ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064
JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 januari 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064 Rolnummer: A. 241209/XII-9549 Zaak: Arrest 262064 - Politie - 22/01/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-01-30 Raadplegingen: 84 - laatst gezien 2026-05-23 10:38 Fiche Arrest nr 262.064 van 22 januari 2025 Instellingen, Binnenlandse...
9 min de lecture · 1,934 mots
Print deze pagina
Afdrukformaat
S
M
L
XL
Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
Sluit Tab
Raad van State
Vonnis/arrest van 22 januari 2025
ECLI nr:
ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064
Rolnummer:
A. 241209/XII-9549
Zaak:
Arrest 262064 – Politie – 22/01/2025
Rechtsgebied:
Bestuursrecht
Invoerdatum:
2025-01-30
Raadplegingen:
84 – laatst gezien 2026-05-23 10:38
Fiche
Arrest nr 262.064 van 22 januari 2025 Instellingen, Binnenlandse zaken
en lokale besturen – Politie Beslissing : Verwerping Depersonalisatie
Thesaurus CAS:
RAAD VAN STATE
UTU-thesaurus:
PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT – RAAD VAN STATE – Arresten (Raad van State)
Tekst van de beslissing
ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064 no lien 281040 identiques
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER
nr. 262.064 van 22 januari 2025
in de zaak A. 241.209/XII-9549
In zake : XXXX
wonende te XXXX
XXXX
waar woonplaats wordt gekozen
tegen:
de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken woonplaats kiezend bij de Federale Politie DGR/JUR/CTX
gevestigd te 1050 Brussel Kroonlaan 145/A
————————————————————————————————–
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld 23 januari 2024, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de deliberatiecommissie (Federale Politie –
Algemene Directie van het Middelenbeheer en de Informatie – Dienst Rekrutering en Selectie) van 28 september 2023, waarbij verzoeker ongeschikt wordt verklaard om de functie van politieambtenaar uit te oefenen, op basis van de beslissing tot medische ongeschiktheid genomen door de arbeidsgeneesheer, en waarmee een einde wordt gesteld aan de kandidatuur van verzoeker voor de selectie van aspirant-beveiligingsagent.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend.
XII-9549-1/7
Adjunct-auditeur Samuel Mens heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23
augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 januari 2025.
Kamervoorzitter Chantal Bamps heeft verslag uitgebracht.
Adviseur Vincent Govaerts, die verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord.
Adjunct-auditeur Samuel Mens, daartoe gemachtigd bij besluit van 1 maart 2024 van de auditeur-generaal, heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Feiten
3.1. Verzoeker neemt deel aan een externe sollicitatieprocedure voor de functie van beveiligingsagent van politie.
3.2. In het kader van verzoekers kandidatuur vindt op 18 juli 2023 een medisch onderzoek plaats, naar aanleiding waarvan verzoeker ter kennis wordt gebracht dat hij, na een analyse van de resultaten, door de arbeidsarts tijdelijk medisch ongeschikt wordt verklaard. De tijdens het medisch onderzoek gedane vaststellingen blijken evenwel niet van die aard om verzoeker op grond daarvan (al) volledig uit te sluiten voor een operationele functie. Na ontvangst van “recente medische beeldvorming + nazicht orthopedie met advies tot belasting en uitoefenen gevechtssporten” zou het medisch dossier van verzoeker opnieuw ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064 XII-9549-2/7
geëvalueerd worden. Verzoeker krijgt een termijn van drie maanden om de gevraagde documenten te bezorgen.
3.3. Op 20 september 2023 wordt verzoeker door de arbeidsarts medisch ongeschikt verklaard voor een operationele functie bij de politie.
3.4. Op 28 september 2023 wordt verzoeker door de deliberatie-commissie voor de geambieerde functie van beveiligingsagent ongeschikt verklaard op basis van de beslissing tot medische ongeschiktheid genomen door de arbeidsarts.
Dit is de bestreden beslissing.
3.5. Bij schrijven van 29 september 2023 wordt de bestreden beslissing ter kennis gebracht van verzoeker.
3.6. Verzoeker formuleert bij e-mail van 20 november 2023 een klacht. Hij wordt verzocht zijn klacht door te sturen naar de medische dienst van de federale politie.
Bij e-mail van 21 november 2023, gericht aan de dienst Rekrutering en Selectie, geeft verzoeker te kennen niet akkoord te zijn met de beslissing van medische ongeschiktheid en hiertegen ‘beroep’ aan te tekenen. Hij zet daartoe de redenen uiteen, en stelt voor zich – op eigen kosten – opnieuw medisch te laten onderzoeken. Als bijlage voegt hij een (andersluidend) medisch attest van 15 november 2023.
