ECLI:NL:PHR:2025:1055 Parket bij de Hoge Raad , 30-09-2025 / 23/04975
Conclusie AG. Fipronilzaak. Art. 174 Sr. Art. 43 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Medeplegen van feitelijk leiding geven aan medeplegen van handel in schadelijke waren, waarvan schadelijkheid is verzwegen, begaan door rechtspersoon en medeplegen feitelijk leidinggeven aan overtredingen van Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, opzettelijk begaan door rechtspersoon. Falend middel ...
Calcul en cours · 0
Inhoudsindicatie. Conclusie AG. Fipronilzaak. Art. 174 Sr. Art. 43 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Medeplegen van feitelijk leiding geven aan medeplegen van handel in schadelijke waren, waarvan schadelijkheid is verzwegen, begaan door rechtspersoon en medeplegen feitelijk leidinggeven aan overtredingen van Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, opzettelijk begaan door rechtspersoon. Falend middel over rechtsmacht OM, voor zover feiten in België zijn begaan. Tevens falend middel dat met een zestal deelklachten opkomt tegen bewezenverklaringen. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep. Samenhang met 23/04828, 23/04829, 23/04831.
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 23/04975 E
Zitting 30 september 2025
CONCLUSIE
D.J.M.W. Paridaens
In de zaak
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993,
hierna: de verdachte.
1Inleiding
De verdachte is bij arrest van 29 november 2023 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden wegens 1 primair “medeplegen van feitelijke leiding geven aan medeplegen van waren verkopen, te koop aanbieden of afleveren, wetende dat zij voor het leven of de gezondheid schadelijk zijn en dat schadelijk karakter verzwijgende, begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd”, 2 en 3 “medeplegen van feitelijke leiding geven aan medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld krachtens artikel 43, derde lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd” alsmede 4 en 5 “medeplegen van feitelijke leiding geven aan medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld krachtens artikel 43, eerste lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 180 dagen, waarvan 117 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar en met aftrek van voorarrest. Het hof heeft de verdachte tevens een taakstraf voor de duur van 200 uren, subsidiair 100 dagen hechtenis opgelegd. Tot slot heeft het hof beslist op het beslag.
Deze zaak hangt samen met de zaken tegen medeverdachten [medeverdachte 1] (23/04829 E), [medeverdachte 2] (23/04828 E) en [medeverdachte 3] (23/04831 E). In de samenhangende zaken zal ik vandaag ook concluderen.
Namens de verdachte heeft A.H.J.G. van Voorthuizen, advocaat in Ede, twee middelen van cassatie voorgesteld.
2De zaak
De zaak tegen de verdachte komt voort uit het onderzoek ‘Landseer’. Dat onderzoek houdt verband met de landelijk bekend geworden ‘fipronilcrisis’ uit 2017. In de zomer van dat jaar werd bekend dat miljoenen eieren uit Nederland besmet waren met het bestrijdingsmiddel ‘fipronil’. Dat bestrijdingsmiddel werd bij ongeveer 20% van alle pluimveehouders in Nederland gebruikt tegen bloedluis bij kippen. Het toepassen van dat middel was niet toegelaten bij voedselproducerende dieren. Aan de verdachte wordt onder meer verweten dat middelen die fipronil bevatten, zijn verhandeld en gebruikt, in de wetenschap dat die middelen schadelijk zijn voor het leven en de gezondheid, terwijl het schadelijk karakter is verzwegen.
3De middelen van cassatie
Vanwege de overeenkomst in de schrifturen en de arresten van het hof in deze zaak en die in de zaak van [medeverdachte 1] (23/04829 E), zal ik in deze zaak volstaan met een verwijzing naar mijn conclusie in de zaak tegen deze medeverdachte. Die conclusie is op rechtspraak.nl gepubliceerd onder ECLI:NL:PHR:2025:1054.
4Slotsom
De middelen falen en in ieder geval het eerste middel kan worden afgedaan met de aan art. 81 lid 1 RO ontleende motivering.
Ambtshalve heb ik geen grond voor vernietiging van de uitspraak van het hof aangetroffen.
Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Voetnoten
- Parketnummer 21-002005-21. Het arrest is gepubliceerd op rechtspraak.nl onder ECLI:NL:GHARL:2023:10059.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...