ECLI:NL:RBMNE:2021:595 Rechtbank Midden-Nederland , 04-02-2021 / 20/2536
NOW. PKV. Gedeeltelijk tegemoetkomen
3 min de lecture · 646 mots
Inhoudsindicatie. NOW. PKV. Gedeeltelijk tegemoetkomen
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 20/2536
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 februari 2021 in de zaak tussen
[verzoeker], te [woonplaats], verzoeker
(gemachtigde: M. Harman-van Westrhenen),
en
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
namens deze de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder
(gemachtigde: W.A. Postma)
Waar gaat deze uitspraak over?
Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoeker om vergoeding van zijn proceskosten.
Overwegingen
1. De rechtbank heeft artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toegepast en partijen niet uitgenodigd voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is.
2. Wat heeft zich in deze zaak afgespeeld? Verweerder heeft bij besluit van 15 april 2020 de aanvraag van verzoeker voor een loonkostensubsidie op grond van de Eerste tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW1.0) afgewezen, omdat verzoeker in de maanden januari 2020 of november 2019 geen loonkosten had.
3. Bij besluit van 4 juni 2020 heeft verweerder het bezwaar van verzoeker ongegrond verklaard. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
4. Tijdens de beroepsprocedure heeft verweerder een nieuw besluit genomen. Met dit nieuwe besluit van 24 juli 2020 heeft verweerder verzoeker laten weten dat gelet op een wijziging van de NOW1.0 mogelijk recht bestaat op een loonkostensubsidie, maar dat geen recht op een voorschot bestaat.
5. Verzoeker heeft daarna het beroep ingetrokken en een vergoeding gevraagd voor zijn proceskosten.
6. Verweerder heeft gereageerd op het verzoek van verzoeker en aangegeven inhoudelijk geen commentaar te hebben op dit verzoek.
7. Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten worden veroordeeld.
8. De rechtbank overweegt dat verzoeker als gevolg van het besluit van 4 juni 2020 waarin de afwijzing van de aanvraag om subsidieverlening in stand is gebleven, niet in aanmerking kon komen voor een tegemoetkoming in de loonkostensubsidie bij de subsidievaststelling. Met het nieuwe besluit is de subsidieverlening op nul vastgesteld en daarmee is voor verzoeker de mogelijkheid ontstaan om bij de definitieve subsidievaststelling wel in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in de loonkosten. Daarom is de rechtbank van oordeel dat verweerder met het nieuwe besluit gedeeltelijk is tegemoetgekomen aan het beroep van verzoeker.
9. Gelet op het bepaalde in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) stelt de rechtbank de proceskosten van verzoeker die verweerder moet betalen vast op € 534,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, met een waarde per punt van € 534,- en een wegingsfactor 1).
10. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb).
Beslissing
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 534,- aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag betalen aan verzoeker.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.H.J.M. Veldman-Gielen, rechter, in aanwezigheid van mr. S.C.J. van der Hoorn, griffier. De beslissing is uitgesproken op 4 februari 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...