{"id":595849,"date":"2026-04-18T17:15:08","date_gmt":"2026-04-18T15:15:08","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/"},"modified":"2026-04-18T17:15:08","modified_gmt":"2026-04-18T15:15:08","slug":"eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> De rechtbank veroordeelt een man uit Veenendaal voor overtreding van artikel 6 van de wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood. Hij wordt veroordeeld tot een taakstraf van 240 uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.<\/p>\n<p>RECHTBANK GELDERLAND<\/p>\n<p>Team strafrecht<\/p>\n<p>Zittingsplaats Arnhem<\/p>\n<p>Parketnummer: 05\/161345.25<\/p>\n<p>Datum uitspraak : 18 november 2025<\/p>\n<p>Tegenspraak<\/p>\n<p>vonnis van de meervoudige kamer<\/p>\n<p>in de zaak van<\/p>\n<p>de officier van justitie<\/p>\n<p>tegen<\/p>\n<p>[verdachte]<br \/>\n ,<\/p>\n<p>geboren op [geboortedatum] 1979 in [geboorteplaats] ,<\/p>\n<p>wonende aan [adres] ,<\/p>\n<p>Raadsvrouw: mr. W.A. Koers, advocaat in Leusden.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.<\/p>\n<h3>1De inhoud van de tenlastelegging<\/h3>\n<p>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:<\/p>\n<p>1.<\/p>\n<p>hij op 9 september 2024 te Kesteren in de gemeente Neder-Betuwe, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een voertuig (personenauto),<br \/>\nkomende uit de richting van de A15, gaande in de richting van Rhenen, daarmede rijdende over de weg de N233,<br \/>\nroekeloos, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en\/of onachtzaam heeft gereden, hierin bestaande dat verdachte,<br \/>\nterwijl verdachte goed bekend was met de verkeerssituatie en\/of<br \/>\nterwijl zijn zicht ter plaatse niet belemmerd, beperkt of gehinderd werd en\/of<br \/>\nterwijl hij gebruikershandelingen verrichtte op zijn telefoon en\/of<br \/>\nniet of in onvoldoende mate heeft gelet en\/of is blijven letten op het direct voor hem, verdachte gelegen weggedeelte(n) van die weg (de N233) en\/of het verloop van die weg (de N233) en\/of<br \/>\nin of nabij een in die weg (de N233) gelegen, gezien zijn, verdachtes rijrichting flauw naar rechts verlopende bocht, vanaf de door hem, verdachte bereden rijstrook van die weg (de N233) niet heeft (bij)gestuurd en\/of niet het verloop van die weg\/rijbaan heeft gevolgd en\/of<br \/>\nterwijl tegemoetkomend verkeer reeds op korte afstand was genaderd en\/of<br \/>\n&#8212; in strijd met artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een mobiel elektronisch apparaat (een mobiele telefoon) heeft vastgehouden en\/of de mobiele telefoon meerdere keren heeft gebruikt en\/of bediend en\/of<br \/>\n&#8212; zijn aandacht gedurende enige tijd niet, althans in onvoldoende mate, op het overige verkeer en\/of de (verkeers)situatie ter plaatse heeft gericht en\/of gehad en\/of<br \/>\n-in strijd met artikel 3 van het Reglement verkeersregels en verkeertekens 1990 niet aan zijn, verdachtes verplichting heeft voldaan, zoveel mogelijk rechts te houden en\/of<br \/>\n-in strijd met het gestelde in artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeersteken 1990 dubbele doorgetrokken strepen, die zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevonden, heeft overschreden en\/of zich met het door hem bestuurde voertuig geheel of gedeeltelijk links van die doorgetrokken strepen,<br \/>\n-welke strepen op die weg (de N233) waren aangebracht tussen de rijstroken, met verkeer in beide richtingen-, heeft bevonden en\/of<br \/>\n&#8212; heeft gereden met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was, namelijk met een (indicatieve) snelheid gelegen tussen de 85 kilometer per uur en 91 kilometer per uur en\/of<br \/>\n&#8212; met dat door hem bestuurde motorrijtuig (personenauto), naar links heeft gestuurd en\/of naar links is gegaan, waarbij hij niet het verloop van die weg heeft gevolgd en\/of