ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.456

JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 juli 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.456 Rolnummer: A. 242325/XIV-39473 Zaak: Arrest 260456 - Overheidsopdrachten - 24/07/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-07-24 Raadplegingen: 113 - laatst gezien 2026-06-04 05:09 Fiche Arrest nr 260.456 van 24 juli 2024 Overheidsopdrachten en...

Source officielle

20 min de lecture 4,238 mots

JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak

Print deze pagina
 

Afdrukformaat

S
M
L
XL

 

Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
 

Sluit Tab

 
Raad van State

Vonnis/arrest van 24 juli 2024

ECLI nr:

ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.456

Rolnummer:

A. 242325/XIV-39473

Zaak:

Arrest 260456 – Overheidsopdrachten – 24/07/2024

Rechtsgebied:

Bestuursrecht

Invoerdatum:

2024-07-24

Raadplegingen:

113 – laatst gezien 2026-06-04 05:09

Fiche

Arrest nr 260.456 van 24 juli 2024 Overheidsopdrachten en openbare werken
– Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping

Thesaurus CAS:

RAAD VAN STATE

UTU-thesaurus:

PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT – RAAD VAN STATE – Arresten (Raad van State)

Tekst van de beslissing

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE XIIe VAKANTIEKAMER
nr. 250.456 van 24 juli 2024
in de zaak A. 242.325/XIV-39.473
In zake: de NV SPORTINFRABOUW
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Joris Wouters en Geert Van Engelgem kantoor houdend te 2600 Antwerpen – Berchem Borsbeeksebrug 36/9
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de STAD SINT-TRUIDEN
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bert Beelen kantoor houdend te 3000 Leuven Justus Lipsiusstraat 24
bij wie woonplaats wordt gekozen
————————————————————————————————–
I. Voorwerp van de vordering
1. De vordering, ingesteld op 1 juli 2024, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “de beslissing van de stad Sint-Truiden van 14 juni 2024 […] waarbij wordt beslist om de overheidsopdracht voor werken met als voorwerp ‘Voetbalveld Zepperen, aanleg van een kunstgrasveld’, voorwerp van bestek AE23.012, te gunnen aan de NV Lesuco”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een nota ingediend.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 23 juli 2024, om 10.00 uur.
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-1/13
Staatsraad Francis Van Nuffel heeft verslag uitgebracht.
Advocaat Joris Wouters, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Johan Vanstipelen, die loco advocaat Bert Beelen verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.
Adjunct-auditeur Lennard Michaux heeft een met dit arrest andersluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Feiten
3.1. De verwerende partij schrijft een overheidsopdracht uit voor de heraanleg van een kunstgrasveld op het voetbalterrein van Zepperen. De opdracht wordt geplaatst volgens een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
3.2. Offertes worden ingediend door de verzoekende partij, de nv Lesuco, en twee andere inschrijvers, S. en D.
3.3. In het verslag van nazicht van de offertes van 17 mei 2024 stelt de ontwerper onder meer het volgende :
“Sportinfrabouw nv :
o Techn. Fiche kunstgrastapijt + vulling :
[…]
Het aantal tufts/m² van 8.189/m² is lager dan de gevraagde 10.000/m², alsook het gewicht van de draagdoek is 10 gr/m² lager dan gevraagd. Met andere woorden de voorgestelde grasmat voldoet niet aan de minimale eisen van het technisch bestek.
In kader van de onderhandelingsprocedure werd Sportinfrabouw aangeschreven om een aanbieding te doen conform het technisch bestek.
Wij ontvingen onderstaand antwoord per email d.d. 02/05/2024 :
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-2/13
Vooreerst stelt u dat het door ons aangeboden product niet voldoet aan de min. 10.000 tufts/m².
Het aantal tufts/m² is een identificatie aspect, geen kwaliteitsaspect en heeft dus geen invloed op de kwaliteit van het kunstgrastapijt. De hier ingevulde waarde dient er alleen maar voor om het kunstgrastapijt te identificeren. Het aantal tufts samen met de dtex waarde bepalen samen het vezelgewicht van het tapijt.
U vraagt maximaal 1.800 gr/m² vezelgewicht, het door ons voorgestelde kunstgrastapijt bereikt dit door een hogere dtex waarde (21.100 dtex) met (in vergelijking tot uw vraag) een lager aantal tufts (8.189 tufts). In uw bestekomschrijving heeft u zich gebaseerd op een product in de markt met meer tufts (10.000 tufts)
