{"id":650758,"date":"2026-04-22T19:16:37","date_gmt":"2026-04-22T17:16:37","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/"},"modified":"2026-04-22T19:16:37","modified_gmt":"2026-04-22T17:16:37","slug":"eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Verdachte heeft zich gedurende een periode van negen maanden meerdere malen schuldig gemaakt aan smaadschrift ten aanzien van aangever, door het versturen van meerdere e-mailberichten aan verschillende instanties. In die e-mailberichten heeft verdachte beschuldigingen geuit over aangever.<\/p>\n<p>vonnis<\/p>\n<h3>RECHTBANK AMSTERDAM<\/h3>\n<p>Afdeling Publiekrecht<\/p>\n<p>Teams Strafrecht<\/p>\n<p>Parketnummer: 13.134696.23<\/p>\n<p>Datum uitspraak: 19 maart 2024<\/p>\n<p>Verkort vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de zaak tegen<\/p>\n<p>[verdachte] ,<\/p>\n<p>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,<\/p>\n<p>wonende op het adres [adres] .<\/p>\n<h3>1Het onderzoek ter terechtzitting<\/h3>\n<p>Dit (verkort) vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van<br \/>\n5 maart 2024.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie,<br \/>\n[persoon] , en van wat verdachte (online aanwezig) en zijn raadsman,<br \/>\nmr. H.J.J. Hendrikse, naar voren hebben gebracht.<\/p>\n<h3>2Tenlastelegging<\/h3>\n<p>Aan verdachte is \u2013 kort gezegd \u2013 ten laste gelegd dat hij zich heeft schuldig gemaakt aan<\/p>\n<p>primair: smaad(schrift) in de periode van 12 april 2022 tot en met 13 januari 2023 ten aanzien van aangever 3527643, bekend onder het pseudoniem \u2018 [naam 1] \u2019 en<br \/>\nsubsidiair: belediging van \u2018 [naam 1] \u2019 in voornoemde periode.<\/p>\n<p>De volledige tenlastelegging is opgenomen in een bijlage die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.<\/p>\n<h3>3Voorvragen<\/h3>\n<p>De dagvaarding is geldig en deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde feit.<\/p>\n<p>Ontvankelijkheid van de officier van justitie<\/p>\n<p>De rechtbank overweegt ambtshalve dat voor het vervolgen van smaadschrift een klacht van aangever is vereist. Dat vereiste geldt echter niet wanneer het gaat om een ambtenaar in de rechtmatige uitoefening van zijn bediening (zie artikelen 267 aanhef onder 2\u02da en 269 van het Wetboek van Strafrecht (Sr)). Voor het vervolgen van smaadschrift jegens of het beledigen van aangever 3527643 (bekend onder het pseudoniem [naam 1] , werkzaam als kernfunctionaris van het Landelijk Hoogrisicio Expertiseteam van de Raad van de Kinderbescherming, zijnde een ambtenaar) is een klacht dus niet vereist. De officier van justitie is dan ook ontvankelijk.<\/p>\n<p>Er zijn ook geen redenen voor schorsing van de vervolging.<\/p>\n<h3>4Waardering van het bewijs<\/h3>\n<p>Standpunt van het Openbaar Ministerie<\/p>\n<p>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde.<\/p>\n<p>Standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De raadsman heeft bepleit dat de tenlastegelegde bewoordingen niet van beledigende of bedreigende aard zijn en in de context van een relaas c.q. meningsuiting moeten worden gezien.<\/p>\n<p>Het oordeel van de rechtbank<\/p>\n<p>Vrijspraak \u2018eerste gedachtestreepje\u2019<\/p>\n<p>De rechtbank is, met de officier van justitie en de raadsman, van oordeel dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder primair ten laste gelegde eerste gedachtestreepje, omdat het betreffende e-mailbericht buiten de ten laste gelegde periode is verstuurd.<\/p>\n<p>Overwegingen<\/p>\n<p>4.3.2.1 Versturen e-mailberichten<\/p>\n<p>De rechtbank is van oordeel dat uit de bewijsmiddelen in het dossier alsmede de verklaring van verdachte over zijn persoonlijke situatie vastgesteld kan worden dat verdachte de<br \/>\ne-mailberichten in het dossier heeft verstuurd. Uit de berichten in het dossier volgt dat deze berichten zijn verstuurd vanaf het e-mailadres van verdachte. De inhoud van de<br \/>\ne-mailberichten sluit nauw aan bij de persoonlijke situatie van verdachte en zijn naaste familie. Verdachte heeft verklaard dat zijn computer of e-mailaccount gehackt zou zijn en dat iets of iemand anders verantwoordelijk is voor het versturen van de in het dossier gevoegde e-mails. De rechtbank vindt deze verklaring van verdachte niet aannemelijk, omdat het dossier daarvoor geen enkele aanwijzing bevat en de e-mails, zoals gezegd, juist aansluiten bij de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De rechtbank acht dan ook bewezen dat verdachte de in de tenlastelegging, onder gedachtestreepjes 2 tot en met 8, opgenomen berichten (in de tenlastegelegde periode) heeft verstuurd.