{"id":651981,"date":"2026-04-22T22:04:36","date_gmt":"2026-04-22T20:04:36","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/"},"modified":"2026-04-22T22:04:36","modified_gmt":"2026-04-22T20:04:36","slug":"eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> De rechtbank oordeelt dat inspecteur de naheffingsaanslag Bpm ten onrechte aan eiser heeft opgelegd. Iemand anders dan eiser heeft de auto ingeschreven. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat die ander dat in opdracht van eiser heeft gedaan.<\/p>\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Als er veronderstellende wijs vanuit wordt gegaan dat te weinig belasting is geheven, dan is de rechtbank van oordeel dat de inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat dat het gevolg is van het niet naleven van bepalingen van de belastingwet door eiser. Ook het subsidiaire standpunt van de inspecteur, dat is gebaseerd op artikel 20, tweede lid, van de Awr, slaagt daarom niet.<\/p>\n<p>RECHTBANK NOORD-NEDERLAND<\/p>\n<p>Zittingsplaats Groningen<\/p>\n<p>Bestuursrecht<\/p>\n<p>zaaknummer: LEE 23\/1938<\/p>\n<p>uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 16 oktober 2025 in de zaak tussen<\/p>\n<h3>[eiser] , uit [woonplaats] , eiser<\/h3>\n<p>(gemachtigde: mr. S.M. Bothof),<\/p>\n<p>en<\/p>\n<p>de inspecteur van de Belastingdienst\/Centrale Administratieve Processen\/Team Auto BPM, de inspecteur<\/p>\n<p>(gemachtigde: mr. [naam 1] ).<\/p>\n<p>Als derde-partij neemt aan de zaak deel: de Minister van Justitie en Veiligheid (de Minister).<\/p>\n<h3>Inleiding<\/h3>\n<p>1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 21 maart 2023.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft aan eiser een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto\u2019s en motorrijwielen (Bpm) opgelegd van \u20ac 16.964.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. De inspecteur heeft daarbij de naheffingsaanslag gehandhaafd.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.<\/p>\n<p>De inspecteur en eiser hebben nadere stukken ingediend.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft het beroep op 8 september 2025 op zitting behandeld. Namens eiser is mr. [naam 2] verschenen. Namens de inspecteur zijn mr. [naam 1] en mr. [naam 3] verschenen.<\/p>\n<h3>Feiten<\/h3>\n<p>Eiser heeft met dagtekening 28 april 2022 aangifte Bpm gedaan voor een Ford Explorer 2.3 (de auto). De verschuldigde Bpm heeft eiser aan de hand van een taxatierapport van Bramer Cars berekend op \u20ac 3.656. Eiser heeft dat bedrag op aangifte voldaan.<\/p>\n<p>De auto is op 9 maart 2022 door [onderneming 1] B.V. gekocht van [onderneming 2] . Eiser is directeur en enig aandeelhouder van [onderneming 1] B.V.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft eiser uitgenodigd de auto op 6 mei 2022 bij de dienst Domeinen Roerende Zaken (DRZ) te tonen. DRZ heeft een verslag van haar bevindingen gemaakt, met dagtekening 9 mei 2022.<\/p>\n<p>Bij brief van 15 juni 2022 heeft de inspecteur aan eiser een kennisgeving gestuurd.<\/p>\n<p>Bij brief van 13 juli 2022 heeft de inspecteur aangekondigd een naheffingsaanslag op te zullen leggen.<\/p>\n<p>Met dagtekening 5 augustus 2022 heeft de inspecteur aan eiser een naheffingsaanslag Bpm opgelegd van \u20ac 16.964.<\/p>\n<p>De inspecteur heeft de RDW verzocht om informatie ter zake van wie de aanvraag voor afgifte van het kenteken heeft gedaan. De RDW heeft bij e-mail van 15 oktober 2024 als volgt geantwoord:<\/p>\n<p>\u201cInschrijver van het voertuig op 02-05-2022 is:<\/p>\n<p>[onderneming 3] B.V.<\/p>\n<p>[adres]<\/p>\n<p>\u201d<\/p>\n<p>[onderneming 2] is \u00e9\u00e9n van de handelsnamen van [onderneming 3] B.V.<\/p>\n<h3>Beoordeling door de rechtbank<\/h3>\n<p>3. De rechtbank beoordeelt of de inspecteur de naheffingsaanslag terecht en naar het juiste bedrag heeft opgelegd. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.<\/p>\n<p>4. De rechtbank komt tot het oordeel dat de naheffingsaanslag ten onrechte aan eiser is opgelegd. