{"id":652253,"date":"2026-04-22T22:49:18","date_gmt":"2026-04-22T20:49:18","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/"},"modified":"2026-04-22T22:49:18","modified_gmt":"2026-04-22T20:49:18","slug":"eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Verweerder heeft de aanvraag van eiser niet-ontvankelijk verklaard, omdat sprake is van een opvolgende aanvraag waaraan eiser geen nieuwe elementen of bevindingen ten grondslag heeft gelegd die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de aanvraag. Daarbij heeft verweerder geen aanleiding gezien om aan te nemen dat bij eiser sprake is van identiteitsgroei. In beroep heeft eiser ter onderbouwing van zijn standpunt dat sprake is van identiteitsgroei nog een aantal andere documenten overgelegd. Ten aanzien van deze stukken heeft verweerder op de zitting alleen gesteld dat de documenten niet relevant zijn voor de beoordeling van eisers asielaanvraag, omdat er niets nieuws in staat ten opzichte van de eerdere procedures. Naar het oordeel van de rechtbank geeft verweerder hiermee echter geen blijk van een voldoende kenbare motivering. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit.<\/p>\n<p>RECHTBANK DEN HAAG<\/p>\n<p>Bestuursrecht<\/p>\n<p>zaaknummer: NL24.35423<\/p>\n<h3>uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen<\/h3>\n<h3>[eiser] , eiser,<\/h3>\n<p>V-nummer: [v-nummer]<\/p>\n<p>(gemachtigde: mr. K. Mohasselzadeh),<\/p>\n<p>en<\/p>\n<p>de minister van Asiel en Migratie<br \/>\n , verweerder<\/p>\n<p>(gemachtigde: drs. M.F. Aly).<\/p>\n<h3>Inleiding<\/h3>\n<p>1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen het bestreden besluit van 4 september 2024. Daarin heeft verweerder eisers opvolgende aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk verklaard.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft het beroep op de zitting van 8 oktober 2024 behandeld. Hierbij waren aanwezig: eiser, de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van verweerder.<\/p>\n<p>Omdat ter zitting per abuis geen tolk aanwezig was, is besproken of de mondelinge behandeling al dan niet moest worden aangehouden. In overleg met partijen is ervoor gekozen de mondelinge behandeling voort te zetten en is aan eiser de mogelijkheid geboden om na de mondelinge behandeling een schriftelijke reactie in te dienen. Dat heeft hij op<br \/>\n22 oktober 2024 gedaan. Nu verweerder hierop niet heeft gereageerd, heeft de rechtbank het onderzoek (zoals met partijen besproken) op 24 oktober 2024 gesloten.<\/p>\n<h3>Beoordeling door de rechtbank<\/h3>\n<h3>Voorgeschiedenis en relaas<br \/>\n2.Eiser heeft de Ghanese nationaliteit en is geboren op [geboortedag] 1985. Hij heeft eerder, op 5 februari 2024, een asielaanvraag ingediend. Aan die aanvraag heeft eiser ten grondslag gelegd dat hij in Ghana problemen heeft ondervonden vanwege toegedichte homoseksualiteit. Eiser stelt dat hij door familieleden van een homoseksuele vriend verantwoordelijk wordt gehouden voor diens homoseksualiteit. Daarnaast zou eiser in de negatieve belangstelling staan van moslimleiders vanwege zijn homoseksuele vrienden. Verweerder heeft die aanvraag bij besluit van 20 februari 2024 afgewezen als kennelijk ongegrond. Verweerder heeft de gestelde problemen met de familieleden van eisers\u2019 vriend en de moslimleiders ongeloofwaardig geacht, omdat eiser wisselend, summier en inconsistent heeft verklaard. Omdat Ghana voor eiser een veilig land van herkomst is heeft verweerder eisers asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.