geheel of gedeeltelijk op de voor het tegemoetkomend verkeer bestemde rijstrook van die weg is terechtgekomen en\/of<br \/>\n&#8212; niet de snelheid van dat door hem, verdachte bestuurde voertuig (personenauto) zodanig heeft geregeld dat hij in staat was dat voertuig (personenauto) tot stilstand te brengen, binnen de afstand waarover hij, verdachte, die weg (de N233) kon overzien en waarover deze vrij was en\/of<br \/>\n(vervolgens) is gebotst tegen, althans in aanrijding is gekomen met dat andere voertuig (personenauto),<br \/>\nen aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) werd gedood;<\/p>\n<p>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:<\/p>\n<p>hij op 9 september 2024 te Kesteren in de gemeente Neder-Betuwe, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een voertuig (personenauto),<br \/>\nkomende uit de richting van de A15, gaande in de richting van Rhenen, daarmede rijdende over de weg de N233,<br \/>\nterwijl verdachte goed bekend was met de verkeerssituatie en\/of<br \/>\nterwijl zijn zicht ter plaatse niet belemmerd, beperkt of gehinderd werd en\/of<br \/>\nterwijl hij gebruikershandelingen verrichtte op zijn telefoon en\/of<br \/>\nniet of in onvoldoende mate heeft gelet en\/of is blijven letten op het direct voor hem, verdachte gelegen weggedeelte(n) van die weg (de N233) en\/of het verloop van die weg (de N233) en\/of<br \/>\nin of nabij een in die weg (de N233) gelegen, gezien zijn, verdachtes rijrichting flauw naar rechts verlopende bocht, vanaf de door hem, verdachte bereden rijstrook van die weg (de N233) niet heeft (bij)gestuurd en\/of niet het verloop van die weg\/rijbaan heeft gevolgd en\/of<br \/>\nterwijl tegemoetkomend verkeer reeds op korte afstand was genaderd en\/of<br \/>\n&#8212; in strijd met artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een mobiel elektronisch apparaat (een mobiele telefoon) heeft vastgehouden en\/of de mobiele telefoon meerdere keren heeft gebruikt en\/of bediend en\/of<br \/>\n&#8212; zijn aandacht gedurende enige tijd niet, althans in onvoldoende mate, op het overige verkeer en\/of de (verkeers)situatie ter plaatse heeft gericht en\/of gehad en\/of<br \/>\n-in strijd met artikel 3 van het Reglement verkeersregels en verkeertekens 1990 niet aan zijn, verdachtes verplichting heeft voldaan, zoveel mogelijk rechts te houden en\/of<br \/>\n-in strijd met het gestelde in artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeersteken 1990 dubbele doorgetrokken strepen, die zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevonden, heeft overschreden en\/of zich met het door hem bestuurde voertuig geheel of gedeeltelijk links van die doorgetrokken strepen,<br \/>\n-welke strepen op die weg (de N233) waren aangebracht tussen de rijstroken, met verkeer in beide richtingen-, heeft bevonden en\/of<br \/>\n&#8212; heeft gereden met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was, namelijk met een (indicatieve) snelheid gelegen tussen de 85 kilometer per uur en 91 kilometer per uur en\/of<br \/>\n&#8212; met dat door hem bestuurde motorrijtuig (personenauto), naar links heeft gestuurd en\/of naar links is gegaan, waarbij hij niet het verloop van die weg heeft gevolgd en\/of geheel of gedeeltelijk op de voor het tegemoetkomend verkeer bestemde rijstrook van die weg is terechtgekomen en\/of<br \/>\n&#8212; niet de snelheid van dat door hem, verdachte bestuurde voertuig (personenauto) zodanig heeft geregeld dat hij in staat was dat voertuig (personenauto) tot stilstand te brengen, binnen de afstand waarover hij, verdachte, die weg (de N233) kon overzien en waarover deze vrij was en\/of<br \/>\n(vervolgens) is gebotst tegen, althans in aanrijding is gekomen met dat andere voertuig (personenauto),<br \/>\nen aldus in strijd met het in artikel 5a van de WVW94 gestelde verbod, zich opzettelijk zodanig