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.<\/p>\n<p>Is de naheffingsaanslag terecht aan eiser opgelegd?<\/p>\n<p>5. Eiser stelt dat hij geen belastingplichtige is als bedoeld in artikel 5 van de Wet op de belasting van personenauto\u2019s en motorrijwielen 1992 (Wet bpm). Dat hij ten onrechte aangifte heeft gedaan brengt daar volgens hem geen verandering in. Eiser betwist dat [onderneming 3] B.V. in opdracht van hem de inschrijving van de auto in het kentekenregister heeft aangevraagd.<\/p>\n<p>6. De inspecteur neemt primair het standpunt in dat [onderneming 3] B.V. in opdracht van eiser de inschrijving van de auto in het kentekenregister heeft aangevraagd en dat eiser daarom kan worden aangemerkt als belastingplichtige. Subsidiair stelt de inspecteur dat op grond van artikel 20, tweede lid, tweede volzin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) de naheffingsaanslag terecht aan eiser is opgelegd.<\/p>\n<p>Juridisch kader<\/p>\n<p>7. Artikel 1, tweede lid, van de Wet bpm luidde op het moment van de inschrijving van de auto als volgt:<\/p>\n<p>\u201cDe belasting is verschuldigd ter zake van de inschrijving van een personenauto, een motorrijwiel of een bestelauto.\u201d<\/p>\n<p>8. Artikel 5, eerste lid, van de Wet bpm luidde op het moment van de inschrijving van de auto als volgt:<\/p>\n<p>\u201cTer zake van de inschrijving, wijziging van de inschrijving of herinschrijving wordt de belasting geheven van degene die de inschrijving, wijziging van de inschrijving of herinschrijving aanvraagt. Voor een bestelauto wordt de belasting geheven van degene op wiens naam het motorrijtuig wordt of is gesteld in het kentekenregister.\u201d<\/p>\n<p>9. Artikel 20, tweede lid, van de Awr luidt als volgt:<\/p>\n<p>\u201cDe naheffing geschiedt bij wege van naheffingsaanslag, die wordt opgelegd aan degene, die de belasting had behoren te betalen, dan wel aan degene aan wie ten onrechte, of tot een te hoog bedrag, vrijstelling of vermindering van inhouding dan wel teruggaaf is verleend. In gevallen waarin ten gevolge van het niet naleven van bepalingen van de belastingwet door een ander dan de belastingplichtige, onderscheidenlijk de inhoudingsplichtige, te weinig belasting is geheven, wordt de naheffingsaanslag aan die ander opgelegd.\u201d<\/p>\n<p>Overwegingen van de rechtbank<\/p>\n<p>10. Uit de Wet bpm volgt dat in 2022 voor de Bpm het belastbaar feit de inschrijving van de auto is (zie 7.), en dat de belastingplichtige degene is die die inschrijving aanvraagt (zie 8.).<\/p>\n<p>11. De bewijslast dat eiser kan worden aangemerkt als belastingplichtige rust op de inspecteur. Voor zijn primaire standpunt moet de inspecteur daarom bewijzen dat eiser de inschrijving in het kentekenregister heeft aangevraagd. Voor zijn subsidiaire standpunt moet de inspecteur bewijzen dat door eiser bepalingen van de belastingwet niet zijn nageleefd waardoor te weinig Bpm is geheven.<\/p>\n<p>12. [onderneming 3] B.V. heeft de inschrijving aangevraagd (zie 2.7). De inspecteur heeft geen bewijs geleverd voor zijn stelling dat [onderneming 3] B.V. in opdracht van eiser de inschrijving van de auto heeft aangevraagd. Gelet op de betwisting van eiser maakt de inspecteur daarom naar het oordeel van de rechtbank niet aannemelijk dat [onderneming 3] B.V. in opdracht van eiser de inschrijving heeft aangevraagd. Hierbij weegt de rechtbank mee dat uit de informatie die door de RDW is verstrekt (zie 2.7.) geen aanwijzingen volgen dat [onderneming 3] B.V. in opdracht van eiser heeft gehandeld. Het primaire standpunt van de inspecteur slaagt daarom niet.<\/p>\n<p>13. Als er veronderstellende wijs vanuit wordt gegaan dat te weinig belasting is geheven, dan is de rechtbank van oordeel dat de inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat dat het gevolg is van het niet naleven van bepalingen van de belastingwet door eiser. Uit het dossier is de rechtbank niet gebleken welke bepaling van de belastingwet niet nageleefd zou zijn door eiser. De inspecteur heeft ter zitting desgevraagd ook geen bepaling kunnen noemen. Het subsidiaire standpunt van de inspecteur slaagt daarom ook niet.