ECLI:NL:GHSHE:2025:1795 Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch , 26-06-2025 / 200.353.384_01
Appellant is niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep, omdat het beroepschrift niet is ingediend door een Nederlandse advocaat en dit verzuim niet (tijdig) is hersteld. Artikelen 278 lid 3 en 281 lid 1 Rv in verbinding met artikel 362 Rv.
3 min de lecture · 533 mots
Inhoudsindicatie. Appellant is niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep, omdat het beroepschrift niet is ingediend door een Nederlandse advocaat en dit verzuim niet (tijdig) is hersteld. Artikelen 278 lid 3 en 281 lid 1 Rv in verbinding met artikel 362 Rv.
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Team Handelsrecht
Uitspraak : 26 juni 2025
Zaaknummer : 200.353.384/01
Zaaknummer eerste aanleg : C/01/399355 / EX RK 23-187
in de zaak in hoger beroep van:
[appellant]
,
wonende te [woonplaats] ,
appellant,
hierna aan te duiden als [appellant] ,
tegen
[verweerster] ,
wonende te [woonplaats] ,
verweerster,
hierna aan te duiden als [verweerster] ,
advocaat: mr. P.L. Tjiam.
1Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst naar de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats
’s-Hertogenbosch, van 12 februari 2025, hersteld bij beschikking van 26 februari 2025, gegeven tussen [verweerster] enerzijds en [appellant] en de Stichting Administratiekantoor [Stichting Administratiekantoor] anderzijds.
2Het verloop van de procedure in hoger beroep
Bij beroepschrift, ontvangen op 11 april 2025, is hoger beroep ingesteld tegen voornoemde beschikking. Uit de inhoud van het beroepschrift begrijpt het hof dat alleen [appellant] in hoger beroep komt van voornoemde beschikking.
Het beroepschrift is niet door een Nederlandse advocaat ingediend. Op het moment van indiening was de appeltermijn nog niet verstreken.
Bij brief en e-mail van 16 april 2025 heeft het hof [appellant] tot het einde van de appeltermijn de gelegenheid gegeven om dit verzuim te herstellen door ondertekening van het reeds ingediende beroepschrift door een Nederlandse advocaat, dan wel door alsnog indiening van een beroepschrift opgesteld en ondertekend door een Nederlandse advocaat. [appellant] is er in de brief op gewezen dat hij niet-ontvankelijk zal worden verklaard als het verzuim niet tijdig wordt hersteld. [appellant] heeft het verzuim niet binnen de gestelde termijn hersteld.
Het hof heeft [appellant] vervolgens bij e-mail van 21 mei 2025 een tweede en laatste termijn gegeven om het verzuim te herstellen door ondertekening van het reeds ingediende beroepschrift door een Nederlandse advocaat. Deze termijn liep tot en met 4 juni 2025. Ook binnen deze termijn heeft [appellant] het verzuim niet hersteld.
3De beoordeling
Een beroepschrift moet op grond van artikel 278 lid 3 in verbinding met artikel 362 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) worden ondertekend door een (Nederlandse) advocaat.
Artikel 281 lid 1 Rv bepaalt dat als een verzoekschrift ten onrechte niet door een advocaat is ingediend, de rechter de verzoeker de gelegenheid geeft binnen een door hem te stellen termijn dit verzuim te herstellen en dat als de verzoeker van deze gelegenheid geen gebruik maakt, hij in het verzoek niet-ontvankelijk wordt verklaard. Deze bepaling is op grond van artikel 362 Rv ook van toepassing in hoger beroep.
[appellant] heeft het verzuim niet (tijdig) hersteld. Daarom zal hij niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn hoger beroep.
4De beslissing
Het hof:
verklaart [appellant] niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen de tussen partijen gegeven beschikking van de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 12 februari 2025, hersteld bij 26 februari 2025.
Deze beschikking is gegeven door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, E.H. Schulten en N.W.M. van den Heuvel en is in het openbaar uitgesproken op 26 juni 2025.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...