{"id":621590,"date":"2026-04-20T12:16:07","date_gmt":"2026-04-20T10:16:07","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/"},"modified":"2026-04-20T12:16:07","modified_gmt":"2026-04-20T10:16:07","slug":"eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Vrijspraak feit 1, omdat uit het procesdossier niet blijkt dat het genoemde geweld is gebruikt tegen dit specifieke slachtoffer. Eendaadse samenloop van poging tot doodslag en openlijk geweld tegen personen. Uitgaansgeweld. Verdachte heeft met een ander geweld gebruikt tegen drie slachtoffers, waarbij hij \u00e9\u00e9n van hen in het gezicht heeft geschopt. Hierdoor verloor dit slachtoffer het bewustzijn. Verdachte en zijn vriend hebben hem in hulpeloze toestand achter gelaten. Gevangenisstraf van 235 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 180 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden, die dadelijk uitvoerbaar zijn. Daarnaast een taakstraf van 240 uur, subsidiair 120 dagen hechtenis. De vordering van de benadeelde partij wordt in zijn geheel toegewezen, inclusief wettelijke rente en schadevergoedingsmaatregel.<\/p>\n<p>RECHTBANK GELDERLAND<\/p>\n<p>Team strafrecht<\/p>\n<p>Zittingsplaats Arnhem<\/p>\n<p>Parketnummer: 05\/072901-25<\/p>\n<p>Datum uitspraak : 28 juli 2025<\/p>\n<p>Tegenspraak<\/p>\n<p>vonnis van de meervoudige kamer<\/p>\n<p>in de zaak van<\/p>\n<p>de officier van justitie<\/p>\n<p>tegen<\/p>\n<p>[verdachte]<br \/>\n ,<\/p>\n<p>geboren op [geboortedatum] 2006 in [geboorteplaats] (Spanje),<\/p>\n<p>wonende aan [adres] .<\/p>\n<p>Raadsvrouw: mr. C. Lammers, advocaat in Utrecht.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen.<\/p>\n<h3>1De inhoud van de tenlastelegging<\/h3>\n<p>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:<\/p>\n<p>1.<br \/>\nhij op of omstreeks 22 februari 2025 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen voornoemde [slachtoffer 1] \u00e9\u00e9n of meermalen krachtig vanachteren op\/tegen diens<br \/>\nachterhoofd heeft geslagen en\/of gestompt en\/of (vervolgens) in\/tegen diens gezicht heeft getrapt en\/of geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;<\/p>\n<p>2.<br \/>\nhij op of omstreeks 22 februari 2025 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 2] opzettelijk van het leven te beroven, voornoemde [slachtoffer 2] krachtig op\/tegen de benen heeft getrapt en\/of geschopt en\/of (daarbij) die [slachtoffer 2] onderuit heeft getrapt en\/of geschopt en\/of (vervolgens) voornoemde [slachtoffer 2] \u2013 gelegen op de grond \u2013 (zeer) krachtig in\/tegen het gezicht, althans op\/tegen het hoofd heeft getrapt en\/of geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;<\/p>\n<p>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:<\/p>\n<p>hij op of omstreeks 22 februari 2025 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen<br \/>\nvoornoemde [slachtoffer 2] krachtig op\/tegen de benen heeft getrapt en\/of geschopt en\/of (daarbij) die [slachtoffer 2] onderuit heeft getrapt en\/of geschopt en\/of (vervolgens) voornoemde [slachtoffer 2] \u2013 gelegen op de grond \u2013 (zeer) krachtig in\/tegen het gezicht, althans op\/tegen het hoofd heeft getrapt en\/of geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;<\/p>\n<p>3.<br \/>\nhij op of omstreeks 22 februari 2025 te Apeldoorn openlijk, te weten op of aan de openbare weg (Kapelstraat), althans op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen \u00e9\u00e9n of meer perso(o)n(en), door:<br \/>\n-\u00e9\u00e9n of meermalen te slaan en\/of te stompen op\/tegen het lichaam van [slachtoffer 1] en\/of (vervolgens)<br \/>\n-\u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) te trappen en\/of te schoppen op\/tegen het lichaam van die [slachtoffer 1]<br \/>\nen<br \/>\n-\u00e9\u00e9n of meermalen te slaan en\/of te stompen en\/of te duwen op\/tegen het lichaam van die [slachtoffer 2] en\/of (vervolgens)<br \/>\n-\u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) te trappen en\/of te schoppen op\/tegen het lichaam van die [slachtoffer 2] en\/of (daarbij) die [slachtoffer 2] krachtig onderuit te trappen en\/of te schoppen en<br \/>\n-\u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) met gebalde vuist(en) te slaan en\/of te stompen op\/tegen het achterhoofd van [slachtoffer 3] en\/of (vervolgens)<br \/>\n-die [slachtoffer 2] vast te pakken en\/of (daarbij) \u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) met gebalde vuist(en) in\/tegen het gezicht te slaan en\/of (vervolgens)<br \/>\n-die [slachtoffer 2] over een bloembak te duwen.<\/p>\n<p>2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs<\/p>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder 1, 2 primair en 3 ten laste gelegde.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit ten aanzien van feit 1, omdat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is dat verdachte de tenlastegelegde handelingen heeft verricht. Als de rechtbank van oordeel is dat deze handelingen bewezen kunnen worden verklaard, dan moet verdachte worden vrijgesproken, omdat het opzet dan ontbreekt en er geen sprake is van een aanmerkelijke kans op zwaar lichamelijk letsel. Verdachte heeft namelijk enkel geslagen in de richting van het hoofd van [slachtoffer 1] , tegen diens benen getrapt, tegen diens lichaam geschopt en een slaande beweging in diens richting gemaakt.