in het verkeer heeft gedragen dat voormelde verkeersregels in ernstige mate werden geschonden, waardoor daarvan levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor (een) ander(en) te duchten was;<\/p>\n<p>meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:<\/p>\n<p>hij op 9 september 2024 te Kesteren in de gemeente Neder-Betuwe, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een voertuig (personenauto),<br \/>\nkomende uit de richting van de A15, gaande in de richting van Rhenen, daarmede rijdende over de weg de N233,<br \/>\nterwijl verdachte goed bekend was met de verkeerssituatie en\/of<br \/>\nterwijl zijn zicht ter plaatse niet belemmerd, beperkt of gehinderd werd en\/of<br \/>\nterwijl hij gebruikershandelingen verrichtte op zijn telefoon en\/of<br \/>\nniet of in onvoldoende mate heeft gelet en\/of is blijven letten op het direct voor hem, verdachte gelegen weggedeelte(n) van die weg (de N233) en\/of het verloop van die weg (de N233) en\/of<br \/>\nin of nabij een in die weg (de N233) gelegen, gezien zijn, verdachtes rijrichting flauw naar rechts verlopende bocht, vanaf de door hem, verdachte bereden rijstrook van die weg (de N233) niet heeft (bij)gestuurd en\/of niet het verloop van die weg\/rijbaan heeft gevolgd en\/of<br \/>\nterwijl tegemoetkomend verkeer reeds op korte afstand was genaderd en\/of<br \/>\n&#8212; in strijd met artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een mobiel elektronisch apparaat (een mobiele telefoon) heeft vastgehouden en\/of de mobiele telefoon meerdere keren heeft gebruikt en\/of bediend en\/of<br \/>\n&#8212; zijn aandacht gedurende enige tijd niet, althans in onvoldoende mate, op het overige verkeer en\/of de (verkeers)situatie ter plaatse heeft gericht en\/of gehad en\/of<br \/>\n-in strijd met artikel 3 van het Reglement verkeersregels en verkeertekens 1990 niet aan zijn, verdachtes verplichting heeft voldaan, zoveel mogelijk rechts te houden en\/of<br \/>\n-in strijd met het gestelde in artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeersteken 1990 dubbele doorgetrokken strepen, die zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevonden, heeft overschreden en\/of zich met het door hem bestuurde voertuig geheel of gedeeltelijk links van die doorgetrokken strepen,<br \/>\n-welke strepen op die weg (de N233) waren aangebracht tussen de rijstroken, met verkeer in beide richtingen-, heeft bevonden en\/of<br \/>\n&#8212; heeft gereden met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was, namelijk met een (indicatieve) snelheid gelegen tussen de 85 kilometer per uur en 91 kilometer per uur en\/of<br \/>\n&#8212; met dat door hem bestuurde motorrijtuig (personenauto), naar links heeft gestuurd en\/of naar links is gegaan, waarbij hij niet het verloop van die weg heeft gevolgd en\/of geheel of gedeeltelijk op de voor het tegemoetkomend verkeer bestemde rijstrook van die weg is terechtgekomen en\/of<br \/>\n&#8212; niet de snelheid van dat door hem, verdachte bestuurde voertuig (personenauto) zodanig heeft geregeld dat hij in staat was dat voertuig (personenauto) tot stilstand te brengen, binnen de afstand waarover hij, verdachte, die weg (de N233) kon overzien en waarover deze vrij was en\/of<br \/>\n(vervolgens) is gebotst tegen, althans in aanrijding is gekomen met dat andere voertuig (personenauto),<br \/>\nen door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en\/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd;<\/p>\n<p>De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wegenverkeerswet 1994 betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;<\/p>\n<p>2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs<\/p>\n<p>De feiten<\/p>\n<p>Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.