Pays-Bas Rechtbank Rotterdam Divers 20 августа 2025 N° 11808364 VV EXPL 25-432 NL

ECLI:NL:RBROT:2025:10155 Rechtbank Rotterdam , 20-08-2025 / 11808364 VV EXPL 25-432

Kort geding. Ex-partners in gezamenlijke huurwoning. Aan wie voorlopig exclusief gebruiksrecht toekennen? Afwijzen vanwege ontbreken spoedeisend belang.

Source officielle

6 min de lecture 1 130 mots

Inhoudsindicatie. Kort geding. Ex-partners in gezamenlijke huurwoning. Aan wie voorlopig exclusief gebruiksrecht toekennen? Afwijzen vanwege ontbreken spoedeisend belang.

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11808364 VV EXPL 25-432

datum uitspraak: 20 augustus 2025

Vonnis in kort geding van de kantonrechter

in de zaak van

[eiseres]
,

woonplaats: Vlaardingen,

eiseres,

gemachtigde: mr. B. van Gestel,

tegen

EURO-WIJZER B.V. in de hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [naam 1] die woont in Vlaardingen,

vestigingsplaats: Valkenswaard,

gedaagde,

gemachtigde: mr. S. Kara.

Partijen worden hierna ‘[eiseres]’ en ‘de bewindvoerder’ genoemd.

1De procedure

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

de dagvaarding van 29 juli 2025, met bijlagen 1 t/m 10;

het antwoord met een (voorwaardelijke) eis in reconventie, met bijlagen 1 t/m 7;

de brief van 5 augustus 2025 van mr. Kara, met bijlagen 8 t/m 14;

het stuk dat mr. Van Gestel tijdens zitting heeft overgelegd.

Op 6 augustus 2025 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig:

[eiseres] met mr. Van Gestel,

namens de bewindvoerder [naam 2] (via een digitale beeld- en geluidverbinding), mr. Kara en de heer [naam 1].

2De beoordeling

Waar gaat de zaak over?

[eiseres] en [naam 1] zijn ex-partners, maar wonen nog samen met de twee kinderen van [eiseres] in de huurwoning aan de [adres] waarvan zij beide medehuurder zijn. [eiseres] is in november 2023 met haar kinderen naar Nederland gekomen en ingetrokken bij [naam 1]. Sinds april 2024 huren zij samen de huidige eengezinswoning. [eiseres] vindt dat de ontstane woonsituatie niet in het belang is van haar kinderen. Volgens haar is ruim een jaar na het verbreken van haar affectieve relatie met [naam 1], ondanks toezeggingen van zijn bewindvoerder, niets concreet over een moment waarop [naam 1] de woning zal verlaten. [eiseres] eist nu dat [naam 1] wordt veroordeeld de woning binnen twee weken te verlaten en ontruimen en om haar voorlopig het gebruiksrecht van de woning toe te kennen. De bewindvoerder wil dat de eis wordt afgewezen of dat een ruimere ontruimingstermijn van zes maanden wordt vastgesteld. Als voorwaardelijke tegeneis vraagt de bewindvoerder het gebruiksrecht van de woning voorlopig aan [naam 1] toe te kennen. De kantonrechter wijst de eis van [eiseres] af en komt niet toe aan de eis van de bewindvoerder. De beslissing wordt hierna uitgelegd.

Het toetsingskader in kort geding

Een eis in kort geding kan worden toegewezen als de partij die de voorziening vraagt hierbij zoveel spoed heeft dat die partij de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten. Bij die beoordeling is van belang hoe aannemelijk het is dat de eis in een gewone procedure wordt toegewezen. Verder moet het belang dat [eiseres] heeft bij toewijzing van de eis worden meegewogen en de gevolgen hiervan voor [naam 1] als deze uitspraak later wordt teruggedraaid.

Spoedeisendheid

De eis van [eiseres] wordt afgewezen, omdat de vereiste spoedeisendheid ontbreekt.

