Belgique ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1 Fiscal 29 avril 2026 N° ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1 NL

ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1

JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Gegevensbeschermingsautoriteit Advies van 29 april 2026 ECLI nr: ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1 Rolnummer: 83/2026 Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2026-04-30 Raadplegingen: 87 - laatst gezien 2026-05-18 03:46 Fiche De Autoriteit, is van oordeel dat - herevaluering en nuancering evenals bijkomende rechtvaardiging van de maximale bewaartermijn van...

Source officielle

9 min de lecture 1 941 mots

JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak

Print deze pagina
 

Afdrukformaat

S
M
L
XL

 

Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
 

Sluit Tab

 
Gegevensbeschermingsautoriteit

Advies van 29 april 2026

ECLI nr:

ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1

Rolnummer:

83/2026

Rechtsgebied:

Burgerlijk recht

Invoerdatum:

2026-04-30

Raadplegingen:

87 – laatst gezien 2026-05-18 03:46

Fiche

De Autoriteit, is van oordeel dat – herevaluering en nuancering evenals
bijkomende rechtvaardiging van de maximale bewaartermijn van tien jaar
opgenomen in artikel 15.2. van het decreet van 31 maart 2014 betreffende
de kinderopvang zich opdringt (zie randnrs. 11-12); en dat – het normatief
kader moet worden aangepast om te voldoen aan het beginsel van het verbod
op subdelegatie (zie randnrs. 13-15).

UTU-thesaurus:

BURGERLIJK RECHT – PERSOONLIJKE LEVENSSFEER – Verwerking persoonsgegevens – Gegevensbeschermingsautoriteit (Commissie Bescherming Persoonlijke Levenssfeer)

Vrije woorden:

Een voorontwerp van besluit van de Regering tot wijziging van het besluit
van de Regering van 22 mei 2014 betreffende de kinderopvangdiensten en
andere vormen van kinderopvang (CO-A-2026-078).

Wettelijke bepalingen:

