering. Het is niet mogelijk om met terugwerkende kracht te herstellen door een door Holding BV uitgekeerde managementvergoeding te vervangen door een stamrechtuitkering van Pensioen BV. Navorderingsaanslagen IB\/PVV zijn terecht opgelegd. Beroepen ongegrond.<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7670],"kji_chamber":[],"kji_year":[8463],"kji_subject":[7646],"kji_keyword":[7672,7674,7675,21358,21357],"kji_language":[7671],"class_list":["post-592211","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-den-haag","kji_year-8463","kji_subject-divers","kji_keyword-eiser","kji_keyword-rbdha","kji_keyword-rechtbank","kji_keyword-stamrechtuitkering","kji_keyword-uitgekeerde","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.4 (Yoast SEO v27.4) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Eiser is aangeslagen voor (niet uitgekeerde) stamrechtuitkering. Het is niet mogelijk om met terugwerkende kracht te herstellen door een door Holding BV uitgekeerde managementvergoeding te vervangen door een stamrechtuitkering van Pensioen BV. Navorderingsaanslagen IB\/PVV zijn terecht opgelegd. Beroepen ongegrond.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"7 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \\\/ 24_3622 en 24_3623 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-18T03:29:23+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \\\/ 24_3622 en 24_3623\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623","og_description":"Eiser is aangeslagen voor (niet uitgekeerde) stamrechtuitkering. Het is niet mogelijk om met terugwerkende kracht te herstellen door een door Holding BV uitgekeerde managementvergoeding te vervangen door een stamrechtuitkering van Pensioen BV. Navorderingsaanslagen IB\/PVV zijn terecht opgelegd. Beroepen ongegrond.","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"7 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/","name":"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-18T03:29:23+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202510858-rechtbank-den-haag-19-06-2025-24_3622-en-24_3623\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBDHA:2025:10858 Rechtbank Den Haag , 19-06-2025 \/ 24_3622 en 24_3623"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/592211","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=592211"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=592211"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=592211"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=592211"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=592211"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=592211"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=592211"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=592211"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}