Pays-Bas Raad van State Fiscal 26 novembre 2025 N° 202505480/2/A3 NL

ECLI:NL:RVS:2025:5689 Raad van State , 26-11-2025 / 202505480/2/A3

Bij besluit van 8 oktober 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot aan [verzoekster] een overzicht van haar persoonsgegevens verstrekt. [verzoekster] heeft op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming een verzoek ingediend bij het college om inzage in alle gegevens die op haar betrekking hebben. Het college heeft het verzoek van [verzoekster] opgevat als ee...

Source officielle

4 min de lecture 715 mots

Inhoudsindicatie. Bij besluit van 8 oktober 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot aan [verzoekster] een overzicht van haar persoonsgegevens verstrekt. [verzoekster] heeft op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming een verzoek ingediend bij het college om inzage in alle gegevens die op haar betrekking hebben. Het college heeft het verzoek van [verzoekster] opgevat als een verzoek om inzage zoals bedoeld in artikel 15 van de AVG en aan [verzoekster] twee overzichten verstrekt van alle correspondentie waarin haar persoonsgegevens zijn verwerkt. In totaal gaat het om 391 (post)stukken. [verzoekster] stelt dat het overzicht niet volledig is en wil met haar verzoek bereiken dat zij binnen vier weken alsnog inzage verkrijgt in al haar persoonsgegevens, inclusief registraties daarvan bij ketenpartners. Het geschil in hoger beroep gaat over de vraag of het college aan [verzoekster] volledige inzage heeft verleend in haar persoonsgegevens.

202505480/2/A3.

Datum uitspraak: 26 november 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Awb, hangende het hoger beroep van:

[verzoekster], wonend in Oirschot,

verzoekster,

tegen de uitspraak van de rechtbank Oost­-Brabant van 8 oktober 2025 in zaak nr. 25/1118 in het geding tussen:

[verzoekster]

en

het college van burgemeester en wethouders van Oirschot.

Procesverloop

Bij besluit van 8 oktober 2024 heeft het college aan [verzoekster] een overzicht van haar persoonsgegevens verstrekt.

Tegen dat besluit heeft [verzoekster] op 11 november 2024 bezwaar gemaakt. Vervolgens heeft [verzoekster] op 13 mei 2025 beroep ingesteld vanwege tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college.

Bij besluit van 13 mei 2025 heeft het college het door [verzoekster] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 8 oktober 2025 heeft de rechtbank het door [verzoekster] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [verzoekster] hoger beroep ingesteld.

Ook heeft [verzoekster] de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

Inleiding

1. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting.

2. [verzoekster] heeft op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: de AVG) een verzoek ingediend bij het college om inzage in alle gegevens die op haar betrekking hebben. Het college heeft het verzoek van [verzoekster] opgevat als een verzoek om inzage zoals bedoeld in artikel 15 van de AVG en aan [verzoekster] twee overzichten verstrekt van alle correspondentie waarin haar persoonsgegevens zijn verwerkt. In totaal gaat het om 391 (post)stukken.

Voorlopige voorziening

3. [verzoekster] stelt dat het overzicht niet volledig is en wil met haar verzoek bereiken dat zij binnen vier weken alsnog inzage verkrijgt in al haar persoonsgegevens, inclusief registraties daarvan bij ketenpartners.

3.1. Het geschil in hoger beroep gaat over de vraag of het college aan [verzoekster] volledige inzage heeft verleend in haar persoonsgegevens. Volgens het college is dat het geval en dat is ook het oordeel van de rechtbank. Het verzoek van [verzoekster] ziet op dezelfde vraag. Deze vraag leent zich niet voor beoordeling in het kader van de voorlopige voorzieningsprocedure. Wat zij heeft aangevoerd ter motivering van de gestelde spoedeisendheid van haar verzoek is gericht op versnelde behandeling van haar hoger beroep. Maar de voorlopige voorzieningenprocedure is niet bedoeld om een versnelde behandeling van het hoger beroep in de hoofdzaak te bewerkstelligen. [verzoekster] heeft bovendien niet voldoende onderbouwd waarom het oordeel hierover van de Afdeling in hoger beroep niet kan worden afgewacht. Dat geldt ook voor haar verzoeken om aan het Hof van Justitie en het Europese Hof voor de Rechten van de Mens vragen te stellen. Daarom is met het verzoek geen spoedeisend belang gemoeid dat het treffen van de verzochte voorziening rechtvaardigt.

3.2. Het betoog slaagt niet.

Conclusie

4. Het verzoek moet als kennelijk ongegrond worden afgewezen.

5. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. E.J. Daalder, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. R.S. Venema, griffier.

w.g. Daalder

voorzieningenrechter

w.g. Venema

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 26 november 2025

973


Rechtspraak.nl open data, Creative Commons Zero. Volume cible 1.8M decisions.

A propos de cette decision

Décisions similaires

Pays-Bas

Rechtbank Den Haag

Commercial NL

ECLI:NL:RBDHA:2026:8957 Rechtbank Den Haag , 14-04-2026 / NL26.6741

Dublin, Spanje, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat medische behandeling in het kader van transitie niet mogelijk is in Spanje, artikel 17 Dublinverordening, aangifte zedenmisdrijf en stalking, eiseres heeft aangifte in Spanje kunnen doen, maar heeft het verdere verloop van de aangifte niet afgewacht, beroep ongegrond.

Pays-Bas

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Divers NL

ECLI:NL:CBB:2026:154 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 14-04-2026 / 23/1796

Redelijk rendement voor warmteleveranciers, WACC-besluit. Het College volgt de door de partijen gezamenlijk aangezochte deskundigen en oordeelt dat de ACM bij de vaststelling van de WACC een generieke opslag van 1% op de kostenvoet eigen vermogen moet toepassen. Aan een inhoudelijk beoordeling van de bepaling in de gewijzigde beleidsregel rendementstoets warmte over de wijze waarop rekening wo...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.