<\/p>\n<p>Op 9 september 2024 omstreeks 16:24 uur heeft er een verkeersongeval plaatsgevonden op de N233 te Kesteren, in de gemeente Neder-Betuwe. Bij dit ongeval was verdachte betrokken als bestuurder van een bedrijfsbus en het slachtoffer, [slachtoffer] , als bestuurder van een personenauto. [slachtoffer] reed over de N233, komende uit de richting van Rhenen. Verdachte reed ook over de N233, maar dan uit de richting van de snelweg A15, gaande in de richting van Rhenen. Verdachte was goed bekend met de verkeerssituatie en zijn zicht werd ter plaatse niet belemmerd, beperkt of gehinderd. In die weg verliep vanuit verdachtes rijrichting gezien een flauwe bocht naar rechts. Verdachte is grotendeels op de verkeerde weghelft bestemd voor tegemoet komend verkeer terechtgekomen, waarbij hij dubbel doorgetrokken strepen heeft overschreden. Vervolgens is hij frontaal gebotst tegen de auto van het slachtoffer [slachtoffer] .<\/p>\n<p>[slachtoffer] heeft als gevolg van deze aanrijding onder andere ernstig traumatisch letsel van de borst, het hoofd, de linkerarm en het linkerbeen opgelopen, waaraan hij ter plekke is komen te overlijden.<\/p>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair ten laste gelegde feit, met uitzondering van het deel dat ziet op gebruik van de telefoon. De overige tenlastegelegde gedragingen acht de officier van justitie wel bewezen. Dat levert de schuldgradatie \u2018aanmerkelijk onvoorzichtig, onoplettend en\/of onachtzaam\u2019 op.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsvrouw stelt zich op het standpunt dat verdachte dient te worden vrijgesproken van de onderdelen van de tenlastelegging die zien op het telefoongebruik en de gereden snelheid. Ten aanzien van de vraag of artikel 6 Wegenverkeerswet bewezen kan worden refereert de raadsvrouw zich aan het oordeel van de rechtbank, met dien verstande dat verdachte van de schuldgradaties \u2018roekeloos\u2019 en \u2018zeer onvoorzichtig\u2019 dient te worden vrijgesproken.<\/p>\n<p>De raadsvrouw bepleit dat voor zover de rechtbank toekomt aan het subsidiair ten laste gelegde, de verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken omdat er geen sprake is geweest van opzet op enige verkeersovertreding.<\/p>\n<p>Beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>Juridisch kader<\/p>\n<p>Bij de beantwoording van de vraag of sprake is van schuld aan een verkeersongeval in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet (hierna: WVW) komt het volgens vaste jurisprudentie aan op het geheel van gedragingen van verdachte, de aard en ernst daarvan en de overige omstandigheden van het geval. Niet valt in zijn algemeenheid aan te geven of \u00e9\u00e9n enkele verkeersovertreding voldoende kan zijn voor de bewezenverklaring van aanmerkelijke onoplettendheid en\/of onachtzaamheid en zodoende van schuld ex artikel 6 WVW. Gekeken moet worden naar het geheel van gedragingen van verdachte, naar de aard en de ernst daarvan en naar de omstandigheden waaronder die zijn begaan. Een enkel moment van onoplettendheid is over het algemeen niet voldoende voor het aannemen van aanmerkelijke schuld. Daarnaast geldt dat niet enkel uit de ernst van de gevolgen van het verkeersgedrag kan worden afgeleid dat sprake is van schuld in de zin van artikel 6 WVW.<\/p>\n<p>Vaststaat dat verdachte met zijn voertuig (grotendeels) op de verkeerde weghelft terecht is gekomen, in aanrijding is gekomen met het voertuig van het slachtoffer en het slachtoffer hierdoor is komen te overlijden. De rechtbank dient de vraag te beantwoorden of het verkeersongeval in juridische zin aan de schuld van verdachte is te wijten.<\/p>\n<p>Verdachte heeft verklaard dat hij met een collega op weg was van werk naar huis. Zijn telefoon zat in de houder in de auto. Hij reed normaal met het verkeer mee, naar zijn schatting 70 of 80 kilometer per uur. Het ongeluk zelf of hoe dat heeft kunnen gebeuren kan verdachte zich niet herinneren.