ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.859
JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 september 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.859 Rolnummer: Zaak: Arrest 260859 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 30/09/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-10-04 Raadplegingen: 83 - laatst gezien 2026-06-04 17:32 Fiche Arrest nr 260.859 van 30 september...
20 min de lecture · 4,242 mots
Print deze pagina
Afdrukformaat
S
M
L
XL
Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
Sluit Tab
Raad van State
Vonnis/arrest van 30 september 2024
ECLI nr:
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.859
Rolnummer:
Zaak:
Arrest 260859 – Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) – 30/09/2024
Rechtsgebied:
Bestuursrecht
Invoerdatum:
2024-10-04
Raadplegingen:
83 – laatst gezien 2026-06-04 17:32
Fiche
Arrest nr 260.859 van 30 september 2024 Instellingen, Binnenlandse zaken
en lokale besturen – Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing
: Vernietiging Verwerping Samenvoeging
Thesaurus CAS:
RAAD VAN STATE
UTU-thesaurus:
PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT – RAAD VAN STATE – Arresten (Raad van State)
Tekst van de beslissing
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
Xe KAMER
nr.260.859 van 30 september 2024
in de zaak A. 236.750/X-18.190 (I)
A. 236.858/X-18.203 (II)
In zake : de NV M.S.
woonplaats kiezend te 8310 Brugge Gemeneweideweg Noord 9
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pierre De Keukelaere kantoor houdend te 8000 Brugge Zonnekemeers 19
tegen :
de GEMEENTE KNOKKE-HEIST
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Neil Braeckevelt en Emma Van Eenoo kantoor houdend te 8000 Brugge Ezelstraat 25
bij wie woonplaats wordt gekozen
————————————————————————————————–
I. Voorwerp van de beroepen
1. Het beroep sub I, ingesteld op 4 juli 2022, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist van 6 mei 2022, waarmee de aanvraag tot inname van het openbaar domein voor de organisatie van een beeldenwandeling “29e Sculpture Link” wordt geweigerd.
Het beroep sub II, ingesteld op 19 juli 2022, strekt tot de nietigverklaring van:
1) de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist van 10 juni 2022 waarmee de aanvraag tot inname van het openbaar domein voor de organisatie van een beeldenwandeling “29e SL Barry Flanagan”
wordt geweigerd;
X-18.190-18.203-1/15
2) de beslissing van de burgemeester van de gemeente Knokke-Heist van 23 juni 2022 waarmee het bevel wordt gegeven om de beelden op het openbaar domein op het grondgebied van de gemeente Knokke-Heist weg te nemen op kosten en risico van de verzoekende partij; en 3) de uitvoering die aan de tweede bestreden beslissing van 23 juni 2022 is gegeven.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft in beide zaken een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft in beide zaken een memorie van wederantwoord ingediend.
Adjunct-auditeur Daniël Plas heeft in beide zaken een verslag opgesteld.
De verzoekende partij heeft in beide zaken een laatste memorie ingediend. De verwerende partij heeft in beide zaken een laatste memorie ingediend.
De partijen zijn in beide zaken opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 21 juni 2024.
Staatsraad David D’Hooghe heeft in beide zaken verslag uitgebracht.
Advocaat Pierre De Keukelaere, die in beide zaken verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaten Neil Braeckevelt en Emma Van Eenoo, die in beide zaken verschijnen voor de verwerende partij, zijn gehoord.
Adjunct-auditeur Daniël Plas, daartoe gemachtigd bij beslissing van de auditeur-generaal van 28 februari 2024, heeft in de zaak sub II
X-18.190-18.203-2/15
een met dit arrest eensluidend advies gegeven en in de zaak sub I een met dit arrest andersluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Feiten
3. Op 3 november 2021 dient de verzoekende partij bij de verwerende partij een aanvraag in voor een tentoonstelling onder de naam “29e Sculpture Link”, en dit voor de periode tussen 15 juni 2022 en 15 augustus 2022.
Het evenement wordt omschreven als een “gratis publiek toegankelijke beeldenwandeling die [de] kunstliefhebber laat genieten van kunst in open ruimte langs de zeedijk van Knokke-Heist voor de 29e keer!”.
