ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.790
JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 december 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.790 Rolnummer: A. 238755/X-18364 Zaak: Arrest 261790 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 17/12/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-12-20 Raadplegingen: 100 - laatst gezien 2026-06-02 22:12 Fiche Arrest nr 261.790 van...
7 min de lecture · 1,419 mots
Print deze pagina
Afdrukformaat
S
M
L
XL
Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
Sluit Tab
Raad van State
Vonnis/arrest van 17 december 2024
ECLI nr:
ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.790
Rolnummer:
A. 238755/X-18364
Zaak:
Arrest 261790 – Stedenbouw en ruimtelijke ordening – Reglementen – 17/12/2024
Rechtsgebied:
Bestuursrecht
Invoerdatum:
2024-12-20
Raadplegingen:
100 – laatst gezien 2026-06-02 22:12
Fiche
Arrest nr 261.790 van 17 december 2024 Ruimtelijke ordening, stedenbouw,
leefmilieu en aanverwante aangelegenheden – Stedenbouw en ruimtelijke
ordening – Reglementen Beslissing : Verwerping
Thesaurus CAS:
RAAD VAN STATE
UTU-thesaurus:
PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT – RAAD VAN STATE – Arresten (Raad van State)
Tekst van de beslissing
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
Xe KAMER
nr. 261.790 van 17 december 2024
in de zaak A. 238.755/X-18.364
In zake : 1. M.C.
2. L.C.
woonplaats kiezend te
tegen :
de GEMEENTE ZWEVEGEM
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frank Vanden Berghe en Arne Devriese kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 15
bij wie woonplaats wordt gekozen
————————————————————————————————–
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 20 maart 2023, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de gemeenteraad van de gemeente Zwevegem van 27 februari 2023 tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Gemeentepark’ (hierna: RUP Gemeentepark).
Tevens wordt, in de memorie van wederantwoord, een schadevergoeding tot herstel gevorderd.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend.
X-18.364-1/7
Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een verslag opgesteld.
De verzoekende partijen hebben een laatste memorie ingediend.
De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 november 2024.
Staatsraad David D’Hooghe heeft verslag uitgebracht.
M.C. en L.C., die in persoon verschijnen, en advocaat Arne Devriese, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.
Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Feiten
3.1. De verzoekende partijen zijn eigenaar van een woning gelegen in de Kouterstraat te 8550 Zwevegem.
Overeenkomstig het bij koninklijk besluit van 4 november 1997
vastgesteld gewestplan Kortrijk zijn deze percelen gelegen in woongebied en in parkgebied.
3.2. Op 21 december 2020 wordt een plenaire vergadering gehouden omtrent een voorontwerp van RUP Gemeentepark.
3.3. Op basis van het screeningsdossier van de verwerende partij en de uitgebrachte adviezen concludeert de dienst Milieueffectrapportage van de
X-18.364-2/7
Vlaamse overheid op 15 februari 2022 dat het voorgenomen plan geen aanleiding geeft tot aanzienlijke negatieve milieugevolgen en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is.
3.4. Op 23 mei 2022 stelt de gemeenteraad van de gemeente Zwevegem het ontwerp van RUP Gemeentepark voorlopig vast.
Het RUP Gemeentepark heeft onder meer tot gevolg dat het perceel van de verzoekende partijen herbestemd wordt tot zone voor wonen in de ruime zin en zone voor groene ruimte met overdruk “voorkooprecht de behoefde instanties”.
3.5. Tijdens het openbaar onderzoek, georganiseerd van 15 juli 2022
tot 12 september 2022 worden drie adviezen uitgebracht en 192 bezwaren ingediend.
3.6. Op 14 december 2022 bespreekt de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening de bezwaren en adviseert zij gunstig mits een aantal voorwaarden of verduidelijkingen.
3.7. Op 27 februari 2023 besluit de gemeenteraad van de gemeente Zwevegem tot de definitieve vaststelling van het RUP Gemeentepark.
Dit is het bestreden besluit.
IV. Ontvankelijkheid
Standpunt van de partijen
4. De verwerende partij werpt op dat het verzoekschrift geen ontvankelijke middelen bevat en om die redenen onontvankelijk moet worden verklaard.
X-18.364-3/7
Er worden weliswaar “benadelingen” aangevoerd, hetzij “als inwoner[s] in het centrum van Zwevegem wonend naast het gemeentepark”, hetzij “als eigenaar[s] van het huis in de [K]outerstraat […] te Zwevegem”.
In geen van deze “benadelingen” wordt melding gemaakt van een geschonden geachte rechtsregel. Het inhoudelijk bekritiseren van het RUP Gemeentepark, zonder een onwettigheid aan te voeren, kan niet worden beschouwd als een ontvankelijk middel. De verzoekende partijen beperken zich tot loutere opportuniteitskritiek of “subjectieve appreciaties”.
