ECLI:NL:HR:2017:1238 Hoge Raad , 07-07-2017 / 13/02651
Herstelarrest gewezen ter verbetering van het arrest van de Hoge Raad van 23 juni 2017, nr. 13/02651bis, ECLI:NL:HR:2017:1132
2 min de lecture · 362 mots
Inhoudsindicatie. Herstelarrest gewezen ter verbetering van het arrest van de Hoge Raad van 23 juni 2017, nr. 13/02651bis, ECLI:NL:HR:2017:1132
7 juli 2017
nr. 13/02651bis
Herstelarrest
gewezen ter verbetering van het arrest van de Hoge Raad van 23 juni 2017, nr. 13/02651bis, ECLI:NL:HR:2017:1132, gewezen op het beroep in cassatie van Gemeente Woerden te Woerden (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 25 april 2013, nr. 11/00356, na beantwoording van de door de Hoge Raad bij een arrest aan het Hof van Justitie van de Europese Unie gestelde vraag.
1Het arrest in het geding
De Hoge Raad heeft in deze zaak op 23 juni 2017 eindarrest gewezen. Nadien is het de Hoge Raad gebleken dat het arrest op één punt verbetering behoeft.
In het arrest is in rechtsoverweging 3.1, laatste volzin, overwogen:
“In dit verband verdient opmerking dat het arrest van het Hof van Justitie van 12 mei 2016, Gemeente Borsele, C-520/14, ECLI:EU:C:2016:334, BNB 2016/186, de Hoge Raad geen aanleiding geeft om met betrekking tot de in het voorwaardelijk incidenteel beroep aangevoerde tweede klacht anders te beslissen.”
De klacht waarnaar wordt verwezen, betreft niet — zoals vermeld — de in het voorwaardelijk incidenteel beroep aangevoerde tweede klacht, maar de daarin aangevoerde eerste klacht.Herstel van deze fout brengt mee dat in de tekst van voornoemde rechtsoverweging het woord “tweede” wordt vervangen door het woord “eerste”.
De Hoge Raad zal derhalve de verbetering doorvoeren zoals hiervoor in rechtsoverweging 1.2 vermeld.
2Beslissing
De Hoge Raad:
verbetert de hierboven vermelde fout in het arrest van 23 juni 2017, nr. 13/02651bis, en
stelt de verbetering op de minuut van dat arrest.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt, P.M.F. van Loon, L.F. van Kalmthout en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2017.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...