ECLI:NL:RVS:2025:1859 Raad van State , 10-04-2025 / 202405827/1/A2
Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 8 augustus 2024 van de rechtbank waarin het beroep van [appellant] tegen de beslissing van de Dienst Toeslagen ongegrond is verklaard. Het geschil betreft de vaststelling van de huurtoeslag voor 2020 op € 0,00 en de terugvordering van het ontvangen voorschot.
2 min de lecture · 333 mots
Inhoudsindicatie. Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 8 augustus 2024 van de rechtbank waarin het beroep van [appellant] tegen de beslissing van de Dienst Toeslagen ongegrond is verklaard. Het geschil betreft de vaststelling van de huurtoeslag voor 2020 op € 0,00 en de terugvordering van het ontvangen voorschot.
202405827/1/A2.
Datum uitspraak: 10 april 2025
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van:
[appellant], wonend in [woonplaats],
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant (hierna: de rechtbank) van 8 augustus 2024 in zaak nr. 22/150 in het geding tussen:
[appellant]
en
de Belastingdienst/Toeslagen (nu en hierna: de Dienst Toeslagen) .
Openbare zitting gehouden op 10 april 2025 om 12:15 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. E.J. Daalder, voorzitter
Griffier: mr. O. van Loon
Jurist: mr. K.J. de Vries
Verschenen:
de Dienst Toeslagen, vertegenwoordigd door [gemachtigden].
====================================
Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 8 augustus 2024 van de rechtbank waarin het beroep van [appellant] tegen de beslissing van de Dienst Toeslagen ongegrond is verklaard. Het geschil betreft de vaststelling van de huurtoeslag voor 2020 op € 0,00 en de terugvordering van het ontvangen voorschot.
Beslissing:
De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Gronden:
De gronden die [appellant] in hoger beroep heeft aangevoerd zijn zo goed als een herhaling van wat hij in beroep heeft aangevoerd. De rechtbank is gemotiveerd op die gronden ingegaan. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de opgenomen overwegingen 10 tot en met 16, waarop dat oordeel is gebaseerd. Ook kan de Afdeling zich vinden in de evenredigheidstoets van de rechtbank in de overwegingen 17 tot en met 21.
De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te betalen.
w.g. Daalder
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Van Loon
griffier
284-1043
Sources officielles : consulter la page source
Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.
Articles similaires
A propos de cette decision
Décisions similaires
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741
Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.
Pays-Bas
Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:8963 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6742
Dublin, plakvovo, vovo afgewezen.
Pays-Bas
College van Beroep voor het bedrijfsleven
ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796
Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...