Pays-Bas Rechtbank Rotterdam Divers 26 5 月 2025 N° C/10/699803 FA RK 25-3835 NL

ECLI:NL:RBROT:2025:10189 Rechtbank Rotterdam , 26-05-2025 / C/10/699803 FA RK 25-3835

Beschikking van de rechtbank over de schorsing van het gezag

Source officielle

7 min de lecture 1,431 mots

Inhoudsindicatie. Beschikking van de rechtbank over de schorsing van het gezag

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaaknummer: C/10/699803 / FA RK 25-3835

Datum uitspraak: 26 mei 2025

Beschikking van de rechtbank over de schorsing van het gezag

in de zaak van

de Raad voor de Kinderbescherming,

gevestigd te Rotterdam, hierna te noemen de Raad,

over

[minderjarige]
,

geboren op [geboortedatum 1] 2010 in [geboorteplaats 1] , hierna te noemen [minderjarige] .

De rechtbank merkt als belanghebbenden aan:

[de moeder]
,

hierna te noemen de moeder, zonder vaste woon- of verblijfplaats.

De rechtbank merkt als informant aan:

[de oma] , de oma (moederszijde), hierna te noemen de oma.

1Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

– het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 19 mei 2025;

– e-mail van de Raad van 20 mei 2025.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 26 mei 2025. Daarbij waren aanwezig:

– een vertegenwoordiger van de Raad, [vertegenwoordiger 1] ;

– een vertegenwoordiger van de GI, [vertegenwoordiger 2] ;

– de oma.

De moeder is niet verschenen. De rechtbank stelt vast dat de moeder wel juist is opgeroepen.

De rechtbank heeft [minderjarige] naar haar mening gevraagd. [minderjarige] heeft hierover een gesprek gevoerd met de rechtbank. Tijdens de zitting heeft de rechtbank samengevat wat [minderjarige] heeft verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

2De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

[minderjarige] verblijft bij de oma.

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 12 maart 2025 [minderjarige] onder toezicht gesteld tot 12 juni 2025.

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 12 maart 2025 een spoedmachtiging verleend [minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen binnen het netwerk, gevolgd door plaatsing in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 12 juni 2025.

3Het verzoek

De Raad verzoekt de moeder geheel te schorsen in de uitoefening van het gezag en de GI te belasten met de voorlopige voogdij over [minderjarige] en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

De Raad heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. Er loopt al gedurende een lange periode een ondertoezichtstelling en een machtiging uithuisplaatsing voor [minderjarige] . De GI is al een ruime periode intensief betrokken bij het gezin. Het gezin heeft een belast verleden, waaronder huiselijk geweld en verslavingsproblematiek bij de moeder. Reeds in 2019 is onderzoek gedaan naar het perspectief van [minderjarige] . Uit dit onderzoek is naar voren gekomen dat het perspectief van [minderjarige] niet bij de moeder thuis ligt. [minderjarige] begrijpt waarom het verzoek tot schorsing van het gezag van de moeder wordt gedaan. Zij ervaart dat de moeder onvoldoende zaken voor haar regelt.

4Het standpunt van de GI

De GI sluit zich aan bij het verzoek van de Raad en heeft ter zitting het volgende naar voren gebracht. De GI is eerder betrokken geweest bij het gezin en kent de moeder al lange tijd. De situatie van de moeder is de afgelopen periode verslechterd. Zij heeft haar woning verloren en is momenteel feitelijk dakloos. De moeder lijkt de zorg voor [minderjarige] niet te kunnen dragen. De ouder-kind relatie tussen de moeder en [minderjarige] is verstoord. Belangrijke praktische zaken, zoals de inschrijving van [minderjarige] bij de gemeente, regelt de oma. De moeder neemt hierin geen verantwoordelijkheid. Dit gedrag past binnen een breder patroon: ook ten aanzien van haar andere kinderen heeft de moeder inmiddels het gezag verloren. Ondanks dat er een positieve samenwerkingsrelatie is tussen de moeder en de GI, waarbij de moeder aanwijzingen vanuit de GI tolereert, volgt zij deze aanwijzingen niet op. Hoewel de moeder heeft aangegeven het gezag over [minderjarige] te willen behouden, lijkt zij te berusten in het verzoek van de Raad. Tot slot meldt de GI dat de vader recent contact heeft opgenomen met het verzoek tot contactherstel met [minderjarige] . De GI zal dit contact begeleiden.

