ECLI:NL:HR:2002:AD5773 Hoge Raad , 25-01-2002 / C00/033HR
-
3 min de lecture · 455 mots
Inhoudsindicatie. –
25 januari 2002
Eerste Kamer
Nr. C00/033HR
SB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
EMMBETT HOLDING B.V., gevestigd te Rotterdam,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. Groen,
t e g e n
de rechtspersoon naar het recht van het land harer vestiging BELGISCHE ZEEVERZEKERINGSMAATSCHAPPIJ N.V. BELGAMAR, gevestigd te Antwerpen, België,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. R.S. Meijer.
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweerster in cassatie – verder te noemen: Belgamar – heeft bij exploit van 7 augustus 1996 eiseres tot cassatie – verder te noemen: Emmbett – gedagvaard voor de Rechtbank te Rotterdam en gevorderd Emmbett te veroordelen om aan Belgamar te betalen de somma van US$ 62.902,21 althans de tegenwaarde daarvan in Nederlands wettig courant berekend naar de koers van de dag van betaling met de wettelijke rente daarover vanaf 29 december 1995 tot de dag der algehele voldoening.
Emmbett heeft bij incidentele conclusie de onbevoegdheid van de Rechtbank ingeroepen.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 4 juni 1998 het door Emmbett gedane beroep op de onbevoegdheid van de Rechtbank afgewezen en zich bevoegd verklaard van de zaak kennis te nemen en in de hoofdzaak de zaak naar de rol verwezen.
Tegen dit vonnis heeft Emmbett hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij arrest van 26 oktober 1999 heeft het Hof het bestreden vonnis bekrachtigd en de zaak naar de Rechtbank te Rotterdam verwezen voor verdere berechting in de hoofdzaak.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het Hof heeft Embett beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belgamar heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Emmbett in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Belgamar begroot op € 286,88 aan verschotten en € 1.365,– voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers als voorzitter, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 25 januari 2002.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...