ECLI:NL:RBDHA:2025:21956 Rechtbank Den Haag , 20-11-2025 / 25/6121
NTB beroep, niet-ontvankelijk want onredelijk laat beroep
3 min de lecture · 548 mots
Inhoudsindicatie. NTB beroep, niet-ontvankelijk want onredelijk laat beroep
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: SGR 25/6121
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 november 2025 in de zaak tussen
Stichting DSV, uit Katwijk, eiseres
(gemachtigde: mr. J. van 't Veer),
en
de Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, verweerder (hierna ook: het Uwv)
(gemachtigde: mr. B.M. de Wolff).
Inleiding
In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van een beslissing door het Uwv op haar verzoek van 31 maart 2023 om de mate van arbeidsongeschiktheid van haar (ex-)werknemer, [naam] , te herbeoordelen in de zin van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
Beoordeling door de rechtbank
1. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk-niet ontvankelijk is, omdat eiseres het beroepschrift onredelijk laat heeft ingediend. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
2. Indien het beroep is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit, zoals in deze zaak, is het niet aan een termijn gebonden. Het beroep is niet-ontvankelijk indien het beroepschrift onredelijk laat is ingediend.
3. Op 31 maart 2023 heeft eiseres haar herbeoordelingsverzoek bij het Uwv ingediend. Omdat er binnen de wettelijke termijn geen beslissing op het verzoek werd genomen, heeft eiseres op 7 juni 2023 een ingebrekestelling verstuurd naar het Uwv. Het Uwv heeft de ontvangst daarvan op 12 juni 2023 bevestigd.
4. Op 10 augustus 2023 heeft het Uwv een dwangsombeschikking afgegeven.
5. Eiseres heeft op 10 september 2025 beroep ingesteld. Dat is meer dan een twee jaar en drie maanden na het versturen van de ingebrekestelling op 7 juni 2023. Uit de stukken blijkt niet van enige contactmomenten na de ingebrekestelling. Dit betekent dat eiseres in de periode tussen de ingebrekestelling en het indienen van het beroep op 10 september 2025 gedurende meer dan twee jaar en drie maanden geen actie heeft ondernomen om een besluit op haar herbeoordelingsverzoek te verkrijgen. Van een geldige reden hiervoor blijkt niet uit het dossier. Dit leidt de rechtbank tot de conclusie dat het beroepschrift onredelijk laat is ingediend.
6. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.A.J. Overdijk, rechter, in aanwezigheid van S.I. Teunissen, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 20 november 2025.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.
Voetnoten
- De rechtbank verwijst naar artikel 6:12, eerste lid, van de Awb, in samenhang met het vierde lid van dat artikel.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...