ECLI:NL:RBLIM:2025:9141 Rechtbank Limburg , 22-09-2025 / ROE 25/1552
Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen vanwege een gebrek aan spoedeisend belang nu reeds op het bezwaar van verzoeker is beslist.
3 min de lecture · 525 mots
Inhoudsindicatie. Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen vanwege een gebrek aan spoedeisend belang nu reeds op het bezwaar van verzoeker is beslist.
RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Roermond
Bestuursrecht
zaaknummer: ROE 25/1552
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter
22 september 2025 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen
[naam] , uit Beek, verzoeker
en
het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg, het college
(gemachtigden: mr. J. Janssen en M.J. Broen).
Als derde-partij neemt aan de zaak deel: het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Beek (vergunninghouder) (gemachtigde: H.F.E. Meulenberg).
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker tegen een door het college verleende omgevingsvergunning voor het opzettelijk verstoren en het beschadigen of vernielen van voortplantings- of rustplaatsen verstoren van de gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus) ten behoeve van de sloop van een gebouw aan de [adres] te Spaubeek.
Met het bestreden besluit van 11 juni 2025 heeft het college deze vergunning verleend. Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Op 3 juli 2025 heeft verzoeker de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening gevraagd.
Het college heeft op het verzoek gereageerd met een verweerschrift.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 25 augustus 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigden van het college en de gemachtigde van vergunninghouder.
Na sluiting van het onderzoek ter zitting, heeft het college met het besluit van
1 september 2025 op het bezwaar van verzoeker beslist,
De voorzieningenrechter heeft op 3 september 2025 het onderzoek heropend en partijen uitgenodigd voor een tweede zitting. Die zitting heeft plaatsgevonden op 22 september 2025.
Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af. Daartoe heeft de voorzieningenrechter het volgende overwogen.
Vast staat dat het college nadat het onderzoek ter zitting op 25 augustus 2025 is gesloten en hangende de uitspraaktermijn op 1 september 2025 heeft beslist op het bezwaar van verzoeker. De voorzieningenrechter komt, gelet daarop, tot de conclusie dat verzoeker in deze zaak om een voorlopige voorziening vraagt die hem tot geen enkel nut kan strekken nu reeds op zijn bezwaar is beslist. Gelet op het voorgaande acht de voorzieningenrechter geen spoedeisend belang meer aanwezig, zodat dit verzoek om voorlopige voorziening reeds daarom dien te worden afgewezen. Dat betekent ook dat de voorzieningenrechter niet meer toekomt aan een beoordeling van hetgeen ter zitting van 25 augustus 2025 is besproken.
3. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Partijen zijn erop gewezen dat tegen deze mondelinge uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 22 september 2025 door mr. G.J. Krens, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. L. van der Genugten, griffier.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op: 23 september 2025
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...