4. Bij e-mail van 17 januari 2022 wordt de verzoekende partij ervan in kennis gebracht dat haar aanvraag wordt geweigerd:
“Gezien er meerdere kandidaten interesse hebben heeft het college van burgemeester en schepenen beslist om een concessie uit te schrijven voor de organisatie van een beeldenwandeling op het openbaar domein van Knokke-Heist. […] Van zodra de concessie wordt uitgeschreven zal u hiervan op de hoogte worden gebracht en uw kandidatuur kunnen indienen.”
5. Op 28 januari 2022 keurt het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist de “concessieleidraad voor het plaatsen en organiseren van een beeldenwandeling” goed.
X-18.190-18.203-3/15
De concessie “heeft tot doel een unieke beleving te brengen langs de Zeedijk van Knokke-Heist door middel van het plaatsen en organiseren van een artistiek hoogstaande beeldenwandeling gedurende het zomerseizoen 2022, 2023 en 2024 (3 edities)”.
De concessie zal worden toegewezen op grond van “een onderhandelingsprocedure na algemene bekendmaking”, en dit “met toepassing van de beginselen van behoorlijk bestuur”. De plaatsingsprocedure/concessie is luidens de leidraad niet onderworpen aan de overheidsopdrachtenreglementering, noch aan de concessiereglementering.
6. De concessie wordt op 7 en 8 februari 2022 bekendgemaakt.
7. Twee ondernemingen dienen een offerte in. De verzoekende partij is daar niet bij.
8. Op 7 april 2022 wordt een gemotiveerd beoordelingsverslag opgesteld.
Vermits er geen regelmatige offertes werden ontvangen, wordt voorgesteld om de concessie niet toe te wijzen.
9. Op 22 april 2022 beslist het college van burgemeester en schepenen om het beoordelingsverslag te volgen en de concessieovereenkomst niet te gunnen en de plaatsingsprocedure stop te zetten.
10.1. Intussen is er discussie ontstaan over de eerder – op 17 januari 2022 – aan de verzoekende partij ter kennis gebrachte beslissing.
10.2. Op 7 april 2022 schrijft de verzoekende partij het volgende aan de verwerende partij:
“Op 17 januari 2022 heeft cliënte een mail gekregen van het bestuur van de gemeente Knokke-Heist met de mededeling dat haar aanvraag werd
X-18.190-18.203-4/15
geweigerd in de zitting van vrijdag 14 januari 2022 van het college van burgemeester en schepenen.
Als reden werd toen opgegeven dat het college van burgemeester en schepenen zou beslist hebben om een concessie uit te schrijven voor de organisatie van een beeldenwandeling op het openbaar domein van Knokke-Heist. […]
Bij nazicht van de besluitenlijst van het college van burgemeester en schepenen van 14 januari 2022 blijkt evenwel dat geen enkele beslissing kan teruggevonden worden waaruit de weigering van de aanvraag van cliënte zou moeten blijken terwijl anderzijds geen beslissing kan teruggevonden worden inzake de organisatie van een concessie voor een beeldenwandeling. […]
Pas op 1 april 2022 werden op de website van de gemeente Knokke-Heist de beslissingen van de burgemeester gepubliceerd en daaruit zou moeten blijken dat er een beslissing zou genomen zijn op 31 december 2022
waarbij onder punt 4 vermeld staat ‘29e Sculpture Link – Weigering’. […]
Ondertussen heeft de gemeente een artikel laten publiceren in het Nieuwsblad op 8 februari 2022 waarin letterlijk geschreven wordt: ‘Het gemeentebestuur zoekt een opvolger voor beeldenwandeling Sculpture Link en schrijft daarvoor een concessie uit. Het beste voorstel mag meteen drie edities uitwerken’. […]
Mijn cliënte heeft hierbij de volgende bedenkingen:
1.De weigeringsbeslissing van zijn aanvraag is nietig minstens onwettig.
Aan de hand van de gegevens blijkt dat er helemaal geen weigering was tijdens de zitting van het college van burgemeester en schepenen van 14 januari 2022 zodat de mail van 17 januari 2022 volstrekt onterechte informatie bevat.
Daarenboven stelt zich de vraag of deze beslissing hier kan genomen worden door de burgemeester en dit geen beslissing is die door het college van burgemeester en schepenen moet worden genomen.