Bij e-mail van 21 november 2023 wordt de ontvangst van deze e-mail – die wordt overgemaakt aan de arts die voor het dossier van verzoeker verantwoordelijk is – bevestigd. Eenzelfde schrijven wordt door verzoeker op 23 november 2023 per aangetekende post aan de dienst verstuurd.
Bij schrijven van 4 januari 2024 wordt de ontvangst van het schrijven van verzoeker bevestigd.
XII-9549-3/7
3.7. Bij aangetekend schrijven van 16 december 2023
(gedateerd op 11 december 2023), gericht aan de FOD Binnenlandse Zaken, geeft verzoeker te kennen ‘beroep’ aan te tekenen tegen de beslissing van medische ongeschiktheid in het kader van een operationele functie als politieambtenaar, en zet hij de redenen uiteen waarom hij zich met deze beslissing niet akkoord kan verklaren.
3.8. Bij schrijven van 16 januari 2024 zet de juridische dienst, sectie geschillen van de Federale Politie aan verzoeker uiteen dat in het geval een kandidaat niet akkoord is met de ten aanzien van hem genomen beslissing van de deliberatiecommissie, deze beschikt over de mogelijkheid om de beslissing voor de Raad van State te betwisten, zoals uitdrukkelijk wordt vermeld op de beslissing van de deliberatiecommissie. Er wordt verzoeker meegedeeld – en nader toegelicht – dat, indien hij voor 28 november 2023 geen beroep heeft ingesteld bij de Raad van State, door de juridische dienst enkel kan worden vastgesteld dat voormelde beroepstermijn verstreken is en dat de beslissing van de deliberatiecommissie van 28 september 2023 waarbij verzoeker om medische redenen ongeschikt wordt bevonden voor de functie van beveiligingsagent, definitief is geworden en bijgevolg niet meer vatbaar is voor beroep.
IV. Regelmatigheid van de rechtspleging
4. Indien blijkt dat het beroep tot nietigverklaring doelloos is of dat het slechts korte debatten vereist, brengt het lid van het auditoraat daarvan, luidens artikel 93, eerste lid, ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ (hierna: algemeen procedure-reglement), onverwijld verslag uit aan de voorzitter van de kamer belast met de zaak. Behoudens een gemotiveerd verzoekschrift en de schriftelijke opmerkingen overeenkomstig artikel 93, tweede en derde lid, van het algemeen procedure-reglement, voorziet deze bepaling er niet in dat de partijen na het verslag van de auditeur nog andere procedurestukken kunnen indienen.
XII-9549-4/7
De door verzoeker aan de Raad van State overgemaakte e-mail van 12 januari 2025 waarin wordt gerepliceerd op de conclusie in het auditoraatsverslag wordt bijgevolg uit het debat geweerd.
V. Toepassing korte debattenprocedure
Ontvankelijkheid van het beroep
Exceptie ratione temporis
Uiteenzetting van de exceptie
5. De verwerende partij betwist in de memorie van antwoord de tijdigheid van het ingediende beroep. Zij laat gelden dat artikel 4, § 1, derde lid, van het besluit van het algemeen procedurereglement bepaalt dat beroepen tot nietigverklaring verjaren zestig dagen nadat de bestreden akten, reglementen of beslissingen werden bekendgemaakt of betekend. Uit het verzoekschrift blijkt dat verzoeker kennis heeft gekregen van de bestreden beslissing op 29 september 2023. De verwerende partij wijst er op dat op 30 september 2023 de termijn van zestig dagen voor het indienen van een beroep tot nietigverklaring begon te lopen en dat een verzoekschrift tot nietigverklaring tot en met 28 november 2023 kon worden ingediend. Het bij verzoekschrift van 20 januari 2024, afgestempeld op 24
januari 2024, ingediende beroep tot nietigverklaring is bijgevolg laattijdig. Het ingediende verzoekschrift is volgens de verwerende partij niet ontvankelijk daar de verjaringstermijn voor het instellen van een vernietigingsberoep bij de Raad van State werd overschreden.
Beoordeling
6. Door het auditoraat wordt tot de gegrondheid van de aangevoerde exceptie besloten op grond van de volgende overwegingen:
“13. Samen met de verwerende partij, die daaromtrent een eerste exceptie formuleert, moet worden vastgesteld dat het verzoekschrift laattijdig werd ingesteld.
