ECLI:NL:HR:2025:1663 Hoge Raad , 07-11-2025 / 24/03814
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Oneerlijke handelspraktijken. Misleidende en vergelijkende reclame. Misleidende omissie. Handelt Google onrechtmatig jegens concurrent van adverteerder door product via Google Shopping aan te bieden voor prijs en tegen voorwaarden die verschillen van prijs en voorwaarden voor hetzelfde product op eigen website? Samenhang met 24/03815.
3 min de lecture · 459 mots
Inhoudsindicatie. Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Oneerlijke handelspraktijken. Misleidende en vergelijkende reclame. Misleidende omissie. Handelt Google onrechtmatig jegens concurrent van adverteerder door product via Google Shopping aan te bieden voor prijs en tegen voorwaarden die verschillen van prijs en voorwaarden voor hetzelfde product op eigen website? Samenhang met 24/03815.
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 24/03814
Datum 7 november 2025
ARREST
In de zaak van
DIGITAL REVOLUTION B.V.,
gevestigd te Nederhorst den Berg,
EISERES tot cassatie,
hierna: Digital Revolution,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
GOOGLE IRELAND LTD,
gevestigd te Dublin, Ierland,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Google,
advocaat: H.J. Pot.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/13/689645 / HA ZA 20-931 van de rechtbank Amsterdam van 14 juli 2021 en 1 juni 2022;
b. het arrest in de zaken 200.319.920/01 (zaak I) en 200.319.928/01 (zaak II) van het gerechtshof Amsterdam van 16 juli 2024.
Digital Revolution heeft tegen het arrest van het hof met zaaknummer 200.319.928/01 (zaak II) beroep in cassatie ingesteld.
Google heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Digital Revolution mede door Th.C.J.A. van Engelen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Digital Revolution heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
– verwerpt het beroep;
– veroordeelt Digital Revolution in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Google begroot op € 873,– aan verschotten en € 2.200,– voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Digital Revolution deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 7 november 2025.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...