Daarenboven is de beslissing van de burgemeester geenszins gemotiveerd zodat zij ook om deze reden nietig is.
Ten slotte werd zij pas kenbaar gemaakt op 1 april, hetzij dus drie maand na de beslissing waarbij dit dan ook ernstige vragen doet rijzen nopens de rechtmatigheid van de besluitvorming.
[…]
In deze omstandigheden nodig ik de gemeente uit te bevestigen dat de 29ste editie van Sculpture Link dit jaar, zoals tijdens de vorige jaren, kan georganiseerd worden van 15 juni tot 15 augustus 2022 aan dezelfde voorwaarden als deze die tijdens de vorige jaren van toepassing waren.
Mag ik vragen aan de gemeente per kerend hierover standpunt in te nemen?”
10.3. Op 4 mei 2022 antwoordt de verwerende partij als volgt:
“Het college van burgemeester en schepenen heeft op 14 januari 2022 de aanvraag van uw cliënte tot organisatie van een beeldenwandeling in de
X-18.190-18.203-5/15
zomer van 2022 afgewezen. Deze beslissing, samen met de motivering ervan, werd uw cliënte meegedeeld bij email van 17 januari 2022.
Qua notuleringsformaliteit werd deze beslissing verkeerdelijk opgenomen in een Burgemeesterbesluit i.p.v. een Collegebesluit […]. Het betreft een louter administratieve vergissing. Voor zoveel als nodig zal het College op vrijdag 6 mei 2022 de beslissing nogmaals bevestigen hetgeen dan in een overeenstemmende notulering zal worden opgenomen.”
Als bijlage bij dit schrijven wordt het “Burgemeesterbesluit 14/01/2022” gevoegd.
11. Op 6 mei 2022 beslist het college van burgemeester en schepenen van de verwerende partij om geen toelating te verlenen om het evenement “29e Sculpture Link” te organiseren, en dit op grond van de volgende overwegingen:
“Gelet op de beslissing van de burgemeester van 14 januari 2022 houdende de weigering aan [A.T.], handelend in naam van M.S.A., tot inname van het openbaar domein voor de organisatie van de beeldenwandeling ‘29e Sculpture Link’;
Overwegende dat het college van burgemeester en schepenen de organisatie van een beeldenwandeling wenst uit te schrijven om meerdere geïnteresseerde kandidaten de kans te geven een voorstel in [te] dienen bij het bestuur;
Gelet op de beslissing van het college van 28 januari 2022 waarbij de leidraad voor het verlenen van een concessie voor het plaatsen en organiseren van een beeldenwandeling op de wandeldijk wordt goedgekeurd;
Overwegende dat deze concessie zal worden toegewezen op grond van een onderhandelingsprocedure na algemene bekendmaking;”
Dit is de bestreden beslissing in de zaak sub I
(met nr. A. 236.750/X-18.190).
12. Op 1 juni 2022 dient de verzoekende partij opnieuw een aanvraag in voor dezelfde beeldenwandeling, dit keer onder de naam “29e SL Barry Flanagan”, en dit voor de eerder reeds gevraagde periode tussen 15 juni 2022 en 15 augustus 2022.
13. Op 10 juni 2022 beslist het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist om de aanvraag te weigeren, en dit om de volgende redenen:
X-18.190-18.203-6/15
“Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur, in het bijzonder op artikel 56;
Gelet op de Algemene Politieverordening van 26 april 2018 en daaropvolgende wijzigingen;
Overwegende dat voor alle openbare en publicitaire activiteiten die tijdelijk gebruik maken van het openbaar domein van de overheid op het grondgebied van de gemeente Knokke-Heist een vergunning dient [te]
worden aangevraagd;
Gelet op de aanvraag van 1 juni 2022 van [A. T.] handelend in naam van [M.S. NV] tot de organisatie van het evenement ‘29e SL Barry Flanagan 2022’;
Gelet op de Algemene Politieverordening waarin bepaald wordt dat een aanvraag voor een bijeenkomst in open lucht minimum 6 weken voor aanvang dient gericht te worden aan het college van burgemeester en schepenen, hetzij de situatie een kortere termijn vereist wegens overmacht;
Gelet op het feit dat hiermee de aanvraagtermijn voor de organisatie van ‘29e SL Barry Flanagan 2022’ niet gerespecteerd werd;
Gelet bovendien op het feit dat het organiseren van evenementen op het openbaar domein steeds moet gebeuren met inachtneming van de beginselen van behoorlijk bestuur;
dat er met name over moet worden gewaakt dat de procedure voor het verlenen van toelating om dergelijke evenementen te organiseren, op duidelijke en transparante wijze verloopt en dat geïnteresseerden gelijke kansen krijgen om aan deze procedure deel te nemen;
Gelet overigens op de beslissing van het college van 28 januari 2022 om over te gaan tot het uitschrijven van een concessie voor het plaatsen en organiseren van een beeldenwandeling op de wandeldijk gedurende het zomerseizoen 2022, 2023 en 2024 (3 edities); Dat [M.S. NV] bij deze concessie geen kandidatuur indiende.”
