ECLI:NL:RBAMS:2025:6006 Rechtbank Amsterdam , 01-08-2025 / 11684104 \ CV EXPL 25-6763
Gedaagde maakt gebruik van het door eiser geleverde drinkwater en moet daarom de rekeningen betalen. Dat hij geen overeenkomst heeft getekend maakt daarvoor niet uit.
3 min de lecture · 596 mots
Inhoudsindicatie. Gedaagde maakt gebruik van het door eiser geleverde drinkwater en moet daarom de rekeningen betalen. Dat hij geen overeenkomst heeft getekend maakt daarvoor niet uit.
RECHTBANK
AMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11684104 \ CV EXPL 25-6763
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 1 augustus 2025
in de zaak van
STICHTING WATERNET,
gevestigd te Amsterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: Waternet,
gemachtigde: Dw H.J. Jansen,
tegen
[gedaagde]
,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Bij dagvaarding van 16 april 2025 met producties, heeft Waternet een vordering tegen [gedaagde] ingesteld.
Op 1 augustus 2025 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. De zaak is behandeld door mr. M. van der Kaay, kantonrechter, en mr. M.E. Zwart da Silva Palma als griffier.
Namens Waternet is de gemachtigde verschenen. [gedaagde] is in persoon verschenen.
Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de kantonrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.
1De beoordeling
Waternet heeft een aansluiting voor drinkwater in de woning aan de [adres] en levert via die aansluiting drinkwater aan [gedaagde] . Volgens Waternet betaalt [gedaagde] niet voor het geleverde drinkwater. Waternet vordert daarom dat [gedaagde] € 973,85, met rente, en de kosten van deze procedure betaalt. [gedaagde] betwist dat hij een overeenkomst heeft getekend met Waternet. De kantonrechter oordeelt dat tussen partijen een overeenkomst voor het leveren van drinkwater bestaat en wijst de vordering toe. Dat wordt hierna uitgelegd.
[gedaagde] moet € 973,85 en rente betalen
[gedaagde] erkent dat hij gebruik maakt van het door Waternet geleverde drinkwater zonder daarvoor te betalen. Ter zitting is gebleken dat [gedaagde] wist dat de levering van drinkwater niet gratis is. Hij heeft desondanks structureel drinkwater verbruikt en zijn waterverbruik voortgezet nadat hij er door Waternet op is gewezen dat er meerdere facturen niet betaald zijn. Daarnaast heeft [gedaagde] ter zitting erkend dat hij in 2019 en 2021 – naar eigen zeggen per ongeluk – facturen van Waternet heeft betaald, zodat de kantonrechter tot de conclusie komt dat tussen Waternet en [gedaagde] een (stilzwijgende) overeenkomst tot stand is gekomen voor het leveren van drinkwater. Dat [gedaagde] geen contract heeft getekend voor de levering van het drinkwater, zoals [gedaagde] stelt, is daarvoor geen vereiste.
[gedaagde] heeft de hoogte van de vordering niet betwist. De vordering van Waternet tot betaling van € 973,85 is voldoende onderbouwd en zal dan ook toegewezen worden. Omdat [gedaagde] de facturen niet (op tijd) betaald heeft, wordt de wettelijke rente – zoals gevorderd – toegewezen vanaf de datum van dagvaarding.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op € 796,90, bestaande uit de kosten van de dagvaarding (€ 119,40), het griffierecht (€ 340,-), het salaris gemachtigde (2 x € 135,-) en de nakosten (€ 67,50).
2De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [gedaagde] om aan Waternet te betalen € 973,85, te verhogen met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Waternet begroot op € 796,90, eventueel te vermeerderen met de kosten van betekening, te betalen binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. M. van der Kaay, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de kantonrechter.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...