maar minder Dtex (17.000 dtex). Uiteindelijk hebben beide tapijten ongeveer hetzelfde vezelgewicht en daarmee voldoen ze aan uw bestek. Door vast te houden aan dit identificatie aspect (aantal tufts/m²) in de omschrijving gaat u andere gelijkwaardige producten uitsluiten, partijen dwingen om aan te bieden met een veel te zwaar product en zo één partij, in dit geval de combinatie Lesuco/[…], bevoordelen, hetgeen in strijd is met de wetgeving op overheidsopdrachten.
De hier door ons voorgestelde kunstgrasmat is een absolute topmat […], deze voldoet aan alle door u gestelde relevante criteria die een invloed hebben op de kwaliteit. KRC Genk heeft 3
terreinen liggen met deze kunstgrasmat en ook op de KUL in Leuven liggen 2 van deze terreinen. Deze partijen hebben gekozen voor deze hoogwaardige systemen vanwege de zeer hoge levensduur, super goede speleigenschappen en lang behoud van deze goede speleigenschappen.
[…]
Daarnaast stelt u dat het gewicht van de primary backing onvoldoende is.
U vraagt 250 gr/m², wij bieden een mat aan die standaard 240 gr/m² heeft. Volgens FIFA-eisen mogen wij dit aspect +/-
10% variëren en wij zullen dan ook voor uw project een zwaardere primary backing gebruiken teneinde aan uw minimumvereiste te voldoen.
Wij hopen dat u gaat voor een faire quotering die mag resulteren in de beste mat voor de club. Wij zijn ervan overtuigd dat de door ons aangeboden mat van uitzonderlijke kwaliteit is en dat deze tot tevredenheid zal strekken voor de eindgebruiker.
[…]
Ontwerper :
De niet-naleving van de minimale eisen is een onregelmatigheid die als substantieel wordt beschouwd (art 76, §1, laatste lid, 3° KB van 18 april 2017 ‘plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren’).
In kader van de onderhandelingsprocedure heeft de inschrijver de kans gekregen om zijn offerte te regulariseren.
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-3/13
Bij een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking kan er niet onderhandeld worden over de minimale eisen (art 41, §5, laatste lid Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten). De minimale eisen die werden opgelegd gaan met name om materiële, functionele en juridische voorwaarden en kenmerken waaraan elke offerte moet voldoen of die zij moet bezitten opdat de aanbestedende overheid de opdracht kan gunnen in overeenstemming met de gekozen gunningscriteria (Richtlijn 2014/24/EU betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van richtlijn 2004/18/EG, overweging 45).
Het begrip ‘minimale eis’ valt niet samen met de technische specificaties. Bovenvermelde uiteenzetting van Sportinfrabouw motiveert de technische specificaties (Dtex, backing) van de kunstgrasmat.
Ter verduidelijking:
o Dtex is een meeteenheid die de lineaire massa van garen aangeeft in grammen per 10.000 meter. Het staat voor het gewicht van het garen dat in het kunstgras wordt gebruikt.
Hogere Dtex-waarden duiden op een hoger slagvlakgewicht, wat betekent dat er meer garen wordt gebruikt, wat resulteert in een betere duurzaamheid en een dichter gevoel. Hoe hoger de Dtex-waarde, hoe sterker en duurzamer het kunstgras.
Kunstgras met een hoge Dtex-waarde heeft minder kans op slijtage en behoudt langer zijn oorspronkelijke kwaliteit.
o Een stevige backing is essentieel voor de stabiliteit en duurzaamheid van het kunstgras. De backing is de mat waarop de garens zijn bevestigd, in combinatie met de afwerking. Dit is meestal latex. De combinatie van garens, backing en poolverankering zijn essentieel voor de kwaliteit van het kunstgras.
Rekening houdend met bovenstaande uiteenzetting, twijfelen wij er niet aan dat Sportinfrabouw een goede kunstgrasmat aanbiedt, echter blijft de conclusie dat er niet voldaan wordt aan de minimale eisen van het bestek.
De afwijking van het aantal tufts/m² bedraagt meer dan 10%. In tegenstelling tot wat Sportinfrabouw hierboven beschrijft is het aantal tufts/m² wel belangrijk, een hogere densiteit (m.a.w. meer tufts/m²) houdt veel beter de infill op zijn plaats en de kunstgrasmat oogt natuurlijker.
Het niet voldoen aan de minimale eisen van het bestek is een substantiële onregelmatigheid, de offerte wordt niet beoordeeld en geweerd.
[…]
Na nazicht van alle documenten en technische fiches stellen we vast dat [naast S.], ook [D.] en Lesuco nv hebben ingeschreven met een lichte kurk.