<\/p>\n<p>De rechtbank is met de officier van justitie en de raadsvrouw van oordeel dat, gelet op de tijd tussen de laatste schermaanraking en het ongeval, niet vast is komen te staan dat verdachte op zijn telefoon gebruikershandelingen heeft verricht die van invloed zijn geweest op het ontstaan van het verkeersongeval. De rechtbank zal verdachte daarom voor dit onderdeel van de tenlastelegging vrijspreken.<\/p>\n<p>Door de politie, forensische opsporing verkeer, is onderzoek verricht naar de snelheid van het voertuig van verdachte. Hieruit komt naar voren dat tijdens de laatste vijf seconden v\u00f3\u00f3r de botsing de geregistreerde snelheid van de bedrijfsbus van verdachte langzaam toenam van 85 naar 91 kilometer per uur. Tijdens deze tijd bleef de stand van het gaspedaal ongeveer gelijk en werd het rempedaal niet bediend. In de pre-crash data van het voertuig werd de stuurhoek opgeslagen. De waarden die daaruit blijken passen bij het doorrijden van een flauwe bocht naar rechts. Vanaf het moment 0,2 seconden v\u00f3\u00f3r de botsing blijkt uit de voertuigdata een abrupte stuurbeweging naar rechts.<\/p>\n<p>De rechtbank acht op grond van voorgaande bevindingen bewezen dat verdachte heeft gereden met een hogere snelheid dan toegestaan. Uit onderzoek blijkt dat de indicatieve snelheid van verdachte gelegen was tussen de 85 en 91 kilometer per uur. Aangezien op de N233 een maximumsnelheid van 80 kilometer per uur gold, is de snelheid van verdachte objectief gezien te hoog geweest. Dat verdachte verklaarde mee te hebben gereden met het verkeer doet daar niet aan af. De rechtbank acht de door verdachte gereden snelheid niet \u2018aanzienlijk\u2019 te hoog, en zal daarom dat onderdeel niet bewezen verklaren.<\/p>\n<p>Op grond van het voorgaande stelt de rechtbank vast dat verdachte als bestuurder van een bedrijfsbus, rijdend met een snelheid van ongeveer 85 tot 91 kilometer per uur op een provinciale weg, in een flauwe bocht naar rechts niet zoveel mogelijk rechts heeft gehouden. Hij is zonder enige (aantoonbare) aanleiding zo ver naar links gekomen dat hij een dubbel doorgetrokken streep heeft overschreden en op de verkeerde weghelft is terechtgekomen, waar hij frontaal in botsing is gekomen met een op die andere weghelft rijdende tegenligger. Verdachte heeft hierbij in de bocht onvoldoende bijgestuurd, op grond waarvan de rechtbank concludeert dat verdachte gedurende enige tijd zijn aandacht onvoldoende op het overige verkeer en de situatie heeft gericht.<\/p>\n<p>De rechtbank is van oordeel dat verdachte zich hiermee dusdanig aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend heeft gedragen dat het verkeersongeval aan zijn schuld is te wijten, als bedoeld in art. 6 WVW 1994. De rechtbank acht daarom het primair ten laste gelegde feit dan ook bewezen.<\/p>\n<h3>3De bewezenverklaring<\/h3>\n<p>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:<\/p>\n<p>hij op 9 september 2024 te Kesteren in de gemeente Neder-Betuwe, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een voertuig (personenauto),<br \/>\nkomende uit de richting van de A15, gaande in de richting van Rhenen, daarmede rijdende over de weg de N233,<br \/>\nroekeloos, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en\/of onachtzaam heeft gereden, hierin bestaande dat verdachte,<br \/>\nterwijl verdachte goed bekend was met de verkeerssituatie en\/of<br \/>\nterwijl zijn zicht ter plaatse niet belemmerd, beperkt of gehinderd werd en\/of<br \/>\nterwijl hij gebruikershandelingen verrichtte op zijn telefoon en\/of<br \/>\nniet of in onvoldoende mate heeft gelet en\/of is blijven letten op het direct voor hem, verdachte gelegen weggedeelte(n) van die weg (de N233) en\/of het verloop van die weg (de N233) en\/of<br \/>\nin of nabij een in die weg (de N233) gelegen, gezien zijn, verdachtes rijrichting flauw naar rechts verlopende