Besluit Duitstalige Gemeenschap – 22-05-2014 – 52
ELI link Pub nr 2014205395

Tekst van de beslissing

Advies nr. 83/2026 van 29 april 2026
Betreft: een voorontwerp van besluit van de Regering tot wijziging van het besluit van de Regering van 22 mei 2014 betreffende de kinderopvangdiensten en andere vormen van kinderopvang (CO-A-2026-078)
Trefwoorden: categorieën van verwerkte persoonsgegevens – bewaartermijn – subdelegatie
Gelet op de wet van 3 december 2017 tot oprichting van de Gegevensbeschermingsautoriteit, met name op artikelen 23 en 26 (hierna “WOG”);
Gelet op Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (hierna “AVG”);
Gelet op de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens (hierna “WVG”);
Gelet op de adviesaanvraag van de mevrouw Lydia Klinkenberg, Minister van Gezinszaken, Sociale Zaken, Huisvesting en Volksgezondheid (hierna de “aanvrager”), ontvangen op 18 maart 2026;
Brengt de Autorisatie- en Adviesdienst van de Gegevensbeschermingsautoriteit (hierna « de Autoriteit ») op 29 april 2026 het volgende advies uit:
I. VOORWERP VAN DE ADVIESAANVRAAG
1. De aanvrager verzoekt om het advies van de Autoriteit aangaande een voorontwerp van besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap tot wijziging van het besluit van de Regering van 22 mei 2014 betreffende de kinderopvangdiensten en andere vormen van kinderopvang (hierna “voorontwerp”)
2. Het besluit regelt de kosten die ouders of verzorgers moeten betalen aan een aanbieder van kinderopvang in de Duitstalige Gemeenschap. Daarnaast voorziet het besluit in uitzonderingen waarbij de personen belast met de opvoeding van het kind van deze kosten worden vrijgesteld.
3. Het doel is om de combinatie van gezin en werk te verbeteren door betaalbare kinderopvang aan te bieden, de aantrekkelijkheid van de regio voor geschoolde arbeidskrachten te vergroten en zo de economische positie van Oost-België te versterken. De inkomensafhankelijke tarieven dragen bovendien bij aan het bevorderen van gelijke kansen, aangezien de toegang tot hoogwaardige kinderopvang hierdoor voor alle gezinnen betaalbaar is, ongeacht hun inkomen.
4. Om dit doel te bereiken dienen enkele persoonsgegevens te worden verwerkt. De Autoriteit wordt om advies gevraagd omtrent de artikelen 5, 6, 8 en 9 van het voorontwerp.
II. ONDERZOEK VAN DE ADVIESAANVRAAG
5. Voor de opvang van jonge kinderen door de diensten voor onthaalouders dienen de personen belast met de opvoeding van het kind bij te dragen op basis van hun gecumuleerd inkomen. Het totaal belastbaar inkomen geldt als basis voor de berekening van deze eigen bijdrage van deze opvang en rust op de gezinssamenstelling (of een gelijkaardig bewijs) 1 en op het aanslagbiljet van de inkomensbelasting (artikel 5 voorontwerp j. artikel 83 besluit) die wordt ingediend bij de dienst voor onthaalouders. Bij langdurige ziekte van de kinderen (meer dan zeven opeenvolgende kalenderdagen) wordt door de dienst voor onthaalouders een medisch attest gevraagd om vrijstelling van de eigen bijdrage te verkrijgen (artikel 6 voorontwerp j. artikel 85 besluit).
6. Ook voor de locaties van buitenschoolse opvang wordt voorzien dat bij langdurige ziekte van de kinderen (meer dan zeven opeenvolgende kalenderdagen) een medisch attest door de locatie van buitenschoolse opvang wordt gevraagd om vrijstelling van de eigen bijdrage te verkrijgen (artikel 8 voorontwerp j. artikel 119.2 besluit en artikel 9 voorontwerp j. artikel 119.3 besluit).
7. Het verzamelen van deze gegevens door de dienstverrichters is volgens de Autoriteit toereikend, ter zake dienend en beperkt tot wat noodzakelijk is voor het bepalen van de eigen bijdrage (de organisatie en het beheer van het aanbod aan kinderopvang). De Autoriteit wijst volledigheidshalve op het feit dat het vereiste medisch attest tot staving van de ziekte enkel melding mag maken van het feit dat de betrokkene ziek is en geen verdere gegevens betreffende de gezondheid van de betrokkene mag bevatten.
8. Artikel 15.1. van het decreet van 31 maart 2014 betreffende de kinderopvang bepaalt onder meer het volgende:
“[…]
De dienstverrichters kunnen overeenkomstig artikel 15 de volgende categorieën van persoonsgegevens met het oog op de organisatie en het beheer van het aanbod aan kinderopvang overeenkomstig dit decreet verwerken:
1° betreffende de opgevangen kinderen of kinderen voor wie opvang wordt aangevraagd:
a) identiteitsgegevens en contactgegevens;
b) het rijksregisternummer;
c) gegevens over de samenstelling van het gezin;
d) gezondheidsgegevens;
e) gegevens over de sociale situatie;
f) gegevens ter bepaling van de behoefte aan dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
g) gegevens over de benutting van dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
h) gegevens over het crisismanagement bij dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
i) gegevens over het klachtenbeheer bij dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
2° betreffende de personen belast met de opvoeding van de kinderen vermeld in 1° en betreffende personen uit hetzelfde gezin:
a) identiteitsgegevens en contactgegevens;
b) het rijksregisternummer;
c) gegevens over de samenstelling van het gezin;
d) gegevens over de sociale en financiële situatie;
e) gegevens ter bepaling van de behoefte aan dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
f) gegevens over de benutting van dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