<\/h3>\n<p>Eiser heeft beroep ingesteld tegen die afwijzing. Tijdens die beroepsprocedure heeft eiser als nieuw element naar voren gebracht dat hij homoseksueel is, maar dit uit schaamte niet eerder naar voren durfde te brengen. Deze rechtbank heeft geoordeeld dat verweerder de door eiser gestelde problemen niet ten onrechte ongeloofwaardig heeft geacht. Een verzoek van de gemachtigde van eiser om aanhouding om het nieuwe element nog bij de beoordeling te betrekken, heeft de rechtbank afgewezen. Deze uitspraak is in hoger beroep bevestigd.<\/p>\n<p>Op 11 april 2024 heeft eiser een opvolgende asielaanvraag ingediend. Aan die aanvraag heeft hij ten grondslag gelegd dat hij homoseksueel is. De door hem ondervonden problemen zijn hetzelfde als die hij in de voorgaande procedure naar voren heeft gebracht. Als bijkomend probleem heeft eiser gewezen op nieuwe wetgeving in Ghana volgens welke homoseksualiteit strafbaar is. Verweerder heeft niet geloofwaardig geacht dat eiser homoseksueel is en heeft zijn opvolgende asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Het hiertegen gerichte beroep heeft de rechtbank ongegrond verklaard.<\/p>\n<p>Tegen deze uitspraak heeft eiser hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter van de Afdeling gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.<br \/>\nBij uitspraak van 4 augustus 2024 heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling bij ordemaatregel bepaald dat de voorgenomen uitzetting op 5 augustus 2024 achterwege blijft. Bij uitspraak van 22 augustus 2024 heeft de Afdeling het hoger beroep gericht tegen de uitspraak van 29 juli 2024 ongegrond verklaard.<br \/>\nDe huidige asielaanvraag<\/p>\n<p>3. Op 4 augustus 2024 heeft eiser een derde asielaanvraag ingediend. Aan die aanvraag heeft hij dezelfde redenen ten grondslag gelegd als aan zijn eerdere asielaanvraag. Daarbij heeft hij de volgende documenten overgelegd:<br \/>\n&#8212; een nieuwe screenshot van een internetblog van 29 juli 2024;<\/p>\n<p>&#8212; een nieuw rapport van LGBT Asylum Support van 2 augustus 2024 met een Engelse vertaling van twee bijlagen;<\/p>\n<p>&#8212; een aantal documenten van onder andere screenshots van internetblogs en van bedreigingen die hij in eerdere procedures heeft overgelegd.<\/p>\n<p>Verweerder heeft deze aanvraag niet-ontvankelijk verklaard, omdat sprake is van een opvolgende aanvraag waaraan eiser geen nieuwe elementen of bevindingen ten grondslag heeft gelegd die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de aanvraag. Daarbij heeft verweerder geen aanleiding gezien om aan te nemen dat bij eiser sprake is van identiteitsgroei.<\/p>\n<p>Over het overgelegde screenshot van een internetblog van 29 juli 2024 van dezelfde internetbron stelt verweerder zich op het standpunt dat dit screenshot op voorhand niet relevant is voor de beoordeling van eisers huidige asielaanvraag, omdat dit niet kan afdoen aan het in rechte vaststaande oordeel dat eisers gestelde problemen ongeloofwaardig zijn. De overwegingen over de blogs, zoals verwoord in de besluitvorming in eisers eerste asielaanvraag blijven immers staan. In eisers eerste asielprocedure is uitvoerig uitgelegd dat zijn gestelde problemen niet geloofwaardig zijn, omdat hij wisselend, summier en inconsistent heeft verklaard. Ook is uitgelegd dat het overleggen van screenshots van de eerdere internetblogs dit oordeel niet anders maakt, omdat hij hierover summier heeft verklaard en dat de inhoud niet rijmt met de inhoud van eisers verklaringen. Dit oordeel staat in rechte vaste. Eiser borduurt voort op zijn eerdere verklaringen en de eerder ingebrachte screenshots van internetblogs.<\/p>\n<p>Over het overgelegde LGBT Asylum Support rapport met bijlages stelt verweerder zich op het standpunt dat dit niet relevant is voor de beoordeling van eisers homoseksuele geaardheid. In eisers tweede asielprocedure is uitvoerig uitgelegd dat eisers homoseksuele geaardheid ongeloofwaardig is, omdat hij wisselend, summier, niet eenduidig en ongerijmd heeft verklaard en dat hij onvoldoende inzicht in zijn gevoelens en gedachten heeft gegeven.