Dat is de eerste bestreden beslissing in de zaak sub II.
14. Op 13 en 14 juni 2022 worden verschillende beelden geplaatst op meerdere locaties in Knokke-Heist. Daarover wordt door de korpschef van de politiezone Damme/Knokke-Heist een bestuurlijk verslag opgesteld.
15. Op 16 juni 2022 vraagt de verwerende partij om de geplaatste beelden te verwijderen:
“Hoewel […] géén toelating werd gegeven voor de organisatie van de tentoonstelling, werd door de politie op 13 en 14 juni vastgesteld dat in opdracht van uw cliënte beelden geplaatst worden op diverse locaties:
– De meeste beelden werden geplaatst in Natuurreservaat ’t Zwin, beheerd door het Agentschap voor Natuur en Bos dat eveneens de aanvraag van uw cliënte heeft afgewezen: ‘Hierbij wil ik u informeren dat we u geen
X-18.190-18.203-7/15
officiële machtiging kunnen geven voor het plaatsen van de beelden in het Vlaams Natuurreservaat ‘De Zwinduinen en –polders’’ (zie bijlage). Ook Natuurreservaat ’t Zwin zelf heeft geen toelating gegeven voor het plaatsen van de beelden.
– Eén beeld werd geplaatst op het openbaar domein aan het Casino.
– Tot slot werd één beeld geplaatst op privaat domein van Compagnie Het Zoute, die hiermee echter schijnbaar ook niet zou instemmen.
Het plaatsen van beelden op het openbaar domein zonder vergunning of toelating vanwege de bevoegde overheden en instanties maakt een onrechtmatige inname van het openbaar domein uit, zodat de geplaatste beelden onmiddellijk moeten worden verwijderd.”
16. Op dezelfde datum antwoordt de verzoekende partij dat geen enkel beeld op het openbaar domein werd geplaatst.
17. Bij schrijven van 17 juni 2022 dringt de verwerende partij andermaal aan op de verwijdering van de beelden.
18. Op 23 juni 2022 beslist de burgemeester van Knokke-Heist om de beelden weg te nemen op kosten en risico van de verzoekende partij:
“Gelet op het decreet Lokaal Bestuur, in bijzonder artikel 63; De Wet op het Politieambt in bijzonder artikel 4;
Gelet op het Gemeenteraadsbesluit van 18 november 2019 houdende het retributiereglement op technische prestaties;
Gelet op de Algemene Politieverordening van 26 april 2018 en de daaropvolgende wijzigingen, inzonderheid de artikelen 30, 149, 169 en 176;
Overwegende dat voor alle openbare en publicitaire activiteiten die tijdelijk gebruik maken van het openbaar domein op het grondgebied van de gemeente Knokke-Heist, een vergunning dient te worden aangevraagd;
Gelet op de aanvraag van 1 juni 2022 van [A. T.] handelend in naam van [NV M.S.] tot de organisatie van het evenement ‘29e SL Barry Flanagan 2022’;
Overwegende dat voor deze aanvraag geen toelating en geen vergunning tot inname van het openbaar domein werd verleend, dit bij beslissing van het college van 10 juni 2022;
Overwegende dat beelden in het kader van de organisatie van het evenement ‘29e SL Barry Flanagan 2022’ in opdracht van [NV M.S.]
