Pays-Bas Rechtbank Rotterdam Divers 24 июня 2025 N° C/10/701217 / JE RK 25-1186 NL

ECLI:NL:RBROT:2025:12043 Rechtbank Rotterdam , 24-06-2025 / C/10/701217 / JE RK 25-1186

Verlenging muhp na spoed.

Source officielle

11 min de lecture 2 305 mots

Inhoudsindicatie. Verlenging muhp na spoed.

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaaknummer: C/10/701217 / JE RK 25-1186

Datum uitspraak: 24 juni 2025

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Jeugdreclassering,

hierna te noemen: de GI, gevestigd te Rotterdam,

over

[minderjarige 1]
,

geboren op [geboortedatum 1] 2012 in [geboorteplaats] , hierna te noemen: [voornaam minderjarige 1] ,

[minderjarige 2]
,

geboren op [geboortedatum 2] 2017 in [geboorteplaats] , hierna te noemen: [voornaam minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder]
,

hierna te noemen: de moeder, wonende in [woonplaats 1] ,

advocaat: mr. E.J. van Pelt, kantoorhoudende te Zwijndrecht,

[naam vader]
,

hierna te noemen: de vader, wonende in [woonplaats 2] ,

advocaat: mr. T.S. Kessel, kantoorhoudende te Dordrecht.

1Het verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

de beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van 11 juni 2025 en de daaraan ten grondslag liggende stukken;

het e-mailbericht van de vader van 22 juni 2025, ontvangen op 23 juni 2025;

het e-mailbericht van Yulius [naam locatie] van 23 juni 2025, ontvangen op 24 juni 2025.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 24 juni 2025. Daarbij waren aanwezig:

de moeder met haar advocaat;

de vader met zijn advocaat;

— een tweetal vertegenwoordigers van de GI, [persoon A] en [persoon B] .

De kinderrechter heeft [voornaam minderjarige 1] naar zijn mening gevraagd. [voornaam minderjarige 1] heeft hierover een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [voornaam minderjarige 1] heeft verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

2De feiten

De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] .

[voornaam minderjarige 1] verblijft binnen het netwerk, te weten bij de oom moederszijde (mz).

[voornaam minderjarige 2] verblijft binnen het netwerk, te weten bij de grootouders vaderszijde (vz).

Bij beschikking van 6 februari 2025 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] verlengd tot 22 februari 2026.

Bij beschikking van 11 juni 2025 heeft de kinderrechter een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg, te weten binnen het netwerk, verleend tot 9 juli 2025. Het overig verzochte is aangehouden.

3Het aangehouden verzoek

De GI heeft een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg, te weten binnen het netwerk, verzocht voor de duur van vier weken en aansluitend een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] voor de duur van de ondertoezichtstelling. Bij beschikking van 11 juni 2025 is reeds een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] verleend voor de duur van vier weken, te weten tot 9 juli 2025. Partijen dienen hierop nog te worden gehoord. Daarbij resteert nog een beslissing op het verzoek uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] voor de duur van de ondertoezichtstelling, te weten tot 22 februari 2026.

De GI handhaaft het resterende verzoek tijdens de mondelinge behandeling en licht het als volgt toe. [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] zijn op 11 juni 2025 met spoed uit huis geplaatst, nadat de moeder een suïcidepoging heeft ondernomen. De vader was door een geplande vakantie op dat moment niet in staat om de kinderen op te vangen, maar hij heeft wel geholpen met het vinden van opvang binnen het netwerk. Sindsdien verblijft [voornaam minderjarige 1] bij de oom mz en [voornaam minderjarige 2] bij de grootouders vz. Ondanks dat het inmiddels weer beter gaat met de moeder, is een terugplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] bij haar of bij de vader nog niet aan de orde. De kinderen ervaren al een lange periode last van de zware echtscheidingsproblematiek tussen de ouders en daarnaast is sprake van kindeigen problematiek. Het is van belang dat de kinderen voorlopig niet in de oude gespannen situatie worden teruggeplaatst, zodat voor hen een passende behandeling kan worden gestart. [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] zijn hiertoe aangemeld bij Yulius. Voor die behandeling is rust in de thuissituatie nodig. Die behandeling kan niet worden gegeven, zolang de kinderen in de strijd tussen de ouders blijven zitten, aldus Yulius. De aankomende week zal vanuit Yulius duidelijk worden of een klinische opname voor een negen-maandelijkse behandeling voor de kinderen passend wordt geacht of dat een ambulante behandeling beter is. Vervolgens zal ook meer duidelijkheid komen over waar de kinderen de aankomende periode het beste kunnen verblijven. Dit kan dan een klinische opname bij Yulius zijn, maar in geval de kinderen ambulant behandeld gaan worden een plaatsing in een gezinshuis of binnen het netwerk. De GI heeft de tijd nodig om de situatie verder te onderzoeken en om verdere stappen te zetten. Een periode van drie maanden, zoals door de vader wordt verzocht, is hiervoor te kort. De GI benadrukt dat de door haar gezette stappen en de nog te nemen stappen zorgvuldig zijn overwogen en dat geen sprake is van partijdigheid. Dit is in gesprekken met de school van de kinderen en de ouders meerdere malen uitgelegd, waarbij de school de situatie ook begreep. Tegen die achtergrond is de brief vanuit de school van de kinderen niet goed te plaatsen.

