{"id":592309,"date":"2026-04-18T05:54:01","date_gmt":"2026-04-18T03:54:01","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/"},"modified":"2026-04-18T05:54:01","modified_gmt":"2026-04-18T03:54:01","slug":"eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Navorderingsaanslag IB\/PVV, integrale proceskostenvergoeding, immateri\u00ebleschadevergoeding, beroep gegrond.<\/p>\n<p>RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT<\/p>\n<p>Zittingsplaats Breda<\/p>\n<p>Belastingrecht<\/p>\n<p>zaaknummer: BRE 24\/7808<\/p>\n<h3>uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 december 2025 in de zaak tussen<\/h3>\n<h3>[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,<\/h3>\n<p>(gemachtigde: mr. S.B.M.A. Engelen),<\/p>\n<p>en<\/p>\n<h3>de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.<\/h3>\n<h3>Inleiding<\/h3>\n<p>1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 4 oktober 2024.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft aan belanghebbende over het jaar 2017 een navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB\/PVV) opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van \u20ac 40.480 en naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van \u20ac 16.650.<\/p>\n<p>Gelijktijdig met de vaststelling van de navorderingsaanslag heeft de inspecteur belanghebbende \u20ac 67 belastingrente in rekening gebracht (de belastingrentebeschikking) en belanghebbende een vergrijpboete van \u20ac 392 opgelegd (de boetebeschikking).<\/p>\n<p>De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende gegrond verklaard. De inspecteur heeft daarbij de navorderingsaanslag vernietigd.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft het beroep op 29 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende, zijn partner en de gemachtigde van belanghebbende. Namens de inspecteur hebben mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2] deelgenomen.<\/p>\n<p>Van hetgeen op de zitting is besproken, is een proces-verbaal opgemaakt waarvan de rechtbank gelijktijdig met deze uitspraak een afschrift naar partijen heeft verzonden.<\/p>\n<h3>Beoordeling door de rechtbank<\/h3>\n<p>2. Enkel de uitspraak op bezwaar over de proceskostenvergoeding is in geschil. De rechtbank beoordeelt of de integrale proceskostenvergoeding naar de juiste hoogte is vastgesteld en of belanghebbende recht heeft op een immateri\u00ebleschadevergoeding. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van belanghebbende. Niet meer in geschil is de verbeurde dwangsom.<\/p>\n<p>3. Naar het oordeel van de rechtbank is de proceskostenvergoeding niet te laag vastgesteld. Belanghebbende heeft geen recht op een immateri\u00ebleschadevergoeding. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.<\/p>\n<h3>Feiten<\/h3>\n<p>4. De inspecteur heeft naar aanleiding van een onderzoek een navorderingsaanslag IB\/PVV 2017 opgelegd aan belanghebbende met dagtekening 27 november 2021 ten bedrage van \u20ac 13.829 aan belasting, een vergrijpboete van \u20ac 392 en \u20ac 67 aan belastingrente. Met dagtekening 4 oktober 2024 heeft de inspecteur de navorderingsaanslag IB\/PVV 2017, de bijbehorende vergrijpboete en de belastingrentebeschikking, vernietigd.<\/p>\n<p>Bij beslissing van 2 december 2024 heeft de inspecteur een integrale kostenvergoeding vastgesteld van \u20ac 9.000. Deze vergoeding is gelijkelijk verdeeld over belanghebbende en partner. De vergoeding is naar boven afgerond en gebaseerd op het urenoverzicht van de gemachtigde van belanghebbende welke optelt tot 26,50 (bijlage 19 bij het verweerschrift).<\/p>\n<p>Tot het dossier behoort voorts een urenoverzicht van de gemachtigde van belanghebbende welke optelt tot 57,10 uren. Een regel in het urenoverzicht betreft een transportregel van 20,50 uren waarbij staat: \u201curen t\/m 31-12-2020 conform bijgaande urenspecificatie\u201d.<\/p>\n<p>Bij beslissing van 19 februari 2025 heeft de inspecteur de maximale dwangsom toegekend van \u20ac 1.442. Hierover wordt de wettelijke rente van \u20ac 125 vergoed.<\/p>\n<h3>Motivering<\/h3>\n<p>Is de integrale proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase juist vastgesteld?<\/p>\n<p>5. De inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 2 december 2024 een proceskostenvergoeding vastgesteld van \u20ac 9.000. De inspecteur heeft aanleiding gezien om een integrale proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase toe te kennen. Daarbij heeft de inspecteur 26,5 uren vergoed in plaats van de door belanghebbende gesteld gemaakte uren. De inspecteur heeft 20,5 uren uit 2021 niet geaccepteerd in het kader van de integrale proceskostenvergoeding. Ter zitting heeft de inspecteur aangegeven terug te willen komen van het standpunt dat de proceskostenvergoeding integraal moet zijn, de inspecteur heeft niet tegen beter weten in gehandeld en de proceskostenvergoeding was te ruim.