(vertegenwoordigd door [A. T.]) zonder vergunning werden geplaatst op het openbaar domein op het grondgebied van de gemeente Knokke-Heist, aan de Zeedijk-Het-Zoute aan en vanaf de Appelzakweg tot aan het einde, ten zuiden van de wandelweg; Overwegende dat dit een inname van het
X-18.190-18.203-8/15
openbaar domein uitmaakt die strijdig is met de Algemene Politieverordening;
Gelet op onder meer de artikelen 30, 149, 169 en 176 van de Algemene Politieverordening conform dewelke voorwerpen die onrechtmatig op het openbaar domein zijn geplaatst, op bevel van de bevoegde personen onmiddellijk moeten verwijderd worden;
Gelet op het feit dat geen gevolg werd gegeven aan herhaaldelijk bevel;
Gelet op onder meer de artikelen 30, 149, 169 en 176 van de Algemene Politieverordening conform dewelke dergelijke voorwerpen ambtshalve, op kosten en risico van de verantwoordelijke, zullen worden weggenomen indien aan het bevel vanwege de bevoegde personen geen gevolg wordt gegeven;”
Dat is de tweede bestreden beslissing in de zaak sub II.
19. De beelden worden op 24 juni 2022 effectief verwijderd. De uitvoering die aldus aan de tweede bestreden beslissing is gegeven, vormt de derde bestreden beslissing in de zaak sub II.
IV. Samenhang
20 Uit de gegevens van de zaak blijkt dat beide zaken dermate samenhangend zijn dat het in het kader van een goede rechtsbedeling past ze samen te voegen en er in één arrest uitspraak over te doen.
V. Wat betreft de zaak sub II
A. Wat betreft de eerste bestreden beslissing
Standpunt van de auditeur en de partijen
21. De auditeur, bijgevallen door de verzoekende partij, werpt ambtshalve op dat de eerste bestreden beslissing werd genomen door een ter zake onbevoegde overheid. Volgens de auditeur is niet het college van burgemeester en schepenen, maar de burgemeester bevoegd om te beslissen over de door de verzoekende partij ingediende aanvraag.
X-18.190-18.203-9/15
Ter zake wordt verwezen naar de artikelen 149 en 176, § 1, van de Algemene Politieverordening.
22. De verwerende partij wijst er daarentegen op dat artikel 56, § 3, 1°, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur (hierna: DLB) uitdrukkelijk bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de daden van beheer over de gemeentelijke inrichtingen en eigendommen.
De Algemene Politieverordening van de gemeente Knokke-Heist voegt daaraan toe dat er voor de nader bepaalde gevallen – zoals voor de aanvraag van de verzoekende partij – ook een toelating van de burgemeester is vereist.
Mocht de Algemene Politieverordening bepalen dat alleen de burgemeester bevoegd is voor de betrokken toelating voor het gebruik van het openbaar domein, zou het volgens de verwerende partij gaan om een onwettige bepaling die op grond van artikel 159 van de Grondwet buiten beschouwing moet worden gelaten.
Beoordeling
23. De Algemene Politieverordening bevat onder meer de volgende bepalingen:
“Titel 1: Algemene bepalingen Hoofdstuk 1.1. Toepassingsgebied en doel […]
Artikel 3.
Deze politieverordening heeft tot doel in te staan voor een goede politie over de openbare zindelijkheid, gezondheid, veiligheid en rust op de openbare plaatsen, in het bijzonder op de openbare weg zoals bepaald in artikel 135 van de Nieuwe Gemeentewet (NGW).
[…]
Hoofdstuk 1.4. Definities Artikel 25.
Voor de toepassing van deze politieverordening wordt verstaan onder:
X-18.190-18.203-10/15
[…]
Bijeenkomst in open lucht: een tijdelijke gebeurtenis zoals onder andere een evenement, een optocht en een vertoning of een processie,… en die plaats vindt op:
– de openbare weg;
– aangrenzende openbare plaatsen die vrij toegankelijk zijn;
– open (niet afgesloten) erven die op de openbare weg uitgeven.
[…]
Evenement: een verplaatsbare gebeurtenis van tijdelijke aard waarbij muziek, kunst, cultuur, sport, educatie, promotie of een combinatie daarvan centraal staat. Dergelijke gebeurtenis heeft een openbaar karakter en is vrij toegankelijk voor het publiek.