Volgens [eiseres] is de spoedeisendheid gelegen in de omstandigheid dat nu ruim een jaar na het einde van de relatie, ondanks toezeggingen van de bewindvoerder over het vertrek van [naam 1] uit de huurwoning, nog steeds geen concrete afspraken zijn gemaakt en onduidelijk blijft met welke termijn [eiseres] rekening moet houden. De partijen zijn het niet eens over het moment in 2024 waarop de affectieve relatie is geëindigd, maar [eiseres] – op wie de stelplicht rust – stelt zelf dat sinds het einde van de relatie ruim een jaar is verstreken. Daarvan uitgaande is onduidelijk waarom nu een onmiddellijke voorziening bij voorraad nodig is en waarom [eiseres] niet de uitkomst van een (in de woorden van [eiseres]: zo nodig te starten) gewone procedure over de exclusieve voortzetting kan afwachten. [eiseres] heeft namelijk geen feiten of omstandigheden naar voren gebracht waaruit spoedeisendheid kan worden afgeleid. Zo is de woonsituatie c.q. feitelijke verdeling van de woonruimtes tussen [naam 1] en [eiseres] sinds het einde van de relatie blijkbaar ongewijzigd. Die verdeling is dat [eiseres] en de twee kinderen verblijven in de drie slaapkamers boven, dat [naam 1] verblijft in de woonkamer beneden en dat de keuken, badkamer en wc voor gezamenlijk gebruik zijn.

Ook als wel een spoedeisend belang was aangenomen, was de eis van [eiseres] afgewezen. De kantonrechter kan bij de huidige stand van zaken zoals gepresenteerd door de partijen namelijk niet vaststellen dat de situatie onhoudbaar is en dat, daarom, een onmiddellijke voorziening moet worden getroffen die erop neerkomt dat [naam 1] de woning moet verlaten. [eiseres] legt aan haar eis ten grondslag dat de ontwikkeling van haar twee minderjarige kinderen in het gedrang komt door de woonsituatie, maar zij onderbouwt dat op geen enkele manier. Voor een van de twee kinderen is een verklaring van een docent over zijn gedrag en houding op school in het geding gebracht, maar enig verband tussen dat gedrag op school en de woonsituatie wordt (daarin) niet gesteld, laat staan aannemelijk gemaakt. [eiseres] betoogt verder dat zij zich in een kwetsbare en onzekere positie bevindt, omdat zij voor het betalen van de huur afhankelijk is van de bewindvoerder van [naam 1]; er is al een keer een huurachterstand ontstaan die ook weer is afgelost. De kantonrechter overweegt hierover dat [eiseres] als medehuurder hoofdelijk aansprakelijk is voor de betaling van de huur en op dat punt dus ook zelf verantwoordelijkheid kan nemen. Dat geldt in dit geval des te meer omdat zij, zoals ter zitting is besproken, zelf een inkomen geniet en pas zeer recent, terwijl zij al langer werkt, is gaan meebetalen aan de huur. De kantonrechter is verder van oordeel dat het in de concrete omstandigheden van dit geval te ver voert om enkel op basis van een belangenafweging voorlopig het exclusief gebruiksrecht aan de ene medehuurder toe te kennen (en dat daarmee dus te ontzeggen aan de ander).

Voorwaardelijke tegeneis

De kantonrechter komt niet toe aan het beoordelen van de voorwaardelijke tegeneis van de bewindvoerder. Die eis is ingesteld voor het geval de kantonrechter ter zake de eis van [eiseres] oordeelt dat er spoedeisend belang is en dat het nodig is dat een van de ex-partners de woning moet verlaten. Tijdens de zitting heeft de gemachtigde van de bewindvoerder toegelicht dat (dus) niet op haar eis hoeft te worden beslist als de kantonrechter de eis van [eiseres] afwijst. Omdat de eis van [eiseres] wordt afgewezen, wordt de eis van de bewindvoerder niet beoordeeld.

Iedere partij draagt de eigen proceskosten

De kantonrechter bepaalt dat de partijen de eigen proceskosten dragen. Dat betekent dat zij geen vergoeding hoeven te betalen voor de kosten die de andere partij heeft gemaakt.

3De beslissing

De kantonrechter:

wijst de eis van [eiseres] af;

bepaalt dat de partijen de eigen proceskosten dragen.

Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken.

34286


Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.