Artikel 4, §1, derde lid van het algemeen procedurereglement bepaalt dat annulatieberoepen verjaren zestig dagen nadat de bestreden akten, reglementen of ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064 XII-9549-5/7
beslissingen werden bekendgemaakt of betekend. Nu blijkt dat verzoeker aangeeft van de bestreden beslissing kennis te hebben gekregen op 29 september 2023, kan niet om de vaststelling heen dat het door verzoeker op 23 januari 2024 ingestelde beroep laattijdig is, en derhalve onontvankelijk ratione temporis.
Er moet overigens worden opgemerkt dat deze beroepsmogelijkheid nochtans expliciet als volgt vermeld staat op de bestreden beslissing (adm. doss., st. 3):
‘Deze beslissing kan het voorwerp uitmaken van een beroep tot schorsing en/of nietigverklaring bij de Raad van State. Dit beroep moet, binnen de zestig dagen vanaf de dag volgend op de kennisgeving ervan, bij aangetekende brief worden ingesteld bij de Raad van State, Afdeling Bestuursrechtspraak, Wetenschapsstraat 33, 1040 Brussel of elektronisch via de website:
https://eproadmin.raadvst-consetat.be overeenkomstig de procedure beschreven in artikel 85bis van het Besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Dit beroep moet eveneens voldoen aan de overige voorwaarden bepaald bij voormeld Besluit van de Regent van 23 augustus 1948.’ Verzoeker kan derhalve niet stellen op dit vlak onwetend te zijn geweest.
De exceptie, die hoe dan ook ambtshalve was opgeworpen geweest, is gegrond.”
7. Wanneer de ontvankelijkheid van het beroep in vraag wordt gesteld – en zulks des te meer wanneer dit zoals te dezen gebeurt in het beredeneerd verslag dat over de zaak is opgesteld door het daartoe aangestelde lid van het auditoraat – dan moet die partij daarover een standpunt innemen en de nodige verduidelijkingen bijbrengen.
Ter terechtzitting, dit is bij de eerste procedurele gelegenheid die zich voor verzoeker in het kader van de toegepaste procedure van artikel 93, eerste lid, van het algemeen procedurereglement daarvoor aanbood, heeft hij niets daar-tegen ingebracht, nu hij niet aanwezig, noch vertegenwoordigd was en zijn repliek op de conclusie in het auditoraatsverslag, uiteengezet in zijn e-mail van 12 januari 2025, om de redenen uiteengezet onder randnummer 4 uit het debat werd geweerd.
In die omstandigheden en na een eigen onderzoek, ziet de Raad van State geen reden om het anders te zien dan het auditoraat en bevindt aldus, de redenering van het auditoraatsverslag bijvallend, de exceptie ratione temporis gegrond en het beroep niet-ontvankelijk. Het auditoraat heeft terecht gemeend dat de zaak met korte debatten een oplossing kan krijgen.
BESLISSING
XII-9549-6/7
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 24
euro.
3. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van verzoeker niet bekendgemaakt.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op tweeëntwintig januari tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:
Chantal Bamps, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier.
De griffier De voorzitter
Silja Doms Chantal Bamps
XII-9549-7/7
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.064
Gerelateerde publicatie(s)
gevolgd door:
ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.303
Print deze pagina
Afdrukformaat
S
M
L
XL
Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
Sluit Tab
© 2017-2026 ICT Dienst – FOD Justitie
Powered by PHP 8.5.0
Server Software Apache/2.4.66
== Fluctuat nec mergitur ==
Sources officielles : consulter la page source
JUPORTAL. L avertissement officiel du portail precise qu il n existe pas de droit d auteur sur les arrets et jugements.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Belgique
ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1
ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1
JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 12 mei 2026 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1 Rolnummer: O/25/00961 Rechtsgebied: Insolventierecht - Overige Invoerdatum: 2026-05-13 Raadplegingen: 126 - laatst gezien 2026-05-18 12:30 Fiche 1 Eens werd vastgesteld dat de toepassingsvoorwaarden van artikel XX.229 WER zijn voldaan, kan de rechtbank...
Belgique
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4
JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4 No Rôle: P.25.1301.F Affaire: R. contra M. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal - Autres Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 124 - dernière vue...
Belgique
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9
ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9
JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9 No Rôle: P.26.0121.F Affaire: L. contra K. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 122 - dernière vue 2026-05-18 10:25...