<\/p>\n<p>Eiser heeft tijdens zijn tweede asielprocedure een rapport van LGBT Asylum Support van 15 juni 2024 overgelegd. Verweerder heeft toen het standpunt ingenomen dat het rapport niet afdoet aan de beoordeling van eisers asielaanvraag. De rechtbank heeft hierover geoordeeld dat het rapport inderdaad slechts een eigen waardering van LGBT Asylum Support over eisers verklaring weergeeft en niet afdoet aan de motivering dat eisers gestelde homoseksuele geaardheid ongeloofwaardig is. Dat LGBT Asylum Support op<br \/>\n2 augustus 2024 een soortgelijk rapport opstelt met toevoeging van enkele bijlages kan niet afdoen aan het eerdere oordeel dat eisers seksuele gerichtheid ongeloofwaardig is en is daarom op voorhand niet relevant voor de beoordeling van eisers huidige asielaanvraag. Bovendien wordt overwogen dat de bijgevoegde bijlages alleen een verwoording vormen van wat eiser in zijn vorige asielprocedure ook al heeft verklaard en zijn ervaringen<\/p>\n<p>in de grensdetentie.<\/p>\n<p>Over de documenten die eiser in zijn eerdere procedures heeft overgelegd stelt verweerder zich op het standpunt dat deze niet nieuw en ook niet relevant zijn. Bovendien geldt daar ook voor dat ze ook op voorhand niet relevant zouden zijn, omdat het niet afdoet<\/p>\n<p>aan de beoordeling dat eisers verklaringen ongeloofwaardig zijn.<\/p>\n<p>Wat vindt eiser?<\/p>\n<p>4. Eiser stelt zich op het standpunt dat verweerder zijn aanvraag ten onrechte niet- ontvankelijk heeft verklaard. Eiser stelt dat er wel degelijk nieuwe elementen en bevindingen zijn die relevant zijn voor de beoordeling van zijn asielaanvraag. De kern van de derde asielaanvraag is identiteitsgroei. Verweerder heeft dit ten onrechte niet beoordeeld.<\/p>\n<p>Eiser voert verder aan dat de procedure onzorgvuldig is geweest. Verweerder heeft ten onrechte geen gehoor afgenomen waarbij is ingegaan op de inhoud van de door eiser overgelegde documenten. Ook is hij ten onrechte niet onderzocht door MediFirst. Verweerder heeft daardoor niet onderzocht of eiser kon worden gehoord en of er beperkingen zijn die in acht genomen moeten worden bij het horen van eiser. Volgens eiser heeft verweerder onvoldoende rekening gehouden met het referentiekader van eiser. Het is ook onduidelijk op grond van welk werkinstructie de asielaanvraag is beoordeeld. Eiser meent dat verweerder had moeten toetsen aan WI 2024\/6.<\/p>\n<p>Ter onderbouwing van zijn standpunt dat sprake is van identiteitsgroei heeft eiser aanvullende documenten overlegd:<br \/>\n&#8212; een nieuw rapport LGBT Asylum support van 6 oktober 2024;<br \/>\n&#8212; een aantal getuigenverklaringen;<br \/>\n&#8212; verklaringen van eiser in de kerk in Haarlem;<br \/>\n&#8212; een artikel in de Telegraaf over asielzoekers uit de LHBTQ-gemeenschap, onder wie eiser.<\/p>\n<p>Uit deze stukken volgt onder meer dat eiser in het kader van de Nationale Coming Out Dag op 11 oktober 2024 is ge\u00efnterviewd door BNN\/VARA en dat hij heeft deelgenomen aan de Haarlem Pride op 14 september 2024 waar hij een toespraak heeft gehouden. Eiser heeft hiervan foto\u2019s overgelegd. Ook zijn er artikelen over hem in de media verschenen. De gemachtigde van verweerder heeft er ter zitting op gewezen dat aan eiser in eerdere besluiten is tegengeworpen dat hij vaag en summier heeft verklaard over zijn gevoelens en dat eiser met deze stukken onder meer heeft willen laten zien dat hij inmiddels goed in staat is zijn gedachten en gevoelens onder woorden te brengen.<\/p>\n<p>Wat is het oordeel van de rechtbank?<\/p>\n<p>Is er nog procesbelang?<\/p>\n<p>5. Verweerder heeft op 29 oktober 2024 de rechtbank medegedeeld dat eiser per<br \/>\n14 oktober 2024 geregistreerd staat als vertrokken met onbekende bestemming (MOB). Verweerder heeft de rechtbank bij deze mededeling verzocht te beoordelen of er nog procesbelang is bij de procedure.