<\/p>\n<p>Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsvrouw vrijspraak van het primaire bepleit. Op basis van het procesdossier kan niet worden vastgesteld dat er een aanmerkelijke kans was dat [slachtoffer 2] zou komen te overlijden door de schop van verdachte. Ten aanzien van feit 2 subsidiair heeft de raadsvrouw zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.<\/p>\n<p>Tot slot heeft de raadsvrouw ten aanzien van feit 3 aangevoerd dat verdachte moet worden vrijgesproken van de laatste twee gedachtestreepjes. Niet verdachte, maar de medeverdachte heeft deze handelingen verricht. Verder heeft de raadsvrouw zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.<\/p>\n<p>Beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>De bewijsmiddelen<\/p>\n<p>[slachtoffer 2] heeft verklaard dat hij met zijn broertje [slachtoffer 3] (de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 3]) en zijn vriend [slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 1]) uit ging in Apeldoorn. Op enig moment voelde hij een klap op zijn achterhoofd. Hij vermoedde dat dit een vuistslag met gebalde vuist was. Het deed echt heel erg veel pijn. Vanaf dat moment kon hij zich niets meer herinneren. Hij werd wakker in het ziekenhuis met hele erg hoofdpijn, een bonkend hoofd en erge pijn aan de zijkant van zijn hoofd.<\/p>\n<p>[slachtoffer 2] is op 22 februari 2025 onderzocht. Er was sprake van een zwelling aan de rechterkant van zijn bovenlip en drukpijn aan de rechterkant van zijn mandibula (de rechtbank begrijpt: onderkaak). Verder was sprake van hoofdtrauma met bewustzijnsverlies en snurkende ademhaling. De werkdiagnose is een hersenschudding. De genezingsduur werd geschat op 1 tot 6 weken. Op 25 februari 2025 werd telefonisch contact opgenomen en bleek [slachtoffer 2] nog last te hebben van hoofdpijn, duizeligheid en concentratieproblemen. Op 8 maart 2025 werd opnieuw contact met hem opgenomen en bleek dat hij nog altijd last had van hoofdpijn, vooral \u2019s avonds.<\/p>\n<p>[slachtoffer 1] heeft verklaard dat hij op 22 februari 2025 omstreeks 4:00 uur in het centrum van Apeldoorn was. Bij het bowlingcentrum stond hij te praten met een aantal mensen. Ineens voelde hij een harde, stekende pijn op zijn achterhoofd, waardoor hij op de grond viel. Vervolgens werd hij geschopt door een jongen die hij eerder op de avond ook al had gezien. Deze jongen werd geholpen door twee andere jongens, waaronder eentje met een gezet postuur. [slachtoffer 1] probeerde op te staan. Na een paar seconden zag hij dat [slachtoffer 2] naar de grond werd geslagen door dezelfde jongens en vervolgens door \u00e9\u00e9n van hen tegen zijn hoofd werd getrapt.<\/p>\n<p>[slachtoffer 3] heeft verklaard dat hij zich op 22 februari met [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] bevond op de kruising Nieuwstraat-Kapelstraat te Apeldoorn, ter hoogte van de bowlingbaan. Toen de politie hem de camerabeelden van het incident liet zien, bevestigde hij dat hij op de beelden de persoon is met een groen vest, zwarte spijkerbroek en witte schoenen met een groene streep. Verder zag hij op de beelden dat de jongen met de lichte jas, die ook de broer van [slachtoffer 3] tegen het hoofd schopte, hem van achteren meerdere vuistslagen tegen het hoofd gaf. De jongen met het petje pakte [slachtoffer 3] vast en gaf hem meerdere vuistslagen in zijn gezicht. [slachtoffer 3] en de jongen met het petje vielen op de grond. De jongen stond snel op en gaf [slachtoffer 3] enkele vuistslagen op zijn hoofd terwijl hij nog op de grond lag. Toen [slachtoffer 3] op stond, duwde de jongen met het petje hem over een bloembak, waardoor hij weer op de grond viel. Verder zag [slachtoffer 3] dat [slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 1] ) werd geslagen en onderuit werd geschopt en dat zijn broer [slachtoffer 2] (de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 2]) omver werd geduwd en, toen hij op de grond lag, een trap tegen zijn hoofd kreeg van de jongen met de lichte jas. Toen [slachtoffer 3] omstreeks 11:00 uur wakker werd, had hij enorme hoofdpijn en een bult achter op zijn hoofd, net achter zijn rechteroor. De pijn op de plek van die bult en de pijn aan zijn oor en kaak was pas na een week volledig weg.<\/p>\n<p>Een verbalisant heeft de camerabeelden van dit incident uitgekeken. Hij zag een groep personen bij een plantenbak staan. Drie mannen liepen naar dit groepje toe. Twee van hen waren gekleed in het zwart. E\u00e9n van hen droeg een zwarte pet. De derde man droeg een groene jas en donkere schoenen met een witte zool. De mannen in het zwart liepen als eerste naar de groep en raakten in gesprek met een man in een zwarte jas en blauwe broek en een man met een beige jas. De man met de groene jas benaderde de man met de beige jas van achteren en duwde verschillende personen aan de kant om ruimte te cre\u00ebren. Hierop zag de verbalisant dat de man in de groene jas een soort gevechtshouding aannam. Hij bleef de man met de beige jas van achteren volgen, bracht zijn rechtervuist naar achteren en sloeg de man met de beige jas van achteren tweemaal met veel kracht tegen het hoofd met zijn gebalde vuist. Vervolgens ontstond er een vechtpartij tussen de vijf mannen, waarbij de verbalisant zag dat de man met de pet de agressor was. Hij maakte slaande bewegingen in de richting van de andere mannen. De man met de pet was in gevecht met de man in de beige jas en sloeg hem meerdere keren in het gezicht. De man in de zwarte jas en de blauwe broek werd onderuit geschopt door de man met de groene jas en viel op de grond. De man met de pet duwde een zesde man op de grond, die op zijn zij bleef liggen. Hierop nam de man met de groene jas een houding aan alsof hij een strafschop ging nemen en hij schopte de zesde man vol tegen zijn hoofd, alsof hij een strafschop nam bij een voetbalwedstrijd. Meerdere verbalisanten hebben de man met de groene jas herkend als verdachte. Verdachte heeft bevestigd dat hij op de beelden de man met de groene jas is.