Enkel Sportinfrabouw heeft met kurk, conform het bestek, ingeschreven.
Aan [D.] en Lesuco nv werd gevraagd, in kader van de onderhandelings-
procedure, om een aanbieding te doen met zware kurk. Beide firma’s
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-4/13
brengen een aangepaste technische fiche toe en melden dat er geen prijsconsequenties zijn voor het toepassen van de zwaardere kurk.”
3.4. De verwerende partij beslist op 24 mei 2024 om het verslag van nazicht van de offertes goed te keuren, en om in overeenstemming met de inhoud daarvan, de offerte van de verzoekende partij als substantieel onregelmatig te weren, en de opdracht te gunnen aan de nv Lesuco als de economisch meest voordelige bieder.
3.5. Na kennisname van deze beslissing en het verslag van nazicht van de offertes, reageert de verzoekende partij met een elektronisch bericht van 30 mei 2024 waarin zij het volgende uiteenzet :
“Voorstel Sportinfrabouw Ons product wordt ten onrechte door u als niet conform verklaard, terwijl het voldoet aan bestek, met name aan de geest van het bestek.
[…]
Voorstellen collega’s Wat ons echter ook opviel in het verslag is dat de inschrijvers Lesuco en S.
niet conform aan het bestek zijn.
Zij voorzien een kunstgrassysteem met een kurkinfill van respectievelijk 120
en 135 kg/m³, het bestek vraagt hier 170-190 [kg]/m³. Zij voldoen hier dus niet aan het bestek. Blijkbaar heeft u hen gevraagd om het kurkinfill in de offerte aan te passen naar het type zoals gevraagd in het bestek. Eerstens vraag ik mij af of dat is toegelaten, immers zij waren niet conform bestek en moesten wellicht op dat moment geweerd worden […]. Tweedes is het zo, als zij dat mogen aanpassen, dan voldoet door deze wijziging van kurkinfill het kunstgrassysteem (combinatie van kunstgrasmat + shockpad/E-layer +
type infill) niet meer aan de vereisten incl. de bijhorende toleranties van het FIFA rapport dat zij hebben aangeboden. Op bladzijde 32/36 van het bestek wordt wel gevraagd :
– Analyseverslag (kunstgrasmat met shockpad en invullagen zand en kurk)
van een FIFA geaccrediteerd labo gespecialiseerd in certificeren van sportvloeren met daarin de vermelding van o.a. de fysische karakteristieken, alle sporttechnische waarden van het systeem (schokabsorptie, balstuit, balrol…) alsmede de testen omtrent de veroudering en het prestatievermogen – Analyseverslag van labo moet ook technische waarden van technische fiche bevestigen.
– Het geheel kunstgras-shockpad moet voldoen aan de FIFA Quality en de FIFA Quality Pro norm.
– Het tapijt zal voldoen aan alle criteria van de EN15330-1.
Resumerend :
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-5/13
FIFA laat een tolerantie toe van 15% in soortelijk gewicht van infill kurk […]
* Lesuco heeft 120 kg/m³ in het rapport staan, met -/+ 15% tolerantie, dan moet het soortelijk gewicht liggen tussen de 102 en 138 kg/m³ om te voldoen aan dit FIFA testrapport […]
Het bestek vraagt om 170-190 kg/m³ kurk, door in het voorstel van Lesuco en [S.] over te stappen naar kurk van 170–190 kg/m³ voldoet het systeem niet meer aan specificaties in het FIFA testrapport en kan het niet weerhouden worden voor opdracht.”
3.6. De verwerende partij beslist op 7 juni 2024 om de gunnings-
beslissing van 24 mei 2024 in te trekken “wegens het gebrek aan een nieuw FIFA
analyseverslag naar aanleiding van de aanpassing naar een hogere kurkinfill densiteit”. Hierna stuurt de verwerende partij nog dezelfde dag aan de nv Lesuco de vraag om een nieuw FIFA-analyseverslag bij te brengen, wat de nv Lesuco eveneens op dezelfde dag nog doet.
3.7. De ontwerper stelt een nieuw verslag op van nazicht van de offertes, dat in vergelijking tot het vorige verslag ongewijzigd is voor wat de offerte van de verzoekende partij betreft. Met betrekking tot de offerte van de nv Lesuco wordt in dat verslag het volgende toegevoegd :
“Fifa 1° en 2° labo analyseverslag Er werd een FIFA laboratorium testverslag toegevoegd. Echter het FIFA-analyseverslag stemt overeen met de lage densiteit kurk.
[…]
Lesuco heeft 120 kg/m³ in het rapport staan, rekening houdend met een tolerantie van +/- 15%, geeft dit een soortgelijk gewicht van de kurk tussen 102 kg/m³ en 138 kg/m³ om te voldoen aan het FIFA-analyseverslag. Het bestek vraagt om 170-190 kg/m³ waardoor het afgeleverde FIFA-rapport alzo niet beantwoordt aan de gevraagde vereisten.