bocht, vanaf de door hem, verdachte bereden rijstrook van die weg (de N233) niet heeft (bij)gestuurd en\/of niet het verloop van die weg\/rijbaan heeft gevolgd en\/of<br \/>\nterwijl tegemoetkomend verkeer reeds op korte afstand was genaderd en\/of<br \/>\n&#8212; in strijd met artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een mobiel elektronisch apparaat (een mobiele telefoon) heeft vastgehouden en\/of de mobiele telefoon meerdere keren heeft gebruikt en\/of bediend en\/of<br \/>\n&#8212; zijn aandacht gedurende enige tijd niet, althans in onvoldoende mate, op het overige verkeer en\/of de (verkeers)situatie ter plaatse heeft gericht en\/of gehad en\/of<br \/>\n-in strijd met artikel 3 van het Reglement verkeersregels en verkeertekens 1990 niet aan zijn, verdachtes, verplichting heeft voldaan, zoveel mogelijk rechts te houden en\/of<br \/>\n-in strijd met het gestelde in artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeersteken 1990 dubbele doorgetrokken strepen, die zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevonden, heeft overschreden en\/of zich met het door hem bestuurde voertuig geheel of gedeeltelijk links van die doorgetrokken strepen, -welke strepen op die weg (de N233) waren aangebracht tussen de rijstroken, met verkeer in beide richtingen-, heeft bevonden en\/of<br \/>\n&#8212; heeft gereden met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 80 kilometer per uur, in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was, namelijk met een (indicatieve) snelheid gelegen tussen de 85 kilometer per uur en 91 kilometer per uur en\/of<br \/>\n&#8212; met dat door hem bestuurde motorrijtuig (personenauto), naar links heeft gestuurd en\/of naar links is gegaan, waarbij hij niet het verloop van die weg heeft gevolgd en\/of geheel of gedeeltelijk op de voor het tegemoetkomend verkeer bestemde rijstrook van die weg is terechtgekomen en\/of<br \/>\n&#8212; niet de snelheid van dat door hem, verdachte bestuurde voertuig (personenauto) zodanig heeft geregeld dat hij in staat was dat voertuig (personenauto) tot stilstand te brengen, binnen de afstand waarover hij, verdachte, die weg (de N233) kon overzien en waarover deze vrij was en\/of<br \/>\n(vervolgens) is gebotst tegen, althans in aanrijding is gekomen met dat andere voertuig (personenauto),<br \/>\nen aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) werd gedood;<\/p>\n<p>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en\/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.<\/p>\n<p>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.<\/p>\n<p>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.<\/p>\n<h3>4De kwalificatie van het bewezenverklaarde<\/h3>\n<p>Het bewezenverklaarde levert op:<\/p>\n<p>Overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood<\/p>\n<h3>5De strafbaarheid van het feit<\/h3>\n<p>Het feit is strafbaar.<\/p>\n<h3>6De strafbaarheid van de verdachte<\/h3>\n<p>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.<\/p>\n<h3>7De overwegingen ten aanzien van straf en\/of maatregel<\/h3>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 240 uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsvrouw heeft bepleit dat in het voordeel van verdachte afgeweken zou moeten worden van de ori\u00ebntatiepunten. Het verliezen van zijn rijbewijs zou voor verdachte grote gevolgen hebben voor het re-integratietraject waar hij momenteel mee bezig is. Verdachte heeft een blanco strafblad en hij heeft door het ongeval zelf ook ernstig letsel opgelopen.<\/p>\n<p>De beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.