4De standpunten

Door en namens de moeder wordt tijdens de mondelinge behandeling het volgende naar voren gebracht. De moeder heeft de afgelopen periode veel stress ervaren van de aanhoudende echtscheidingsproblematiek met de vader en de mogelijke uithuisplaatsing van de kinderen. Dit werd de moeder te veel. Zij heeft uiteindelijk een suïcidepoging ondernomen, waarna de kinderen met spoed uit huis zijn geplaatst. De moeder begrijpt dat het incident niet had mogen gebeuren. Hoewel het inmiddels beter met haar gaat, begrijpt zij dat een terugplaatsing van de kinderen nog niet aan de orde is. De moeder moet eerst de rust en de ruimte krijgen om aan zichzelf te werken, voordat zij weer voor de kinderen kan zorgen. Daarnaast moet voor de kinderen een passende behandeling worden gestart. De moeder vertrouwt erop dat de oom mz in de tussentijd goed voor [voornaam minderjarige 1] zal zorgen. Ook vertrouwt de moeder erop dat [voornaam minderjarige 2] bij de grootouders vz op een goede plek is. Wel vindt zij het jammer dat haar contact met [voornaam minderjarige 2] door de tussenkomst van de vader wordt belemmerd. Een klinische opname van [voornaam minderjarige 2] bij Yulius of een wisselend verblijf van [voornaam minderjarige 2] bij de grootouders vz en de grootouders mz is daarom beter. [voornaam minderjarige 1] zou wel bij de oom mz kunnen blijven, tenzij Yulius aangeeft dat ook voor hem een klinische opname beter is. De moeder hoopt dat de GI in de tussentijd tussen de ouders kan bemiddelen, zodat zij beiden met allebei de kinderen in contact kunnen blijven. De moeder begrijpt dat de GI tijd nodig heeft om de situatie verder te onderzoeken en om verdere stappen te zetten. Het lijkt de moeder echter beter om de situatie over drie maanden nogmaals te evalueren, in plaats van dat de machtiging tot uithuisplaatsing van de kinderen voor de volledige duur van de ondertoezichtstelling wordt verlengd.

Door en namens de vader wordt tijdens de mondelinge behandeling verzocht om de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] te verlengen voor de duur van drie maanden en het overig verzochte aan te houden. De kinderrechter beschikt op dit moment over onvoldoende (juiste) informatie om de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] voor een langere periode te kunnen verlengen en de regie tot die tijd volledig bij de GI te leggen. Zo is op dit moment nog niet duidelijk of en welke behandeling vanuit Yulius voor de kinderen kan worden ingezet en waar de kinderen vervolgens het beste kunnen verblijven. Daarnaast is door de GI foutieve informatie over de vader in de stukken opgenomen. Zo wordt de actieve en constructieve betrokkenheid van de vader bij de netwerkplaatsing van de kinderen niet benoemd en worden bepaalde zorgen met betrekking tot de vader in de stukken opgenomen als vaststaande feiten, zonder dat deze zorgen zijn onderzocht of onderbouwd. Het e-mailbericht vanuit Yulius [naam locatie] bevestigt dit. Dit bericht spreekt van een onvolledig, eenzijdig dossier en van een GI die onprofessioneel is. Het is van belang dat de situatie de aankomende drie maanden beter wordt onderzocht en dat duidelijk wordt welke stappen in het belang van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] noodzakelijk zijn. [voornaam minderjarige 2] zou vervolgens weer bij de vader teruggeplaatst kunnen worden. Hij heeft sinds oktober 2024 een eigen woning en de weekenden waarin [voornaam minderjarige 2] bij de vader verblijft, verlopen goed. In de tussentijd hoopt de vader dat praktische zaken geregeld kunnen worden, zoals taxivervoer van en naar school voor [voornaam minderjarige 2] . Ook hoopt de vader dat hij weer met [voornaam minderjarige 1] in contact kan komen.

