{"id":654661,"date":"2026-04-23T03:51:33","date_gmt":"2026-04-23T01:51:33","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/"},"modified":"2026-04-23T03:51:33","modified_gmt":"2026-04-23T01:51:33","slug":"eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Verdachte heeft als bestuurder van een scooter een verkeersongeval veroorzaakt, waardoor een fietsster zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Verdachte heeft op een onverantwoorde manier op zijn scooter gereden en niet goed gelet en geanticipeerd op de andere verkeersdeelnemers. Zijn rijgedrag wordt als aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend, in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, beschouwd.<\/p>\n<p>RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT<\/p>\n<p>Strafrecht<\/p>\n<p>Zittingsplaats: Breda<\/p>\n<p>parketnummer: 02\/016191-24<\/p>\n<p>vonnis van de meervoudige kamer van 18 juli 2024<\/p>\n<p>in de strafzaak tegen<\/p>\n<p>[verdachte]<\/p>\n<p>geboren op [geboortedag] 2001 te [geboorteplaats]<\/p>\n<p>wonende te [woonadres]<\/p>\n<p>raadsvrouw mr. M. Ketting, advocaat te Amsterdam<\/p>\n<h3>1Onderzoek van de zaak<\/h3>\n<p>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 4 juli 2024, waarbij de officier van justitie, mr. I.M.H. Masselink, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.<\/p>\n<h3>2De tenlastelegging<\/h3>\n<p>De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering. De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.<\/p>\n<p>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat<\/p>\n<p>verdachte een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft veroorzaakt waardoor [slachtoffer] zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen, dan wel dat verdachte door zijn rijgedrag gevaar op de weg heeft veroorzaakt.<\/p>\n<h3>3De voorvragen<\/h3>\n<p>De dagvaarding is geldig.<\/p>\n<p>De rechtbank is bevoegd.<\/p>\n<p>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.<\/p>\n<p>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.<\/p>\n<h3>4De beoordeling van het bewijs<\/h3>\n<p>Het standpunt van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair tenlastegelegde. Volgens haar levert zijn rijgedrag evenwel geen roekeloosheid op maar is sprake van zeer onvoorzichtig rijgedrag in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: artikel 6 WVW). Verdachte heeft met beide benen aan \u00e9\u00e9n zijde van de scooter en met \u00e9\u00e9n hand aan het stuur gereden, heeft harder gereden dan verantwoord was en heeft ingehaald op een moment dat het niet meer verantwoord was. Als gevolg van zijn handelen heeft een verkeersongeval plaatsgevonden, waarbij het slachtoffer, mevrouw [slachtoffer] , zodanig letsel heeft opgelopen dat dit kan worden aangemerkt als zwaar lichamelijk letsel.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De verdediging heeft vrijspraak bepleit van het primair ten laste gelegde feit. Hoewel vast staat dat verdachte met beide benen aan \u00e9\u00e9n zijde van de scooter en met \u00e9\u00e9n hand aan het stuur heeft gereden, leveren deze twee omstandigheden in haar visie te weinig bewijs op om schuld van verdachte aan het ongeval bewezen te verklaren. Daarnaast heeft zij aangevoerd dat niet kan worden vastgesteld dat verdachte met een hogere snelheid dan de toegestane maximumsnelheid van 30 kilometer per uur heeft gereden. Ook het letsel dat het slachtoffer heeft opgelopen is volgens de verdediging niet als zwaar lichamelijk letsel te beschouwen.<\/p>\n<p>Het oordeel van de rechtbank<\/p>\n<p>De bewijsmiddelen<\/p>\n<p>De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht.<\/p>\n<p>De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs<\/p>\n<p>Artikel 6 WVW<\/p>\n<p>Voor een bewezenverklaring van overtreding van artikel 6 WVW, zoals primair is tenlastegelegd, is vereist dat vast komt te staan dat verdachte zich zodanig heeft gedragen in het verkeer dat een aan zijn schuld te wijten ongeval heeft plaatsgevonden.