{"id":869658,"date":"2026-05-09T13:58:06","date_gmt":"2026-05-09T11:58:06","guid":{"rendered":"https:\/\/kohenavocats.com\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/"},"modified":"2026-05-09T13:58:06","modified_gmt":"2026-05-09T11:58:06","slug":"eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238","status":"publish","type":"kji_decision","link":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/","title":{"rendered":"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238"},"content":{"rendered":"<div class=\"kji-decision\">\n<div class=\"kji-full-text\">\n<p><strong>Inhoudsindicatie.<\/strong> Artikel 5b AWR, artikel 41a, lid 1, letter i, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, vanaf 23 juni 2012: artikel 1a, lid 1, letter i, Uitvoeringsregeling AWR. Anbi-status terecht ingetrokken wegens ontbreken administratie. Gebreken in administratie kunnen niet door getuigenverklaringen worden hersteld.<\/p>\n<p>7 juli 2017<\/p>\n<p>nr. 16\/04238<\/p>\n<p>Arrest<\/p>\n<p>gewezen op het beroep in cassatie van Stichting Sociaal Fonds [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 5 juli 2016, nr. 15\/00085, op het hoger beroep van de Inspecteur en het incidenteel hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. HAA 13\/4857) betreffende een ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikking als bedoeld in artikel 5b, lid 7, van de AWR. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.<\/p>\n<h3>1Geding in cassatie<\/h3>\n<p>Belanghebbende heeft tegen \u2019s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.<\/p>\n<p>De Staatssecretaris van Financi\u00ebn heeft een verweerschrift ingediend.<\/p>\n<p>De Advocaat-Generaal R.L.H. IJzerman heeft op 20 maart 2017 geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie (ECLI:NL:PHR:2017:219).<\/p>\n<p>Belanghebbende heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.<\/p>\n<h3>2Beoordeling van de middelen<\/h3>\n<p>In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.<\/p>\n<p>In 1992 is overleden [A]. Erfgenamen waren twee broers (hierna: de broers) en een zuster van [A]. Tot de nalatenschap behoorden ondernemingen in Brazili\u00eb en Paraguay. De erfgenamen hebben de ondernemingen verkocht aan het management aldaar, waarbij de koopsommen werden omgezet in geldleningen (hierna: de verkoopvorderingen). De broers wilden 20 percent van de verkoopopbrengst ten goede laten komen aan lokale instellingen ten behoeve van de (gezinnen van) (oud) werknemers van de bedrijven (hierna: de goede doelen). In verband daarmee is belanghebbende opgericht met als doel het bevorderen van het geestelijk en materieel welzijn van de goede doelen. De broers hebben 20 percent van hun verkoopvorderingen overgedragen aan belanghebbende tegen verkrijging van een renteloze lening. De lening werd geleidelijk verrekend met door de broers aan belanghebbende geschonken lijfrentetermijnen. Bij beschikking van de Inspecteur van 23 december 1996 is belanghebbende aangemerkt als algemeen nut beogende instelling als bedoeld in artikel 24, lid 4, van de Successiewet 1956 (oud). Er liepen geen feitelijke geldstromen via belanghebbende. In 1997 zijn belanghebbende en de Inspecteur overeengekomen dat de betalingen op het voornoemde deel van de verkoopvorderingen rechtstreeks konden geschieden aan de goede doelen en dat belanghebbende een administratie van de bestedingen van gelden in Brazili\u00eb en Paraguay zou bijhouden.<\/p>\n<p>In 2008 is belanghebbende op haar verzoek door de Inspecteur aangemerkt als algemeen nut beogende instelling (hierna: anbi) in de zin van artikel 5b van de AWR.<\/p>\n<p>Bij een namens de Inspecteur in 2011 ingesteld controleonderzoek is vastgesteld dat belanghebbende vanaf 2008 geen jaarstukken heeft opgesteld. De jaarstukken over de jaren 2006 tot en met 2008 vermelden onder meer vorderingen op \u201cFundo Social [X]\u201d, schulden aan de broers en als uitgaven \u201cGift aan Stichting [FF]\u201d, welke stichting in Brazili\u00eb is gevestigd en aldaar een cr\u00e8che exploiteert (hierna: de Associa\u00e7\u00e3o). De jaarstukken noch de administratie van belanghebbende bevatten een overzicht van de bestedingen van gelden in Brazili\u00eb en Paraguay.<\/p>\n<p>De Inspecteur heeft belanghebbende bij beschikking van 13 mei 2013 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2008 niet meer aangemerkt als anbi omdat belanghebbende niet voldeed aan de voorwaarden van artikel 41a, lid 1, letter i, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, vanaf 23 juni 2012: artikel 1a, lid 1, letter i, van de Uitvoeringsregeling AWR (hierna: Uitv.Reg.).<\/p>\n<p>Voor het Hof was in geschil of belanghebbende voldoet aan de voorwaarden om te worden aangemerkt als anbi en zo niet, of de Inspecteur belanghebbende terecht met terugwerkende kracht tot 1 januari 2008 niet meer als anbi heeft aangemerkt.