5Het standpunt van de oma

De oma sluit zich ter zitting aan bij het verzoek van de Raad en licht dit als volgt toe. De moeder woont op dit moment bij de oma. De oma spoort de moeder aan om hulp te zoeken voor haar verslaving, maar de moeder ontkent verslaafd te zijn. Hoewel de moeder biologisch ouder is van [minderjarige] , vervult zij geen moederrol en kan zij niets voor haar betekenen. De ouder-kindrelatie tussen [minderjarige] en de moeder is verstoord. De oma draagt al geruime tijd de zorg voor [minderjarige] , evenals voor de andere broers en zus van [minderjarige] . Door haar eigen fysieke conditie en de zorg voor haar echtgenoot kan zij deze zorg niet langer dragen. Gezien deze omstandigheden is het van belang dat de GI kan ondersteunen bij het regelen van belangrijke zaken voor [minderjarige] , zodat er snel een veilige en stabiele plek voor haar kan worden gevonden en de oma de zorg met een gerust hart kan overdragen.

6De beoordeling

De kinderrechter overweegt dat zij op grond van artikel 1:268, eerste lid, sub a, en 1:266, eerste lid, sub a van het Burgerlijk Wetboek (BW), een ouder geheel of gedeeltelijk in de uitoefening van het gezag kan schorsen, indien de maatregel noodzakelijk is om een acute en ernstige bedreiging voor de minderjarige weg te nemen. Er dient dan een ernstig vermoeden te bestaan dat een minderjarige zodanig opgroeit dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en de ouder niet in staat is binnen een voor de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding te dragen.

Uit het verzoek en de behandeling ter zitting volgt dat de moeder niet in staat is gebleken belangrijke beslissingen te nemen ten aanzien van [minderjarige] . [minderjarige] verblijft inmiddels ruim 4 maanden in Nederland. Hoewel de GI de moeder hiertoe verschillende keren heeft aangespoord, zijn er tot op heden zijn er geen zaken geregeld omtrent de aanvraag van een geldig identiteitsbewijs, een zorgverzekering of school. De moeder geeft onvoldoende uitvoering aan haar gezag en de samenwerkingsrelatie met de GI is onvoldoende effectief. Hierdoor stagneert [minderjarige] in haar ontwikkeling en dit zal verergeren indien belangrijke zaken niet snel voor haar worden geregeld. De komende tijd is het van belang dat de school en dagbesteding van [minderjarige] worden geregeld en dat er een passende plek op een groep voor [minderjarige] wordt gevonden, zodat de oma ontlast wordt in de intensieve zorgtaak die zij momenteel draagt. De GI is op dit moment het beste in staat om de belangen van [minderjarige] te behartigen, omdat zij al langer betrokken zijn in het kader van de ondertoezichtstelling van [minderjarige] .

De rechtbank is daarom van oordeel dat aan het criterium van artikel 1:268, eerste lid, onder a BW is voldaan en wijst het verzoek tot schorsing van de moeder in de uitoefening van het gezag toe.

Op grond van artikel 1:268, derde lid, BW belast de rechtbank de GI met de voorlopige voogdij over [minderjarige] .

De rechtbank verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

7De beslissing

De rechtbank:

schorst [de moeder] , geboren op [geboortedatum 2] 1979 in [geboorteplaats 2] in de uitoefening van het ouderlijk gezag over [minderjarige] met ingang van heden tot 26 augustus 2025;

bepaalt dat de schorsing ook na 26 augustus 2025 doorloopt, wanneer voor die datum bij de rechtbank een verzoek tot beëindiging van het ouderlijk gezag is ingediend. De schorsing loopt dan door totdat op dit verzoek tot beëindiging van het gezag is beslist;

belast de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond met de voorlopige voogdij over [minderjarige] ;

bepaalt dat aan de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond alle bevoegdheden ten aanzien van de persoon en het vermogen van de minderjarige die in het belang van de minderjarige noodzakelijk zijn, worden toegekend;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

vraagt de griffier om van deze beslissing een aantekening te maken in het gezagsregister.

Deze beschikking is mondeling gegeven door mr. A.J. van Dijk, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 26 mei 2025, in aanwezigheid van L.E. Vos als griffier, en op schrift gesteld op 16 juni 2025.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.


Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.