<\/p>\n<p>4.3.2.2 Inhoud berichten, is sprake van een \u201cbepaald feit\u201d<\/p>\n<p>Er is sprake van telastlegging van een \u201cbepaald feit\u201d als bedoeld in artikel 261 Sr, indien het feit op een zodanige wijze door de verdachte is tenlastegelegd dat het een duidelijk te onderkennen concrete gedraging aanwijst. Daarvan is bijvoorbeeld geen sprake indien het \u201cfeit\u201d niet het gedrag van de betrokkene betreft, maar een eigenschap die hem wordt toegedicht en evenmin, als het wel gaat om diens gedrag, indien dat gedrag slechts in algemene termen wordt geduid en derhalve niet wordt toegespitst op een voldoende geconcretiseerde gedraging van een bepaalde persoon. Het behoort tot de taak van de strafrechter om, afhankelijk van de precieze vormgeving van de door het Openbaar Ministerie uitgebrachte tenlastelegging, zelfstandig &#8212; dus ook indien op dat punt geen verweer is gevoerd &#8212; te beoordelen of het bestanddeel \u201ctelastlegging van een bepaald feit\u201d als bedoeld in artikel 261 Sr kan worden bewezenverklaard dan wel of het bewezenverklaarde het misdrijf van artikel 261 Sr oplevert.<\/p>\n<p>De rechtbank is van oordeel dat in de teksten opgenomen onder gedachtestreepjes 3, 4 en 6 tot en met 8 sprake is van aanranding door tenlastelegging van een concreet feit. Aangever wordt daarin immers concreet beschuldigd van het vervalsen van documenten, van mensenhandel en het verwoesten van een kind.<\/p>\n<p>In de teksten onder de ten laste gelegde gedachtestreepjes 2 en 5: \u201cDag lieve jeugdkruisvaders, dag daders\u201d (gedachtestreepje 2) en \u201c [naam 1] moet worden vervolgd. Dat is de dader\u201d (gedachtestreepje 5) wordt niet specifiek verwezen naar een bepaald feit. Toch is de rechtbank van oordeel dat ook deze teksten een voldoende concrete gedraging aanwijzen. Hoewel deze teksten op zichzelf niet naar een bepaald feit verwijzen, maken de teksten immers deel uit van en zijn ze afkomstig uit e-mailberichten waarin wel wordt verwezen naar een bepaald feit, namelijk onder meer kindermishandeling, verwaarlozing en vervalsing van documenten. De inhoud van deze ten laste gelegde teksten wordt daarom ingekleurd door (en kan dus niet los gezien worden van) de overige inhoud van deze e-mails. Deze teksten wijzen om die reden eveneens op een concrete gedraging.<\/p>\n<p>Bewezenverklaring<\/p>\n<p>De rechtbank acht bewezen dat verdachte<\/p>\n<p>in de periode van 12 april 2022 tot en met 13 januari 2023 te Amsterdam, (telkens) opzettelijk de eer en\/of de goede naam van aangever 3527643 (bekend onder het pseudoniem [naam 1] ), kernfunctionaris van het Landelijk Hoogrisicio Expertiseteam van de Raad van de Kinderbescherming, gedurende de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, heeft aangerand door tenlastelegging van een bepaald feit, met het kennelijke doel om daaraan ruchtbaarheid te geven, door middel van geschriften verspreid, immers heeft verdachte e-mailberichten verstuurd met daarin beledigende teksten over voornoemde aangever naar meerdere personen\/instanties\/medewerkers van instanties (waaronder: Stichting Leger des Heils, Hof Amsterdam, Team Zeden Politie Amsterdam, het OM, AP Amsterdam, de burgemeester van Amsterdam, UMC Utrecht, Achmea Rechtsbijstand en advocaten) met:<\/p>\n<p>&#8212; \u201c Dag lieve jeugdkruisvaders, dag daders\u201d<\/p>\n<p>&#8212; \u201c We beginnen met onze hoofddaders, de veelplegers [naam 1] en [naam 2] . [naam 1] en [naam 2] houden zich vooral bezig met het vervalsen van zorgmeldingen\u201d<\/p>\n<p>&#8212; \u201c [naam 1] belt hem op en \u2018bestelt\u2019 een zorgmelding die [naam 3] dan vervalst. Daarna maakt [naam 1] dat allemaal \u2018legaal\u2019 door even te bellen met een willekeurige kinderrechter\u201d<\/p>\n<p>&#8212; \u201c [naam 1] moet worden vervolgd. Dat is de dader\u201d<\/p>\n<p>&#8212; \u201c en onze [naam 1] , de specialistische mensenhandelaar\u201d<\/p>\n<p>&#8212; \u201c Onze [naam 1] is een echte zeloot, een true believer. En dat soort kleine Eichmanns? Die zeggen dan inderdaad dingen als ik zou je kind zo weer verwoesten. Want dat is wat [naam 1] en het Leger des Heils nu vanaf de zomer van 2017 aan het doen zijn of niet soms?\u201d<\/p>\n<p>&#8212; \u201c Pure mensenhandel meer niet. Er is goed geld verdiend door [naam 1] , [naam 2] , LdH, [naam 4] en [naam 5] \u201d.