ECLI:NL:RBDHA:2025:21955 Rechtbank Den Haag , 20-11-2025 / 25/5287
NTB beroep, niet-ontvankelijk want onredelijk laat beroep
3 min de lecture · 612 mots
Inhoudsindicatie. NTB beroep, niet-ontvankelijk want onredelijk laat beroep
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: SGR 25/5287
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 november 2025 in de zaak tussen
Palet Welzijn B.V., uit Gouda, eiseres
(gemachtigde: [naam 1] ),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, het Uwv
(gemachtigde: [naam 2] ).
Inleiding
In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het Uwv op haar verzoek van 17 oktober 2022 om de mate van arbeidsongeschiktheid van haar (ex-)werknemer, [naam 3] te herbeoordelen in de zin van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
Beoordeling door de rechtbank
1. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk-niet ontvankelijk is, omdat eiseres het beroepschrift onredelijk laat heeft ingediend. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
2. Indien het beroep is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit, zoals in deze zaak, is het niet aan een termijn gebonden. Het beroep is niet-ontvankelijk indien het beroepschrift onredelijk laat is ingediend.
3. Op 17 oktober 2022 heeft eiseres haar herbeoordelingsverzoek bij het Uwv ingediend. Omdat er binnen de wettelijke termijn geen beslissing op het verzoek werd genomen, heeft eiseres op 3 augustus 2023 een ingebrekestelling verstuurd naar het Uwv. Het Uwv heeft de ontvangst daarvan op 7 augustus 2023 bevestigd.
4. Op 5 oktober 2023 heeft het Uwv een dwangsombeschikking afgegeven. Eiseres heeft onbetwist gesteld dat zij op 13 februari 2023, 27 maart 2023, 3 mei 2023 en 30 mei 2024 telefonisch contact heeft opgenomen met het Uwv om na te vragen wanneer de beslissing wordt verzonden. Er is echter nog geen beslissing ontvangen.
5. In het beroepschrift voert eiseres aan dat zij niet eerder beroep heeft ingesteld, omdat zij bekend is met de capaciteitsproblemen bij het Uwv wat betreft artsen en arbeidsdeskundigen. Om die reden heeft zij de nodige coulance naar het Uwv betracht.
6. Eiseres heeft op 14 augustus 2025 beroep ingesteld. Dat is twee jaar na het versturen van de ingebrekestelling op 3 augustus 2023. Het laatste contactmoment na de ingebrekestelling heeft plaatsgevonden op 30 mei 2024. Dit betekent dat eiseres vanaf de datum van dit laatste contactmoment op 30 mei 2024 tot aan het moment van het instellen van beroep meer dan één jaar geen actie heeft ondernomen om een besluit op haar verzoek om herbeoordeling te verkrijgen. Dit leidt de rechtbank tot de conclusie dat het beroepschrift onredelijk laat is ingediend.
7. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.A.J. Overdijk, rechter, in aanwezigheid van S.I. Teunissen, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 20 november 2025.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.
Voetnoten
- De rechtbank verwijst naar artikel 6:12, eerste lid, van de Awb, in samenhang met het vierde lid van dat artikel.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...