g) gegevens over het crisismanagement bij dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
h) gegevens over het klachtenbeheer bij dienstverlening op het gebied van kinderopvang;
[…]
De Regering kan de gegevenscategorieën vermeld in het eerste tot vierde lid preciseren”
9. De Autoriteit herinnert eraan dat de uitvoerende macht in beginsel slechts gemachtigd kan worden om verdere preciseringen aan te brengen binnen de grenzen van de omschrijving van de essentiële elementen in deze norm met rang van wet 2 (in casu binnen de omschreven essentiële elementen in artikelen 15 e.v. van het decreet van 31 maart 2014 betreffende de kinderopvang). Er kunnen bijgevolg geen nieuwe onderdelen aan die essentiële elementen worden toegevoegd in het voorontwerp.
10. De Autoriteit stelt vast dat de gevraagde persoonsgegevens binnen de hierboven omschreven categorieën van verwerkte persoonsgegevens vallen, meer bepaald:
– de gezinssamenstelling (of een gelijkaardig bewijs) en het aanslagbiljet van de inkomensbelasting kan vallen onder ‘gegevens over de samenstelling van het gezin’ en ‘gegevens over de sociale en financiële situatie’, zoals bedoeld in artikel 15.1, tweede lid, 2°, c) en d) van het decreet van 31 maart 2014 betreffende de kinderopvang;
– het medisch attest kan onder ‘gezondheidsgegevens’ zoals bedoeld in artikel 15.1, tweede lid, 1°, d) van het decreet van 31 maart 2014 betreffende de kinderopvang vallen.
De Autoriteit heeft hier bijgevolg dus geen bijzondere opmerkingen.
11. De Autoriteit stelt wel vragen bij de bewaartermijn van tien jaar zoals opgenomen in artikel 15.2 van het decreet van 31 maart 2014 betreffende de kinderopvang 3, zeker wat betreft de gezondheidsgegevens (het medisch attest). De aanvrager deelde wat dat betreft, in het kader van een adviesaanvraag bij de Raad van State, het volgende mee: “Die Aufbewahrungsfrist in Artikel 38 von 10 Jahren orientiert sich an der allgemeinen Verjährungsfrist für persönliche Klagen, die gemäß Artikel 2262bis des früheren Zivilgesetzbuches 10 Jahre beträgt.” 4
12. Allereerst herinnert de Autoriteit eraan dat de bepaling van de bewaartermijn van gegevens van verwerkingen die normatief worden geregeld, niet op een absolute manier moet worden uitgevoerd, maar een beoordeling in concreto vereist van de duur die noodzakelijk is in het licht van het doel van de specifieke verwerkingen die door de wet worden geregeld.
Herevaluering en nuancering evenals bijkomende rechtvaardiging van de maximale bewaartermijn (of van meer precieze criteria die de Regering bij delegatie in acht zal moeten nemen bij het specificeren van de concrete bewaartermijnen) dringt zich dan ook op.
13. Verder merkt de Autoriteit op dat tevens artikel 4, 7° van het voorontwerp aanleiding geeft tot de verwerking van persoonsgegevens, namelijk de mogelijkheid tot het opleggen van administratieve en/of financiële sancties. Krachtens artikel 4, 7° voorontwerp wordt hiertoe aan de Minister een delegatie gegeven om een concept uit te werken die minstens het volgende regelt:
“1° de situaties die aanleiding geven tot het opleggen van een sanctie;
2° de aard en, voor zover het om een financiële sanctie gaat, het bedrag van de sanctie;
3° de opeenvolgende stappen die bij het opleggen van een sanctie moeten worden doorlopen;
4° de behandeling van de beroepen die door de personen belast met de opvoeding worden ingesteld;
5° de gevolgen van de niet-vereffening van de schulden die door de sancties voor de personen belast met de opvoeding zijn ontstaan.”
14. De Autoriteit merkt echter op dat de Regering, in het decreet van 31 maart 2014 betreffende de kinderopvang5, wordt gemachtigd om de nadere regels te bepalen voor een kostenbijdrage die de personen belast met de opvoeding moeten betalen. De Autoriteit herinnert eraan dat, wanneer een wet de Regering machtigt om bepaalde preciseringen aan te brengen, een subdelegatie aan de minister in principe niet geoorloofd is. Zoals de Raad van State, afdeling Wetgeving, regelmatig opmerkt, doet dit immers afbreuk “aan het beginsel van de eenheid van verordenende macht en aan het beginsel van de politieke verantwoordelijkheid van de ministers. Bovendien ontbreken de waarborgen waarmee de klassieke regelgeving gepaard gaat, zoals die inzake de bekendmaking, de preventieve controle van de Raad van State, afdeling Wetgeving, en de duidelijke plaats in de hiërarchie der normen. Enkel wanneer het gaat om maatregelen die een beperkte en technische draagwijdte hebben, kan een dergelijke delegatie worden aanvaard.”6
15. De Autoriteit is van oordeel dat de specifieke regeling met betrekking tot het opleggen van administratieve en/of financiële sancties een essentieel element is van de bevoegdheid die aan de Regering is verleend, en niet louter bijkomstige aangelegenheden (of aangelegenheden in verband met de uitvoering van beginselen die door de Koning zijn vastgesteld). Het normatief kader moet derhalve worden aangepast om te voldoen aan het beginsel van het verbod op subdelegatie.
OM DEZE REDENEN
de Autoriteit, is van oordeel dat
– herevaluering en nuancering evenals bijkomende rechtvaardiging van de maximale bewaartermijn van tien jaar opgenomen in artikel 15.2. van het decreet van 31 maart 2014
betreffende de kinderopvang zich opdringt (zie randnrs. 11-12); en dat – het normatief kader moet worden aangepast om te voldoen aan het beginsel van het verbod op subdelegatie (zie randnrs. 13-15).
Voor de Autorisatie- en Adviesdienst,
(get.) Alexandra Jaspar, Directeur