<\/p>\n<p>Bij de beantwoording van de vraag of sprake is van schuld in de zin van voormeld artikel komt het volgens vaste jurisprudentie aan op het geheel van de gedragingen van de verdachte, de aard en de ernst daarvan en de overige omstandigheden van het geval. In dit verband zijn verschillende factoren van belang, zoals de aard en de concrete ernst van de verkeersovertreding(en) en de omstandigheden waaronder die overtreding(en) is\/zijn begaan. Daarbij geldt dat \u00e9\u00e9n verkeersovertreding in beginsel nog niet voldoende is voor schuld in vorenbedoelde zin. De schuldvraag kent verder verschillende gradaties: aanmerkelijk onvoorzichtig\/onoplettend, zeer onvoorzichtig\/onoplettend en roekeloos, welke laatste variant geldt als de zwaarste aan opzet grenzende vorm van schuld.<\/p>\n<p>Naast de schuldvraag dient op grond van artikel 6 WVW de vraag te worden beantwoord of een ander (het slachtoffer van het verkeersongeval) is gedood dan wel zwaar lichamelijk letsel is toegebracht of zodanig lichamelijk letsel dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan.<\/p>\n<p>Het rijgedrag van verdachte<\/p>\n<p>Op grond van de opgenomen bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte als bestuurder van een snorfiets\/scooter op 22 mei 2023 omstreeks 16.58 uur op de Reeshofdijk te Tilburg ter hoogte van de T-splitsing met het Hultensepad in aanrijding is gekomen met mevrouw [slachtoffer] als bestuurster van een elektrische fiets. De Reeshofdijk betreft een fietspad. Verdachte reed met beide benen aan de linkerzijde van de scooter en hield alleen zijn rechterhand aan het stuur. [slachtoffer] reed in dezelfde richting rechts voor hem. Op enige afstand voor de afslag naar het Hultensepad die zich, gezien vanuit de rijrichting van verdachte en [slachtoffer] aan de linkerzijde bevond, stak [slachtoffer] haar hand uit en keek zij over haar linkerschouder. Vervolgens sloeg zij linksaf het Hultensepad in. Verdachte naderde [slachtoffer] van achteren, aan de linkerkant van het fietspad. Niets duidt erop dat hij ook linksaf wilde slaan en dat hij vaart minderde. Verdachte heeft zelf aangegeven dat hij haar wilde inhalen. Pas op ongeveer twee meter afstand van haar probeerde hij met zijn linkerhand het stuur beet te pakken. Hij was te laat om af te remmen en om haar te ontwijken, terwijl zij bezig was links af te slaan. Verdachte ging vervolgens met zijn scooter onderuit en raakte daardoor [slachtoffer] in haar linkerflank. Aansluitend viel [slachtoffer] hard met haar hoofd op het fietspad. Als gevolg van het ongeval liep zij meervoudig letsel op.<\/p>\n<p>De rechtbank overweegt dat verdachte een afslag\/T-splitsing naderde en dat er volgens de camerabeelden op dat moment meerdere weggebruikers \u2012 fietsers en wandelaars \u2012 in de nabijheid van die T-splitsing aanwezig waren. Dit zijn omstandigheden waar verdachte rekening mee moest houden en die naar het oordeel van de rechtbank van een bestuurder van een motorrijtuig extra alertheid vragen, zodat je in ieder geval kan anticiperen op hetgeen zich voordoet in het verkeer. Die alertheid heeft verdachte niet getoond. Niet is gebleken dat verdachte \u2013 hoewel niet vaststaat dat hij harder heeft gereden dan de toegestane maximum snelheid \u2013 zijn snelheid had aangepast, hetgeen wel verwacht mocht worden. Daarnaast mocht ook van verdachte worden verwacht dat hij extra oplettend en voorzichtig zou rijden, zeker gezien de bizarre, achteloze en gevaarlijke wijze waarop hij op de scooter reed. Hetgeen zich heeft voorgedaan wijst op het tegendeel. De rechtbank gaat ervan uit dat de aandacht van verdachte niet in voldoende mate op het verkeer was gericht waardoor hij onvoldoende heeft geanticipeerd op het verkeersgedrag van [slachtoffer] en haar ook niet tijdig heeft waargenomen.<\/p>\n<p>Tussenconclusie<\/p>\n<p>Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend heeft gereden. Daarmee staat de schuld van verdachte aan het ongeval in de zin artikel 6 WVW vast.