ECLI:NL:RBGEL:2025:9590 Rechtbank Gelderland , 21-03-2025 / 0503240921
Verlenging tbs-maatregel met één jaar. De rechtbank heeft het verzoek zorgmachtiging afgewezen, omdat de rechtbank het beëindigen van de maatregel en het overgaan op het kader van een zorgmachtiging nog niet verantwoord acht, mede gelet op het aantal terugvallen en het feit dat betrokkene is gestopt met de verslavingsbehandeling. Betrokkene zou dan ambulant gecontroleerd worden en dat biedt op ...
8 min de lecture · 1 614 mots
Inhoudsindicatie. Verlenging tbs-maatregel met één jaar. De rechtbank heeft het verzoek zorgmachtiging afgewezen, omdat de rechtbank het beëindigen van de maatregel en het overgaan op het kader van een zorgmachtiging nog niet verantwoord acht, mede gelet op het aantal terugvallen en het feit dat betrokkene is gestopt met de verslavingsbehandeling. Betrokkene zou dan ambulant gecontroleerd worden en dat biedt op dit moment onvoldoende bescherming. De rechtbank merkt op dat het kader van een zorgmachtiging bij een volgende verlengingszitting mogelijk wel aan de orde zou kunnen zijn, als betrokkene verbetering van zijn gedrag laat zien, bijvoorbeeld door de verslavingsbehandeling opnieuw op te pakken en te laten zien die serieus te nemen. Betrokkene krijgt het komende jaar de kans dit te laten zien.
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05/032409-21
Datum uitspraak: 21 maart 2025
Beslissing van de meervoudige kamer als bedoeld in artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[betrokkene] , (hierna: betrokkene)
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,
verblijvende aan de [verblijfplaats 1] .
Raadsvrouw: mr. S.C. Sassen, advocaat te Utrecht.
Procedure
Betrokkene is op 21 oktober 2021 bij vonnis van de rechtbank Gelderland te Arnhem
veroordeeld tot 276 dagen gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met voorwaarden. Deze
maatregel is ingegaan op 5 november 2021 en het laatst verlengd bij beslissing van deze
rechtbank van 24 november 2023.
Bij vordering van 20 september 2024, ingekomen op diezelfde datum, heeft de officier van
justitie gevorderd dat deze maatregel wordt verlengd voor de duur van twee jaren.
De vordering is op 15 november 2024 ter zitting behandeld door deze rechtbank. De officier van justitie heeft de vordering gewijzigd en gevorderd om de tbs met voorwaarden met een jaar te verlengen. Op 29 november 2024 heeft de rechtbank in een tussenbeslissing het onderzoek heropend en de officier van justitie de opdracht gegeven een onderzoek te initiëren naar de mogelijkheden van een zorgmachtiging voor betrokkene.
Op 27 februari 2025 heeft de officier van justitie bij de griffie van deze rechtbank een verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, voor de duur van zes maanden, ingediend. Dit verzoek is tegelijkertijd met de vordering tot verlenging van de maatregel behandeld op de zitting van 7 maart 2025.
De rechtbank heeft verder kennis genomen van de volgende processtukken die, in aanvulling op de stukken die in de tussenbeslissing worden genoemd, na de zitting van 15 november 2024 aan het dossier zijn toegevoegd:
de officiële waarschuwing van de reclassering van 24 januari 2025;
het voortgangsverslag van de reclassering van 24 februari 2025.
Ter zitting van 7 maart 2025 zijn gehoord:
betrokkene;
zijn raadsvrouw mr. S.C. Sassen;
de deskundige I.J.G.I. Hoegen-Brinkman, reclasseringswerker;
de deskundige M.A.C. Mgbenema, psychiater en zorgverantwoordelijke (gehoord in het kader van de gelijktijdige behandeling van het verzoek zorgmachtiging); en
de officier van justitie, mr. A.C. Waterman.