<\/p>\n<p>Een andere verbalisant omschrijft dat uit onderzoek is gebleken dat verdachte de persoon in de groene jas is. Hij zag op (dezelfde) camerabeelden dat [slachtoffer 2] omver werd geduwd, waardoor hij op de grond kwam te liggen. Verdachte kwam aanrennen en schopte met zijn rechterbeen met volle kracht tegen het hoofd van [slachtoffer 2] , wiens hoofd achterover op de grond sloeg en iets omhoog kwam na de schop. De verbalisant zag dat [slachtoffer 2] v\u00f3\u00f3r de schop zijn handen nog bewoog, maar dat zijn handen na de schop stil op de grond kwamen te liggen.<\/p>\n<p>Op basis van de geneeskundige verklaring en de camerabeelden is een letselverklaring opgesteld betreffende het letsel van [slachtoffer 2] . Volgens de forensisch arts is zijn letsel ontstaan door het toebrengen van een forse krachtsinwerking op het hoofd tegen de rechterzijde van het gelaat. Dit gebeurde met geschoeide voet, waardoor meer kracht kan worden gegenereerd dan een schop met een blote voet. Aan beide zijden van het hoofd lopen oppervlakkig slagaders. Letsel van deze slagaders geeft een levensbedreigende bloeding met het overlijden binnen enkele minuten. Gezien de kracht waarmee de schop is toegebracht, zou het verder zeer goed mogelijk zijn geweest dat deze forse krachtsinwerking had geresulteerd in hersenletsel met kneuzingshaarden, hersenbloedingen en fracturen van schedelbasis, schedeldak of aangezicht. Een hersenkneuzing en -bloeding kan in korte tijd een dermate hoge druk in de schedel veroorzaken dat de aansturing van vitale functies wordt uitgeschakeld en er sprake is van een levensbedreigende situatie. Zonder acute medische interventie zal het overlijden dan spoedig intreden.<\/p>\n<p>[getuige] heeft verklaard dat hij die avond samen was met [naam] en verdachte. Hij droeg die avond een pet en heeft zichzelf herkend op de camerabeelden. Hij heeft bevestigd dat verdachte meerdere vuistslagen heeft gegeven tegen het hoofd van de man met de lichte jas. Hij heeft de jongen die bij de pilaar stond omver geduwd, waarna verdachte hem een trap tegen het hoofd gaf.<\/p>\n<p>Verdachte heeft verklaard dat hij die avond samen was met twee vrienden van hem, [getuige] (de rechtbank begrijpt: [getuige]) en [naam] . Hij droeg een groene jas. Hij heeft zichzelf gezien op de camerabeelden. Verdachte heeft [slachtoffer 3] tweemaal met kracht met zijn vuist tegen het hoofd geslagen. Verder heeft hij [slachtoffer 1] twee vuistslagen gegeven, onderuit getrapt en nog een trap gegeven. [getuige] duwde [slachtoffer 2] om. Tot slot heeft verdachte [slachtoffer 2] tegen zijn hoofd geschopt. Volgens verdachte kan iemand die tegen zijn hoofd wordt geschopt daardoor een gebroken schedel, kaak of neus oplopen.<\/p>\n<p>De beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>Feit 1<\/p>\n<p>De rechtbank constateert dat uit het procesdossier niet blijkt dat verdachte [slachtoffer 1] van achteren tegen diens achterhoofd heeft geslagen of gestompt. Verdachte heeft namelijk [slachtoffer 3] twee keer van achteren tegen diens achterhoofd geslagen of gestompt, maar dit is verdachte niet ten laste gelegd en de officier van justitie heeft ter zitting geen vordering tot wijziging van de tenlastelegging aangebracht. Ook blijkt uit de camerabeelden onvoldoende duidelijk dat hij [slachtoffer 1] in het gezicht heeft getrapt of geschopt.<\/p>\n<p>Daarom zal de rechtbank verdachte vrijspreken van het onder 1 tenlastegelegde.<\/p>\n<p>Feit 2 primair<\/p>\n<p>Op basis van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte [slachtoffer 2] zeer krachtig tegen het hoofd heeft geschopt.<\/p>\n<p>Vervolgens moet de rechtbank de vraag beantwoorden of het opzet van verdachte was gericht op het overlijden van [slachtoffer 2] . De rechtbank constateert dat uit het procesdossier niet blijkt dat verdachte vol opzet had op dit gevolg.<\/p>\n<p>Voorwaardelijk opzet op een bepaald gevolg \u2013 zoals hier het overlijden van [slachtoffer 2] \u2013 is aanwezig als verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat dat gevolg zal intreden. De beantwoording van de vraag of een gedraging de aanmerkelijke kans op een bepaald gevolg in het leven roept, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Daarbij komt betekenis toe aan de aard van de gedraging en de omstandigheden waaronder deze is verricht. Het zal in alle gevallen moeten gaan om een kans die naar algemene ervaringsregels aanmerkelijk is te achten.<\/p>\n<p>Volgens de forensisch arts is het letsel van [slachtoffer 2] ontstaan door het toebrengen van een forse krachtsinwerking op het hoofd tegen de rechterzijde van het gelaat. Dit gebeurde met geschoeide voet, waardoor meer kracht kan worden gegenereerd dan een schop met een blote voet. Aan beide zijden van het hoofd lopen oppervlakkig slagaders. Letsel van deze slagaders geeft een levensbedreigende bloeding met het overlijden binnen enkele minuten. Gezien de kracht waarmee de schop is toegebracht, zou het verder zeer goed mogelijk zijn geweest dat deze forse krachtsinwerking had geresulteerd in hersenletsel met kneuzingshaarden, hersenbloedingen en fracturen van schedelbasis, schedeldak of aangezicht. Een hersenkneuzing en -bloeding kan in korte tijd een dermate hoge druk in de schedel veroorzaken dat de aansturing van vitale functies wordt uitgeschakeld en er sprake is van een levensbedreigende situatie. Zonder acute medische interventie zal het overlijden dan spoedig intreden.