ECLI:NL:RVS:2021:14 Raad van State , 05-01-2021 / 202007115/1/A2
Bij besluit van 28 december 2020 heeft het centraal stembureau op verzoek van de politieke groepering EVERT! de aanduiding ‘EVERT!’ ingeschreven in het register ten behoeve van de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
2 min de lecture · 395 mots
Inhoudsindicatie. Bij besluit van 28 december 2020 heeft het centraal stembureau op verzoek van de politieke groepering EVERT! de aanduiding ‘EVERT!’ ingeschreven in het register ten behoeve van de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
202007115/1/A2.
Datum uitspraak: 5 januari 2021
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[appellant], wonend te [woonplaats],
en
de Kiesraad, handelend als centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,
verweerder.
Openbare zitting gehouden op 5 januari 2021 om 9.30 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. C.H.M. van Altena, voorzitter
Staatsraad mr. N. Verheij, rapporteur
Staatsraad mr. E.A. Minderhoud, lid
mr. R.J.R. Hazen, griffier
Verschenen:
[appellant], in persoon;
de Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. R.N.A. Al;
EVERT!, vertegenwoordigd door [gemachtigde].
Bij besluit van 28 december 2020 heeft het centraal stembureau op verzoek van de politieke groepering EVERT! de aanduiding ‘EVERT!’ ingeschreven in het register ten behoeve van de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tegen dit besluit heeft [appellant] beroep ingesteld.
Het centraal stembureau heeft een verweerschrift ingediend.
EVERT! heeft een schriftelijke uiteenzetting ingediend.
Partijen hebben op de zitting een mondelinge toelichting gegeven en vragen beantwoord. [appellant] heeft daarbij schriftelijke aantekeningen overgelegd.
Na beraad in raadkamer is de zitting hervat en heeft de voorzitter de beslissing uitgesproken.
Beslissing:
De Afdeling verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Daartoe overweegt zij het volgende.
Het belang van [appellant] is niet rechtstreeks betrokken bij de registratie van de aanduiding. Hij is geen belanghebbende in de zin van artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. [appellant] heeft aangevoerd dat hij belanghebbende is, omdat hij de voornaam ‘Evert’ heeft. Dit brengt geen belanghebbendheid met zich, omdat hij zich daarin niet onderscheidt van vele anderen met diezelfde voornaam.
Ten overvloede en ter voorlichting van partijen: indien het beroep ontvankelijk zou zijn geweest, zou het geen kans van slagen hebben gehad, omdat geen van de in artikel G 1, vierde lid, van de Kieswet vermelde gronden voor afwijzing van het verzoek om inschrijving hier van toepassing is.
De voorzitter is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
De griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
452.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...