ECLI:NL:PHR:2025:679 Parket bij de Hoge Raad , 17-06-2025 / 23/03681
Conclusie AG. Beklagzaak 552a Sv. Na instellen cassatieberoep is in beslag genomen geld teruggegeven aan klager middels verrekening ingevolge art. 6:1:13 Sv met openstaande bedragen bij CJIB. Beslag is desalniettemin geëindigd ingevolge art. 134.2a Sv. Conclusie strekt tot n.o.-verklaring van klager in het cassatieberoep.
3 min de lecture · 517 mots
Inhoudsindicatie. Conclusie AG. Beklagzaak 552a Sv. Na instellen cassatieberoep is in beslag genomen geld teruggegeven aan klager middels verrekening ingevolge art. 6:1:13 Sv met openstaande bedragen bij CJIB. Beslag is desalniettemin geëindigd ingevolge art. 134.2a Sv. Conclusie strekt tot n.o.-verklaring van klager in het cassatieberoep.
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 23/03681 B
Zitting 17 juni 2025
CONCLUSIE
T.N.B.M. Spronken
In de zaak
[klager] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de klager
1Het cassatieberoep
De rechtbank Rotterdam heeft bij beschikking van 21 september 2023 het ex art. 552a Sv ingediende klaagschrift strekkende tot opheffing van het beslag en tot teruggave van het inbeslaggenomen geldbedrag ten bedrage van € 700,- ongegrond verklaard.
Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager. J.J.J. van Rijsbergen, advocaat in Breda, heeft één middel van cassatie voorgesteld. Het middel richt zich tegen het oordeel van de rechtbank dat het strafvorderlijk belang van waarheidsvinding zich verzet tegen opheffing van het beslag.
2Ontvankelijkheid cassatieberoep
Ik kom aan de bespreking van het middel niet toe gelet op het volgende.
Op grond van de stukken van het geding kan worden vastgesteld dat de klager op 30 november 2023 in de hoofdzaak is veroordeeld voor diefstal van een fiets door middel van verbreking. In het vonnis heeft de politierechter beslist over het beslag ten aanzien van diverse voorwerpen, maar niet over het bij de klager inbeslaggenomen geldbedrag.
Uit namens mij ingewonnen inlichtingen bij het openbaar ministerie is gebleken dat op 1 december 2023 door het openbaar ministerie is beslist tot teruggave van het onder de klager in beslag genomen geldbedrag van € 700,- aan de klager en tot uitbetaling van dit bedrag aan het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB) ter verrekening met bedragen die de klager vanwege onherroepelijke strafrechtelijke beslissingen aan de staat verschuldigd was.
Over deze verrekening is de klager door het CJIB op 27 december 2023 middels een brief geïnformeerd. Daarbij is aan de klager medegedeeld dat het door het openbaar ministerie inbeslaggenomen geld is gebruikt om openstaande zaken bij het CJIB te betalen met de vermelding in welke zaken (aangeduid met CJIB-nummers) verrekening heeft plaatsgevonden en dat in één van deze zaken nu nog een bedrag van € 161,52 openstaat.
Door de teruggave van het geldbedrag aan de klager (beslagene) is het beslag ingevolge art. 134 lid 2 onder a Sv geëindigd. Daardoor heeft de klager geen belang meer bij zijn cassatieberoep tegen de beschikking van de rechtbank, zodat hij daarin niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Dat het geldbedrag vanwege de op grond van art. 6:1:13 Sv toegepaste verrekening uiteindelijk de facto bij het CJIB is terechtgekomen en niet bij de klager, maakt dat naar mijn oordeel niet anders.
3Slotsom
Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in zijn cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Voetnoten
- Tot deze verrekening is het openbaar ministerie ingevolge art. 6:1:13 Sv bevoegd.
- Kenmerk IPR 1852134 met vermelding van parketnummer 10-244272-2.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...