De standpunten
De officier van justitie heeft ter zitting de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar gehandhaafd. Zij heeft aangevoerd dat sinds de vorige zitting betrokkene twee keer een terugval in drugsgebruik – en als gevolg daarvan een time-out – heeft gehad. Dat bevestigt haar eerder ingenomen standpunt dat het op dit moment onverantwoord is om over te gaan op een zorgmachtiging Er is in ieder geval nog een jaar nodig om het drugsgebruik verder te beteugelen. Het verzoek zorgmachtiging dient dan ook te worden afgewezen.
De raadsvrouw van betrokkene heeft gepleit de vordering om de maatregel te verlengen met één jaar af te wijzen en het eveneens aanhangige verzoek zorgmachtiging toe te wijzen. De terugval in drugsgebruik is een terugkerend patroon, vaak in aanloop naar een zitting. De onafhankelijke deskundigen hebben aangegeven dat het risico binnen het kader van een zorgmachtiging wordt ingeschat als laag.
De beoordeling
Indexdelict
De terbeschikkingstelling is opgelegd vanwege bedreiging met enig misdrijf tegen het leven
gericht en het bezit van een vuurwapen en munitie.
Stoornis
Uit de deskundigenrapporten blijkt dat betrokkene lijdt aan schizofrenie. Ook is er sprake van een stoornis in het gebruik van stimulantia (amfetamine en andere stimulantia), die nog niet geheel in remissie is. De schizofrenie manifesteerde zich in psychoses en daar gebruikt hij nu antipsychotische medicatie voor. Tijdens psychotische decompensaties is er sprake van paranoïde en religieuze wanen met vijandigheid. Er is bij het gebruik van amfetamine (in samenhang met een psychose) een verhoogd risico op agressie en psychotische ontregeling.
De stoornissen zijn nog altijd aanwezig.
Verloop van de maatregel
Betrokkene is in augustus 2022 doorgestroomd naar de RIBW te [verblijfplaats 2] . De ambulante psychiatrische ondersteuning, inclusief de medicatievoorschrijving, is overgegaan naar het
[begeleiding] . Tijdens zijn verblijf in de RIBW ziet de reclassering dat er met regelmaat sprake is van een terugval in middelengebruik. In de afgelopen periode heeft betrokkene terugvallen gehad in december 2023, februari 2024, juli 2024, augustus 2024, december 2024 en januari 2025. Betrokkene heeft hiervoor waarschuwingen en een berisping gekregen van de reclassering. In december 2023 heeft betrokkene een officiële waarschuwing van de RIBW gekregen, omdat hij is gezien met twee andere bewoners waarbij drugs en geld werden uitgewisseld. Betrokkene heeft weinig passende oplossingsvaardigheden tot zijn beschikking. De terugval in juli en augustus 2024 had, naar eigen zeggen, te maken met zijn teleurstelling over de adviezen van de pro justitiarapporteurs over de verlenging van zijn tbs-maatregel. In december 2024 is betrokkene aangemeld voor verslavingsbehandeling, maar de behandeling is inmiddels stopgezet omdat betrokkene niet gemotiveerd was. Op 24 januari 2025 heeft betrokkene voor de laatste terugval een officiële waarschuwing gehad van de reclassering. Verder heeft de RIBW hem ook een waarschuwing en een time-out aangezegd. Betrokkene vlucht in drugsgebruik, ondanks dat alle partijen om hem heen dit afraden vanwege zijn ziektebeeld. Hiermee laat betrokkene zien dat hij weinig ziekte-inzicht heeft. De RIBW maakt zich dan ook ernstig zorgen over hoe het zal gaan als het toezicht van de reclassering zou wegvallen.
Betrokkene stond op de wachtlijst voor een RIBW in [plaats 1] (waar hij meer zelfstandigheid zou krijgen), maar is daar afgehaald omdat hij daar wellicht zal vereenzamen en minder goed in beeld zal zijn bij de begeleiding. Hij zou worden aangemeld bij Riwis (beschermd wonen) in [plaats 2], waar hij met een WLZ-indicatie zou kunnen wonen. Dit met het oog op een eventueel te verlenen zorgmachtiging.
