ECLI:NL:RBMNE:2025:6732 Rechtbank Midden-Nederland , 25-11-2025 / C/16/599165 / FT RK 25/878
Verzoek faillietverklaring. Afwijzing. Ontbinding van de vof is onvoldoende om aan te nemen dat sprake is van meerdere schulden.
Calcul en cours · 0
Inhoudsindicatie. Verzoek faillietverklaring. Afwijzing. Ontbinding van de vof is onvoldoende om aan te nemen dat sprake is van meerdere schulden.
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Locatie Utrecht
rekestnummer: C/16/599165 / FT RK 25/878
Beschikking op grond van artikel 1 Fw (verzoek tot faillietverklaring)
d.d. 25 november 2025
in de zaak van
de besloten vennootschap
BIDFOOD B.V.
,
gevestigd te Ede,
hierna: Bidfood,
advocaat mr. A. Robustella,
tegen
de vennootschap onder firma
[VOF] V.O.F.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
alsmede haar vennoten:
de heer
[verweerder]
,
wonende te [woonplaats] ,
en
mevrouw
[verweerster]
,
wonende te [woonplaats] ,
verweerders.
1De procedure
Bidfood heeft een verzoekschrift tot faillietverklaring van verweerders op
4 september 2025 bij de rechtbank ingediend.
Het verzoekschrift tot faillietverklaring is behandeld tijdens een zitting achter gesloten deuren van deze rechtbank van 25 november 2025. Ter zitting is alleen mr. T. ten Westeneind, namens Bidfood, verschenen via een videoverbinding. Verweerders zijn, ondanks behoorlijk te zijn opgeroepen, niet ter zitting verschenen.
2De beoordeling
Artikel 6, derde lid Faillissementswet (“Fw”) bepaalt dat een faillissement op verzoek van een schuldeiser wordt uitgesproken als aan twee voorwaarden is voldaan. In de eerste plaats moet de schuldeiser een vorderingsrecht hebben. In de tweede plaats moet de rechter beoordelen of de schuldenaar in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen. Hiervoor is nodig dat er meerdere schuldeisers zijn. Daarnaast moeten er steeds andere omstandigheden zijn die aantonen dat de schuldenaar niet meer kan of wil betalen.
In dit geval vraagt Bidfood het faillissement aan van [VOF] en haar twee vennoten, de heer [verweerder] en mevrouw [verweerster] . Voor ieder van hen moet worden beoordeeld of aan de hiervoor geschetste voorwaarden voor faillietverklaring is voldaan, waarbij geldt dat de vennoten aansprakelijk zijn voor de schulden van [VOF] .
Bidfood heeft een vordering op [VOF] en daarmee op haar twee vennoten. Aan de eerste voorwaarde voor faillietverklaring is daarmee voldaan. De vraag is vervolgens of er meerdere schulden zijn.
De stelling van Bidfood dat het bestaan van meerdere schulden bij [VOF] volgt uit het gegeven dat haar ontbinding werd ingeschreven in het handelsregister, is onvoldoende gemotiveerd en wordt daarom verworpen. Het is immers zeer goed mogelijk dat een vennootschap wordt ontbonden, zonder dat er schulden zijn. Bidfood heeft geen zelfstandige steunvordering aangevoerd ten aanzien van mevrouw [verweerster] . Dit betekent dat niet is voldaan aan de tweede voorwaarde voor de faillietverklaring van [VOF] en mevrouw [verweerster] .
Dan rest nog de vraag of de heer [verweerder] failliet moet worden verklaard. Bidfood heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de heer [verweerder] meerdere schulden onbetaald laat. Dit blijkt namelijk uit een uittreksel uit het kadaster, waaruit een hypotheekschuld blijkt en waaruit blijkt dat er door schuldeisers beslagen op zijn woning zijn gelegd. Aan de tweede voorwaarde voor faillietverklaring is daarom voldaan.
Tot slot moet worden beoordeeld of de heer [verweerder] heeft opgehouden te betalen. Bidfood heeft een vordering van beperkte omvang. De hoofdsom (de vordering op [VOF] waarvoor de heer [verweerder] mede aansprakelijk is) bedraagt € 5.771,02. Hiervan is een aanzienlijk deel voldaan, namelijk € 4.200,-. Daar komt bij dat Bidfood de mogelijkheid heeft om, net als andere schuldeisers, beslag te leggen op de woning van de heer [verweerder] . De woning wordt – zo heeft Bidfood gesteld – op dit moment verkocht en de schulden zullen daaruit mogelijk kunnen worden voldaan. De rechtbank is van oordeel de heer [verweerder] de gelegenheid moet krijgen om eerst te bezien of de schulden uit de opbrengst van de woning kunnen worden voldaan. Onder deze omstandigheden geldt dat de heer [verweerder] (nog) niet verkeert in een toestand van te hebben opgehouden te betalen.
De conclusie uit het voorgaande is dat de verzoeken tot faillietverklaring van [VOF] en haar vennoten, worden afgewezen.
3De beslissing
De rechtbank:
wijst af de verzoeken tot faillietverklaring.
Deze beschikking is gegeven door mr. P.J. Neijt en in het openbaar uitgesproken op
25 november 2025.
Voetnoten
- Hoger beroep tegen deze beschikking kan alleen worden ingesteld door een advocaat, bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De termijn van hoger beroep is acht dagen. De eerste dag daarvan is die na de datum van deze beschikking.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...