ECLI:NL:RBNNE:2024:5238 Rechtbank Noord-Nederland , 24-12-2024 / 197884
Rechtelijke machtiging afgewezen, mondelinge behandeling gepland op adres betrokkene. Zeer schrijnende woonsituatie van buiten zichtbaar. Betrokken hulpverlening en mentor zonder bericht van afwezigheid niet aanwezig om het verzoek nader toe te lichten en betrokkene doet niet open.
3 min de lecture · 468 mots
Inhoudsindicatie. Rechtelijke machtiging afgewezen, mondelinge behandeling gepland op adres betrokkene. Zeer schrijnende woonsituatie van buiten zichtbaar. Betrokken hulpverlening en mentor zonder bericht van afwezigheid niet aanwezig om het verzoek nader toe te lichten en betrokkene doet niet open.
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Afdeling Privaatrecht
Locatie: Leeuwarden
Zaak-/rekestnr.: C/17/197884 / FA RK 24-2629
Afwijzing rechterlijke machtiging tot opname en verblijf
Beschikking van 24 december 2024 naar aanleiding van het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging voor de duur van zes maanden als bedoeld in artikel 24 e.v. van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1947,
wonende [adres] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. F.H. Gart, kantoorhoudende te Drachten.
1Het procesverloop
De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift van het CIZ, ingekomen bij de griffie op 10 december 2024, en van de volgende bijlagen:
het indicatiebesluit d.d. 29 december 2023;
de aanvraag d.d. 3 december 2024;
een afschrift van de beschikking waarbij mentorschap is ingesteld en een mentor is benoemd;
de medische verklaring, opgesteld en ondertekend door J. Ruchti, d.d. 12 november 2024;
het zorgplan d.d. 22 oktober 2024.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 24 december 2024, bij betrokkene thuis. Daarbij is mr. F.H. Gart, advocaat van betrokkene verschenen.
2De beoordeling
De rechter kan op verzoek van het CIZ een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf in een geregistreerde accommodatie verlenen als bedoeld in artikel 24 lid 1 van de Wzd. De machtiging kan slechts worden verleend indien naar oordeel van de rechter het gedrag van betrokkene als gevolg van zijn psychogeriatrische leidt tot ernstig nadeel, de opname en het verblijf noodzakelijk zijn om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden en er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden.
De rechtbank heeft betrokkene op 24 december 2024 om 10:00 uur bezocht op zijn woonadres. Vastgesteld is dat zowel betrokkene, als ook de zorgverantwoordelijke en mentor (tevens aanvrager) op de juiste manier zijn opgeroepen voor de mondelinge behandeling van het verzoek. Betrokkene weigerde ter zitting echter de deur te openen en was niet bereid zich te doen horen. Daarnaast was er geen zorgverlener en/of mentor aanwezig die het verzoek kon toelichten. De rechtbank heeft daarop besloten het verzoek af te wijzen.
3De beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek tot een rechterlijke machtiging af.
Deze beschikking is gegeven op 24 december 2024 door mr. J.M. Oude Lohuis, rechter, bijgestaan door de griffier en schriftelijk uitgewerkt en ondertekend op 24 december 2024.
[.]
..
[.]
fn. 941
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...