[…]
Openbaar domein: de plaatsen die door de overheid beheerd worden en voor het publiek toegankelijk zijn zoals bijvoorbeeld de openbare weg, pleinen en parken, strand, gebouwen, duinen, bossen, ….
Openbare weg: een weg die openstaat voor het verkeer of door iedereen mag gebruikt worden en die geen enkele aanduiding vermeldt dat het een private weg is zoals rijbanen, fietspaden, parkeerstroken, trottoirs, wandelweg Zeedijk, wandelpaden en bermen, ….
Hiertoe behoren ook de zones non-aedificandi die het karakter hebben van de openbare weg.
[…]
Privatieve inname: het tijdelijk in gebruik nemen van de openbare weg of openbaar domein voor privédoeleinden door een natuurlijk persoon of rechtspersoon of feitelijke vereniging […]
Titel 6: Bouwwerken, handelszaken en bijeenkomsten […]
Hoofdstuk 6.2. Bepalingen inzake het vergunningenbeleid Afdeling 6.2.1. De aanvraag Artikel 138.
§1. De aanvraag voor een vergunning gebeurt verplicht via het elektronisch aanvraagformulier en is gericht aan het college van burgemeester en schepenen.
Het aanvraagformulier is te vinden op de officiële website van de gemeente (e-loket).
[…]
Hoofdstuk 6.3. De vergunningsvoorwaarden Afdeling 6.3.1. Algemene voorwaarden Artikel 149.
Elke privatieve inname van het openbaar domein is verboden zonder voorafgaandelijke en schriftelijke vergunning van de burgemeester.
Artikel 150.
Voor andermans eigendom kan een privatieve inname van het openbaar domein enkel mits een schriftelijke toestemming van de betrokken eigenaar toe te voegen aan het aanvraagdossier.
[…]
Afdeling 6.3.5. Bijzondere voorwaarden bijeenkomsten in open lucht
X-18.190-18.203-11/15
Artikel 176.
§1. Het organiseren van elke bijeenkomst in open lucht is verboden zonder voorafgaandelijke en schriftelijke vergunning van de burgemeester.
§2. Een aanvraag voor een bijeenkomst in open lucht dient minimum 6 weken voor aanvang gericht te worden aan het college van burgemeester en schepenen, hetzij de situatie een kortere termijn vereist wegens overmacht.
§3. De burgemeester bepaalt de voorwaarden.
§4. De aanvrager is verplicht deel te nemen aan de coördinatievergadering indien dit door de veiligheidsdiensten wordt vereist.
[…].”
24. De bestreden beslissing beslist over een “aanvraag evenement”
die overeenkomstig de Algemene Politieverordening is ingediend, en stelt ook uitdrukkelijk uitspraak te doen over “de organisatie van het evenement ‘29e SL
Barry Flanagan 2022’”. Bovendien verwijst de bestreden beslissing uitdrukkelijk naar de artikelen 149 en 176 van de Algemene Politieverordening en de daarin vervatte noodzaak om een “vergunning van de burgemeester” te verkrijgen. Voorts steunt de bestreden beslissing op het motief dat de in artikel 176 van de Algemene Politieverordening voorziene aanvraagtermijn van “minimum 6 weken” niet werd gerespecteerd.
Zodoende blijkt de bestreden beslissing zich te situeren binnen het toepassingsgebied van de Algemene Politieverordening.
Uit de sub 23 vermelde bepalingen blijkt evenwel dat het enkel de burgemeester toekomt om een vergunning toe te kennen voor zowel een bijeenkomst in open lucht, als voor een privatieve inname van het openbaar domein.
25. Dat het college van burgemeester van schepenen overeenkomstig artikel 56, § 3, 1°, DLB bevoegd is voor de daden van beheer over de gemeentelijke inrichtingen en eigendommen, doet niet anders besluiten, vermits zowel de aanvraag als de bestreden beslissing doen blijken dat ze gesteund zijn op de Algemene Politieverordening.
X-18.190-18.203-12/15
26. In de mate dat de verwerende partij tot slot inroept dat de Algemene Politieverordening een onwettig gemeentereglement is dat op grond van artikel 159 van de Grondwet buiten beschouwing moet worden gelaten, merkt de Raad van State op dat, als zodanig, de Algemene Politieverordening geen enkele uitspraak doet over de bevoegdheid van het college van burgemeester en schepenen op grond van artikel 56, §3, 1°, DLB.