PDF document ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1

Gerelateerde publicatie(s)

voorafgegaan door:

ECLI:BE:GBAPD:2026:DEC.20260422.2

Print deze pagina
 

Afdrukformaat

S
M
L
XL

 

Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht
 

Sluit Tab



[email protected]

©  2017-2026 ICT Dienst – FOD Justitie

Powered by PHP 8.5.0

Server Software Apache/2.4.66

== Fluctuat nec mergitur ==




JUPORTAL. L avertissement officiel du portail precise qu il n existe pas de droit d auteur sur les arrets et jugements.

A propos de cette decision

ECLI
ECLI:BE:GBAPD:2026:AVIS.20260429.1

Décisions similaires

Belgique

ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1

Fiscal NL

ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1

JUPORTAL Openbare databank voor Belgische rechtspraak Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 12 mei 2026 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260512.1 Rolnummer: O/25/00961 Rechtsgebied: Insolventierecht - Overige Invoerdatum: 2026-05-13 Raadplegingen: 126 - laatst gezien 2026-05-18 12:30 Fiche 1 Eens werd vastgesteld dat de toepassingsvoorwaarden van artikel XX.229 WER zijn voldaan, kan de rechtbank...

Belgique

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4

Fiscal FR

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4

JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.4 No Rôle: P.25.1301.F Affaire: R. contra M. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal - Autres Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 124 - dernière vue...

Belgique

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9

Fiscal FR

ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9

JUPORTAL Base de données publique de la jurisprudence belge Imprimer cette page Taille d'impression S M L XL Nouvelle recherche JUPORTAL Fermer l'onglet Cour de cassation Jugement/arrêt du 06 mai 2026 No ECLI: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260506.2F.9 No Rôle: P.26.0121.F Affaire: L. contra K. Chambre: 2F - deuxième chambre Domaine juridique: Droit pénal Date d'introduction: 2026-05-15 Consultations: 122 - dernière vue 2026-05-18 10:25...

Analyse stratégique offerte

Envoyez vos pièces. Recevez une stratégie.

Transmettez-nous les pièces de votre dossier. Maître Hassan KOHEN vous répond personnellement sous 24 heures avec une première analyse stratégique de votre situation.

  • Première analyse offerte et sans engagement
  • Réponse personnelle de l'avocat sous 24 heures
  • 100 % confidentiel, secret professionnel garanti
  • Jusqu'à 1 Go de pièces, dossiers et sous-dossiers acceptés

Cliquez ou glissez vos fichiers ici
Tous formats acceptes (PDF, Word, images, etc.)

Envoi en cours...

Vos donnees sont utilisees uniquement pour traiter votre demande. Politique de confidentialite.