<\/p>\n<p>De rechtbank heeft het onderzoek in deze zaak op 24 oktober 2024 gesloten. Ten tijde van het sluiten van het onderzoek was er geen concreet aanknopingspunt dat eiser geen procesbelang meer zou hebben bij de procedure. Eiser was aanwezig bij de behandeling van zijn zaak en heeft op 22 oktober 2024 nog een schriftelijke reactie gestuurd naar de rechtbank. Bovendien heeft de gemachtigde van eiser op 30 oktober 2024 aangegeven dat hij nog contact heeft met eiser en dat eiser daarnaast ook nog contact heeft met de heer [naam] van zijn belangenorganisatie. In het na sluiting van het onderzoek binnengekomen signaal van verweerder ziet de rechtbank, mede vanuit het belang van de goede procesorde, onvoldoende aanleiding om het onderzoek te heropenen en verder onderzoek te doen naar het procesbelang van eiser, nu dit belang ten tijde van het onderzoek ter zitting aanwezig was en ook nog ten tijde van de sluiting van het onderzoek op<br \/>\n24 oktober 2024. De rechtbank zal daarom uitgaan van de stand van zaken op het moment dat het onderzoek gesloten is en is van oordeel eiser belang heeft bij een inhoudelijke behandeling van zijn beroep.<\/p>\n<p>Inhoudelijk<\/p>\n<p>6. De rechtbank beoordeelt of verweerder de asielaanvraag heeft kunnen afwijzen. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.<\/p>\n<p>De rechtbank verklaart het beroep gegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.<\/p>\n<p>Nieuwe elementen of bevindingen<\/p>\n<p>7. Uit het arrest L.H. volgt dat de ontvankelijkheid van een opvolgende asielaanvraag beoordeeld moet worden aan de hand van twee fasen. In de eerste fase moet worden onderzocht of er nieuwe elementen of bevindingen zijn die verband houden met de vraag of de vreemdeling in aanmerking komt voor internationale bescherming. In de tweede fase moet verweerder beoordelen of die nieuwe elementen of bevindingen de kans aanzienlijk groter maken dat de vreemdeling in aanmerking komt voor internationale bescherming. Deze tweede fase is ge\u00efmplementeerd in artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vw. Daaruit volgt dat moet worden beoordeeld of de aangevoerde nieuwe elementen of bevindingen relevant kunnen zijn voor de aanvraag. Een nieuw element of bevinding is niet relevant als op voorhand is uitgesloten dat hetgeen alsnog is aangevoerd of overgelegd kan afdoen aan de overwegingen van het eerder genomen besluit.<\/p>\n<p>Het Hof heeft onder meer uitgelegd dat verweerder ook bij opvolgende procedures invulling moet geven aan zijn samenwerkingsplicht en dat de omvang van deze verplichting niet verschilt van de samenwerkingsplicht bij een eerste aanvraag om bescherming. Dit betekent dat verweerder moet samenwerken met eiser om te onderzoeken of eiser zijn relaas aannemelijk kan maken en of aan eiser bescherming moet worden geboden. Verweerder heeft dit onvoldoende gedaan. Om te beoordelen of een element relevant is dient verweerder tot op zekere hoogte inhoudelijk in te gaan op dit element. Dit heeft verweerder nagelaten, zodat sprake is van een motiveringsgebrek. Daarbij komt dat eiser meer stukken heeft overgelegd dan door verweerder (kenbaar) zijn beoordeeld.<\/p>\n<p>Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder gebrekkig gemotiveerd dat geen sprake is van nieuwe elementen of bevindingen. Verweerder is daarbij onvoldoende ingegaan op de bijlagen die behoren bij het rapport LGBT Asylum Support van 2 augustus 2024. Anders dan verweerder stelt gaan deze niet alleen over eisers ervaringen in de grensdetentie en andere zaken die al eerder zijn aangevoerd door eiser.