<\/p>\n<p>14. Uit het voorgaande volgt dat de naheffingsaanslag ten onrechte aan eiser is opgelegd.<\/p>\n<p>Vergoeding van immateri\u00eble schade<\/p>\n<p>15. Eiser heeft verzocht om een vergoeding van immateri\u00eble schade wegens overschrijding van de redelijke termijn van berechting in eerste aanleg. De inspecteur heeft het bezwaarschrift ontvangen op 23 augustus 2022 en de rechtbank doet heden uitspraak. Dit betekent dat de redelijke termijn op het moment van deze uitspraak is overschreden met afgerond veertien maanden. Eiser maakt daarom aanspraak op een vergoeding van immateri\u00eble schade van \u20ac 1.500. De overschrijding is voor \u00e9\u00e9n maand aan de inspecteur toe te rekenen en voor dertien maanden aan de rechtbank. De rechtbank zal de inspecteur daarom veroordelen tot vergoeding van een bedrag van \u20ac 107 en de Minister tot vergoeding van een bedrag van \u20ac 1.393.<\/p>\n<h3>Conclusie en gevolgen<\/h3>\n<p>16. Het beroep is gegrond. De rechtbank vernietigt daarom de uitspraak op bezwaar en de naheffingsaanslag.<\/p>\n<p>17. Omdat het beroep gegrond is moet de inspecteur het griffierecht aan eiser vergoeden en krijgt eiser ook een vergoeding van zijn proceskosten. De inspecteur moet deze vergoeding betalen.<\/p>\n<p>18. De inspecteur heeft het standpunt ingenomen dat voor een kostenvergoeding voor de bezwaarprocedure geen aanleiding is, omdat eiser in een eerder stadium aan had kunnen geven dat hij niet de inschrijving in het kentekenregister had aangevraagd. Eiser stelt daartegenover dat hij ook in beroep had moeten komen als hij in de bezwaarprocedure al had aangevoerd dat de naheffingsaanslag ten onrechte aan hem was opgelegd. De inspecteur zou in bezwaar dan namelijk hetzelfde standpunt hebben ingenomen als hij nu in beroep heeft ingenomen.<\/p>\n<p>19. De rechtbank overweegt als volgt. Om in aanmerking te komen voor een kostenvergoeding voor de bezwaarprocedure geldt als voorwaarde dat herroeping van het primaire besluit plaatsvindt vanwege een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. De rechtbank begrijpt de inspecteur zo, dat hij stelt dat hem geen verwijt gemaakt kan worden omdat eiser eerder aan had kunnen geven dat hij niet belastingplichtig was. De rechtbank volgt de inspecteur hier niet in. Dat eiser mogelijk in een eerder stadium aan had kunnen geven dat hij niet de inschrijving in het kentekenregister heeft aangevraagd, doet niet af aan het feit dat de inspecteur voorafgaand aan het opleggen van een naheffingsaanslag zich er van moet verzekeren dat hij die aan de juiste persoon oplegt. Dat de naheffingsaanslag aan de verkeerde persoon is opgelegd blijft daarom een onrechtmatigheid die aan de inspecteur te wijten is. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank de inspecteur ook veroordelen tot het betalen van een kostenvergoeding voor de bezwaarprocedure.<\/p>\n<p>20. De vergoeding voor de proceskosten bedraagt \u20ac 3.108,- (1 punt voor het indienen van het bezwaarschrift, 1 punt voor het bijwonen van de hoorzitting, met een waarde per punt van \u20ac 647, 1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van \u20ac 907 en een wegingsfactor 1).<\/p>\n<h3>Beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>verklaart het beroep gegrond;<\/p>\n<p>vernietigt de uitspraak op bezwaar;<\/p>\n<p>vernietigt de naheffingsaanslag;<\/p>\n<p>bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van de bestreden uitspraak op bezwaar;<\/p>\n<p>veroordeelt de inspecteur tot het betalen van een vergoeding van immateri\u00eble schade aan eiser tot een bedrag van \u20ac 107,-;<\/p>\n<p>veroordeelt de Minister tot het betalen van een vergoeding van immateri\u00eble schade aan eiser tot een bedrag van \u20ac 1.393,-;<\/p>\n<p>bepaalt dat de inspecteur het griffierecht van \u20ac 184,- aan eiser moet vergoeden;<\/p>\n<p>veroordeelt de inspecteur tot betaling van \u20ac 3.108,- aan proceskosten aan eiser.