<\/p>\n<p>Op basis van het dossier kan niet worden vastgesteld hoe hard verdachte op het moment van de aanrijding heeft gereden. Daarom kan hem niet worden verweten dat hij met een hogere snelheid dan de toegestane maximum snelheid heeft gereden of met een hogere snelheid dan die destijds verantwoord was.<\/p>\n<p>Letsel<\/p>\n<p>[slachtoffer] heeft als gevolg van het ongeval onder andere een hersenkneuzing, een klaplong, diverse gebroken ribben en een aangezichtsfractuur opgelopen. De rechtbank kwalificeert deze verwondingen, zeker bezien in hun totaliteit, als zwaar lichamelijk letsel. Zij heeft daarbij niet alleen de aard van het letsel in aanmerking genomen, maar ook het feit dat [slachtoffer] hiervoor vijf dagen in het ziekenhuis heeft gelegen, nog altijd verschillende pijnklachten ervaart en nog steeds bezig is met een intensief revalidatie-traject. Zo is zij onder behandeling van een psycholoog, fysiotherapeut, ergotherapeut en een psychosomatische therapeut. Het is onzeker of [slachtoffer] volledig zal herstellen.<\/p>\n<p>Conclusie<\/p>\n<p>Gelet op het voorgaande acht de rechtbank het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.<\/p>\n<p>De bewezenverklaring<\/p>\n<p>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte<\/p>\n<p>primair:<\/p>\n<p>op 22 mei 2023 te Tilburg , als verkeersdeelnemer, namelijk als<br \/>\nbestuurder van een motorrijtuig, te weten een snorfiets\/scooter merk Piaggio,<br \/>\ndaarmede rijdende over de weg, de Reeshofdijk, zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, immers heeft hij, verdachte, aanmerkelijk, onvoorzichtig en onoplettend,<br \/>\n&#8212; op een gevaarlijke manier op de scooter gereden, te weten met beide benen aan<br \/>\n\u00e9\u00e9n zijde van de snorfiets\/scooter en met \u00e9\u00e9n hand aan het stuur en<br \/>\n&#8212; onvoldoende geanticipeerd op medeweggebruikers en<br \/>\nmedeweggebruikers niet tijdig waargenomen,<\/p>\n<p>ten gevolge waarvan verdachte met zijn snorfiets\/scooter in aanrijding is gekomen<br \/>\nmet een fietsster genaamd [slachtoffer] , door welk verkeersongeval voornoemde [slachtoffer] zwaar lichamelijk letsel werd toegebracht, te weten gebroken ribben en een oogkas fractuur en een hersenkneuzing\/-schudding en\/ een klaplong.<\/p>\n<p>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.<\/p>\n<h3>5De strafbaarheid<\/h3>\n<p>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.<\/p>\n<p>Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.<\/p>\n<h3>6De strafoplegging<\/h3>\n<p>De vordering van de officier van justitie<\/p>\n<p>De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een taakstraf van 160 uur en een rijontzegging van 12 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd<\/p>\n<p>van 2 jaar. Zij houdt daarbij rekening met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de pogingen van verdachte om met het slachtoffer in contact te komen al dan niet middels mediation.<\/p>\n<p>Het standpunt van de verdediging<\/p>\n<p>De verdediging verzoekt bij de strafoplegging de meewerkende proceshouding van verdachte en zijn blanco strafblad in acht te nemen. Met name wordt aandacht gevraagd voor de situatie dat verdachte voor zijn werk zijn rijbewijs nodig heeft.<\/p>\n<p>Het oordeel van de rechtbank<\/p>\n<p>De ernst van het feit<\/p>\n<p>Verdachte heeft als bestuurder van een scooter een verkeersongeval veroorzaakt. Hij heeft op een onverantwoorde manier op zijn scooter gereden en niet goed gelet en geanticipeerd op de andere verkeersdeelnemers. De manier waarop verdachte aan het verkeer heeft deelgenomen heeft verstrekkende gevolgen voor mevrouw [slachtoffer] gehad. Zij is namelijk met haar hoofd op de grond gevallen, is enkele minuten buiten bewustzijn geweest en heeft verschillende zwellingen in het gezicht, gebroken ribben, een hersenkneuzing, een klaplong en een oogkasfractuur opgelopen. Uit de schriftelijke slachtofferverklaring die de echtgenoot van mevrouw [slachtoffer] zitting heeft voorgelezen volgt voorts dat het ongeval een grote impact op zowel haar als haar gezin heeft gehad. Zij ondervindt nog steeds pijnklachten en psychische complicaties als gevolg van de aanrijding. Zij is nog steeds niet \u201cde oude\u201d en het is de vraag of zij dat nog zal worden. De rechtbank neemt het verdachte kwalijk dat hij onvoorzichtig en onoplettend heeft gereden, helemaal op de wijze waarop hij op zijn scooter reed en geen rekening heeft gehouden met andere weggebruikers.