<\/p>\n<p>In beroep heeft eiser ter onderbouwing van zijn standpunt dat sprake is van identiteitsgroei nog een aantal andere documenten overgelegd. Omdat deze documenten (zeer) kort voor de zittingsdatum zijn overgelegd, is de gemachtigde van verweerder ter zitting om een reactie gevraagd. De gemachtigde heeft laten weten geen bezwaar te hebben tegen de ingebrachte stukken. De rechtbank zal deze bij haar oordeel betrekken. Ten aanzien van deze stukken heeft verweerder op de zitting alleen gesteld dat de documenten niet relevant zijn voor de beoordeling van eisers asielaanvraag, omdat er niets nieuws in staat ten opzichte van de eerdere procedures. Naar het oordeel van de rechtbank geeft verweerder hiermee echter geen blijk van een voldoende kenbare motivering. Door zonder nader onderzoek (en zo nodig een aanvullend gehoor) te volstaan met de conclusie dat de documenten weliswaar nieuwe elementen of bevindingen zijn maar niet relevant kunnen zijn voor de beoordeling van eisers asielaanvraag handelt verweerder in strijd met de samenwerkingsplicht, die ook bij opvolgende asielaanvragen geldt.<\/p>\n<h3>Conclusie en gevolgen<\/h3>\n<p>8. Verweerder heeft de aanvraag ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is gegrond omdat het bestreden besluit in strijd is met het zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel. Dit betekent dat verweerder niet goed en zorgvuldig de aanvraag niet-ontvankelijk heeft verklaard en dus onvoldoende gemotiveerd heeft waarom verweerder niet inhoudelijk naar de aanvraag heeft gekeken. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit. De rechtbank ziet geen reden om zelf een beslissing over de asielaanvraag te nemen. Ook draagt de rechtbank niet aan verweerder op om het gebrek te herstellen met een betere motivering of een ander besluit (een zogenoemde bestuurlijke lus). Dit omdat deze zaak tot nu toe alleen ging over de ontvankelijkheid van de asielaanvraag.<\/p>\n<p>De rechtbank bepaalt met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht dat verweerder een nieuw besluit moet nemen en daarbij rekening houdt met deze uitspraak. De rechtbank geeft verweerder hiervoor twaalf weken.<\/p>\n<p>De rechtbank veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op \u20ac 1.750,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van \u20ac 875,- en een wegingsfactor 1).<\/p>\n<h3>Beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>&#8212; verklaart het beroep gegrond;<br \/>\n&#8212; vernietigt het bestreden besluit;<br \/>\n&#8212; draagt verweerder op om binnen twaalf weken na verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak;<br \/>\n&#8212; veroordeelt verweerder tot betaling van \u20ac 1.750,- aan proceskosten aan eiser.<\/p>\n<p>Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Smeets, rechter, in aanwezigheid van<br \/>\nmr.J.R. van Veen, griffier.<\/p>\n<p>De beslissing is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:<\/p>\n<p>Informatie over hoger beroep<\/p>\n<p>Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.<\/p>\n<h3>Voetnoten<\/h3>\n<ol>\n<li>Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.<\/li>\n<li>Op grond van artikel 31, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) en artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vw.<\/li>\n<li>Op grond van artikel 31, eerste lid, Vw en artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder b en c, Vw<\/li>\n<li>Uitspraak van deze rechtbank van 4 april 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:4792.<\/li>\n<li>Uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 3 mei 2024.<\/li>\n<li>Op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder b, c en g, van de Vw.<\/li>\n<li>Bij uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Utrecht, 29 juli 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:15228.<\/li>\n<li>ECLI:NL:RVS:2024:3240.<\/li>\n<li>Zaaknummer 202404878\/1\/V2 en 202404878\u00cc3\/V2.