<\/p>\n<h3>5Het bewijs<\/h3>\n<p>De rechtbank grondt haar beslissing dat verdachte het bewezen geachte heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Indien tegen dit verkort vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het verkort vonnis. Deze aanvulling wordt dan aan het verkort vonnis gehecht.<\/p>\n<h3>6De strafbaarheid van het feit<\/h3>\n<p>Verdachte heeft aangevoerd dat de uitlatingen niet als strafbaar kunnen worden aangemerkt. Hij heeft aangevoerd dat de bewoordingen veelal een onderdeel vormen van een relaas c.q. meningsuiting van verdachte en ook in die context dienen te worden bezien. Van persoonlijke belediging of bedreiging is geen sprake. Verdachte heeft het op deze wijze en met deze inhoud versturen van berichten aangeduid als \u201ctrollen\u201d. Dit had voornamelijk als doel om mensen te ontregelen en boos te maken, om zo te protesteren en problemen aan de kaak te stellen. De toonzetting van de e-mailberichten is overwegend spottend van aard. De raadsman heeft ten aanzien van alle ten laste gelegde feiten, zo begrijpt de rechtbank, ontslag van alle rechtsvervolging bepleit.<\/p>\n<p>De rechtbank begrijpt dit verweer als een beroep op de strafuitsluitingsgrond die beschreven is in artikel 266 lid 2 Sr. Dat verdachte een hoger doel en wellicht een openbaar belang nastreefde wil de rechtbank aannemen. De bewezen verklaarde uitlatingen van verdachte zijn echter zozeer op de persoon gericht, dat van behartiging van dat openbaar belang (\u201cpressing social need\u201d) reeds daarom geen sprake kan zijn. De rechtbank vindt de geuite beschuldigingen en aantijgingen kwetsend, onnodig grievend en deze dragen niet bij aan het publieke debat. Dat geldt ook voor het aan de kaak stellen van problemen in de jeugdzorg. Dat die problemen er in sommige gevallen zijn, is algemeen bekend. Het uiten van persoonlijke beledigingen aan het adres van een specifieke functionaris van jeugdzorg, in dit geval van de Raad voor de Kinderbescherming, draagt echter niet bij aan de oplossing van die problemen. Integendeel, het kost alleen maar tijd en energie van mensen die proberen, met de middelen die er zijn, zo goed mogelijk hun werk te doen.<\/p>\n<p>Het bewezen geachte feit is daarom strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.<\/p>\n<h3>7De strafbaarheid van verdachte<\/h3>\n<p>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.<\/p>\n<h3>8Motivering van de straf en maatregel<\/h3>\n<p>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van het door haar primair bewezen geachte feit zal worden veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 (\u00e9\u00e9n) maand, met een proeftijd van 2 (twee) jaren), met bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd in het reclasseringsadvies van 11 september 2023. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd een vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v Sr op te leggen in de vorm van een contactverbod ten aanzien van \u2018 [naam 1] \u2019, voor de duur van 2 (twee) jaar.<\/p>\n<p>De raadsman heeft bepleit dat verdachte van het hem ten laste gelegde moet worden vrijgesproken en bepleit aan hem dus geen straf of maatregel op te leggen.<\/p>\n<p>Het oordeel van de rechtbank<\/p>\n<p>De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.<\/p>\n<p>Verdachte heeft zich gedurende een periode van negen maanden meerdere malen schuldig gemaakt aan smaadschrift ten aanzien van aangever \u2018 [naam 1] \u2019, door het versturen van meerdere e-mailberichten aan verschillende instanties. In die e-mailberichten heeft verdachte beschuldigingen geuit over aangever. Deze beschuldigingen zijn kwetsend, onnodig grievend en dragen ook niet bij aan het publieke debat.<\/p>\n<p>De teksten die verdachte aan aangever en anderen stuurde gaan alle perken te buiten en zijn zonder meer strafbaar. Het betreft mensen die de publieke zaak dienen, waarbij het kennelijk nodig is dat zij onder pseudoniem werken omdat zij anders hun werk niet veilig kunnen doen. Dat dit niet voor niets is heeft verdachte, die meende hun werkelijke identiteit te kennen, wel bewezen. De rechtbank neemt dit verdachte dan ook zeer kwalijk.