<\/p>\n<p>Op basis hiervan is de rechtbank van oordeel dat er een aanmerkelijke kans was op het overlijden van [slachtoffer 2] .<\/p>\n<p>Voor de vraag of sprake is van bewuste aanvaarding van zo\u2019n kans heeft te gelden dat uit de enkele omstandigheid dat de verdachte wetenschap heeft van de aanmerkelijke kans dat het gevolg zal intreden, niet zonder meer kan volgen dat hij de aanmerkelijke kans op het gevolg bewust heeft aanvaard, omdat ook sprake kan zijn van bewuste schuld. Bepaalde gedragingen kunnen echter naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als zozeer gericht op een bepaald gevolg dat het \u2013 behoudens contra-indicaties \u2013 niet anders kan zijn dan dat de verdachte de aanmerkelijke kans op het betreffende gevolg bewust heeft aanvaard.<\/p>\n<p>Verdachte zag dat [slachtoffer 2] op de grond lag en heeft hem vervolgens met geschoeide voet tegen diens hoofd geschopt. Verbalisanten omschrijven deze schop op verschillende manieren. Zo geeft \u00e9\u00e9n van hen aan dat verdachte een houding aan nam alsof hij een strafschop ging nemen en vervolgens [slachtoffer 2] vol tegen zijn hoofd schopte, alsof hij een strafschop nam bij een voetbalwedstrijd. Volgens een ander kwam verdachte aanrennen en schopte hij met volle kracht tegen het hoofd van [slachtoffer 2] , wiens hoofd achterover op de grond sloeg en iets omhoog kwam na de schop. De verbalisant zag dat [slachtoffer 2] v\u00f3\u00f3r de schop zijn handen nog bewoog, maar dat zijn handen na de schop stil op de grond kwamen te liggen.<\/p>\n<p>De rechtbank is van oordeel dat de gedragingen van verdachte in het bijzonder gelet op het feit dat hij zag dat [slachtoffer 2] op de grond lag, vervolgens aan kwam rennen en met volle kracht tegen diens hoofd schopte, alsof hij een strafschop nam, terwijl hij wist dat die daardoor een gebroken schedel, kaak of neus kan oplopen, naar hun uiterlijke verschijningsvorm kunnen worden aangemerkt als zozeer op het overlijden van [slachtoffer 2] gericht te zijn dat het, behoudens aanwijzingen voor het tegendeel, niet anders kan zijn geweest dan dat verdachte de aanmerkelijke kans op het betreffende gevolg bewust heeft aanvaard. Van contra-indicaties is de rechtbank niet gebleken.<\/p>\n<p>Daarmee acht de rechtbank het onder 2 primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.<\/p>\n<p>Feit 3<\/p>\n<p>Op basis van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte [slachtoffer 3] heeft gevolgd, zijn rechtervuist naar achteren heeft gebracht en [slachtoffer 3] van achteren tweemaal met gebalde vuist met veel kracht tegen het hoofd heeft geslagen. Hij heeft [slachtoffer 1] twee vuistslagen gegeven, hem onderuit getrapt, waardoor [slachtoffer 1] op de grond viel, en hem nog een trap gegeven. [getuige] duwde [slachtoffer 2] omver, waardoor die op de grond viel en vervolgens door verdachte in het gezicht werd geschopt. Verder heeft [getuige] [slachtoffer 3] vastgepakt, hem meerdere vuistslagen in het gezicht gegeven en over een bloembak geduwd.<\/p>\n<p>Dit geweld vond plaats op een openbare weg, namelijk de kruising van de Nieuwstraat en de Kapelstraat in Apeldoorn.<\/p>\n<p>Zowel verdachte als [getuige] hebben geweldshandelingen gepleegd, waarmee zij beiden een voldoende significante en wezenlijke bijdrage aan het gepleegde geweld hebben geleverd. De rechtbank acht dan ook bewezen dat verdachte en [getuige] het geweld in vereniging hebben gepleegd.<\/p>\n<p>Daarmee komt de rechtbank tot een bewezenverklaring van het onder 3 tenlastegelegde, inclusief de laatste twee gedachtestreepjes. In tegenstelling tot wat de raadsvrouw heeft betoogd, is het voor bewezenverklaring van dit feit, openlijke geweldpleging, immers geen vereiste dat iedere medeverdachte afzonderlijk alle delictsbestanddelen moet hebben vervuld.<\/p>\n<p>Conclusie<\/p>\n<p>De rechtbank spreekt verdachte vrij van het hem onder 1 tenlastegelegde en komt tot een bewezenverklaring van feiten 2 primair en 3.<\/p>\n<h3>3De bewezenverklaring<\/h3>\n<p>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 2 primair en onder 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:<\/p>\n<p>2. primair<br \/>\nhij op of omstreeks 22 februari 2025 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 2] opzettelijk van het leven te beroven, voornoemde [slachtoffer 2] krachtig op\/tegen de benen heeft getrapt en\/of geschopt en\/of (daarbij) die [slachtoffer 2] onderuit heeft getrapt en\/of geschopt en\/of (vervolgens) voornoemde [slachtoffer 2] \u2013 gelegen op de grond \u2013 (zeer) krachtig in\/tegen het gezicht, althans op\/tegen het hoofd heeft getrapt en\/of geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;<\/p>\n<p>3.