<\/li>\n<li>Bijlage 1 bij het gehoor opvolgende aanvraag art 3.1 Vb.<\/li>\n<li>Bijlage 2 en 3 bij het gehoor opvolgende aanvraag art 3.1 van het Vb.<\/li>\n<li>Bijlage 4 bij het gehoor opvolgende aanvraag art 3.1 van het Vb.<\/li>\n<li>Zie de uitspraak van de Afdeling van 15 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2699.<\/li>\n<li>Zie onder andere de uitspraken van de Afdeling van 28 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2713, en 24 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1189.<\/li>\n<li>Op grond van artikel 83 van de Vw.<\/li>\n<\/ol>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:23754\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Verweerder heeft de aanvraag van eiser niet-ontvankelijk verklaard, omdat sprake is van een opvolgende aanvraag waaraan eiser geen nieuwe elementen of bevindingen ten grondslag heeft gelegd die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de aanvraag. Daarbij heeft verweerder geen aanleiding gezien om aan te nemen dat bij eiser sprake is van identiteitsgroei. In beroep heeft eiser ter onderbouw&#8230;<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7670],"kji_chamber":[],"kji_year":[8677],"kji_subject":[7612],"kji_keyword":[7869,7672,7673,7675,8209],"kji_language":[7671],"class_list":["post-652253","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-den-haag","kji_year-8677","kji_subject-fiscal","kji_keyword-aanvraag","kji_keyword-eiser","kji_keyword-heeft","kji_keyword-rechtbank","kji_keyword-verweerder","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.5 (Yoast SEO v27.5) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Verweerder heeft de aanvraag van eiser niet-ontvankelijk verklaard, omdat sprake is van een opvolgende aanvraag waaraan eiser geen nieuwe elementen of bevindingen ten grondslag heeft gelegd die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de aanvraag. Daarbij heeft verweerder geen aanleiding gezien om aan te nemen dat bij eiser sprake is van identiteitsgroei. In beroep heeft eiser ter onderbouw...\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"14 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \\\/ NL24.35423 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-22T20:49:18+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \\\/ NL24.35423\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423","og_description":"Verweerder heeft de aanvraag van eiser niet-ontvankelijk verklaard, omdat sprake is van een opvolgende aanvraag waaraan eiser geen nieuwe elementen of bevindingen ten grondslag heeft gelegd die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de aanvraag. Daarbij heeft verweerder geen aanleiding gezien om aan te nemen dat bij eiser sprake is van identiteitsgroei. In beroep heeft eiser ter onderbouw...","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"14 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/","name":"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-22T20:49:18+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbdha202423754-rechtbank-den-haag-07-11-2024-nl24-35423\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBDHA:2024:23754 Rechtbank Den Haag , 07-11-2024 \/ NL24.35423"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/652253","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=652253"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=652253"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=652253"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=652253"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=652253"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=652253"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=652253"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=652253"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}