In kader van de onderhandelingsprocedure werd Lesuco bevraagd om een FIFA-analyseverslag conform het bestek te bezorgen. Lesuco levert een FIFA-rapport dat voldoet aan de vereisten van het soortelijk gewicht van de kurk.
Het voorgelegde FIFA-rapport (datum testen 13/05/2024 / datum rapport 07/06/2024) beantwoordt hiermee aan de vereisten van het bestek.”
3.8. De verwerende partij beslist op 14 juni 2024 om het verslag van nazicht van de offertes goed te keuren, en om in overeenstemming met de inhoud ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-6/13
daarvan, de offerte van de verzoekende partij als substantieel onregelmatig te weren, en de opdracht te gunnen aan de nv Lesuco als de economisch meest voordelige bieder. Dit is de bestreden beslissing.
IV. Herinnering aan de schorsingsvoorwaarden
4. Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, gelezen in samenhang met de artikelen 15 en 31 van de wet van 17 juni 2013 ‘betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies’, moet enkel worden onderzocht of in de voorliggende vordering tot schorsing die is ingesteld volgens de procedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid, een ernstig middel of een klaarblijkelijke onwettigheid wordt aangevoerd.
V. Onderzoek van het middel
Uiteenzetting van het middel
5. De verzoekende partij voert in een enig middel de schending aan van de artikelen 4 en 41 van de wet van 17 juni 2016 ‘inzake overheidsopdrachten’, en van het gelijkheidsbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel, het transparantie-
beginsel, het redelijkheidsbeginsel, de formele motiveringsplicht en het proportionaliteitsbeginsel :
“Doordat verwerende partij de opdracht heeft gegund aan inschrijver Lesuco NV nu deze inschrijver de economisch meest voordelige offerte zou hebben ingediend; Dat de offerte van deze inschrijver door de verwerende partij als regelmatig is beschouwd; Dat de inschrijver Lesuco NV de mogelijkheid is geboden om een gewijzigd aanbod te doen én een nieuw FIFA-testrapport voor te leggen; Dat uit de bestreden beslissing blijkt dat het in opdracht van de NV Lesuco opgemaakte nieuwe FIFA-testrapport dateert van 7 juni 2024
en gebaseerd is op testen die reeds werden uitgevoerd op 13 mei 2024; Dat de NV Lesuco derhalve de kans en de ruime termijn heeft gekregen om haar aanbod te wijzigen en voor dit gewijzigd aanbod een nieuw FIFA-testrapport te laten opmaken; Dat verwerende partij de offerte van verzoekende partij daarentegen als substantieel onregelmatig heeft verworpen; Dat verwerende ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-7/13
partij een onregelmatigheid signaleerde aan verzoekende partij met schrijven van 29 april 2024 en aan verzoekende partij verzocht tot regularisatie over te gaan voor 3 mei 2024; Dat aan verzoekende partij slechts een termijn van enkele dagen werd toegekend om tot regularisatie over te gaan (met daarin nog een wettelijke feestdag van 1 mei 2024); Dat het voor verzoekende partij derhalve onmogelijk was om binnen deze zeer korte termijn al het nodige te doen voor regularisatie met inbegrip van het laten uitvoeren van testen door een erkend labo en het laten opmaken en voorbrengen van een nieuw FIFA-testrapport; Dat verwerende partij nergens motiveert waarom zij aan de NV Lesuco wel zulke uitgebreide mogelijkheid tot regularisatie heeft gegeven en aan verzoekende partij niet.
Terwijl verwerende partij […] ertoe gehouden was de gelijkheid van inschrijvers te respecteren en tijdens de onderhandelingen aan al de inschrijvers dezelfde kansen moest geven; Dat verwerende partij derhalve aan verzoekende partij eveneens de mogelijkheid had moeten bieden om een gewijzigd aanbod te doen waarbij verzoekende partij dan tevens in de mogelijkheid had moeten worden gesteld om een nieuw FIFA-analyseverslag te laten opmaken en waarbij hiertoe aan verzoekende partij voldoende tijd werd gegeven; Dat verwerende partij gehouden was te motiveren om welke redenen dit verschil in behandeling tussen verzoekende partij en de NV Lesuco gerechtvaardigd was;
Zodat de bestreden beslissing de in het middel aangehaalde wetsbepalingen en beginselen schendt.”
Beoordeling
6. Artikel 4 van de wet van 17 juni 2016 ‘inzake overheids-
opdrachten’ verplicht de aanbesteders om de ondernemers op gelijke en niet-discriminerende wijze te behandelen, en op een transparante en proportionele wijze te handelen.