<br \/>\nhij op of omstreeks 22 februari 2025 te Apeldoorn openlijk, te weten op of aan de openbare weg (Kapelstraat), althans op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen \u00e9\u00e9n of meer perso(o)n(en), door:<br \/>\n&#8212; \u00e9\u00e9n of meermalen te slaan en\/of te stompen op\/tegen het lichaam van [slachtoffer 1] en\/of (vervolgens)<br \/>\n&#8212; \u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) te trappen en\/of te schoppen op\/tegen het lichaam van die [slachtoffer 1] en<br \/>\n&#8212; \u00e9\u00e9n of meermalen te slaan en\/of te stompen en\/of te duwen op\/tegen het lichaam van die [slachtoffer 2] en\/of (vervolgens)<br \/>\n&#8212; \u00e9\u00e9nmaal of meermalen (krachtig) te trappen en\/of te schoppen op\/tegen het lichaam van die [slachtoffer 2] en\/of (daarbij) die [slachtoffer 2] krachtig onderuit te trappen en\/of te schoppen en<br \/>\n&#8212; \u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) met gebalde vuist(en) te slaan en\/of te stompen op\/tegen het achterhoofd van [slachtoffer 3] en\/of (vervolgens)<br \/>\n&#8212; die [slachtoffer 2] vast te pakken en\/of (daarbij) \u00e9\u00e9n of meermalen (krachtig) met gebalde vuist(en) in\/tegen het gezicht te slaan en\/of (vervolgens)<br \/>\n&#8212; die [slachtoffer 2] over een bloembak te duwen.<\/p>\n<p>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en\/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.<\/p>\n<p>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.<\/p>\n<p>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.<\/p>\n<h3>4De kwalificatie van het bewezenverklaarde<\/h3>\n<p>Het bewezenverklaarde levert op:<\/p>\n<p>eendaadse samenloop van<\/p>\n<p>feit 2 primair:<\/p>\n<p>poging tot doodslag<\/p>\n<p>en<\/p>\n<p>feit 3:<\/p>\n<p>openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.<\/p>\n<h3>5De strafbaarheid van de feiten<\/h3>\n<p>De feiten zijn strafbaar.<\/p>\n<h3>6De strafbaarheid van de verdachte<\/h3>\n<p>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.<\/p>\n<h3>7De overwegingen ten aanzien van straf en\/of maatregel<\/h3>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot:<\/p>\n<p>een gevangenisstraf van 235 dagen, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), waarvan 180 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering, die dadelijk uitvoerbaar moeten worden verklaard en<\/p>\n<p>een taakstraf van 240 uur, subsidiair 120 dagen hechtenis.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsvrouw heeft de rechtbank verzocht om bij de strafoplegging rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Verder heeft ze de rechtbank verzocht om verdachte, in overeenstemming met het reclasseringsadvies, een gevangenisstraf op te leggen waarbij het onvoorwaardelijk deel gelijk is aan de duur van het voorarrest, met daarbij een (deels) voorwaardelijke taakstraf en de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.<\/p>\n<p>De beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.<\/p>\n<p>De ernst van de feiten<\/p>\n<p>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan poging tot doodslag en openlijke geweldpleging.<\/p>\n<p>Verdachte is \u00e9\u00e9n van de slachtoffers van achteren genaderd en heeft hem meerdere harde vuistslagen tegen zijn achterhoofd gegeven. Vervolgens hebben zijn vriend en hij zeer grof geweld gebruikt tegen de drie slachtoffers met als absoluut dieptepunt het feit dat verdachte \u00e9\u00e9n van hen in het gezicht heeft geschopt toen die op de grond lag, alsof verdachte een strafschop nam. [slachtoffer 2] verloor daarna het bewustzijn en heeft minutenlang out op de grond gelegen. Uiteraard kan het gebruik van geweld sowieso niet door de beugel, maar de rechtbank neemt het verdachte extra kwalijk dat hij zulk heftig geweld heeft gebruikt tegen iemand die zich in een kwetsbare positie bevond. Het is enkel aan geluk te wijten dat [slachtoffer 2] zijn ontmoeting met verdachte kan navertellen. Dat hij zich in Nederland als gevolg van dit incident niet meer veilig voelt en voor de voorzienbare tijd is ge\u00ebmigreerd, spreekt boekdelen over de invloed die het handelen van verdachte en zijn vriend op hem heeft gehad.<\/p>\n<p>Naar eigen zeggen was verdachte boos omdat de slachtoffers die avond meerdere keren tegen zijn vrienden en hem aan waren gelopen. Ondanks dat verdachtes toelichting op geen enkele wijze door het dossier wordt ondersteund, moge het duidelijk zijn dat zijn uitleg op geen enkele manier het gebruik van geweld rechtvaardigt. Verdachte had gewoon door moeten lopen in plaats van zich schuldig te maken aan zinloos uitgaansgeweld.<\/p>\n<p>Verdachte heeft gezegd dat het zwart werd voor zijn ogen en dat hij niet meer wist wat hij deed. De rechtbank kan dit niet rijmen met de camerabeelden, waarop te zien is dat verdachte zijn tijd neemt en volledige de controle over zichzelf lijkt te hebben. De rechtbank acht het verder niet geloofwaardig dat er een dreiging uitging van de slachtoffers, zoals verdachte heeft verklaard. Op de camerabeelden is te zien dat juist verdachte en zijn vriend de agressors zijn. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij geen echte openheid van zaken heeft gegeven en geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn handelen.<\/p>\n<p>Daarbij komt dat verdachte na het incident is weggegaan en [slachtoffer 2] , die nog steeds bewusteloos op de grond lag, in weerloze toestand heeft achtergelaten zonder enige vorm van hulp aan te bieden. Op de camerabeelden lijkt te zien dat verdachte na enige tijd terug kwam wandelen en op een afstandje de afhandeling van het incident rustig heeft gadegeslagen. Verdachte heeft zich bovendien niet bij de politie gemeld, niet op dat moment en niet op een later moment. Pas twee weken later werd hij tijdens het uitgaan aangehouden op basis van een toevallige herkenning door verbalisanten. Ook dit rekent de rechtbank hem aan.<\/p>\n<p>De persoon en persoonlijke omstandigheden van verdachte<\/p>\n<p>Uit het strafblad van verdachte d.d. 8 juli 2025 blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten.<\/p>\n<p>Reclassering Nederland heeft op 26 mei 2025 een advies over verdachte uitgebracht. De reclassering ziet zijn psychosociaal functioneren, in het bijzonder zijn emotie-\/agressieregulatie, in combinatie met zijn alcoholgebruik als direct delictgerelateerde factoren. Hierin ziet de reclassering een risico voor de toekomst. Een gedragsinterventie\/behandeling zal moeten uitwijzen wat maakt dat hij dit gedrag vertoont als hij zich aangevallen of bedreigd voelt en zal hem ook handvaten moeten bieden om in de toekomst op een andere manier te reageren. Het feit dat hij zijn leven op het gebied van praktische zaken afdoende op orde heeft, ziet de reclassering als beschermende factor. Zijn moeder is een steunende factor en motiveert hem, waar nodig, de juiste beslissingen te nemen. Verdachte is responsief ten aanzien van een reclasseringsinterventie en staat open voor hulpverlening. De reclassering vindt het van belang dat de reeds opgelegde bijzondere voorwaarden worden voortgezet, omdat de kans op recidive hiermee kan worden verkleind.<\/p>\n<p>De reclassering schat de kans op recidive en letsel in als gemiddeld en het risico op onttrekken aan voorwaarden als laag.<\/p>\n<p>De reclassering ziet een aantal aanwijzingen voor het toepassen van het jeugdstrafrecht. Zo kan hij in sommige gevallen (de gevolgen van) zijn handelen niet goed inschatten en laat hij zich soms be\u00efnvloeden door leeftijdsgenoten\/vrienden. Daarnaast neemt hij deel aan een gezin, is hij ontvankelijk voor begeleiding door volwassenen en is de continuering van zijn schoolgang van belang. Tijdens de schorsing van zijn voorlopige hechtenis werd hem reclasseringstoezicht bij Reclassering Nederland opgelegd. Tot nu toe loopt dit traject goed en de reclassering vindt het van belang dat dit traject doorgang kan vinden. Bepaalde interventies, bijvoorbeeld de gedragstraining Alcohol en Geweld, worden enkel aangeboden door de volwassen reclassering. Dit maakt dat de reclassering de interventies vanuit het volwassenenstrafrecht beschouwt als passend.<\/p>\n<p>De reclassering adviseert om bij veroordeling een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met de volgende bijzondere voorwaarden:<\/p>\n<p>de meldplicht;<\/p>\n<p>deelname aan de gedragsinterventie Alcohol en Geweld;<\/p>\n<p>een ambulante behandelverplichting;<\/p>\n<p>een contactverbod met aangevers;<\/p>\n<p>een locatieverbod ten aanzien van het woonadres van [slachtoffer 2] en ten aanzien van het uitgaansgebied in Apeldoorn na 18:00 uur \u2019s avonds en<\/p>\n<p>de verplichting mee te werken aan middelencontrole om zijn middelengebruik te beheersen, inclusief urinecontroles en ademonderzoek.<\/p>\n<p>De reclassering adviseert de dadelijke uitvoerbaarheid van deze voorwaarden en het toezicht. De kans op een misdrijf met schade voor personen is aanwezig. De reclassering schat in dat zij middels de bijzondere voorwaarden kunnen werken aan het verminderen van de kans op recidive. De risico\u2019s op herhaling van soortgelijk gedrag wordt naar het inzien van de reclassering groter op het moment dat verdachte geen toezicht en\/of interventies ondergaat.<\/p>\n<p>Uit een e-mailbericht van reclasseringswerker J. Mulder d.d. 11 juli 2025 blijkt dat verdachte zich houdt aan de meldplicht en zich meewerkend opstelt in de gesprekken, hoewel het de reclasseringswerker opvalt dat hij niet het achterste van zijn tong laat zien. De urinecontroles waren telkens negatief. Verdachte is gestart met de gedragsinterventie Alcohol en Geweld. Hij geeft aan geen contact te hebben of te zoeken met medeverdachte of de slachtoffers. Tot slot houdt hij zich ook aan het locatieverbod.<\/p>\n<p>Conclusie<\/p>\n<p>Alles overwegende en gelet op hetgeen in vergelijkbare zaken wordt opgelegd, is de rechtbank van oordeel dat de ernst van deze feiten en de gevolgen daarvan voor de slachtoffers zonder meer een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van lange duur rechtvaardigen.<\/p>\n<p>De rechtbank ziet echter ook het belang in van hulpverlening, zeker gelet op de jeugdige leeftijd van verdachte en hij kennelijk de goede weg lijkt te zijn ingeslagen, om te voorkomen dat verdachte zich ooit nog schuldig maakt aan dit soort geweldsuitspattingen \u2013 al dan niet omdat het hem zwart voor de ogen wordt. De rechtbank vindt de eis van de officier van justitie passend en geboden en zal verdachte dan ook veroordelen tot:<\/p>\n<p>een gevangenisstraf van 235 dagen, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), waarvan 180 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering, die dadelijk uitvoerbaar worden verklaard en<\/p>\n<p>een taakstraf van 240 uur, subsidiair 120 dagen hechtenis.<\/p>\n<h3>8. De beoordeling van de civiele vordering<\/h3>\n<p>De benadeelde partij [slachtoffer 2] heeft in verband met het onder 2 en 3 tenlastegelegde een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert \u20ac 385,- aan materi\u00eble schade en \u20ac 3.000,- aan smartengeld, vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.<\/p>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden gematigd, nu het letsel in de jurisprudentie, die als onderbouwing aan de vordering is toegevoegd, beduidend ernstiger was.<\/p>\n<p>De beoordeling door de rechtbank<\/p>\n<p>Materi\u00eble schade<\/p>\n<p>Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden.<\/p>\n<p>De rechtbank overweegt dat deze schadepost niet dan wel onvoldoende inhoudelijk is betwist. De schadepost is verder voldoende onderbouwd en komen redelijk voor. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.<\/p>\n<p>Daarom is de rechtbank van oordeel dat de vordering voor wat betreft de materi\u00eble schade kan worden toegewezen.<\/p>\n<p>Smartengeld<\/p>\n<p>Op basis van de genoemde bewijsmiddelen en wat ter zitting over de vordering is besproken, stelt de rechtbank vast dat de benadeelde partij door het bewezenverklaarde schade heeft geleden die binnen \u00e9\u00e9n van de categorie\u00ebn van artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek valt.<\/p>\n<p>Door feit 2 primair en 3 heeft de benadeelde immers lichamelijk letsel in de vorm van een zwelling aan de rechterkant van de bovenlip, drukpijn aan de rechterkaak, hooftrauma met bewustzijnsverlies en een hersenschudding opgelopen. Dit is aan verdachte toe te rekenen. De rechtbank houdt rekening met de aard en de ernst van de feiten en de bedragen die Nederlandse rechters in vergelijkbare gevallen toewijzen. Naar maatstaven van billijkheid zal zij het smartengeld op een bedrag van \u20ac 3.000,- vaststellen, mede omdat de rechtbank tot een andere kwalificatie van feit 2 komt dan de raadsvrouw.<\/p>\n<p>De wettelijke rente<\/p>\n<p>Verdachte is vanaf 22 februari 2025 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.<\/p>\n<p>De schadevergoedingsmaatregel<\/p>\n<p>De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht het aan de benadeelde partij toegewezen bedrag aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen.<\/p>\n<h3>9. De toegepaste wettelijke bepalingen<\/h3>\n<p>De oplegging van de straf en\/of maatregel is gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36f, 45, 55, 141 en 287 van het Wetboek van Strafrecht.<\/p>\n<h3>10De beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>\uf0b7 spreekt verdachte vrij van het onder 1 ten laste gelegde feit;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart bewezen dat verdachte de overige ten laste gelegde feiten, zoals vermeld onder \u2018De bewezenverklaring\u2019, heeft begaan;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;<\/p>\n<p>\uf0b7 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder \u2018De kwalificatie van het bewezenverklaarde\u2019;<\/p>\n<p>\uf0b7 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;<\/p>\n<p>\uf0b7 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 235 dagen;<\/p>\n<p>\uf0b7 beveelt dat de tijd, door verdachte v\u00f3\u00f3r de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;<\/p>\n<p>bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten 180 dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren niet heeft gehouden aan de volgende voorwaarden:<\/p>\n<p>stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;<\/p>\n<p>\uf0b7 stelt als bijzondere voorwaarden dat:<\/p>\n<p>&#8212; verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. Voor de eerste afspraak meldt verdachte zich binnen drie dagen nadat de proeftijd is ingegaan bij Reclassering Nederland op het adres Houtwal 16A te Zutphen ;<\/p>\n<p>&#8212; verdachte binnen de proeftijd deelneemt aan de gedragsinterventie Alcohol en Geweld van de reclassering of aan een andere gedragstraining die gericht is op agressiebeheersing, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de training nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer;<\/p>\n<p>&#8212; verdachte zich gedurende de proeftijd, of zoveel korter als de reclassering noodzakelijk acht, laat behandelen door een forensische polikliniek of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op agressiebeheersing en emotieregulatie;<\/p>\n<p>&#8212; verdachte gedurende de proeftijd op geen enkele wijze \u2013 direct of indirect \u2013 contact zoekt of heeft met:<\/p>\n<p>o [slachtoffer 2] , geboren op [geboortedatum] 2001 in [geboorteplaats] ;<\/p>\n<p>o [slachtoffer 3] , geboren op [geboortedatum] 2002 in [geboorteplaats] ;<\/p>\n<p>o [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2002 in [geboorteplaats] (Verenigd Koninkrijk);<\/p>\n<p>&#8212; verdachte zich gedurende de proeftijd, of zolang als de reclassering dit nodig vindt, niet bevindt in een straal van vijf kilometer van [adres] en [adres] en zich na 18:00 uur niet bevindt in het uitgaansgebied van Apeldoorn;<\/p>\n<p>&#8212; verdachte gedurende de proeftijd meewerkt aan controles om het gebruik te leren beheersen van alcohol. Deze controles kunnen bestaan uit urineonderzoek en ademonderzoek. De reclassering bepaalt hoe vaak en met welk controlemiddel wordt gecontroleerd;<\/p>\n<p>geeft opdracht aan de reclassering om toezicht te houden op de naleving van de opgelegde voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.<\/p>\n<p>Hierbij gelden als voorwaarden dat verdachte:<\/p>\n<p>&#8212; meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs ter inzage aanbiedt om de identiteit vast te stellen;<\/p>\n<p>&#8212; meewerkt aan reclasseringstoezicht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;<\/p>\n<p>\uf0b7 beveelt dat de gestelde voorwaarden en het uit te oefenen toezicht dadelijk uitvoerbaar zijn;<\/p>\n<p>\uf0b7 legt op een taakstraf van 240 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen;<\/p>\n<p>veroordeelt verdachte in verband met het feit onder nummer 2 primair en 3 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van \u20ac 385,- aan materi\u00eble schade en \u20ac 3.000,- aan smartengeld, telkens vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 februari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;<\/p>\n<p>veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;<\/p>\n<p>legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer 2] , een bedrag te betalen van \u20ac 385,- aan materi\u00eble schade en \u20ac 3.000,-aan smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 februari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 43 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;<\/p>\n<p>bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;<\/p>\n<p>\uf0b7 heft op het \u2013 geschorste \u2013 bevel tot voorlopige hechtenis.