<\/p>\n<p>Het Hof heeft geoordeeld dat de anbi-status terecht met terugwerkende kracht is ingetrokken omdat de administratie van belanghebbende geen inzicht geeft in de aard en omvang van de gestelde bestedingen in Brazili\u00eb zodat niet wordt voldaan aan de vereisten van artikel 52 van de AWR en de Uitv.Reg. Dat geldt naar het oordeel van het Hof ook voor de alsnog door belanghebbende overgelegde jaarstukken omdat een voldoende inzichtelijk verband tussen de ontvangsten van de Associa\u00e7\u00e3o en de als zodanig identificeerbare donaties van belanghebbende ontbrak. Daarom heeft belanghebbende niet voldaan aan de eis dat haar administratie een zodanig inzicht geeft in de aard en omvang van haar uitgaven, dat de Inspecteur kan controleren of de middelen van belanghebbende in de vereiste mate het algemeen belang hebben gediend, aldus het Hof.<\/p>\n<p>Het Hof heeft afgewezen het aanbod van belanghebbende om een van de broers en de penningmeester van de Associa\u00e7\u00e3o als getuigen te horen over de besteding van de gelden. Die verklaringen kunnen volgens het Hof naar hun aard niet af- of toedoen aan de door belanghebbende in het geding gebrachte administratie en kunnen derhalve niet relevant zijn voor de beoordeling of de administratie aan de wettelijke vereisten voldoet.<\/p>\n<p>Het Hof heeft ook verworpen het beroep dat belanghebbende heeft gedaan op vertrouwen dat zou zijn gewekt door de eerder afgegeven beschikking en hetgeen in verband daarmee met de Inspecteur was overeengekomen (zoals hiervoor in onderdeel 2.1.1 vermeld).<\/p>\n<p>Het eerste en derde middel richten zich onder meer tegen de hiervoor in 2.2.2 en 2.2.3 vermelde oordelen van het Hof. De middelen falen. Zij richten zich vergeefs tegen het oordeel van het Hof dat de administratie van belanghebbende geen inzicht geeft in de aard en omvang van de gestelde bestedingen in Brazili\u00eb. Dit oordeel is feitelijk van aard en het is voldoende gemotiveerd. Aan dit oordeel heeft het Hof terecht de conclusie verbonden dat de administratie niet aan de vereisten van de Uitv.Reg. voldoet.<\/p>\n<p>Het in 2.2.3 vermelde oordeel van het Hof houdt in dat een gebrek in een administratie, daarin bestaande dat daarmee geen inzicht is gegeven in de gegevens die met deze administratie aangetoond zouden moeten worden, niet kan worden geheeld door een (getuigen)verklaring. Ook dat oordeel is juist.<\/p>\n<p>De overige middelen, die onder meer zijn gericht tegen het in 2.2.4 vermelde oordeel van het Hof, kunnen evenmin tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de middelen in zoverre niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.<\/p>\n<h3>3Proceskosten<\/h3>\n<p>De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.<\/p>\n<h3>4Beslissing<\/h3>\n<p>De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.<\/p>\n<p>Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra, Th. Groeneveld, J. Wortel en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2017.<\/p>\n<\/div>\n<hr class=\"kji-sep\" \/>\n<p class=\"kji-source-links\"><strong>Sources officielles :<\/strong> <a class=\"kji-source-link\" href=\"http:\/\/deeplink.rechtspraak.nl\/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:1237\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">consulter la page source<\/a><\/p>\n<p class=\"kji-license-note\"><em>Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.<\/em><\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Artikel 5b AWR, artikel 41a, lid 1, letter i, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, vanaf 23 juni 2012: artikel 1a, lid 1, letter i, Uitvoeringsregeling AWR. Anbi-status terecht ingetrokken wegens ontbreken administratie. Gebreken in administratie kunnen niet door getuigenverklaringen worden hersteld.<\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"template":"","meta":{"_crdt_document":""},"kji_country":[7669],"kji_court":[7834],"kji_chamber":[],"kji_year":[52833],"kji_subject":[7612],"kji_keyword":[13442,7813,7853,11415],"kji_language":[7671],"class_list":["post-869658","kji_decision","type-kji_decision","status-publish","hentry","kji_country-pays-bas","kji_court-hoge-raad","kji_year-52833","kji_subject-fiscal","kji_keyword-administratie","kji_keyword-artikel","kji_keyword-letter","kji_keyword-uitvoeringsregeling","kji_language-nl"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO Premium plugin v27.6 (Yoast SEO v27.6) - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-premium-wordpress\/ -->\n<title>ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"zh_CN\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Artikel 5b AWR, artikel 41a, lid 1, letter i, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, vanaf 23 juni 2012: artikel 1a, lid 1, letter i, Uitvoeringsregeling AWR. Anbi-status terecht ingetrokken wegens ontbreken administratie. Gebreken in administratie kunnen niet door getuigenverklaringen worden hersteld.