27. Het besluit is dat de steller van de eerste bestreden beslissing onbevoegd is. Het middel is gegrond.
B. Wat betreft de tweede bestreden beslissing
28. De tweede bestreden beslissing steunt uitdrukkelijk op het gegeven dat voor het betrokken evenement “geen toelating en geen vergunning tot inname van het openbaar domein werd verleend, dit bij beslissing van het college van 10 juni 2022”.
De uit te spreken vernietiging van de eerste bestreden beslissing brengt dan ook met zich mee dat besloten moet worden tot de vernietiging van tweede bestreden beslissing die op de eerste bestreden beslissing is gesteund.
C. Wat betreft de derde bestreden beslissing
29. Terecht roept de verwerende partij in dat de loutere uitvoering die aan een administratieve rechtshandeling – te dezen de tweede bestreden beslissing – wordt gegeven, geen eigen rechtsgevolgen met zich meebrengt.
30. Het beroep is dan ook onontvankelijk in zoverre het gericht is tegen de effectieve uitvoering van de ambtshalve wegname van de beelden.
X-18.190-18.203-13/15
VI. Wat betreft de zaak sub I
31. De in de zaak sub II uit te spreken vernietiging van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van Knokke-Heist van 10 juni 2022 waarmee de aanvraag tot inname van het openbaar domein voor de organisatie van een beeldenwandeling “29e SL Barry Flanagan” wordt geweigerd, dient minstens voor de duidelijkheid in het rechtsverkeer ook de vernietiging mee te brengen van de eerdere beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 6 mei 2022 tot weigering van dezelfde beeldenwandeling. Immers wordt deze eerdere weigeringsbeslissing geacht definitief vervangen te zijn door de eerste bestreden beslissing in de zaak sub II.
BESLISSING
1. De zaken A. 236.750X-18.190 en A. 236.858/X-18.203 worden gevoegd.
2. De Raad van State vernietigt :
1° de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist van 10 juni 2022 waarmee de aanvraag tot organisatie van de beeldenwandeling “29e SL Barry Flanagan” wordt geweigerd;
2° de beslissing van de burgemeester van de gemeente Knokke-Heist van 23 juni 2022 waarmee het bevel wordt gegeven om de beelden op het openbaar domein op het grondgebied van de gemeente Knokke-Heist, weg te nemen op kosten en risico van de nv M.S.; en 3° de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist van 6 mei 2022 waarmee de aanvraag tot organisatie van de beeldenwandeling “29e Sculpture Link” wordt geweigerd.
3. De Raad van State verwerpt het beroep in de zaak A. 236.858/ X-18.203
voor het overige.
X-18.190-18.203-14/15
4. De verwerende partij wordt in de beide zaken verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 44 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 1540 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op dertig september tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:
Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier.
De griffier De voorzitter
Silvan De Clercq Johan Lust
X-18.190-18.203-15/15
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.859
Print deze pagina
Afdrukformaat
S
M
L
XL
Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
Sluit Tab
© 2017-2026 ICT Dienst – FOD Justitie
Powered by PHP 8.5.0
Server Software Apache/2.4.66
== Fluctuat nec mergitur ==
Sources officielles : consulter la page source
JUPORTAL. L avertissement officiel du portail precise qu il n existe pas de droit d auteur sur les arrets et jugements.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Belgique
ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1
ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1
JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 12 mei 2026 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1 Rolnummer: O/25/00961 Rechtsgebied: Insolventierecht - Overige Invoerdatum: 2026-05-13 Raadplegingen: 126 - laatst gezien 2026-05-18 12:30 Fiche 1 Eens werd vastgesteld dat de toepassingsvoorwaarden van artikel XX.229 WER zijn voldaan, kan de rechtbank...
Belgique
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4
JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4 No Rôle: P.25.1301.F Affaire: R. contra M. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal - Autres Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 124 - dernière vue...
Belgique
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9
JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9 No Rôle: P.26.0121.F Affaire: L. contra K. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 122 - dernière vue 2026-05-18 10:25...