Met betrekking tot onderhandelingsprocedures bepaalt artikel 41, § 4, van de wet van 17 juni 2016 ‘inzake overheidsopdrachten’ in dat verband uitdrukkelijk:
“§ 4. Tijdens de onderhandelingen verzekert de aanbestedende overheid de gelijke behandeling van alle inschrijvers. Daartoe verstrekt zij geen discriminerende informatie die bepaalde inschrijvers kan bevoordelen ten opzichte van andere. Zij stelt alle inschrijvers wier offerte niet is afgewezen overeenkomstig paragraaf 5 schriftelijk in kennis van eventuele andere wijzigingen in de technische specificaties of andere opdrachtdocumenten dan die waarbij de minimumeisen worden vastgesteld. Na deze wijzigingen biedt de aanbestedende overheid de inschrijvers voldoende tijd om hun offertes, indien nodig, aan te passen en opnieuw in te dienen.”
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-8/13
De in deze bepalingen bevestigde beginselen van de gelijke behandeling van de inschrijvers, van transparantie en van proportionaliteit, veronderstellen dat de gunningsprocedure op transparante wijze wordt gevoerd en dat openbaarheid de regel is. De inschrijvers moeten van de aanbestedende overheid een gelijke kans krijgen om de opdracht in de wacht te slepen, wat inhoudt dat zij zich zowel in de fase van voorbereiding van hun aanbiedingen als bij de beoordeling ervan door de aanbestedende overheid in een gelijke positie moeten bevinden. De gelijkheid die aan de gunning van overheidsopdrachten ten grondslag ligt, veronderstelt voorts dat degenen die voor gunning van de opdracht in aanmerking willen komen van tevoren weten wat zij daarvoor moeten doen of laten en dus met alle door de aanbestedende overheid cruciaal geachte gegevens rekening moeten kunnen houden bij het opstellen van hun offertes.
Het gelijkheidsbeginsel vereist dat vergelijkbare gevallen op een gelijke wijze worden behandeld, tenzij er een objectieve en redelijke verantwoording bestaat voor de ongelijke behandeling.
7. De verzoekende partij voert in haar wettigheidskritiek voor de Raad van State niet aan dat de verwerende partij ten onrechte heeft vastgesteld dat haar offerte afwijkt van de technische eisen van het bestek en om die reden substantieel onregelmatig is. Evenmin voert de verzoekende partij aan dat het de verwerende partij in het kader van de onderhandelingsprocedure niet toegelaten is om de inschrijvers de gelegenheid te geven de offerte die niet beantwoordt aan de technische eisen van het bestek, te regulariseren met een aanpassing van de voorgestelde grasmat, en daartoe indien nodig een nieuw analyseverslag voor te leggen van een door de FIFA geaccrediteerd laboratorium.
De kritiek die wordt uiteengezet in het enig middel is beperkt tot de ongelijke behandeling waarvan de verzoekende partij beweert het slachtoffer te zijn. In essentie komt de verzoekende partij op tegen de omstandigheid dat aan haar niet de gelegenheid en de tijd werd geboden om, zoals de nv Lesuco, de onregelmatigheid van haar offerte te regulariseren, door een gewijzigde aanbieding te doen die wel conform is met de technische eisen van het bestek, en daartoe een nieuw FIFA-analyseverslag voor te leggen.
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-9/13
8. De kritiek van de verzoekende partij lijkt voorbij te gaan aan een essentieel verschil tussen haar eigen houding tijdens de onderhandelingsprocedure, en de houding van de nv Lesuco.
De offertes van beide inschrijvers waren volgens de ontwerper allebei niet in overeenstemming met de technische eisen van het bestek : de grasmat die door de verzoekende partij werd voorgesteld, voldeed niet aan het voorgeschreven aantal tufts/m²; de nv Lesuco stelde een grasmat voor die afweek van het voorgeschreven gewicht/m³ van de kurkinfill. Aan beide inschrijvers werd in deze omstandigheden de gelegenheid gegeven om de offerte te wijzigen teneinde deze te conformeren aan de technische vereisten van het bestek.
Het is weliswaar zo dat in het bericht aan de nv Lesuco uitdrukkelijk werd vermeld waarin de niet-conformiteit met het bestek bestond, terwijl dit niet werd vermeld in het bericht dat aan de verzoekende partij werd gestuurd. De verzoekende partij heeft de nodige informatie echter wel meteen telefonisch verkregen en niets lijkt erop te wijzen dat dit verschil in behandeling op het vlak van de communicatie de gelijkheid van kansen tussen de inschrijvers heeft beïnvloed.
