ECLI:NL:GHAMS:2025:3672 Gerechtshof Amsterdam , 21-02-2025 / 200.351.389/01
Wraking in artikel 12 Sv-zaak. Buiten zitting afgedaan. Wrakingsverzoek niet gericht of te herleiden tegen/naar specifieke raadsheren. Niet-ontvankelijk
Calcul en cours · 0
Inhoudsindicatie. Wraking in artikel 12 Sv-zaak. Buiten zitting afgedaan. Wrakingsverzoek niet gericht of te herleiden tegen/naar specifieke raadsheren. Niet-ontvankelijk
GeRechtshof Amsterdam
zaaknummer : 200.351.389/01
zaaknummer hoofdzaak : K24/230457
Beslissing van de wrakingskamer van 21 februari 2025
op het wrakingsverzoek ingediend door
[verzoeker] ,
hierna: verzoeker
1De procedure
De hoofdzaak betreft een artikel 12 Sv-verzoek van verzoeker tegen de beslissing van de officier van justitie bij het arrondissementsparket Amsterdam om geen strafvervolging in te stellen. De behandeling van de hoofdzaak is gepland op 10 april 2025. De namen van de raadsheren die zich gaan buigen over het verzoek worden – zoals te doen gebruikelijk is bij artikel 12 Sv-verzoeken – niet eerder dan 48 uren voor de zitting aan verzoeker verstrekt. Eerst dan komt definitief vast te staan welke raadsheren het verzoek zullen behandelen.
Verzoeker heeft op 13 februari 2025 per e-mail schriftelijk de wraking verzocht “voor het aanstellen van een nieuwe rechter en behandelaars in de zaak K24/230457 wegens nalatig handelen”. Een mail van diezelfde datum bevat eveneens een verzoek tot wraking, te weten: “U bent gewraakt en het schikkingsvoorstel is van de tafel. De schadevergoeding die ik eis als slachtoffer bedraagt nu EUR 100.000.000,- wegens poging tot doodslag met 3 gerechtshoven zonder mensenrechten en correcte procesrechten met zware marteling en brainwashpraktijken in het proces. Meervoudig meineed en talloze leugens van verschillende overheidsinstatnties in goedkeuring van rechtspraak”.
Ook op 19 februari 2025 is van verzoeker een e-mailbericht ontvangen, waarin de grondslag van het wrakingsverzoek is uiteengezet:
“Ik ben een slachtoffer en dient ongeschonden en levend de zitting bij te wonen en zoals u ziet is mijn zorg ontnomen als hartpatiënt binnen Nederland terwijl er sprake is van hartklachten. Op dit moment houden de behandelende rechters de crisisdienst tegen en het ergste is dat de crisisdienst tevens mijn getuigen zijn in de poging tot doodslag zaak gedaan door de gemeente Den Haag. U heeft 2 doktersverklaringen in uw bezit gerechtshof Amsterdam.
Deze zitting dient geparkeerd te worden tot nader informatie vanuit de Hoge Raad der Nederlanden wegens schending van mijn recht op een eerlijk proces artikel 6 EVRM. Volgens de president Greve kan er geen klachten ingediend worden en ze verzint vervolgens leugen omdat hieraan grondslag te geven. Dit doet ze ter bescherming van zichzelf de andere presidenten wegens collectieve sabotage en marteling. Vervolgens werd er gisteren meervoudig in mijn oor opgehangen terwijl ik enkel vroeg om doorverbonden te worden met een aantal afdelingen waarbij ook opgehangen werd in mijn oor. De gesprekken zijn doorgestuurd.
Ik moet de mogelijkheid krijgen om te procederen en wanneer mensenrechten worden geschonden net als nu dient de rechtbank binnen 2 weken een oplossing te bieden. Ik verzoek een hoorzitting wegens nalatig handelen van de behandelende rechters. Ik was al bijna vermoord tijdens mijn eerste artikel 12 procedure. De President Greeve heeft gelogen en wat wordt niet geacepeerd want ik word nu in het voortraject geschaad door een aantal van u medewerkers terwijl ik zeer correct was. Verder weiger de rechters medewerking te verlenen in het vrijgeven van de namen. Ze zien waarschijnlijk in de CC staan.”
In genoemd e-mailbericht heeft verzoeker als “mogelijke oplossing”
aangedragen: “Politie opdracht geven wegens nalatig handelen afgelopen jaren
om direct de crisisdienst voor mij in te schakelen en de verstuurde brief van de
president nietigverklargen.”
2Ontvankelijkheid van het wrakingsverzoek
Juridisch kader
Artikel 512 Wetboek van Strafvordering (Sv) houdt in dat op verzoek van de
verdachte of het Openbaar Ministerie elk van de rechters die een zaak behandelen kan worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Deze bepaling is ook van toepassing op de raadsheren die het hoger beroep behandelen.
Een rechter kan alleen gewraakt worden als hij tegenover een procesdeelnemer
vooringenomen is of als de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Uitgangspunt is dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn. Voor het oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid toch schade lijdt, bestaat alleen grond in geval van uitzonderlijke omstandigheden. Het moet dan gaan om omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het aannemen van partijdigheid of van de objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid.
Het middel is derhalve toegekend aan een partij die wenst te voorkomen dat een
rechter die (naar de partij objectief gezien mocht vrezen) jegens hem of haar een vooringenomenheid koestert, (nog langer) bemoeienis met de zaak zal hebben. Wraking is derhalve uitsluitend mogelijk van de rechter(s), die een zaak behandel(t)en.
Beoordeling
Verzoeker wraakt “de behandelende rechters van dit dossier”. Het verzoek is aldus
gemotiveerd – althans zo begrijpt de wrakingskamer – dat diverse malen geprocedeerd is met verschillende valse aangiftes waarbij gebruik is gemaakt van valse getuigenverklaringen door partijen die zich schuldig maken aan zware mishandeling en dat justitie het direct optreden door de crisisdienst tegenhoudt. Bovendien kunnen geen klachten worden ingediend bij het gerechtshof in Amsterdam, hetgeen in strijd is met artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden.
Het verzoek heeft derhalve geen betrekking op (een) specifieke, bij naam
aangewezen raadsheer / raadsheren door wie de artikel 12 Sv-zaak van de verzoeker wordt behandeld. De aangevoerde gronden voor het wrakingsverzoek zijn bovendien vaag en berusten op feiten en omstandigheden die evenmin op het specifieke handelen van (een) bepaalde raadsheer / raadsheren betrekking lijken te hebben. Daarnaast zijn de aangevoerde gronden voor een verzoek tot wraking kennelijk ondeugdelijk en lijken deze een ander doel te dienen dan hiervoor onder 2.3 is omschreven, te weten: hulp te krijgen van een crisisdienst. Het wrakingsverzoek voldoet daarom niet aan de daarvoor geldende voorschriften.
Het voorgaande leidt tot de conclusie dat verzoeker niet-ontvankelijk moet worden
verklaard in dit wrakingsverzoek. Aan een inhoudelijke behandeling van het verzoekschrift komt de wrakingskamer dan ook niet toe.
Deze beslissing is gegeven door mrs. N. van der Wijngaart, A.R. Sturhoofd en W.J. Blokland in tegenwoordigheid van mr. S. Pesch als griffier en in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2025.
mr. W.J. Blokland is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...