<\/p>\n<p>De persoonlijke omstandigheden<\/p>\n<p>De rechtbank houdt rekening met het gegeven dat verdachte een blanco strafblad heeft. Hij is een first offender. Ook weegt de rechtbank mee dat verdachte onlangs een tweede studie met goed gevolg heeft afgerond, hij momenteel vijf dagen per week werkzaam is als teamleider bij een nieuw bedrijf en hij daarnaast als grafisch vormgever een eigen zaak aan het opzetten is. De rechtbank hecht voorts waarde aan de positieve proceshouding die hij heeft laten zien. Hij heeft oprecht spijt betuigd, heeft geprobeerd met het slachtoffer in contact en gesprek te komen en heeft opengestaan voor mediation. Verdachte heeft herhaaldelijk bij de politie en ter zitting geuit dat hij zich dom en afkeurenswaardig heeft gedragen.<\/p>\n<p>De op te leggen straf<\/p>\n<p>Bij haar beslissing over de strafmodaliteit en de hoogte van de straf zoekt de rechtbank aansluiting bij de ori\u00ebntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS). Die ori\u00ebntatiepunten gaan in dit geval uit van de oplegging van een taakstraf in combinatie met een ontzegging van de rijbevoegdheid. Gelet op de aard en de ernst van het feit en gelet op straffen die worden opgelegd in soortgelijke zaken, acht de rechtbank oplegging van enkel een voorwaardelijke rijontzegging onvoldoende. De persoonlijke situatie van verdachte, dat hij als jongvolwassene nu na zijn opleiding voor zichzelf iets probeert op te bouwen en daarvoor zijn auto en rijbewijs nodig heeft, is voor de rechtbank evenwel aanleiding om het onvoorwaardelijk deel van de rijontzegging enigszins te beperken. Nu de rechtbank heeft geconcludeerd tot een bewezenverklaring van een lagere schuldgradatie dan de officier van justitie, komt zij tot een lagere straf dan is gevorderd.<\/p>\n<p>Alles overwegende acht de rechtbank een taakstraf voor de duur van 120 uren passend en geboden en legt dit dan ook aan verdachte op. Daarnaast legt de rechtbank aan verdachte op een ontzegging van de rijbevoegdheid van 6 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.<\/p>\n<h3>7De wettelijke voorschriften<\/h3>\n<p>De beslissing berust op de artikelen 9, 22c en 22d van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 6 en 175 van de Wegenverkeerswet 1994 zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.<\/p>\n<h3>8De beslissing<\/h3>\n<p>De rechtbank:<\/p>\n<p>Bewezenverklaring<\/p>\n<p>&#8212; verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;<\/p>\n<p>&#8212; spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;<\/p>\n<p>Strafbaarheid<\/p>\n<p>&#8212; verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:<\/p>\n<p>primair: overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander zwaar lichamelijk letsel wordt toegebracht;<\/p>\n<p>&#8212; verklaart verdachte strafbaar;<\/p>\n<p>Strafoplegging<\/p>\n<p>&#8212; veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 120 uren;<\/p>\n<p>&#8212; beveelt dat indien verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 60 dagen;<\/p>\n<p>Bijkomende straffen<\/p>\n<p>&#8212; veroordeelt verdachte tot een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van 6 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;<\/p>\n<p>&#8212; bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de rijontzegging niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.<\/p>\n<p>Dit vonnis is gewezen door mr. L.W. Louwerse, voorzitter, mr. M.A.E. Dekker<\/p>\n<p>en mr. E.G.F. Vliegenberg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D.A.C.M. Roebroeks, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 18 juli 2024.