ECLI:NL:GHSHE:2024:3754 Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch , 27-11-2024 / 23/254

Het hof is van oordeel dat belanghebbende, een Rijnvarende, niet met vrucht een beroep kan doen op het bepaalde in artikel 15, lid 3 van het belastingverdrag Nederland-Zwitserland en dat Nederland op grond van artikel 15, lid 1, van het belastingverdrag het exclusieve heffingsrecht heeft over de inkomsten die belanghebbende in 2014 heeft genoten.

Source officielle

5 min de lecture 885 mots

Inhoudsindicatie. Het hof is van oordeel dat belanghebbende, een Rijnvarende, niet met vrucht een beroep kan doen op het bepaalde in artikel 15, lid 3 van het belastingverdrag Nederland-Zwitserland en dat Nederland op grond van artikel 15, lid 1, van het belastingverdrag het exclusieve heffingsrecht heeft over de inkomsten die belanghebbende in 2014 heeft genoten.

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team belastingrecht

Meervoudige Belastingkamer

Nummer: 23/254

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep van

[belanghebbende] ,

wonend in [woonplaats] (Italië), domicilie gekozen hebbend te [plaats] ,

hierna: belanghebbende,

tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (hierna: de rechtbank) van 25 januari 2023, nummer BRE 19/891, in het geding tussen belanghebbende en

de inspecteur van de Belastingdienst,

hierna: de inspecteur,

betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2014 opgelegde aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.

Onderzoek ter zitting

De zitting heeft plaatsgehad op 13 november 2024 in ’s-Hertogenbosch. Aldaar zijn verschenen en gehoord namens de inspecteur, [inspecteur 1] en [inspecteur 2] . Belanghebbende en zijn gemachtigde zijn niet verschenen.

De griffier heeft verklaard dat zij belanghebbende bij brief van 25 juli 2024 heeft uitgenodigd voor de zitting met vermelding van datum, plaats en tijdstip van de zitting. Deze brief, met nummer [nummer] , is aangetekend verzonden naar het door belanghebbende opgegeven adres. Tot de gedingstukken behoort een kopie van de lijst van aangetekende verzendbewijzen en een schermprint van de statusinformatie van het verzendbewijs. Hieruit volgt dat de uitnodiging voor de zitting op 26 juli 2024 op het door belanghebbende opgegeven adres is afgeleverd.

Na behandeling van de zaak heeft het hof heden, 27 november 2024, de volgende mondelinge uitspraak gedaan.

Beslissing

Het hof:

– verklaart het hoger beroep ongegrond;

– bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

Gronden

Ten aanzien van het geschil

De rechtbank heeft in de overwegingen 4.1 tot en met 4.6 overwogen dat belanghebbende niet met vrucht een beroep kan doen op het bepaalde in artikel 15, lid 3 van het belastingverdrag Nederland-Zwitserland en dat Nederland op grond van artikel 15, lid 1, van het belastingverdrag het exclusieve heffingsrecht heeft over de inkomsten die belanghebbende in 2014 heeft genoten van Poseidon. Het hof acht deze overwegingen juist, op goede gronden gegeven en maakt deze tot de zijne.

Ten aanzien van het griffierecht

Het hof is van oordeel dat er geen redenen aanwezig zijn om te gelasten dat de inspecteur aan belanghebbende het door hem betaalde griffierecht geheel of gedeeltelijk vergoedt.

Ten aanzien van de proceskosten

Het hof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.

Slot

Gelet op al het vorenoverwogene moet worden beslist als bovenvermeld.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal.

Aldus gedaan door P. Fortuin, voorzitter, T.A. Gladpootjes en F.P.G. Pötgens, en voor wat betreft de beslissing in tegenwoordigheid van M.M. Stassen-Kanters, griffier, in het openbaar uitgesproken op 27 november 2024.

Dit proces-verbaal is ondertekend door de griffier en door T.A. Gladpootjes, aangezien de voorzitter is verhinderd dit te ondertekenen.

De griffier, De voorzitter,

M.M. Stassen-Kanters T.A. Gladpootjes

Een afschrift van dit proces-verbaal is op 27 november 2024 in Mijn Rechtspraak geplaatst. Aan de partij die niet digitaal procedeert, is een afschrift op die datum aangetekend per post verzonden.

Het aanwenden van een rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad http://www.hogeraad.nl.

Bepaalde personen die niet worden vertegenwoordigd door een gemachtigde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent, mogen per post beroep in cassatie instellen. Dit zijn natuurlijke personen en verenigingen waarvan de statuten niet zijn opgenomen in een notariële akte. Als zij geen gebruik willen maken van digitaal procederen kunnen deze personen het beroepschrift in cassatie sturen aan de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie http://www.hogeraad.nl).

Bij het instellen van beroep in cassatie moet het volgende in acht worden genomen:

Bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.

(Alleen bij procederen op papier) het beroepschrift moet ondertekend zijn;

Het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:

de naam en het adres van de indiener;

de dagtekening;

een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;

e gronden van het beroep in cassatie.

Tenzij de Hoge Raad anders bepaalt, zal het gerechtshof deze mondelinge uitspraak vervangen door een schriftelijke. In dat geval krijgt de indiener de gelegenheid de gronden van het beroep in cassatie alsnog aan te voeren of aan te vullen.

Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad.

In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de andere partij te veroordelen in de proceskosten.

Voetnoten

  1. Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Zwitserse Bondsstaat tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en het voorkomen van het ontduiken en ontwijken van belasting, ’s-Gravenhage, 26 februari 2010 (hierna: het belastingverdrag).

Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.