ECLI:NL:RBAMS:2025:1934 Rechtbank Amsterdam , 26-03-2025 / AMS 24/6313

Anw. Er kan niet vastgesteld worden dat eisers kinderen in de VS wonen of een ander land waarmee een exportverdrag is gesloten. De Svb heeft de aanvraag om kinderbijslag daarom terecht afgewezen.

Source officielle

4 min de lecture 858 mots

Inhoudsindicatie. Anw. Er kan niet vastgesteld worden dat eisers kinderen in de VS wonen of een ander land waarmee een exportverdrag is gesloten. De Svb heeft de aanvraag om kinderbijslag daarom terecht afgewezen.

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 24/6313

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 maart 2025 in de zaak tussen

[eiser] , uit [woonplaats] , eiser

(gemachtigde: mr. W. Hoebba),

en

de raad van bestuur van de sociale verzekeringsbank

(gemachtigde: mr. J.A.H. Koning).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van de aanvraag van eiser om kinderbijslag toe te kennen over het vierde kwartaal van 2022 tot en met het tweede kwartaal van 2024 voor zijn kinderen [naam kind 1] en [naam kind 2] .

De Svb heeft deze aanvraag met het besluit van 2 april 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 12 september 2024 op het bezwaar van eiser is de Svb bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. De Svb heeft hiervoor als reden gegeven dat [naam kind 1] en [naam kind 2] in de Dominicaanse Republiek wonen en dat er geen verdrag met de Dominicaanse Republiek is dat de export van kinderbijslag mogelijk maakt.

De Svb heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft beroep op 19 februari 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van de Svb. Eiser is niet verschenen.

Beoordeling door de rechtbank

2. Eiser betoogt dat zijn kinderen niet in de Dominicaanse Republiek wonen, maar in de Verenigde Staten. Ter onderbouwing heeft eiser verwezen naar een factuur van Amazon waarop staat dat op naam van de moeder van de kinderen een bestelling is bezorgd op een adres in de Verenigde Staten. Ook heeft eiser een student record van [naam kind 2] overgelegd waarop is te lezen dat [naam kind 2] eerder op de ‘ [naam school] ’ zat. Met de Verenigde Staten heeft Nederland wel een verdrag voor de export van kinderbijslag, dus had aan eiser wel kinderbijslag toegekend moeten worden.

De rechtbank stelt eerst vast dat niet in geschil is dat er geen exportverdrag met de Dominicaanse Republiek is. Vervolgens stelt de rechtbank vast dat de bewijslast dat voldaan is aan de voorwaarden voor kinderbijslag in beginsel bij eiser ligt, omdat hij een aanvraag heeft gedaan. In dit geval moet eiser bewijzen dat zijn kinderen in een land wonen waarmee een verdrag is gesloten voor de export van kinderbijslag.

De rechtbank stelt vast dat eiser ruim de gelegenheid heeft gehad om te voldoen aan de op hem rustende bewijslast. Eiser heeft daaraan echter niet voldaan.

De Svb heeft in het bestreden besluit toegelicht dat eiser met officiële bewijsstukken had moeten onderbouwen dat zijn kinderen in de Verenigde Staten wonen. Daar voldoen de factuur en de student record niet aan. Het adres op de factuur lijkt bovendien geen woonadres te zijn, maar het adres van een pakketpunt. De rechtbank is verder niet duidelijk geworden welke waarde aan de student record gehecht moet worden, nu ook daar geen woonadres op staat, de school op Google niet vindbaar is en er ook niet uit blijkt wanneer [naam kind 2] naar deze school ging. [naam kind 1] wordt niet vermeld. Bovendien staat [naam kind 2] eigen naam als ‘Name of Parent or Legal Guardian’. Het is de rechtbank tot slot niet gebleken dat het onmogelijk was om op andere (meer officiële) wijze te onderbouwen dat eisers kinderen in de Verenigde Staten wonen. Er is ook niet gebleken dat eiser daartoe pogingen heeft ondernomen.

Nu niet vastgesteld kan worden dat eisers kinderen in de Verenigde Staten wonen of in een ander land waarmee een exportverdrag is gesloten, heeft de Svb de aanvraag van eiser voor kinderbijslag over het vierde kwartaal van 2022 tot en met het tweede kwartaal van 2024 terecht afgewezen.

Conclusie en gevolgen

3. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Tijselink, rechter, in aanwezigheid van mr. M.L. Pijpers, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 26 maart 2025.

griffier

rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op http://www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.


Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.