<\/p>\n<p>De rechtbank begrijpt het standpunt van belanghebbende zo, dat de inspecteur niet voldaan heeft aan zijn toezegging om de integrale proceskosten voor de bezwaarfase te vergoeden.<\/p>\n<p>De rechtbank stelt gelet op het standpunt van de inspecteur voorop dat de proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase niet lager vast kan worden gesteld door de rechtbank dan het bedrag waarop de inspecteur de vergoeding heeft vastgesteld, gezien het verbod van reformatio in peius. Belanghebbende mag niet in een slechtere positie komen als gevolg van deze beroepsprocedure.<\/p>\n<p>Naar het oordeel van de rechtbank valt zonder nadere onderbouwing van belanghebbende niet goed in te zien hoe de 20,5 uren \u2013 transport van oudere uren uit 2020 (zie 4.2) \u2013 samen zouden hangen met de bezwaarfase van de aanslag opgelegd in november 2021. Bij deze stand van zaken oordeelt de rechtbank dat met de toegekende \u20ac 9.000 de inspecteur voldaan heeft aan zijn toezegging om de integrale proceskosten voor de bezwaarfase te vergoeden en de uitspraak op bezwaar over de proceskostenvergoeding dus niet onjuist was.<\/p>\n<p>Heeft belanghebbende recht op een immateri\u00ebleschadevergoeding?<\/p>\n<p>6. Belanghebbende stelt dat recht bestaat op een immateri\u00ebleschadevergoeding vanwege het overschrijden van de redelijke termijn. De inspecteur stelt dat de immateri\u00ebleschadevergoeding voor belanghebbende en partner samen zou moeten zijn.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft het bezwaarschrift ontvangen op 7 januari 2022. De uitspraak op bezwaar is van 4 oktober 2024. De redelijke termijn bedraagt twee jaar en eindigt dus op 7 januari 2024. De rechtbank doet uitspraak op 10 december 2025.<\/p>\n<p>Dit betreft een procedure die enkel gaat over de nevenbeslissing of de juiste proceskostenvergoeding is toegekend in de bezwaarfase. De belasting-, boete-, en belastingrentebeschikking zijn vernietigd door de inspecteur op 4 oktober 2024 bij uitspraak op bezwaar. Het belang bij deze rechtelijke procedure is dus enkel beperkt tot de nevenbeslissing over de proceskosten. Immers, de vernietigde navorderingsaanslag, boete en rentebeschikking maken geen onderdeel uit van deze procedure.<\/p>\n<p>Het financieel belang bij het voortzetten van de procedure in beroep is dus afwezig in de zin van het arrest van de Hoge Raad van 14 juni 2024. Bij de vaststelling van het financieel belang wordt namelijk geen rekening gehouden met het belang dat gesteld gemoeid is met nevenbeslissingen van bestuursorganen met betrekking tot zo\u2019n procedure. Deze rechtszaak gaat zoals hiervoor opgemerkt uitsluitend over een nevenbeslissing. De rechtbank verondersteld dat ook dat de lange duur van de procedure over de proceskostenvergoeding hooguit nauwelijks heeft geleid tot spanning en frustratie bij belanghebbende. De redelijke termijn is overschreden. De rechtbank ziet aanleiding gelet op voorgaande om te volstaan met een vaststelling dat de redelijke termijn is overschreden.<\/p>\n<p>De rechtbank merkt daarbij op dat dit niet een zaak is waarvoor het overgangsrecht gecre\u00eberd in het arrest van 14 juni 2024 zoals hiervoor genoemd relevant is. Ook onder oud recht zou deze zaak naar het oordeel van de rechtbank niet kwalificeren als een belastinggeschil met een financieel belang van meer dan 15 euro, nu er geen belastinggeschil is en het gestelde financieel belang enkel zit in een nevenbeslissing.<\/p>\n<h3>Conclusie en gevolgen<\/h3>\n<p>7. Het beroep is gegrond omdat de inspecteur na het instellen van het beroep door belanghebbende uitspraak op bezwaar heeft gedaan met betrekking tot de dwangsom. Er bestaat verder geen geschil over de dwangsom.<\/p>\n<p>Omdat het beroep gegrond is moet de inspecteur het griffierecht aan belanghebbende vergoeden en krijgt belanghebbende ook een vergoeding van zijn proceskosten. De inspecteur moet deze vergoeding betalen. Het gewicht van de zaak acht de rechtbank zeer licht omdat het alleen gaat over een proceskostenvergoeding die wel of niet juist is vastgesteld. Deze vergoeding bedraagt dan (\u20ac 1.814* 0,25 =) \u20ac 453,50 omdat de gemachtigde van belanghebbende een beroepschrift heeft ingediend en aan de zitting heeft deelgenomen. Gelet op de samenhang tussen deze procedure en de procedure van de partner van belanghebbende ziet de rechtbank aanleiding de vergoeding gelijkelijk te verdelen over beide procedures en aldus de inspecteur in deze procedure te veroordelen tot betaling van \u20ac 226,75 aan proceskosten. Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden.<\/p>\n<h3>Beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>&#8212; verklaart het beroep gegrond;<\/p>\n<p>&#8212; laat de uitspraak op bezwaar ten aanzien van de proceskostenvergoeding in stand;<\/p>\n<p>&#8212; bepaalt dat de inspecteur het griffierecht van \u20ac 51 aan belanghebbende moet vergoeden;<\/p>\n<p>&#8212; veroordeelt de inspecteur tot betaling van \u20ac 226,75 aan proceskosten aan belanghebbende.<\/p>\n<p>Deze uitspraak is gedaan door mr. V.A. Burgers, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. de Vos, griffier.<\/p>\n<p>griffier<\/p>\n<p>rechter<\/p>\n<p>De griffier is verhinderd om deze uitspraak te ondertekenen. De uitspraak is daarom alleen ondertekend door de rechter.<\/p>\n<p>De uitspraak is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op <a href=\"http:\/\/www.rechtspraak.nl\" rel=\"nofollow\">http:\/\/www.rechtspraak.nl<\/a>.<\/p>\n<p>De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.<\/p>\n<p>Aan deze uitspraak hoeft pas uitvoering te worden gegeven als de uitspraak onherroepelijk is geworden. De uitspraak is onherroepelijk als niet binnen zes weken na verzending van de uitspraak een rechtsmiddel is aangewend of onherroepelijk op het aangewende rechtsmiddel is beslist.<\/p>\n<h3>Informatie over hoger beroep<\/h3>\n<p>Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof \u2018s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt.<\/p>\n<p>Digitaal hoger beroep instellen kan via \u201cFormulieren en inloggen\u201d op <a href=\"http:\/\/www.rechtspraak.nl\" rel=\"nofollow\">http:\/\/www.rechtspraak.nl<\/a>. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof \u2018s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ &#039;s-Hertogenbosch.<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>ECLI:NL:HR:2024:853, r.o. 3.3.1.<\/li>\n<li>Artikel 27h, derde lid en artikel 28, zevende lid AWR.<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:8775\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Navorderingsaanslag IB\/PVV, integrale proceskostenvergoeding, immateri\u00ebleschadevergoeding, beroep gegrond.<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[8149],"kji_chamber":[],"kji_year":[8463],"kji_subject":[7646],"kji_keyword":[14123,11032,8150,7675,8151],"kji_language":[7671],"class_list":["post-592309","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-zeeland-west-brabant","kji_year-8463","kji_subject-divers","kji_keyword-integrale","kji_keyword-navorderingsaanslag","kji_keyword-rbzwb","kji_keyword-rechtbank","kji_keyword-zeeland-west-brabant","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.5 (Yoast SEO v27.5) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Navorderingsaanslag IB\/PVV, integrale proceskostenvergoeding, immateri\u00ebleschadevergoeding, beroep gegrond.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"7 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \\\/ BRE 24\\\/7808 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-18T03:54:01+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \\\/ BRE 24\\\/7808\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808","og_description":"Navorderingsaanslag IB\/PVV, integrale proceskostenvergoeding, immateri\u00ebleschadevergoeding, beroep gegrond.","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"7 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/","name":"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-18T03:54:01+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20258775-rechtbank-zeeland-west-brabant-10-12-2025-bre-24-7808\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBZWB:2025:8775 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-12-2025 \/ BRE 24\/7808"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/592309","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=592309"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=592309"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=592309"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=592309"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=592309"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=592309"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=592309"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=592309"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}