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen door mr. H.M. Stratenus (voorzitter), mr. Y.H.M. Marijs en mr. L.C.P. Goossens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.M. Aalbers, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 28 juli 2025.<\/p>\n<p>Mr. Stratenus is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost-Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025083807, gesloten op 30 april 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina\u2019s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 2] , p. 17-18.<\/li>\n<li>Een geschrift, te weten een geneeskundige verklaring, p. 23.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van bevindingen, p. 24.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 1] , p. 28-29.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 3] , p. 35-36.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van bevindingen, p. 60-61.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van bevindingen, p. 43; proces-verbaal van bevindingen, p. 52 en proces-verbaal van aanhouding verdachte, p. 82.<\/li>\n<li>Verklaring van verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 14 juli 2025.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van bevindingen, p. 63-64.<\/li>\n<li>Een geschrift, te weten een letselverklaring, p. 3-4.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van verhoor verdachte [getuige] , p. 120-122.<\/li>\n<li>Proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 98-100 en de verklaring van verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 14 juli 2025.<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11802\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Vrijspraak feit 1, omdat uit het procesdossier niet blijkt dat het genoemde geweld is gebruikt tegen dit specifieke slachtoffer. Eendaadse samenloop van poging tot doodslag en openlijk geweld tegen personen. Uitgaansgeweld. Verdachte heeft met een ander geweld gebruikt tegen drie slachtoffers, waarbij hij \u00e9\u00e9n van hen in het gezicht heeft geschopt. Hierdoor verloor dit slachtoffer het bewustzijn&#8230;<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7864],"kji_chamber":[],"kji_year":[8463],"kji_subject":[7632],"kji_keyword":[8089,12550,8095,8099,8291],"kji_language":[7671],"class_list":["post-621590","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-gelderland","kji_year-8463","kji_subject-penal","kji_keyword-dagen","kji_keyword-gebruikt","kji_keyword-geweld","kji_keyword-slachtoffer","kji_keyword-tegen","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.5 (Yoast SEO v27.5) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Vrijspraak feit 1, omdat uit het procesdossier niet blijkt dat het genoemde geweld is gebruikt tegen dit specifieke slachtoffer. Eendaadse samenloop van poging tot doodslag en openlijk geweld tegen personen. Uitgaansgeweld. Verdachte heeft met een ander geweld gebruikt tegen drie slachtoffers, waarbij hij \u00e9\u00e9n van hen in het gezicht heeft geschopt. Hierdoor verloor dit slachtoffer het bewustzijn...\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"31 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\u0430\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \\\/ 05\\\/072901-25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-20T10:16:07+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \\\/ 05\\\/072901-25\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25","og_description":"Vrijspraak feit 1, omdat uit het procesdossier niet blijkt dat het genoemde geweld is gebruikt tegen dit specifieke slachtoffer. Eendaadse samenloop van poging tot doodslag en openlijk geweld tegen personen. Uitgaansgeweld. Verdachte heeft met een ander geweld gebruikt tegen drie slachtoffers, waarbij hij \u00e9\u00e9n van hen in het gezicht heeft geschopt. Hierdoor verloor dit slachtoffer het bewustzijn...","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"31 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\u0430"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/","name":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-20T10:16:07+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbgel202511802-rechtbank-gelderland-28-07-2025-05-072901-25\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBGEL:2025:11802 Rechtbank Gelderland , 28-07-2025 \/ 05\/072901-25"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/621590","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=621590"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=621590"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=621590"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=621590"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=621590"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=621590"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=621590"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=621590"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}