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft acht geslagen op het Uittreksel Justiti\u00eble Documentatie (het strafblad) van verdachte van 19 februari 2024. Hieruit blijkt dat verdachte recent in 2022 is veroordeeld voor het meermalen plegen van smaadschrift en bedreiging waarvoor aan hem een voorwaardelijke gevangenisstraf is opgelegd van drie maanden. Hierbij werd aan hem een behandelverplichting opgelegd, welke niet van de grond is gekomen. In juni 2021 is verdachte door het hof Amsterdam veroordeeld tot een voorwaardelijke taakstraf van 40 uur voor het meermalen plegen van eenvoudige belediging en belaging ten aanzien van het slachtoffer in de onderhavige zaak.<\/p>\n<p>De rechtbank is van oordeel dat uit de aard van de in dit geval bewezen verklaarde feiten en de feiten op het strafblad van verdachte blijkt dat verdachte ondanks de eerdere veroordelingen en de aan hem opgelegde straffen doorgaat met het plegen van dergelijke strafbare feiten. Gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden bestaat dan ook aanleiding om bij de straftoemeting af te wijken van hetgeen door de officier van justitie is gevorderd. De rechtbank ziet geen ruimte meer voor een geheel voorwaardelijke straf, maar zal verdachte een deels voorwaardelijke straf opleggen. Daarbij wordt rekening gehouden met het bepaalde in artikel 63 Sr.<\/p>\n<p>Al met al acht de rechtbank het opleggen van een gevangenisstraf voor de duur van vier weken, waarvan drie weken voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, passend en geboden. De rechtbank zal aan het voorwaardelijk strafdeel geen bijzondere voorwaarden koppelen. Verdachte heeft ter terechtzitting van 5 maart 2024 wederom uitlatingen gedaan jegens aangever en heeft ook ter zitting geen inzicht getoond in het strafwaardige van zijn gedrag. Daar komt bij dat de eerder opgelegde voorwaarden niet van de grond zijn gekomen. De rechtbank merkt op dat het verdachte vrij staat in een vrijwillig kader behandeling bij De Waag te volgen.<\/p>\n<p>Vrijheidsbeperkende maatregel, artikel 38v Sr<\/p>\n<p>De rechter kan sinds 1 april 2012 (Wet rechterlijk gebieds- of contactverbod) ter beveiliging van de maatschappij of ter voorkoming van strafbare feiten een vrijheidsbeperkende maatregel opleggen voor de duur van ten hoogste vijf jaren. In het geval van een contactverbod dienen de personalia van de desbetreffende persoon zo volledig mogelijk te worden genoemd (volledige naam, geboortedatum en adres).<\/p>\n<p>In het geval er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw een strafbaar feit zal begaan of zich belastend zal gedragen jegens een bepaald persoon of bepaalde personen dan kan de rechter bevelen dat de vrijheidsbeperkende maatregel dadelijk uitvoerbaar wordt verklaard (art. 38v, lid 4 Sr).<\/p>\n<p>De rechtbank legt verdachte naast de hiervoor genoemde gevangenisstraf een vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v Sr op, in de vorm van een contactverbod jegens aangever, voor de duur van drie jaar. De maatregel luidt als volgt:<\/p>\n<p>Verdachte zal op geen enkele wijze &#8212; direct of indirect &#8212; contact opnemen, zoeken of hebben met aangever 3527643 (bekend onder het pseudoniem [naam 1] ), kernfunctionaris van het Landelijk Hoogrisicio Expertiseteam van de Raad van de Kinderbescherming. Voor iedere overtreding wordt vervangende hechtenis toegepast voor de duur van 1 (\u00e9\u00e9n) week, met een maximum van 3 (drie) maanden.<\/p>\n<p>De rechtbank vindt het opleggen van deze maatregel, op grond van het hiervoor overwogene, noodzakelijk ter voorkoming van strafbare feiten. Omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte opnieuw een strafbaar feit zal begaan of zich belastend zal gedragen jegens aangever wordt de maatregel dadelijk uitvoerbaar verklaard.<\/p>\n<h3>9Toepasselijke wettelijke voorschriften<\/h3>\n<p>De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 38v, 57, 63, 261 van het Wetboek van Strafrecht.<\/p>\n<h3>10Beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.<\/p>\n<p>Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 4.4 is vermeld.<\/p>\n<p>Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.<\/p>\n<p>Het bewezen verklaarde levert op:<\/p>\n<p>smaadschrift, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd.<\/p>\n<p>Verklaart het bewezene strafbaar.<\/p>\n<p>Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.<\/p>\n<p>Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.<\/p>\n<p>Bepaalt dat een gedeelte, groot 3 (drie) weken, van deze gevangenisstraf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt bevolen.<\/p>\n<p>Stelt daarbij een proeftijd van 3 (drie) jaar vast.