<\/p>\n<p>Deze uitspraak is gedaan door mr. L.S. Langius, rechter, in aanwezigheid van mr. J.P. Raateland, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 16 oktober 2025.<\/p>\n<p>De griffier is buiten staat deze<br \/>\nuitspraak mede te ondertekenen<\/p>\n<p>rechter<\/p>\n<h3>Informatie over hoger beroep<\/h3>\n<p>Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.<\/p>\n<p>Digitaal hoger beroep instellen kan via \u201cFormulieren en inloggen\u201d op <a href=\"http:\/\/www.rechtspraak.nl\" rel=\"nofollow\">http:\/\/www.rechtspraak.nl<\/a>. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Locatie Arnhem, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.<\/p>\n<p>Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>Hoge Raad 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:252.<\/li>\n<li>Artikel 7:15, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:4185\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>De rechtbank oordeelt dat inspecteur de naheffingsaanslag Bpm ten onrechte aan eiser heeft opgelegd. Iemand anders dan eiser heeft de auto ingeschreven. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat die ander dat in opdracht van eiser heeft gedaan. Als er veronderstellende wijs vanuit wordt gegaan dat te weinig belasting is geheven, dan is de rechtbank van oordeel dat de inspecteur niet aannemelij&#8230;<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7993],"kji_chamber":[],"kji_year":[8463],"kji_subject":[7646],"kji_keyword":[7672,7673,11181,7675],"kji_language":[7671],"class_list":["post-651981","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-noord-nederland","kji_year-8463","kji_subject-divers","kji_keyword-eiser","kji_keyword-heeft","kji_keyword-inspecteur","kji_keyword-rechtbank","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.4 (Yoast SEO v27.4) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"De rechtbank oordeelt dat inspecteur de naheffingsaanslag Bpm ten onrechte aan eiser heeft opgelegd. Iemand anders dan eiser heeft de auto ingeschreven. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat die ander dat in opdracht van eiser heeft gedaan. Als er veronderstellende wijs vanuit wordt gegaan dat te weinig belasting is geheven, dan is de rechtbank van oordeel dat de inspecteur niet aannemelij...\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"9 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \\\/ LEE 23\\\/1938 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-22T20:04:36+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \\\/ LEE 23\\\/1938\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938","og_description":"De rechtbank oordeelt dat inspecteur de naheffingsaanslag Bpm ten onrechte aan eiser heeft opgelegd. Iemand anders dan eiser heeft de auto ingeschreven. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat die ander dat in opdracht van eiser heeft gedaan. Als er veronderstellende wijs vanuit wordt gegaan dat te weinig belasting is geheven, dan is de rechtbank van oordeel dat de inspecteur niet aannemelij...","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"9 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/","name":"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-22T20:04:36+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbnne20254185-rechtbank-noord-nederland-16-10-2025-lee-23-1938\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBNNE:2025:4185 Rechtbank Noord-Nederland , 16-10-2025 \/ LEE 23\/1938"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/651981","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=651981"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=651981"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=651981"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=651981"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=651981"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=651981"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=651981"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=651981"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}