Enkel de nv Lesuco blijkt te hebben voldaan aan de vraag om de offerte te conformeren aan de technische eisen : zij paste de offerte aan naar een grasmat die wel voldeed aan het voorgeschreven gewicht/m³ van de kurkinfill, en legde vervolgens -weliswaar na intrekking van een eerste gunningsbesluit- het bijhorende FIFA-analyseverslag voor. De verzoekende partij lijkt daarentegen de opgeworpen schending van de technische vereisten te hebben betwist en zich ertoe te hebben beperkt aan te voeren dat haar offerte niet kon worden geweerd omwille van de opgeworpen afwijking van het voorgeschreven aantal tufts/m² en als zodanig wél besteksconform was. De verzoekende partij lijkt tijdens de onderhandelingsprocedure niet, zelfs niet ondergeschikt, te hebben aangeboden om haar offerte te conformeren aan de technische eisen van het bestek zoals zij door de ontwerper van de verwerende partij werden gelezen.
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-10/13
De verschillende houding die door de verzoekende partij en de nv Lesuco werd aangenomen ten overstaan van de door de aanbesteder opgeworpen inbreuk op de technische eisen van het bestek, lijkt op objectieve en redelijke wijze het door de verzoekende partij opgeworpen verschil in behandeling te kunnen verantwoorden. Het lijkt de aanbestedende overheid niet te kunnen worden verweten dat zij aan een inschrijver die weigert zijn offerte te conformeren aan de technische eisen van het bestek, geen termijn toekent om de offerte toch aan te passen en het bijhorende analyseverslag te laten opstellen.
9. De verzoekende partij neemt ook de omstandigheid op de korrel dat de nv Lesuco een ruime mogelijkheid heeft gekregen om een nieuw FIFA-analyseverslag te laten opmaken, wat in schril contrast zou staan tot de korte termijn van enkele dagen waarin zij moest antwoorden op de vraag van de verwerende partij.
Deze kritiek van de verzoekende partij lijkt er echter aan voorbij te gaan dat de termijn van “enkele dagen” die haar geboden werd, als volgt werd geformuleerd in het bericht van de ontwerper van de verwerende partij van 29 april 2024 : “Zou het mogelijk zijn ons deze informatie voor vrijdag 03/05/2024 te bezorgen ?” Die vraag lijkt geen absolute verplichting in te houden om de gevraagde informatie binnen die termijn te leveren en lijkt aldus niet uit te sluiten dat de verzoekende partij binnen die termijn de verwerende partij ervan op de hoogte brengt dat zij haar offerte wenst aan te passen doch hiervoor meer tijd nodig heeft omdat zij een nieuw FIFA-analyseverslag dient aan te vragen. De verzoekende partij heeft dit echter niet -zelfs niet ondergeschikt- gedaan en zich ertoe beperkt te argumenteren dat haar offerte wél besteksconform is.
Geen enkel element in het dossier lijkt erop te kunnen wijzen dat, indien de verzoekende partij gevraagd had om meer tijd te krijgen om haar offerte te wijzigen en daartoe een nieuw FIFA-analyseverslag op te laten stellen, dit haar zou zijn geweigerd en/of maar zou zijn toegelaten of gevraagd op een wijze die afbreuk doet aan de gelijke behandeling van de inschrijvers.
Uit de omstandigheid dat de nv Lesuco op 7 juni 2024 meteen een nieuw FIFA-analyseverslag kon voorleggen van testen die op 13 mei 2024
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-11/13
waren uitgevoerd, lijkt evenmin een verboden discriminatie tussen de inschrijvers te kunnen worden afgeleid. De eenvoudige verklaring hiervoor kan immers erin bestaan dat de nv Lesuco, na aanpassing van haar offerte, uit voorzorg de nodige testen heeft laten uitvoeren zodat het rapport kon voorgelegd worden wanneer de aanbestedende overheid ernaar zou vragen.
10. De verzoekende partij slaagt er in deze omstandigheden niet in om op het eerste gezicht aannemelijk te maken dat de verwerende partij de offertes heeft behandeld en beoordeeld met schending van de opgegeven wettelijke bepalingen en beginselen.
Het enig middel is niet ernstig. De vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt dan ook verworpen.
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt de vordering.
2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op vierentwintig juli tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, XIIe vakantiekamer, samengesteld uit:
Francis Van Nuffel, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier.
De griffier De voorzitter
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-12/13
Johan Pas Francis Van Nuffel
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.250.456 XIV-39.473-13/13

