ECLI:NL:CRVB:2025:1476 Centrale Raad van Beroep , 03-10-2025 / 23/2334 PW-V
Verzet ongegrond. Appellante heeft geen deugdelijke gronden aangevoerd voor haar verzoek om uitstel van de zitting. De gestelde gezondheidsproblemen, waarvan appellante zelf onderstreept dat ze geheim zijn, zijn niet onderbouwd. De Raad ziet dan ook geen aanleiding om het verzoek van appellante toe te wijzen. Er is om dezelfde reden evenmin een aanleiding om het onderzoek te heropenen.
3 min de lecture · 501 mots
Inhoudsindicatie. Verzet ongegrond. Appellante heeft geen deugdelijke gronden aangevoerd voor haar verzoek om uitstel van de zitting. De gestelde gezondheidsproblemen, waarvan appellante zelf onderstreept dat ze geheim zijn, zijn niet onderbouwd. De Raad ziet dan ook geen aanleiding om het verzoek van appellante toe te wijzen. Er is om dezelfde reden evenmin een aanleiding om het onderzoek te heropenen.
Datum uitspraak: 3 oktober 2025
23/2334 PW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het verzet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 23 juni 2023, ARN 21/3702 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellante] te [woonplaats] (appellante)
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wageningen (college)
PROCESVERLOOP
Appellante heeft op 3 augustus 2023 hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
In de uitspraak van 12 maart 2024 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het hoger beroep niet zijn ingediend.
Appellante heeft verzet ingediend. In haar verzet geeft appellante kort samengevat aan dat zij vanwege aanhoudende en zwaarwegende redenen meer tijd nodig heeft om de gronden in te dienen en dat de gestelde termijn door de Raad in strijd is met het recht op een eerlijk proces.
Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 26 mei 2025. Appellante is niet op zitting verschenen. Zeer kort voor de zitting heeft appellante verzocht om uitstel van de zitting.
OVERWEGINGEN
Ten aanzien van de termijn voor het indienen van de gronden
Appellante heeft in totaal meer dan vijf maanden de tijd gekregen om de gronden van het hoger beroep in te dienen. Van 4 augustus 2023 tot 16 januari 2024 is haar driemaal een termijn gegeven om haar gronden te formuleren. Op 2 januari 2024 is haar geen uitstel meer gegeven en is haar verzocht om binnen twee weken de gronden in te dienen. Daarbij is vermeld dat het hoger beroep niet-ontvankelijk kon worden verklaard. Appellante heeft nooit onderbouwd wat de gestelde aanhoudende en zwaarwegende redenen zijn waardoor zij de gronden niet heeft kunnen indienen.
Ten aanzien van het verzoek om uitstel van de zitting van 26 mei 2025
Appellante heeft geen deugdelijke gronden aangevoerd voor haar verzoek om uitstel van de zitting. De gestelde gezondheidsproblemen, waarvan appellante zelf onderstreept dat ze geheim zijn, zijn niet onderbouwd. De Raad ziet dan ook geen aanleiding om het verzoek van appellante toe te wijzen. Er is om dezelfde reden evenmin een aanleiding om het onderzoek te heropenen.
Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard.
Voor een proceskostenveroordeling van het verzet is geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H.G. Rottier, in tegenwoordigheid van N. El Khabazi als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 3 oktober 2025.
(getekend) H.G. Rottier
(getekend) N. El Khabazi
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...