ECLI:NL:HR:2025:1496 Hoge Raad , 07-10-2025 / 25/00252
Poging tot doodslag (art. 287 Sr), bedreiging (van politieagenten), meermalen gepleegd (art. 285.1 en 285.5 Sr) en voorhanden hebben van vuurwapens, zelfgemaakt explosief wapen en messen (art. 26.1 WWM) door in 2022 in Nijmegen tijdens gesprek met zijn behandelaren een vuurwapen te tonen en daarmee te schieten en vervolgens zijn wapens te gebruiken tegen politie. TBS met voorwaarden opgelegd. ...
2 min de lecture · 280 mots
Inhoudsindicatie. Poging tot doodslag (art. 287 Sr), bedreiging (van politieagenten), meermalen gepleegd (art. 285.1 en 285.5 Sr) en voorhanden hebben van vuurwapens, zelfgemaakt explosief wapen en messen (art. 26.1 WWM) door in 2022 in Nijmegen tijdens gesprek met zijn behandelaren een vuurwapen te tonen en daarmee te schieten en vervolgens zijn wapens te gebruiken tegen politie. TBS met voorwaarden opgelegd.
Inhoudsindicatie. HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG.
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 25/00252
Datum 7 oktober 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 13 januari 2025, nummer 21-002110-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962,
hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat P. Scholte een schriftuur ingediend.
2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 oktober 2025.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...