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.456

Gerelateerde publicatie(s)

gevolgd door:

ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.261.957

Print deze pagina
 

Afdrukformaat

S
M
L
XL

 

Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
 

Sluit Tab



[email protected]

©  2017-2026 ICT Dienst – FOD Justitie

Powered by PHP 8.5.0

Server Software Apache/2.4.66

== Fluctuat nec mergitur ==




JUPORTAL. L avertissement officiel du portail precise qu il n existe pas de droit d auteur sur les arrets et jugements.

A propos de cette decision

ECLI
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.456

Décisions similaires

Belgique

ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1

Fiscal NL

ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1

JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 12 mei 2026 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1 Rolnummer: O/25/00961 Rechtsgebied: Insolventierecht - Overige Invoerdatum: 2026-05-13 Raadplegingen: 126 - laatst gezien 2026-05-18 12:30 Fiche 1 Eens werd vastgesteld dat de toepassingsvoorwaarden van artikel XX.229 WER zijn voldaan, kan de rechtbank...

Belgique

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4

Fiscal FR

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4

JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4 No Rôle: P.25.1301.F Affaire: R. contra M. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal - Autres Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 124 - dernière vue...

Belgique

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9

Fiscal FR

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9

JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9 No Rôle: P.26.0121.F Affaire: L. contra K. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 122 - dernière vue 2026-05-18 10:25...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.