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"\u9884\u8ba1\u9605\u8bfb\u65f6\u95f4\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"5 \u5206\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/jurisprudences\\\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/jurisprudences\\\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\\\/\",\"name\":\"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \\\/ 16\\\/04238 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/#website\"},\"datePublished\":\"2026-05-09T11:58:06+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/jurisprudences\\\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"zh-Hans\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/jurisprudences\\\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\\\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/jurisprudences\\\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Jurisprudences\",\"item\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/jurisprudences\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \\\/ 16\\\/04238\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"description\":\"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.\",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"zh-Hans\"},{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/#organization\",\"name\":\"Kohen Avocats\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/\",\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"zh-Hans\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2026\\\/01\\\/Logo-2-1.webp\",\"width\":2114,\"height\":1253,\"caption\":\"Kohen Avocats\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/kohenavocats.com\\\/zh-hans\\\/#\\\/schema\\\/logo\\\/image\\\/\"}}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO Premium plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/","og_locale":"zh_CN","og_type":"article","og_title":"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238","og_description":"Artikel 5b AWR, artikel 41a, lid 1, letter i, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, vanaf 23 juni 2012: artikel 1a, lid 1, letter i, Uitvoeringsregeling AWR. Anbi-status terecht ingetrokken wegens ontbreken administratie. Gebreken in administratie kunnen niet door getuigenverklaringen worden hersteld.","og_url":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/","og_site_name":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"\u9884\u8ba1\u9605\u8bfb\u65f6\u95f4":"5 \u5206"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/","name":"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238 - Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat en droit p\u00e9nal \u00e0 Paris","isPartOf":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/#website"},"datePublished":"2026-05-09T11:58:06+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/#breadcrumb"},"inLanguage":"zh-Hans","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/eclinlhr20171237-hoge-raad-07-07-2017-16-04238\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Jurisprudences","item":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/jurisprudences\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"ECLI:NL:HR:2017:1237 Hoge Raad , 07-07-2017 \/ 16\/04238"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/#website","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/","name":"Kohen Avocats","description":"Ma\u00eetre Hassan Kohen, avocat p\u00e9naliste \u00e0 Paris, intervient exclusivement en droit p\u00e9nal pour la d\u00e9fense des particuliers, notamment en mati\u00e8re d\u2019accusations de viol. Il assure un accompagnement rigoureux d\u00e8s la garde \u00e0 vue jusqu\u2019\u00e0 la Cour d\u2019assises, veillant au strict respect des garanties proc\u00e9durales.","publisher":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/#organization"},"potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"zh-Hans"},{"@type":"Organization","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/#organization","name":"Kohen Avocats","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/","logo":{"@type":"ImageObject","inLanguage":"zh-Hans","@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/#\/schema\/logo\/image\/","url":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","contentUrl":"https:\/\/kohenavocats.com\/wp-content\/uploads\/2026\/01\/Logo-2-1.webp","width":2114,"height":1253,"caption":"Kohen Avocats"},"image":{"@id":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/#\/schema\/logo\/image\/"}}]}},"jetpack_likes_enabled":false,"jetpack_sharing_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision\/869658","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_decision"}],"about":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/types\/kji_decision"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=869658"}],"wp:term":[{"taxonomy":"kji_country","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_country?post=869658"},{"taxonomy":"kji_court","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_court?post=869658"},{"taxonomy":"kji_chamber","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_chamber?post=869658"},{"taxonomy":"kji_year","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_year?post=869658"},{"taxonomy":"kji_subject","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_subject?post=869658"},{"taxonomy":"kji_keyword","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_keyword?post=869658"},{"taxonomy":"kji_language","embeddable":true,"href":"https:\/\/kohenavocats.com\/zh-hans\/wp-json\/wp\/v2\/kji_language?post=869658"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}