5De beoordeling

Bij beschikking van 11 juni 2025 zijn [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] met spoed uit huis geplaatst, omdat door de suïcidepoging van de moeder een acute situatie ontstond en de kinderen direct iemand nodig hadden die voor hen kon zorgen. De vader heeft zich hierbij constructief opgesteld en zich ingezet om de kinderen binnen het netwerk geplaatst te krijgen. Sindsdien verblijft [voornaam minderjarige 1] bij de oom mz en [voornaam minderjarige 2] bij de grootouders vz. Inmiddels gaat het beter met de moeder. Tussen de ouders is echter nog steeds sprake van veel spanning en strijd. Dit beïnvloedt het welzijn en de ontwikkeling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] . Daarnaast is bij [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] sprake van kindeigenproblematiek. Het is van belang dat voor de kinderen een passende behandeling wordt ingezet. Daarvoor is nodig dat zij rust en ruimte ervaren en niet worden belast met de strijd tussen de ouders. Een terugplaatsing van de kinderen bij één van de ouders is reeds daarom op dit moment nog niet mogelijk. De aankomende periode dient duidelijk te worden welke behandeling voor [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] passend is (klinisch of ambulant) en waar zij gedurende deze behandeling het beste kunnen verblijven.

Gelet op het voorgaande is de kinderrechter van oordeel dat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding. De kinderrechter zal de reeds verleende spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] in het netwerk daarom in stand houden en verlengen. Hoewel de kinderrechter inziet dat meer tijd nodig is om verdere stappen te kunnen zetten voor de kinderen, zal de kinderrechter toch de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] verlengen voor een kortere periode dan door de GI is verzocht. Binnen drie maanden zal duidelijk worden of de kinderen klinisch kunnen worden behandeld en in het geval dat niet zo is, wat dan het verdere plan is. De kinderrechter zal de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg, te weten binnen het netwerk, daarom verlengen voor de duur van drie maanden en het overig verzochte aanhouden tot de hierna te noemen zittingsdatum.

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

De kinderrechter verzoekt de GI om uiterlijk twee weken voor de hierna te noemen zittingsdatum de kinderrechter (met afschrift aan de moeder, de vader, mr. E.J. van Pelt en mr. T.S. Kessel) te rapporteren over de stand van zaken en daarbij aan te geven of het resterende deel van het verzoek al dan niet wordt gehandhaafd.

6De beslissing

De kinderrechter:

houdt de reeds verleende spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg, te weten binnen het netwerk, van 11 juni 2025 tot 9 juli 2025 in stand;

verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg, te weten binnen het netwerk, tot 9 oktober 2025;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

en alvorens verder te beslissen:

houdt de behandeling voor het overig verzochte aan en bepaalt dat het verhoor van de GI, de moeder, de vader, mr. E.J. van Pelt en mr. T.S. Kessel zal plaatsvinden op 25 september 2025 om 13:30 uur, in het gerechtsgebouw te Rotterdam, Wilhelminaplein 100-125;

de zaak zal op genoemde zittingsdatum en tijdstip, behoudens onvoorziene omstandigheden, worden behandeld door mr. G.M. Paling, kinderrechter;

bepaalt dat een afschrift van deze beschikking geldt als oproeping van de GI, de moeder, de vader, mr. E.J. van Pelt en mr. T.S. Kessel;

gelast de oproeping van [voornaam minderjarige 1] tegen genoemde zittingsdatum en tijdstip;

verzoekt de GI om uiterlijk twee weken voor de genoemde zittingsdatum de kinderrechter (met afschrift aan de moeder, de vader, mr. E.J. van Pelt en mr. T.S. Kessel) de verzochte briefrapportage te doen toekomen.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2025 door mr. H. Benaissa, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. L.L.N. Snijder als griffier, en op schrift gesteld op 4 juli 2025.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Voetnoten

  1. Artikel 1:265c, tweede lid, Burgerlijk Wetboek.

Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.