<\/p>\n<p>De tenuitvoerlegging kan worden bevolen als de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.<\/p>\n<p>Legt op de maatregel dat de veroordeelde voor de duur van 3 (drie) jaren<\/p>\n<p>op geen enkele wijze &#8212; direct of indirect &#8212; contact zal opnemen, zoeken of hebben met aangever 3527643 (bekend onder het pseudoniem [naam 1] ), kernfunctionaris van het Landelijk Hoogrisicio Expertiseteam van de Raad van de Kinderbescherming.<\/p>\n<p>Beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt 1 (\u00e9\u00e9n) week voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximum van 3 (drie) maanden vervangende hechtenis.<\/p>\n<p>Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen ingevolge de opgelegde<\/p>\n<p>maatregel niet op.<\/p>\n<p>Omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte<\/p>\n<p>opnieuw een strafbaar feit zal plegen en\/of zich belastend zal gedragen jegens een bepaalde persoon, beveelt de rechter, gelet op artikel 38v, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, dat de opgelegde maatregel, dadelijk uitvoerbaar is.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen door<\/p>\n<p>mr. R.A. Sipkens, voorzitter,<\/p>\n<p>mrs. W.M.C. van den Berg en M. Wiltjer, rechters,<\/p>\n<p>in tegenwoordigheid van mr. M.R. Baart, griffier,<\/p>\n<p>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 19 maart 2024.<\/p>\n<p>[\u2026 ]<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>Hoge Raad 29 september 2009 (ECLI:NL:HR:2009:BI1171, NJ 2009\/541, m.nt. [\u2026 ] ) en Hoge Raad 3 december 2013 (ECLI:NL:HR:2013:1556).<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:5639\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Verdachte heeft zich gedurende een periode van negen maanden meerdere malen schuldig gemaakt aan smaadschrift ten aanzien van aangever, door het versturen van meerdere e-mailberichten aan verschillende instanties. In die e-mailberichten heeft verdachte beschuldigingen geuit over aangever.<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7998],"kji_chamber":[],"kji_year":[8677],"kji_subject":[7646],"kji_keyword":[11610,32407,7673,11684,8072],"kji_language":[7671],"class_list":["post-650758","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-amsterdam","kji_year-8677","kji_subject-divers","kji_keyword-aangever","kji_keyword-e-mailberichten","kji_keyword-heeft","kji_keyword-meerdere","kji_keyword-verdachte","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.5 (Yoast SEO v27.5) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Verdachte heeft zich gedurende een periode van negen maanden meerdere malen schuldig gemaakt aan smaadschrift ten aanzien van aangever, door het versturen van meerdere e-mailberichten aan verschillende instanties. In die e-mailberichten heeft verdachte beschuldigingen geuit over aangever.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"14 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \\\/ 13\\\/134696-23 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-22T17:16:37+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \\\/ 13\\\/134696-23\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23","og_description":"Verdachte heeft zich gedurende een periode van negen maanden meerdere malen schuldig gemaakt aan smaadschrift ten aanzien van aangever, door het versturen van meerdere e-mailberichten aan verschillende instanties. In die e-mailberichten heeft verdachte beschuldigingen geuit over aangever.","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"14 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/","name":"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-22T17:16:37+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbams20245639-rechtbank-amsterdam-19-03-2024-13-134696-23\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBAMS:2024:5639 Rechtbank Amsterdam , 19-03-2024 \/ 13\/134696-23"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/650758","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=650758"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=650758"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=650758"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=650758"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=650758"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=650758"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=650758"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=650758"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}