5. De verzoekende partij erkennen dat zij bij gebrek aan voldoende juridische kennis het begrip “middel” in het verzoekschrift “inderdaad verkeerdelijk geïnterpreteerd hebben”.
In hun memorie van wederantwoord roepen zij alsnog zes middelen in, die nader worden toegelicht.
Beoordeling
6. Artikel 2, § 1, 3°, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ (hierna: algemeen procedurereglement) vereist dat het verzoekschrift tot nietigverklaring “een uiteenzetting van de feiten en de middelen” bevat.
Een middel in de zin van voormelde bepaling “bestaat uit de vermelding van de rechtsregel waarvan de schending aangevoerd wordt en van de wijze waarop deze rechtsregel concreet overtreden zou zijn”.
Opdat een door haar aangevoerd middel ontvankelijk zou zijn, dient een verzoekende partij dus niet alleen duidelijk te maken welke rechtsregel zij geschonden acht, maar ook op welke wijze, naar haar oordeel, die rechtsregel door de bestreden beslissing wordt miskend.
X-18.364-4/7
Een verzoekschrift dient ten minste één ontvankelijk middel te bevatten. Het ontbreken van een (ontvankelijk) middel in het verzoekschrift heeft de onontvankelijkheid van het beroep tot gevolg.
7. De verzoekende partijen steunen hun verzoekschrift op de verschillende nadelen die ze menen te lijden ten gevolge van het bestreden besluit.
Er wordt echter geen opgave gedaan van enige rechtsregel die volgens hen door de bestreden beslissing zou zijn geschonden. Er valt evenmin een uiteenzetting te vinden van de wijze waarop die rechtsregel door de bestreden beslissing zou zijn geschonden.
Een uiteenzetting die, zoals in casu, bestaat uit een opsomming van een aantal feitelijke grieven kan niet worden beschouwd als een middel in de zin van artikel 2, § 1, 3°, van het algemeen procedurereglement.
8. De middelen die in de memorie van wederantwoord worden geformuleerd, zijn onontvankelijk om reden dat zij laattijdig worden aangevoerd.
9. Vermits het verzoekschrift geen ontvankelijk middel bevat, moet het beroep als onontvankelijk worden afgewezen.
V. Vordering van schadevergoeding tot herstel
10.1. In hun memorie van wederantwoord hebben de verzoekende partijen een vordering tot schadevergoeding ingediend “tot herstel van lichamelijk en psychisch ongemak” en “ter compensatie van de middelen die verzoekers hebben ingezet sedert de start van het openbaar onderzoek in augustus 2022”.
10.2. Artikel 25/3, § 3, van het algemeen procedurereglement bepaalt dat indien geen onwettigheid wordt vastgesteld, het arrest dat de procedure tot
X-18.364-5/7
nietigverklaring afsluit, eveneens het verzoek om schadevergoeding tot herstel afwijst.
Te dezen wordt geen onwettigheid vastgesteld. Bijgevolg dient het verzoek om schadevergoeding tot herstel te worden verworpen.
11. De voor die vordering gekweten kosten dienen, gelet op het bepaalde in artikel 70, § 1, vijfde lid, van het algemeen procedurereglement, aan de verzoekende partijen te worden terugbetaald.
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. De Raad van State verwerpt de vordering tot schadevergoeding.
3. De verzoekende partijen worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
4. De kosten in verband met het verzoek tot schadevergoeding tot herstel, begroot op 400 euro, en een bijdrage van 24 euro, worden aan de verzoekende partijen terugbetaald.
X-18.364-6/7
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zeventien december tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:
Jan Clement, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier.
De griffier De voorzitter
Silvan De Clercq Jan Clement
X-18.364-7/7
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.790
Print deze pagina
Afdrukformaat
S
M
L
XL
Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
Sluit Tab
© 2017-2026 ICT Dienst – FOD Justitie
Powered by PHP 8.5.0
Server Software Apache/2.4.66
== Fluctuat nec mergitur ==
Sources officielles : consulter la page source
JUPORTAL. L avertissement officiel du portail precise qu il n existe pas de droit d auteur sur les arrets et jugements.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Belgique
ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1
ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1
JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 12 mei 2026 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1 Rolnummer: O/25/00961 Rechtsgebied: Insolventierecht - Overige Invoerdatum: 2026-05-13 Raadplegingen: 126 - laatst gezien 2026-05-18 12:30 Fiche 1 Eens werd vastgesteld dat de toepassingsvoorwaarden van artikel XX.229 WER zijn voldaan, kan de rechtbank...
Belgique
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4
JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4 No Rôle: P.25.1301.F Affaire: R. contra M. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal - Autres Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 124 - dernière vue...
Belgique
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9
JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9 No Rôle: P.26.0121.F Affaire: L. contra K. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 122 - dernière vue 2026-05-18 10:25...