ECLI:NL:PHR:1985:AC9145 Parket bij de Hoge Raad , 17-12-1985 / 78695

1. De selectie en waardering van de bewijsmiddelen is aan de feitenrechter. 2. Toereikend bewijs van het te zamen en in vereniging plegen van poging tot diefstal; het hof heeft het resultaat van de sorteerproef mede redengevend kunnen achten.

Source officielle

3 min de lecture 602 mots

Inhoudsindicatie. 1. De selectie en waardering van de bewijsmiddelen is aan de feitenrechter.

Inhoudsindicatie. 2. Toereikend bewijs van het te zamen en in vereniging plegen van poging tot diefstal; het hof heeft het resultaat van de sorteerproef mede redengevend kunnen achten.

Nr. 78.695

Zitting 12 november 1985

Mr. Remmelink

Conclusie inzake:

[verdachte]

Edelhoogachtbare Heren,

In deze zaak waarin het Hof requirant in appèl heeft veroordeeld terzake van "poging tot diefstal, voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen" (poging tot overval van een supermarkt) tot een gevangenisstraf voor de tijd van 9 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk (proeftijd 2 jaar), tegen welk arrest hij zich van beroep in cassatie heeft voorzien, zijn namens hem bij pleidooi twee middelen van cassatie voorgesteld.

In middel 1 wordt aangevoerd, dat uit de bewijsmiddelen niet zou kunnen volgen, dat requirant als medepleger aan de overval heeft gefungeerd. Gesteld wordt o.m., dat niet blijkt dat requirant aan de wegnemingshandeling heeft deelgenomen. Hij is immers in de auto blijven zitten toen de anderen de winkel binnendrongen. Ik meen, dat het middel faalt. Het Hof heeft gelet ook op de regels van de menselijke ervaring geredelijk kunnen afleiden uit de voor het bewijs gebezigde verklaring van de door de politie gehoorde getuige (mededader) [betrokkene 1] dat requirant zodanig nauw bij de voorbereiding en de verdere uitvoering van het misdrijf betrokken was, dat de enkele omstandigheid, dat hij in de auto achterbleef, kennelijk om na afloop onmiddellijk de eigenlijke uitvoerders van het delict + hun buit weg te rijden geen beletsel vormt om mededaderschap bewezen te achten. Ik citeer ter adstructie nog uit de verklaring van voormelde [betrokkene 1] : "Een paar dagen voor de overval kwamen [betrokkene 2] en [verdachte] (requirant) bij mij. Ze vertelden mij dat er bij de [supermarkt] … een hoop geld te halen viel en dat zij er twee keer geweest waren om de boel af te leggen (te bekijken, R)". Ook in de verdere voorbereidingen (zie de verklaring van [betrokkene 1] ) had requirant een belangrijk aandeel. Het is niet in ernst vol te houden, dat requirant een ondergeschikte rol, overeenkomende met die van een medeplichtige, vervulde. Ik verwijs ten overvloede nog naar Hazewinkel-Suringa, negende druk, p. 360.

In middel 2 wordt betwist, dat requirant bij het delict betrokken is geweest. Ik meen hier kort te kunnen zijn. Ik verwijs wederom naar de verklaring van voormelde [betrokkene 1] , en meen anders dan requirant dat de sorteerproef, die rechtstreeks wijst op mededaderschap van [verdachte] , ook indirect redengevend is voor het mededaderschap van requirant, gelet op de onderlinge samenhang der bewijsmiddelen. De omstandigheid dat requirant heeft ontkend doet hier in cassatie niet terzake. Het Hof hoefde, waar het hier een puur feitelijke waardering en selectie van bewijsmateriaal betreft geen nadere motivering te geven. Vgl. HR 26 augustus 1968, NJ 1968, no. 95; 20 februari 1968, NJ 1969, no. 3.

De middelen niet aannemelijk achtend concludeer ik tot verwerping van het beroep.

De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AP

Nr. 78.695

Zitting 12 november 1985.

Mr. Remmelink.

Conclusie inzake:

[verdachte]

Edelhoogachtbare Heren,

In deze zaak waarin door of namens requirant middelen in cassatie niet zijn ingediend en ik ook ambtshalve geen gronden heb aangetroffen die tot cassatie zouden moeten leiden, concludeer ik tot verwerping van het beroep.

De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden,


Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.