Recidivegevaar
Uit het rapport van de psychiater van 17 juli 2024 blijkt dat de psychiater de kans op recidive van geweldpleging als laag inschat binnen de huidige RIBW en met het toezicht en begrenzing vanuit de tbs maatregel. De kans op recidive van geweldpleging vanuit ontregeling wordt als hoog ingeschat. Risicofactoren zijn daarbij het paranoïde psychotisch ontregelen bij drugsgebruik, het niet medicatietrouw zijn ten aanzien van antipsychotische medicatie en het ontbreken van voldoende copingsvaardigheden om met zijn problemen om te gaan. De psycholoog geeft in het advies van 3 juli 2024 aan dat het risico op psychotische decompensatie en daarmee het risico op gewelddadig gedrag als laag wordt ingeschat als betrokkene goed is ingesteld op medicatie, abstinent is van middelen, niet overvraagd wordt en een dwingend kader met voldoende externe structuur en ondersteuning heeft, zoals het geval is in de huidige setting. Als daar geen sprake van is, wordt het risico op gewelddadig gedrag vanaf de middellange termijn (vanaf 6 maanden) als hoog ingeschat. Hieruit blijkt dat de kans op herhaling bij onmiddellijke beëindiging van de terbeschikkingstelling nog steeds groot is.
Conclusie
Uit het advies en uit de ter terechtzitting door de deskundige gegeven toelichting blijkt dat de risicobepalende stoornissen nog aanwezig zijn en het recidiverisico hoog is bij directe beëindiging van de maatregel.
Uit de rapporten en wat op de zitting is besproken, blijkt dat betrokkene meerdere terugvallen heeft gehad in het drugsgebruik het afgelopen jaar. Ook in de periode tussen de zitting op 15 november 2024 en die op 7 maart 2025 is op twee momenten sprake geweest van drugsgebruik en er is een time-out geweest. In het huidige tbs-kader heeft betrokkene een drugsverbod als voorwaarde, met de bijbehorende controles. In het kader van een zorgmachtiging zou er geen drugsverbod meer zijn voor betrokkene, maar slechts controle op middelengebruik. Hoewel terugvallen erbij horen, vindt de rechtbank dat het op dit moment nog niet verantwoord is – mede gelet op het aantal terugvallen en het feit dat betrokkene is gestopt met de verslavingsbehandeling – om de maatregel te beëindigen en over te gaan op een zorgmachtiging. Betrokkene zou dan ambulant gecontroleerd worden en dat biedt op dit moment onvoldoende bescherming. Daarbij speelt mee dat deskundige Mgbenema heeft toegelicht dat de ervaring leert dat binnen het kader van een zorgmachtiging het drugsgebruik bij iemand als betrokkene juist toeneemt en daardoor vaker tot psychotische ontregeling leidt. De rechtbank merkt op dat het kader van een zorgmachtiging bij een volgende verlengingszitting mogelijk wel aan de orde zou kunnen zijn, als betrokkene verbetering van zijn gedrag laat zien, bijvoorbeeld door de verslavingsbehandeling opnieuw op te pakken en te laten zien die serieus te nemen. Betrokkene krijgt het komende jaar de kans dit te laten zien.
Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel eist. De rechtbank zal de terbeschikkingstelling daarom, overeenkomstig de vordering en de adviezen, met één jaar verlengen.
De beslissing
De rechtbank:
verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [betrokkene] met één jaar.
Deze beslissing is gegeven door mr. J.M. Breimer, als voorzitter, mr. A.J.H. Steenweg en mr. A. de Gooijer, als rechters in tegenwoordigheid van mr. G.C. van de Fliert, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 21 maart 2025.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...