ECLI:NL:RBROT:2025:15499 Rechtbank Rotterdam , 28-11-2025 / 10-072099.23
Vrijspraak. Onvoldoende bewijs.
3 min de lecture · 552 mots
Inhoudsindicatie. Vrijspraak. Onvoldoende bewijs.
Rechtbank Rotterdam
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummers: 10.072099.23
Datum uitspraak: 28 november 2025
Datum zitting: 14 november 2025
Tegenspraak
Verdachte: [verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1978 in [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),
ingeschreven op het adres [adres] [postcode] [woonplaats] .
Advocaat van de verdachte: mr. T. Altindag
Officier van justitie: mr. F.J. van der Putte
1Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij – samengevat – zich samen met anderen heeft bezig gehouden met de handel in harddrugs (primair) en/of die harddrugs in bezit hebben (subsidiair). De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat:
hij in of omstreeks de periode van 21 oktober 2022 tot en met 7 december 2022 te Rotterdam en/of Schiedam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad (een) handels- en/of gebruikershoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende heroïne en/of cocaïne en/of MDMA, zijnde heroïne en/of cocaïne en/of MDMA (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, waarvan het bereiden/bewerken/verwerken/aanwezig hebben in ieder geval blijkt uit de aanwezigheid van verdovende middelen
in een pand aan de [adres delict 1] te Rotterdam, te weten
11064,9 gram, althans een hoeveelheid, heroïne en/of
25,2 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne en/of
een pand aan de [adres delict 2] te Rotterdam, te weten
363,4 gram, althans een hoeveelheid pillen bevattende, MDMA en/of
87,7 gram, althans een hoeveelheid, poeder bevattende MDMA en/of
491,2 gram, althans een hoeveelheid, heroïne en/of
1,4 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne en/of
een pand aan de [adres delict 3] te Rotterdam, te weten
2,6 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne en/of
een pand aan het [adres delict 4] te Schiedam, te weten
3000 gram, althans een hoeveelheid, heroïne
en/of de verkoop/afleveren blijkt uit het aantreffen van 104,32 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne aan [persoon A] .
2Vrijspraak
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor de handel in harddrugs.
Oordeel van de rechtbank
Het dossier bevat onvoldoende concrete bewijsmiddelen om voldoende betrokkenheid van de verdachte bij de handel in harddrugs (primair) vast te kunnen stellen. Dit geldt ook voor het bezit van harddrugs. Op basis van het dossier kan niet worden vastgesteld dat hij wetenschap en beschikkingsmacht heeft gehad over de in de beschuldiging genoemde hoeveelheden harddrugs (subsidiair). De verdachte wordt dus integraal vrijgesproken.
3Beslissingen
De rechtbank: verklaart niet bewezen dat de verdachte het feit, zowel primair als subsidiair, heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.
4Samenstelling rechtbank en ondertekening
Dit vonnis is gewezen door:
mr. E. IJspeerd, voorzitter,
en mrs. J.H. Janssen en M.T.A. de Ridder, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. J. Soeteman, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 28 november 2025.
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...