<\/p>\n<p>Het verkeersongeval dat heeft plaatsgevonden op 9 september 2024 op de N233 is een dramatische gebeurtenis geweest. Verdachte heeft met zijn handelen niet alleen [slachtoffer] beroofd van het leven, het grootste goed dat iemand bezit, maar daarmee ook groot verdriet en onherstelbaar gemis toegebracht aan zijn nabestaanden. De echtgenote, de ouders en een zoon van verdachte hebben op de zitting het spreekrecht uitgeoefend. Uit deze verklaringen blijkt hoe groot het gemis is van verdachte als echtgenoot, als vader en als zoon en hoeveel impact dit verlies heeft op hun verdere leven. De rechtbank heeft gezien dat de woorden van de nabestaanden ook op verdachte impact hadden.<\/p>\n<p>Voor de nabestaanden blijft de vraag bestaan waarom dit ongeval heeft plaatsgevonden. Verdachte heeft hierover geen duidelijkheid kunnen geven. Wel heeft verdachte in zijn laatste woord de verantwoordelijkheid voor het ongeval op zich genomen. Hij heeft tegenover de nabestaanden zijn diepste medeleven en spijt betuigd.<\/p>\n<p>Welke afdoening de rechtbank ook kiest, het leed wordt met de strafoplegging niet of nauwelijks verzacht. Geen enkele straf kan recht doen aan het verlies dat de naasten van het slachtoffer lijden.<\/p>\n<p>Ook verdachte heeft dit afschuwelijke gevolg niet gewild. Er was geen sprake van opzet, maar hem wordt wel een strafrechtelijk verwijt gemaakt. Daarbij passen andere straffen dan bij opzetdelicten. De rechtbank heeft voor de straftoemeting gekeken naar de ori\u00ebntatiepunten en naar de strafoplegging in vergelijkbare gevallen. In zaken zoals deze, waarbij niemand de dood van het slachtoffer heeft gewild, wordt doorgaans een taakstraf opgelegd. Een taakstraf brengt geen vrijheidsbeneming met zich mee, maar brengt wel tot uitdrukking dat er een strafbaar feit is gepleegd. Daarnaast noemen de ori\u00ebntatiepunten een onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid van een jaar als passende straf.<\/p>\n<p>De rechtbank twijfelt er niet aan dat het ongeval ook bij de verdachte diepe sporen heeft nagelaten. Verdachte heeft ten gevolge van het ongeluk ernstig lichamelijk letsel opgelopen waarvan hij lang heeft moeten revalideren en waarvan hij wellicht niet meer geheel zal herstellen. Daarnaast heeft hij door het ongeluk psychische klachten opgelopen.<\/p>\n<p>Als gevolg van de lichamelijke klachten van verdachte kan hij zijn werk als monteur niet meer uitvoeren. Momenteel is hij bezig met een re-integratietraject en voert hij aangepaste werkzaamheden uit. Daarbij is het rijbewijs van verdachte noodzakelijk.<\/p>\n<p>De rechtbank ziet in het lichamelijk letsel dat verdachte heeft opgelopen, in zijn blanco strafblad en in zijn belang bij een rijbewijs reden om iets af te wijken van de ontzegging van de rijbevoegdheid die in vergelijkbare gevallen wordt opgelegd. De rechtbank vindt het geen recht doen aan de aard en gevolgen van het feit om die ontzegging geheel voorwaardelijk op te leggen. De rechtbank zal de helft van de ontzegging van de rijbevoegdheid, te weten 6 maanden, voorwaardelijk opleggen en in die zin de straf van verdachte matigen.<\/p>\n<p>Concluderend zal de rechtbank aan verdachte een taakstraf voor de duur van 240 uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid van 12 maanden opleggen, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.<\/p>\n<h3>8De toegepaste wettelijke bepalingen<\/h3>\n<p>De oplegging van de straf en\/of maatregel is gegrond op de artikelen:<\/p>\n<p>&#8212; 9, 14 a, 14b, 14c, 22c en 22d van het Wetboek van Strafrecht;<\/p>\n<p>&#8212; 6, 175 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.<\/p>\n<h3>9De beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder \u2018De bewezenverklaring\u2019, heeft begaan;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;<\/p>\n<p>\uf0b7 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder \u2018De kwalificatie van het bewezenverklaarde\u2019;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;<\/p>\n<p>\uf0b7 legt op een taakstraf van 240 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen;<\/p>\n<p>\uf0b7 ontzegt verdachte ten aanzien van het bewezen verklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 12 maanden;<\/p>\n<p>\uf0b7 bepaalt dat een gedeelte van deze ontzegging van de rijbevoegdheid, te weten 6 maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten in het geval verdachte zich voor het einde van de proeftijd van twee jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. Gerritsen (voorzitter), mr. S.W. van Kasbergen en mr. J. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.J.A. Dams, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 november 2025.<\/p>\n<p>Mr. J. Wiersma is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2024480002, gesloten op 11 juli 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina\u2019s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.<\/li>\n<li>Proces-verbaal FO Verkeer, p. 96.<\/li>\n<li>Verklaring van verdachte ter terechtzitting.<\/li>\n<li>Proces-verbaal FO Verkeer, p. 99-100.<\/li>\n<li>Schouwverslag, aanvullend procesdossier, p. 2.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 46 en verklaring van verdachte ter terechtzitting.<\/li>\n<li>Proces-verbaal FO Verkeer, p. 101.<\/li>\n<li>Proces-verbaal FO Verkeer, p. 103.<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11822\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>De rechtbank veroordeelt een man uit Veenendaal voor overtreding van artikel 6 van de wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood. Hij wordt veroordeeld tot een taakstraf van 240 uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7864],"kji_chamber":[],"kji_year":[8463],"kji_subject":[7632],"kji_keyword":[10188,7675,8008],"kji_language":[7671],"class_list":["post-595849","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-gelderland","kji_year-8463","kji_subject-penal","kji_keyword-maanden","kji_keyword-rechtbank","kji_keyword-wordt","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.5 (Yoast SEO v27.5) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"De rechtbank veroordeelt een man uit Veenendaal voor overtreding van artikel 6 van de wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood. Hij wordt veroordeeld tot een taakstraf van 240 uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"22 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\u044b\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \\\/ 05.161345.25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-18T15:15:08+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \\\/ 05.161345.25\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25","og_description":"De rechtbank veroordeelt een man uit Veenendaal voor overtreding van artikel 6 van de wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood. Hij wordt veroordeeld tot een taakstraf van 240 uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"22 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\u044b"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/","name":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-18T15:15:08+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511822-rechtbank-gelderland-18-11-2025-05-161345-25\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11822 Rechtbank Gelderland , 18-11-2025 \/ 05.161345.25"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/595849","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=595849"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=595849"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=595849"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=595849"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=595849"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=595849"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=595849"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=595849"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}