ECLI:NL:RBMNE:2025:6682 Rechtbank Midden-Nederland , 07-11-2025 / SBR 24/4920
PKV, afwijzing verzoek. Er zijn door verzoeker geen proceskosten gemaakt die volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht vergoed kunnen worden. De heffingsambtenaar moet wel het griffierecht aan verzoeker betalen, dit volgt rechtstreeks uit de wet. Verzoeker zal zich hiervoor dan ook tot de heffingsambtenaar moeten wenden.
Calcul en cours · 0
Inhoudsindicatie. PKV, afwijzing verzoek. Er zijn door verzoeker geen proceskosten gemaakt die volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht vergoed kunnen worden. De heffingsambtenaar moet wel het griffierecht aan verzoeker betalen, dit volgt rechtstreeks uit de wet. Verzoeker zal zich hiervoor dan ook tot de heffingsambtenaar moeten wenden.
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/4920
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 november 2025 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [plaats] , verzoeker,
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap [gemeente], verweerder
(gemachtigde: mr. K.L. Vos).
Overwegingen
1. Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoeker om vergoeding van zijn proceskosten. De rechtbank doet deze uitspraak zonder partijen voor een zitting uit te nodigen, omdat zij vindt dat zij voldoende informatie heeft om het verzoek te beoordelen.
2. Deze zaak gaat over de beschikking van de heffingsambtenaar waarin de WOZ-waarde van de woningen [adres 1] en [adres 2] in [plaats] voor belastingjaar 2024 zijn vastgesteld op respectievelijk € 749.000,- en € 418.000,- op waardepeildatum 1 januari 2023. Tegen deze beschikking heeft verzoeker bezwaar gemaakt. Met de uitspraak op bezwaar van 10 juni 2024 is het bezwaar van verzoeker ongegrond verklaard. Verzoeker heeft vervolgens beroep ingediend.
3. Met zijn brief van 1 augustus 2025 heeft de heffingsambtenaar aangegeven dat de objectafbakening onjuist is. Op basis van het eigendom, het gebruik en het inmeten van de bouwtekeningen uit het bouwdossier zijn de gebruiksoppervlakten van beide woningen opnieuw vastgesteld. Daaruit volgt een WOZ-waarde van € 591.000,- voor [adres 1] in [plaats] en € 576.000,- voor [adres 2] in [plaats] .
4. Op 6 augustus 2025 heeft verzoeker zijn beroep ingetrokken. Omdat verzoeker hierbij het formulier proceskosten heeft ingevuld (waarin alle opties met “nee” zijn beantwoord), heeft de rechtbank de intrekking opgevat als een intrekking met een verzoek om proceskostenvergoeding. In zijn aanvullende bericht van 15 augustus 2025 heeft verzoeker aangegeven het griffierecht terug te willen.
5. De rechtbank overweegt als volgt. Er zijn door verzoeker geen proceskosten gemaakt die volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht vergoed kunnen worden. De heffingsambtenaar moet wel het griffierecht aan verzoeker betalen, dit volgt rechtstreeks uit de wet. Verzoeker zal zich hiervoor dan ook tot de heffingsambtenaar moeten wenden.
Beslissing
De rechtbank wijst het verzoek om een proceskostenvergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.W. Veenendaal, rechter, in aanwezigheid van
P.W. Hogenbirk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 7 november 2025.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.
Voetnoten
- Artikel 8:41, zevende lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...