<\/p>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:4923\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Verdachte heeft als bestuurder van een scooter een verkeersongeval veroorzaakt, waardoor een fietsster zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Verdachte heeft op een onverantwoorde manier op zijn scooter gereden en niet goed gelet en geanticipeerd op de andere verkeersdeelnemers. Zijn rijgedrag wordt als aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend, in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswe&#8230;<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[8149],"kji_chamber":[],"kji_year":[8677],"kji_subject":[7646],"kji_keyword":[7673,10104,8072],"kji_language":[7671],"class_list":["post-654661","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-rechtbank-zeeland-west-brabant","kji_year-8677","kji_subject-divers","kji_keyword-heeft","kji_keyword-scooter","kji_keyword-verdachte","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.5 (Yoast SEO v27.5) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"ru_RU\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Verdachte heeft als bestuurder van een scooter een verkeersongeval veroorzaakt, waardoor een fietsster zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Verdachte heeft op een onverantwoorde manier op zijn scooter gereden en niet goed gelet en geanticipeerd op de andere verkeersdeelnemers. Zijn rijgedrag wordt als aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend, in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswe...\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"12 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \\\/ 02-016191-24 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-04-23T01:51:33+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \\\/ 02-016191-24\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"ru-RU\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"ru-RU\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/ru\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/","og_locale":"ru_RU","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24","og_description":"Verdachte heeft als bestuurder van een scooter een verkeersongeval veroorzaakt, waardoor een fietsster zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Verdachte heeft op een onverantwoorde manier op zijn scooter gereden en niet goed gelet en geanticipeerd op de andere verkeersdeelnemers. Zijn rijgedrag wordt als aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend, in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswe...","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u041f\u0440\u0438\u043c\u0435\u0440\u043d\u043e\u0435 \u0432\u0440\u0435\u043c\u044f \u0434\u043b\u044f \u0447\u0442\u0435\u043d\u0438\u044f":"12 \u043c\u0438\u043d\u0443\u0442"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/","name":"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website"},"datePublished":"2026-04-23T01:51:33+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/#breadcrumb"},"inLanguage":"ru-RU","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/eclinlrbzwb20244923-rechtbank-zeeland-west-brabant-18-07-2024-02-016191-24\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/avocats-en-droit-penal-a-paris-conseil-et-defense-strategique\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:RBZWB:2024:4923 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-07-2024 \/ 02-016191-24"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"ru-RU"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"ru-RU","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/654661","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=654661"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=654661"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=654661"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=654661"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=654661"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=654661"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=654661"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/ru\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=654661"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}